WEEK 1:
7 sleutels:
Sociale organisatie
Cultuur
Dominantie
Praktijken
Relaties
Ecologie
Reproductie
Op 7 manieren naar de sociale werkelijkheid kijken. Er zijn meerdere sociale werkelijkheden
Sociologen zijn het vaak niet met elkaar eens wat het lastig maakt
Leren lezen van primaire sociologische literatuur en in staat zijn om manieren van denken in
sociologische teksten te ontdekken. Literatuur die circuleert in de discipline van elkaar
Eigenzinnige schrijfstijlNiet iedereen schrift en denkt op de zelfde manier wat je moet leren te
doorgronden. Manieren van denken eigen maken
Leesvragen
1. Wat is het sociale?
2. Wat is het object van studie?
3. Welk perspectief nemen we in? (vanuit welk perspectief kijken we naar het sociale
fenomeen)
4. Wat is het probleem?
5. Welk gereedschap hebben we? (welk gereedschap rijkt een tekst aan)
6. Waar gaat dit heen? (aan het uiteinde als het ware een toekomstbeeld)
7. Waar draait het om? (wat is uiteindelijk de bedoeling ervan)
Wat is de samenleving?
Grote groep mensen die zich aan de zelfde normen en waarden houden die vast staan in sociale
instituties die in de loop van de tijd zijn gecreëerd. Hierbij zijn mensen zowel afhankelijk als zowel
onafhankelijk in een paradox van zowel individualisering als globalisering
Didactische relatie met een vorm van wederzijdse afhankelijkheid
Afhankelijkheid gaat vaak 2 kanten op
Ondanks verschillen wel met elkaar doorgaanook bepaalde mate van strijd
Veel strijd op vlak op bijvoorbeeld ongelijkheid en daarvan een voorbeeldklassenstrijd
Voorbij het vanzelfsprekende komen. Met antwoorden op bijvoorbeeld: wat is de samenleving
Directe ervaring is geen wetenschap. Pas na het breken van het vanzelfsprekende kom je bij het
antwoord bij sociologie
Wetenschap complexde samenleving heeft voor iedereen een andere betekenis
,Problemen binnen de sociologieer is al ervaringskennis opgebouwd als leken. Hiermee moet je een
wetenschappelijke en systematische werkelijkheid creëren
Veel dingen die vanzelfsprekend zijn moeten we ontleren. Particuliere ervaringomvattende kennis
Daar moeten we naar toe gaan. Je moet je eigen individuele blik ontstijgen
Leidt tot een manier van kijken die nog steeds niet coherent is omdat het verdeeld is achter die 7
sleutelbegrippen. Soms heb je alle 7 nodig om een beeld te krijgen van de sociale werkelijkheid.
Je moet leren switchen tussen de verschillende perspectieven en hoe je de adequate beschrijving van
de samenleving.
WEEK 2
Sleutel: sociale organisatie
Sociologie begint in de 19e eeuw over mensen die denken over sociale organisatie. Eerste sleutel die
beweging in de tent brengt.
Experiment voorbeeld:
Er is een grote groep apen in een kooi. Midden kooi is een tros bananen.
Iedereen wil bananen. Een van die apen pakt een banaan. Dan worden alle apen natgespoten. Dit
gaat een tijdje door. Op een gegeven moment wordt de aap tegengehouden omdat ze weten
banaannatgespoten worden. Nieuwe aap wordt toegevoegd. Weet niks van die praktijken en
probeert die banaan te pakken. Er wordt hem duidelijk gemaakt dat die niet aan de banaan moet
gaan zitten. Op een moment worden alle oude apen eruit gehaald en de nieuwe erin gezet maar de
regel blijft wel zitten. De is regel dus als collectief iets gemaakt.
Dit experiment laat iets heel fundamenteels zien dat niet herleidbaar is tot het individu.
Die groep deelt een norm maar die is niet meer herleidbaar tot het individu. Wat de oude apen zijn
allemaal weg. De nieuwe apen horen alleen maar de verhalen en de regels die zijn aangeleerd maar
het is niet meer terug te leiden naar het individu.
De overtuiging dat op het collectieve niveau dingen kunnen bestaan die niet herleidbaar kunnen zijn
tot het individuele niveau
“In fact, social life, whenever it becomes lasting, inevitably tends to assume a definite form and
become organised”- Emil Durkheim
Saint-Simon en Comte hebben het woordje sociologie bedacht. Durkheim kon niet zonder deze twee.
Wetenschappelijke studie van het collectieve.
Organicisme: de gedacht dat net zoals het individuele lichaam van een organisme wat zichzelf in
stand houdt. Zou je ook naar dat collectieve niveau moeten kijken. Naar de samenleving kijken als
levend lichaam.
Sociale feiten: het gaat hier over manieren van handelen denken voelen en doen die losstaan van het
individu. Die hebben een dwingende werking: een coercive power.
Arbeidsdeling====solidariteit.
, De arbeidsdeling in de samenleving beïnvloedt de solidariteit in de samenleving. Je kunt beide dingen
niet alleen zijn. Solidair zijn kan je alleen samen doen. Dat we gezamenlijk iets doen. Zoeken van
verbanden tussen sociale feitensociologie. Hiermee ben je de verloop van de samenleving aan het
analyseren.
Integratie (hoe afhankelijk mensen van elkaar zijn) en regulatie (regels) bepalen samen het
zelfmoordcijfer. Zelfmoord is volgens Durkheim ook een sociaal feit. Dit is vooral heel objectief.
Functionalisme. Deze blik van kijken naar de samenleving geeft een geheel verband tussen elkaar op
de visie van het functionalisme. Er is dan sprake van functionele relaties. Doel van deze manier van
kijk is het ontdekken van functionele relaties in de samenleving.
Hoe zorgt het web van relaties dat baby’s in een samenleving op zo’n manier gevormd worden tot
volwassenen adolescenten? – Durkheim.
Structureel-functionalisme Parsons en Merton zijn verantwoordelijk voor het creëren. Die verklaren
de functionele structuur van de samenleving op collectief niveau.
Parsons: zou het nou zo zijn dat een manier waarop een systeem zich gedraagt zich kan verklaren op
hoe de onderdelen van het systeem zich gedragen zou dit puur een volkomen normaal gevolg zijn en
dus totaal oninteressant zijn.
Hoe gedragen de onderdelen van een systeem, op basis daarvan gaan we het collectieve verklaren.
hij bekritiseerd hiermee het individualistische beeld van economen. We handelen op de manier hoe
we dat doen op de samenleving van eigen soort.
Reality sui generis: de samenleving bestaat op zichzelf, niet omdat de individuen bestaan.
Het heeft geen zin proberen te begrijpen wat religie is door naar individuen te kijken. Een individu
kan religieus zijn of juiste helemaal niet. Maar hoe vaak en hoe goed je het ook doet kom je er niet
achter wat het precies is. Want religie is niet iets individueels. De crux is het collectieve van het
samenkomen en samen in de kerk/moskee zitten. Dan kom je er pas achter wat religie echt doet in de
wereld en wat het effect heeft op functionalistisch gebied. Dit ga je nooit zien als je met iemand
individueel gaat praten.
The general system of action
Alle systemen hebben dezelfde structuur
Intergratesocial system/ sociologie
Goal attainementpersonality system/psychologie
Pattern maintenance(latency)cultural system/theologie
Adaptationbehavioral organism/biologie
The social system
Intergratie societal communtiy (cohesion), norms, inclusion
Goal attachement membership(polity),collectivities, diferentiation
Pattern maintenance commitment (kinship), values, value generalisation: geaccepteerd
gedrag
Adaptation practical rationality (economy) roles adaptive upgrading