- Feldman – Ontwikkelingspsychologie, 8e editie (ISBN 9789043036955)
- Zimbardo – Psychologie, een inleiding, 8e herziene editie (ISBN 9789043040037)
1, biopsychologie, neurowetenschappen en de
menselijke aard
Biopsychologie Vakgebied binnen de psychologie dat kijkt naar
hoe ons lichaam, brein en omgeving
samenwerken om gedrag te maken
Evolutie Langzaam proces waarbij dieren en planten
veranderen om beter te passen bij hun
omgeving
Creationisme Idee dat het leven en de wereld zijn gemaakt
door een hogere macht, zoals God
Natuurlijke selectie Proces waarbij alleen de dieren en planten die
het beste passen bij hun omgeving overleven
Adaptief kenmerk Een eigenschap die is ontstaan omdat het helpt
om te overleven in een bepaalde omgeving
Genotype De genetische informatie die je van je ouders
hebt gekregen
Fenotype De dingen aan je lichaam die je kunt zien, zoals
haar- of oogkleur
Genoom De volledige set van chromosomen in een
organisme
DNA Molecuul dat alle instructies voor je lichaam
bevat, soort bouwplan van je erfelijkheid
Genen Kleine stukjes DNA die bepalen welke
eigenschappen je krijgt
Chromosoom Lange draadjes in cellen waar genen op zitten
Geslachtschromosoom Chromosoom dat bepaalt of je jongen of meisje
bent (XX voor meisjes, XY voor jongens)
Autosoom Chromosoom dat niks met geslacht te maken
heeft, maar andere eigenschappen regelt
Histoon Eiwit waar DNA omheen is gedraaid, zodat het
netjes opgeborgen is
Epigenoom Chemische laag op DNA die kan aan- of
uitzetten welke genen actief zijn, beïnvloed
door je omgeving
Neuron Zenuwcel die informatie doorgeeft in je lichaam
Sensorisch neuron Zenuwcel die info van zintuigen naar je
hersenen stuurt
Motorisch neuron Zenuwcel die opdrachten van hersenen naar
spieren stuurt
Schakelcel Zenuwcel die signalen tussen andere
zenuwcellen doorgeeft, vooral in hersenen en
ruggenmerg
Dendrieten Kleine uitsteeksels aan neuronen die signalen
ontvangen
,Soma Het cellichaam van een neuron, waar het
signaal wordt verwerkt
Axon Lange kabel van een neuron die signalen
doorstuurt
Rustpotentiaal Elektrische lading van een neuron als hij niet
actief is
Actiepotentiaal Elektrische impuls die een neuron gebruikt om
een signaal door te sturen
Alles-of-nietsprincipe Neuron vuurt helemaal of helemaal niet, geen
tussenweg
Synaps Kleine ruimte waar neuronen met elkaar
communiceren
Eindknop Het einde van een axon dat signalen vrijgeeft
naar de volgende cel
Synaptische transmissie Proces waarbij signalen via chemische stoffen
van de ene naar de andere neuron gaan
Neurotransmitter Chemische stof die boodschappen tussen
neuronen overbrengt
Gliacel Steuncel die neuronen beschermt en helpt
Plasticiteit Het vermogen van je hersenen om te
veranderen en te leren
Zenuwstelsel Netwerk van alle neuronen in je lichaam
Centrale zenuwstelsel (CZS) Hersenen en ruggenmerg samen
Reflex Snelle, automatische reactie op iets, zoals je
knie die opspringt als je hem tikt
Contralaterale banen Signalen in je lichaam kruisen en gaan naar de
andere kant van je hersenen
Perifere zenuwstelsel (PZS) Alle zenuwen buiten je hersenen en ruggenmerg
Somatische zenuwstelsel Deel van PZS dat je spieren aanstuurt voor
vrijwillige bewegingen
Autonome zenuwstelsel Deel van PZS dat onbewuste functies regelt
zoals hartslag en spijsvertering
Sympatische zenuwstelsel Deel van autonoom zenuwstelsel dat je
lichaam klaarmaakt voor actie of stress
Parasympatische zenuwstelsel Deel van autonoom zenuwstelsel dat helpt
ontspannen en herstellen
Endocriene stelsel Systeem van klieren die hormonen maken
Hormoon Chemische boodschapper die organen vertelt
wat ze moeten doen
Hypofyse Hoofdklier die andere klieren aanstuurt en
groeihormonen maakt
Hersenstam Basis van je hersenen die veel automatische
functies regelt zoals ademhaling
Medulla (oblongata) Deel van hersenstam dat hartslag en
ademhaling regelt
Pons Deel van hersenstam dat slaap en dromen
regelt
Formatio reticularis Structuur in hersenstam betrokken bij wakker
zijn en slapen
Thalamus Schakelstation dat bijna alle signalen in je
hersenen doorgeeft
Cerebellum Kleine hersenen die helpen met bewegen en
balans
, Limbisch systeem Deel van je hersenen dat emoties en geheugen
regelt
Hippocampus Deel van limbisch systeem dat helpt
herinneringen te maken
Amygdala Deel van limbisch systeem betrokken bij
emoties zoals angst
Hypothalamus Houdt je lichaam in balans en regelt
bijvoorbeeld honger en dorst
Corpus callosum Bundel zenuwbanen die linker- en
rechterhersenhelft verbindt
Cerebrale cortex Buitenlaag van je hersenen die denken en
waarnemen regelt
Frontaalkwab Deel van hersenen dat plannen, bewegen en
persoonlijkheid regelt
Motorische cortex Deel van frontaalkwab dat beweging aanstuurt
Spiegelneuron Neuron dat actief wordt als je iets doet of ziet
dat iemand anders doet
Pariëtaalkwab Deel van hersenen dat je tastzin en ruimtelijk
inzicht regelt
Sematosensorische cortex Deel van pariëtaalkwab voor tastzin
Occipitaalkwab Achterkant van hersenen, vooral voor zicht
Visuele cortex Deel van hersenen dat visuele info verwerkt
Temporaalkwab Hersengebied voor horen en taal
Associatiecortex Deel van hersenen die info van verschillende
gebieden samenbrengt
Cerebrale dominantie Neiging van hersenhelften om bepaalde taken
te domineren
Lateralisatie van de hersenen Sommige hersenfuncties zitten vooral in één
hersenhelft
2, het begin van het leven
Gameten De geslachtscellen van de moeder en de vader,
die samen een nieuwe cel vormen tijdens de
bevruchting
Zygote De nieuwe cel die wordt gevormd door het
bevruchtingsproces
Gen De basiseenheid van genetische informatie
DNA De substantie waaruit genen bestaan, die
bepalend is voor de aard en de functie van elke
cel in het lichaam
Chromosoom Staafvormige stukjes DNA, die georganiseerd
zijn in 23 paren
Monozygotische tweeling Tweeling afkomstig van dezelfde
oorspronkelijke zygote, dus genetisch identiek
Dizygotische tweeling Tweeling verwekt vanuit twee aparte eicellen
die ongeveer tegelijk bevrucht worden door
twee verschillende zaadcellen
Dominante eigenschap Eigenschap die zichtbaar wordt als er twee
concurrerende eigenschappen zijn