Financieel management
Alvaro van Stokkom
AC1A
- Week 1 investeringsbeoordeling
Investeren is het vastleggen van vermogen in activa.
Uitbreidingsinvesteringen vergroten de productiecapaciteit.
Een investeringsproject is het geheel van investeringen in bij elkaar
behorende duurzame en vlottende activa.
De vrije kasstroom in een periode is het verschil tussen de ontvangsten
uit hoofde van de verkoop van producten en de uitgaven in verband met
de aanschaf en aanwending van productiemiddelen. De vrije kasstroom is
het bedrag dat vrij beschikbaar is voor de verstrekkers van het eigen
vermogen en de rentedragende schulden.
Een eenvoudige manier om een investeringsproject te beoordelen op
basis van de vrije kasstromen en rekening houdend met het moment van
ontvangst is de terugverdienperiode.
Er zijn diverse bezwaren tegen beoordeling van investeringsprojecten met
de terugverdienperiode:
De methode houdt geen rekening met bedragen die na de
terugverdienperiode worden ontvangen.
De methode meet geen winstgevendheid.
De methode houdt beperkt rekening met het moment waarop
bedragen worden ontvangen.
Bij de beoordeling van een investeringsproject moet ook rekening worden
gehouden met het tijdstip waarop bedragen worden ontvangen of betaald.
In het algemeen kan worden gezegd dat kasstromen bij voorkeur zo snel
mogelijk moeten worden ontvangen. We noemen dit tijdvoorkeur. De
tijdvoorkeur van een onderneming brengen we tot uitdrukking in de
gemiddelde vermogenskostenvoet. Dit is de gemiddelde kostenvoet
waartegen de onderneming vermogen kan aantrekken.
,De nettocontantewaardemethode berekent de contante waarde van
de verwachte vrije kasstromen bij de start van het project, inclusief het
oorspronkelijke investeringsbedrag, waarbij als disconteringsvoet (intrest)
de gemiddelde vermogenskostenvoet van de onderneming wordt
gebruikt.
De methode van de interne rentabiliteit meet de rentabiliteit van een
investeringsproject door de disconteringsvoet te bepalen, waarbij de
contante waarde van de verwachte vrije kasstromen gelijk is aan het
investeringsbedrag.
Een manier om rekening te houden met onzekerheid over de hoogte van
toekomstige bedragen is het uitwerken van verschillende scenario’s. Het
onderzoeken van het effect van een verandering in de hoogte van de
omzet op de winsten en de vrije kasstromen heet een
gevoeligheidsanalyse.
- Week 2 werkkapitaalbeheer
Voorraadkosten= voorraadkosten per product x gemiddelde voorraad
Instelkosten= aantal instellingswijzigingen x instelkosten per serie
formule van Camp:
Q* = optimale ordergrootte
D = totale afzet per periode
F = bestelkosten per order
c = opslagkosten per stuk per periode
Optimale seriegrootte: Wortel(2 x productie per maand x instelkosten
per keer/ voorraadkosten per onderdeel per maand)
Of
Optimale seriegrootte: Wortel(2 x productie per jaar x instelkosten per
keer/ voorraadkosten per onderdeel per jaar)
Gemiddelde ordergrootte: gemiddeld jaarverbruik / aantal
inkooporders
Veiligheidsvoorraad: gemiddelde voorraad - (bestelordergrootte / 2)
, Productieduur veiligheidsvoorraad: veiligheidsvoorraad / productie
per periode
Het (bruto)werkkapitaal van een onderneming bestaat uit de
vlottende activa: voorraden, debiteuren en liquide middelen. Deze zijn
nodig om met de duurzame activa te kunnen werken.
De cashflowcyclus is het omzettingsproces dat samenhangt met de
productie en de verkoopcyclus vanaf de aankoop van grondstoffen tot en
met de aflevering van gereed product aan de klant. Elke stap in dit proces
leidt tot een toe- of afname van de vermogensbehoefte uit hoofde van het
aanhouden van vlottende activa.
Voorraden brengen twee soorten kosten met zich mee: opslagkosten,
die verband houden met het aanhouden van de voorraden, en instel- of
bestelkosten, die verband houden met het aanleggen van voorraden. De
hoogte van deze gezamenlijke kosten kan worden geminimaliseerd door
de seriegrootte (bij productie) of de ordergrootte (bij
bestelling) optimaal te kiezen.
Het bestelniveau is de voorraadhoogte waarbij een productieorder of
bestelling moet worden gedaan. Het bestelniveau kan als volgt worden
berekend:
Bestelniveau= afzet per dag X levertijd order
Voorraadbeheer en onzekerheid
In de praktijk zijn de afzet per dag en de levertijd niet steeds gelijk. Er is
sprake van onzekerheid. Onzekerheid beïnvloedt het bestelniveau. Er
dient immers rekening gehouden te worden met de mogelijkheid dat de
afzet per dag hoger is dan gebruikelijk en met de mogelijkheid dat de
levertijd langer is dan gebruikelijk. Als de voorraad gedurende de levertijd
niet uitgeput mag raken, moet rekening worden gehouden met de hoogst
mogelijke dagafzet en de langst mogelijke levertijd.
Het bestelniveau wordt dan dus:
Maximale dagafzet X maximale levertijd
In geval van onzekerheid met betrekking tot de dagelijkse afzet en/of de
levertijd van een order wordt een veiligheidsvoorraad aangehouden.
Een veiligheidsvoorraad verhoogt het bestelniveau en daarmee ook de
omvang van de gemiddeld aanwezige voorraad.
Alvaro van Stokkom
AC1A
- Week 1 investeringsbeoordeling
Investeren is het vastleggen van vermogen in activa.
Uitbreidingsinvesteringen vergroten de productiecapaciteit.
Een investeringsproject is het geheel van investeringen in bij elkaar
behorende duurzame en vlottende activa.
De vrije kasstroom in een periode is het verschil tussen de ontvangsten
uit hoofde van de verkoop van producten en de uitgaven in verband met
de aanschaf en aanwending van productiemiddelen. De vrije kasstroom is
het bedrag dat vrij beschikbaar is voor de verstrekkers van het eigen
vermogen en de rentedragende schulden.
Een eenvoudige manier om een investeringsproject te beoordelen op
basis van de vrije kasstromen en rekening houdend met het moment van
ontvangst is de terugverdienperiode.
Er zijn diverse bezwaren tegen beoordeling van investeringsprojecten met
de terugverdienperiode:
De methode houdt geen rekening met bedragen die na de
terugverdienperiode worden ontvangen.
De methode meet geen winstgevendheid.
De methode houdt beperkt rekening met het moment waarop
bedragen worden ontvangen.
Bij de beoordeling van een investeringsproject moet ook rekening worden
gehouden met het tijdstip waarop bedragen worden ontvangen of betaald.
In het algemeen kan worden gezegd dat kasstromen bij voorkeur zo snel
mogelijk moeten worden ontvangen. We noemen dit tijdvoorkeur. De
tijdvoorkeur van een onderneming brengen we tot uitdrukking in de
gemiddelde vermogenskostenvoet. Dit is de gemiddelde kostenvoet
waartegen de onderneming vermogen kan aantrekken.
,De nettocontantewaardemethode berekent de contante waarde van
de verwachte vrije kasstromen bij de start van het project, inclusief het
oorspronkelijke investeringsbedrag, waarbij als disconteringsvoet (intrest)
de gemiddelde vermogenskostenvoet van de onderneming wordt
gebruikt.
De methode van de interne rentabiliteit meet de rentabiliteit van een
investeringsproject door de disconteringsvoet te bepalen, waarbij de
contante waarde van de verwachte vrije kasstromen gelijk is aan het
investeringsbedrag.
Een manier om rekening te houden met onzekerheid over de hoogte van
toekomstige bedragen is het uitwerken van verschillende scenario’s. Het
onderzoeken van het effect van een verandering in de hoogte van de
omzet op de winsten en de vrije kasstromen heet een
gevoeligheidsanalyse.
- Week 2 werkkapitaalbeheer
Voorraadkosten= voorraadkosten per product x gemiddelde voorraad
Instelkosten= aantal instellingswijzigingen x instelkosten per serie
formule van Camp:
Q* = optimale ordergrootte
D = totale afzet per periode
F = bestelkosten per order
c = opslagkosten per stuk per periode
Optimale seriegrootte: Wortel(2 x productie per maand x instelkosten
per keer/ voorraadkosten per onderdeel per maand)
Of
Optimale seriegrootte: Wortel(2 x productie per jaar x instelkosten per
keer/ voorraadkosten per onderdeel per jaar)
Gemiddelde ordergrootte: gemiddeld jaarverbruik / aantal
inkooporders
Veiligheidsvoorraad: gemiddelde voorraad - (bestelordergrootte / 2)
, Productieduur veiligheidsvoorraad: veiligheidsvoorraad / productie
per periode
Het (bruto)werkkapitaal van een onderneming bestaat uit de
vlottende activa: voorraden, debiteuren en liquide middelen. Deze zijn
nodig om met de duurzame activa te kunnen werken.
De cashflowcyclus is het omzettingsproces dat samenhangt met de
productie en de verkoopcyclus vanaf de aankoop van grondstoffen tot en
met de aflevering van gereed product aan de klant. Elke stap in dit proces
leidt tot een toe- of afname van de vermogensbehoefte uit hoofde van het
aanhouden van vlottende activa.
Voorraden brengen twee soorten kosten met zich mee: opslagkosten,
die verband houden met het aanhouden van de voorraden, en instel- of
bestelkosten, die verband houden met het aanleggen van voorraden. De
hoogte van deze gezamenlijke kosten kan worden geminimaliseerd door
de seriegrootte (bij productie) of de ordergrootte (bij
bestelling) optimaal te kiezen.
Het bestelniveau is de voorraadhoogte waarbij een productieorder of
bestelling moet worden gedaan. Het bestelniveau kan als volgt worden
berekend:
Bestelniveau= afzet per dag X levertijd order
Voorraadbeheer en onzekerheid
In de praktijk zijn de afzet per dag en de levertijd niet steeds gelijk. Er is
sprake van onzekerheid. Onzekerheid beïnvloedt het bestelniveau. Er
dient immers rekening gehouden te worden met de mogelijkheid dat de
afzet per dag hoger is dan gebruikelijk en met de mogelijkheid dat de
levertijd langer is dan gebruikelijk. Als de voorraad gedurende de levertijd
niet uitgeput mag raken, moet rekening worden gehouden met de hoogst
mogelijke dagafzet en de langst mogelijke levertijd.
Het bestelniveau wordt dan dus:
Maximale dagafzet X maximale levertijd
In geval van onzekerheid met betrekking tot de dagelijkse afzet en/of de
levertijd van een order wordt een veiligheidsvoorraad aangehouden.
Een veiligheidsvoorraad verhoogt het bestelniveau en daarmee ook de
omvang van de gemiddeld aanwezige voorraad.