Week 5- passend onderwijs
HC
Kefallinou, A., Symeonidou, S. & Meijer, C. (2020). Understanding the
value of inclusive education and its implementation: A review of the
literature, Prospects, 49, 35–152.
https://doi.org/10.1007/s11125-020-09500-2
Hoewel veel Europese landen zich inzetten voor mensenrechten en inclusief onderwijs, duiden
aanhoudende ongelijkheden op een ongelijke implementatie (=het proces van het daadwerkelijk
uitvoeren of toepassen van een plan).
Doel artikel: aantonen hoe inclusief onderwijs zowel kwaliteitsonderwijs als latere sociale inclusie
bevordert.
Conceptueel kader van inclusief onderwijs
Inclusie is een complex en omstreden concept. Internationale organisaties, zoals de VN (Agenda
2030 voor Duurzame Ontwikkeling) en UNESCO (2017), bevorderen inclusief onderwijs als een
recht voor alle leerlingen, waarbij inclusie en gelijkheid leidende principes zouden moeten zijn
voor onderwijsbeleid en -praktijken.
Definitie inclusief onderwijs volgens Artikel 24 van het Verdrag inzake de Rechten van Personen
met een Handicap (VN 2006): "toegang tot inclusief, kwalitatief en gratis basis- en voortgezet
onderwijs op gelijke voet met anderen in de gemeenschappen waarin zij leven".
Definitie inclusief onderwijs academisch: een ideologie die praktijken leidt om het recht van alle
leerlingen op kwaliteitsonderwijs te respecteren.
- het vergroten van deelname van alle leerlingen
- het creëren van systemen die alle individuen gelijk waarderen
- het bevorderen van gelijkheid, compassie, mensenrechten en respect.
- meer plaatsing in reguliere klassen, gelijke kansen voor academische en sociale
prestaties, de implementatie van inclusieve pedagogieken en het creëren van inclusieve
schoolgemeenschappen4.
Definitie European Agency for Special Needs and Inclusive Education: een
mensenrechtenkwestie die bijdraagt aan een meer inclusieve en rechtvaardige samenleving5.
De ultieme visie is om alle leerlingen van elke leeftijd te voorzien van betekenisvolle,
hoogwaardige onderwijsmogelijkheden in hun lokale gemeenschap, samen met hun vrienden en
leeftijdsgenoten5.
UNESCO (2009): inclusie vanuit educatief (voordelen voor alle leerlingen), sociaal (bevordert
een eerlijker samenleving) en economisch (potentieel goedkoper dan gesegregeerde scholen)
perspectief5. Ondanks deze theoretische rechtvaardigingen en beleidsmandaten, bestaat er nog
steeds een aanzienlijke kloof tussen het gestelde doel van inclusief onderwijs en het bewijs van
de effecten ervan in de praktijk6.
Methodologie
● Literatuur tussen 2015 en 2020
● Analyse concentreerde zich op drie gebieden
1. de impact van inclusief onderwijs op academische prestaties (vooral bij leerlingen
met een beperking)
2. de sociale impact
, 3. succesvolle implementatiestrategieën7.
De educatieve rechtvaardiging: Effecten van inclusief onderwijs op leerresultaten
➢ Inclusief onderwijs kan leiden tot gelijke kansen en rechtvaardigere leerresultaten13.
➢ Studies tonen positieve academische uitkomsten aan voor leerlingen met een beperking
in inclusieve omgevingen1415.
➢ leerlingen met een verstandelijke beperking profiteren niet van voltijdse, gescheiden
klasplaatsingen, maar juisin goed ontworpen, georganiseerde inclusieve klassen14.
➢ leerlingen met een beperking die onderwijs kregen in meer geïntegreerde omgevingen,
beter presteerden op academische en sociale uitkomstmetingen dan degenen in minder
geïntegreerde omgevingen, wat suggereert dat "apart niet altijd gelijk is"15.
➢ Inclusie van leerlingen met een beperking heeft geen negatieve invloed op de resultaten
van hun leeftijdsgenoten zonder beperkingen16.
➢ Inclusieve onderwijsomgevingen kunnen aanzienlijke korte- en langetermijnvoordelen
kunnen opleveren voor studenten met en zonder beperkingen
○ sterkere lees- en wiskundevaardigheden
○ hogere aanwezigheidscijfers
○ minder gedragsproblemen
○ grotere kans op het voltooien van het voortgezet onderwijs
De sociale rechtvaardiging: Effecten van inclusief onderwijs op de langere termijn
➢ Inclusief onderwijs als voorwaarde voor sociale inclusie in vervolgonderwijs, hoger
onderwijs, werk en deelname aan de gemeenschap19.
➢ bevordert sociale inclusie door leerlingen beter voor te bereiden op het volwassen
leven19.
➢ leidt tot betere sociale en academische prestaties op school, betaald werk na school en
een sociaal leven binnen de gemeenschap, terwijl onderwijs in gesegregeerde
omgevingen sociale inclusie juist belemmert20.
➢ leerlingen die in inclusieve omgevingen zijn opgeleid, meer kans hebben om zich in te
schrijven voor hoger onderwijs21.
➢ afgestudeerden van inclusieve instellingen meer kansen op betaald werk dan degenen
die gesegregeerde instellingen of speciale klassen bezochten22.
➢ Leerlingen die ondersteuning ontvangen in een reguliere klas, een 76% grotere kans om
academische en beroepskwalificaties te behalen23.
➢ Afgestudeerden van speciale scholen, vooral degenen zonder kwalificaties, worden vaak
gedwongen tot beschut werk, wat sociale inclusie verhindert24.
➢ Wonen in de gemeenschap na het voltooien van verplicht onderwijs is ook gekoppeld
aan inclusief onderwijs25. Financiële onafhankelijkheid hangt samen met de kans op
werk26. ongeveer de helft van de mensen met een beperking die afstudeerden aan
inclusieve settings zijn financieel onafhankelijk op hun late twintiger en midden dertiger
jaren26.
➢ Schoolgaan in speciale klassen en ondersteuning van onderwijsassistenten correleert
met afhankelijkheid van sociale zekerheid26.
➢ Reguliere klassen kunnen leiden tot sociale inclusie in het vroege volwassen leven,
terwijl het volgen van speciale klassen een risicofactor is en eerder leidt tot isolatie27.
Naar een succesvolle inclusieve implementatie
Succesvolle implementatie van inclusief onderwijs vereist veranderingen op drie niveaus: school,
klaslokaal en gemeenschap28.
, 1. Ondersteuning van transformationele verandering in scholen
Een succesvol onderwijssysteem richt zich op het ondersteunen van de deelname, het
leren en de resultaten van alle leerlingen door de capaciteit van reguliere scholen te
versterken29.
Leiderschap speelt een cruciale rol bij het bevorderen van innovatie en inclusieve
verandering, waarbij "transformationeel" leiderschap gelijkheid bevordert door de school
te reorganiseren en om te vormen tot een lerende organisatie30. Dit omvat het
ontwikkelen van een collaboratieve cultuur, hoogwaardige professionele ontwikkeling en
sterke leiderschapsteams31. Organisatiebrede flexibiliteit en brede professionele
leergemeenschappen stimuleren verandering en verbeteren leerresultaten3233.
2. Verbetering van de klaslokaalpraktijk:
Inclusieve pedagogiek is een leerlinggerichte benadering die diversiteit overbrugt door
opties voor iedereen uit te breiden, in plaats van activiteiten alleen voor sommigen te
differentiëren34. Het vermijdt vergelijking, rangschikking of etikettering en omarmt een
"gepersonaliseerde" benadering die zich aanpast aan de behoeften van elke individuele
leerling34.
- bevorderen van een groeimindset,
- monitoren van de voortgang van leerlingen
- positieve leraar-leerlingrelaties
- rechtvaardige disciplinaire beleid.
- curriculum en de beoordelingspraktijken moeten inclusief zijn
- balans tussen doorlopende formatieve beoordeling en summatieve
beoordeling36.
- Onderwijsassistenten moeten duidelijke rollen en voldoende training hebben om
effectief te zijn40.
3. Betrokkenheid van ouders en de gemeenschap:
- Actieve betrokkenheid van ouders en gemeenschapsbetrokkenen is
essentieel4344.
- Ouderbetrokkenheid, vooral die welke inzicht creëert in academische prestaties
en verwachtingen communiceert, is positief geassocieerd met leerprestaties43.
- Betrokkenheid van de gemeenschap levert aanzienlijke voordelen op voor de
betrokkenheid en resultaten van leerlingen en voorkomt voortijdig
schoolverlaten44.
- Nauw contact met externe instanties en diensten (zoals gezondheidszorg,
loopbaanbegeleiding, sociale diensten) kan de prestaties van leerlingen
verbeteren44.
- Succesvolle school-gemeenschapspartnerschappen kenmerken zich door sterk
schoolleiderschap, een uitnodigende schoolcultuur, inzet van leerkrachten en
samenwerking46. Deze partnerschappen zijn essentieel voor systeemwijde
verbetering en de overgang van alle leerlingen naar volwassenheid47.
Het artikel concludeert dat inclusief onderwijs, mits succesvol geïmplementeerd,
kwaliteitsonderwijs kan waarborgen, leerresultaten kan verbeteren en sociale inclusie op
lange termijn kan bevorderen48. Beleidsmakers moeten overtuigd zijn van de voordelen en
een duidelijke visie hebben, terwijl leerkrachten de strategieën moeten kennen en ethisch
betrokken moeten zijn50. Daarom is het cruciaal dat onderzoeksbewijs wordt opgenomen in
professionele ontwikkelingstrajecten voor leerkrachten50.
, Ledoux. G. & Waslander, S. (2020). Summary Education That Fits.
NRO. Summary Evaluation Education that Fits_0.pdf
Hoofdpunten van een vijfjarig onderzoek naar de impact van de Wet Passend Onderwijs1.
De Wet Passend Onderwijs werd in 2014 ingevoerd en verving diverse beleidsprogramma's voor
leerlingen met extra ondersteuningsbehoeften2. ← uitgevoerd door zeven onderzoeksinstituten,
gecoördineerd door het Kohnstamm Instituut, gefinancierd door het Nationaal Regieorgaan
Onderwijsonderzoek (NRO)14.
Aanleiding en doelen van Passend Onderwijs
Doel: belangrijkste organisatorische problemen voor leerlingen met extra ondersteuning op
scholen op te lossen, zoals:
- bureaucratie
- complexiteit en onduidelijk gedefinieerde verantwoordelijkheden
- stijgende kosten
Optimalisatie bestaande beleid niet voldoende. → overheid wilde onderwijsprofessionals de
ruimte en verantwoordelijkheid geven om lokaal te bepalen wat nodig was, met zo min mogelijk
structuren en regels5.
● De organisatorische oplossingen werden gezocht in decentralisatie en een
lumpsumfinanciering6. → centrale overheid bepaalde niet langer bepaalde wie welke
ondersteuning kreeg6.
○ Schoolbesturen werden verplicht regionale samenwerkingsverbanden te vormen
(apart voor primair en voortgezet onderwijs) om de ondersteuning voor leerlingen
met extra behoeften te financieren en organiseren6.
○ Het totale budget voor extra ondersteuning op nationaal niveau werd vastgesteld
als een lumpsum, gebaseerd op het aantal leerlingen in primair en voortgezet
onderwijs, en het aantal studenten in het MBO7.
● Passend Onderwijs wilde zorgen voor meer maatwerk en een geschikte plek op school
voor elke leerling met extra behoeften
● Wilde de administratieve last voor ouders verminderen8. Maatregelen hiervoor waren:
○ De afschaffing van nationale systemen voor identificatie van leerlingen met extra
behoeften; samenwerkingsverbanden bepalen nu de allocatie van
ondersteuning9.
○ De zorgplicht: een school moet onderzoeken of passende ondersteuning mogelijk
is voor een nieuw ingeschreven leerling met extra behoeften, en zo niet, een
geschikte plek elders vinden9. Dit is bedoeld om te voorkomen dat ouders van
school naar school moeten en kinderen thuis komen te zitten9.
○ Het opstellen van een schoolondersteuningsprofiel, waarin de school haar eigen
ondersteuningsaanbod beschrijft voor ouders10.
○ Het opstellen van een ontwikkelingsperspectiefplan voor elke leerling met extra
behoeften, met daarin de behoeften, hoe de ondersteuning wordt geboden, en de
doelen10. Dit moet bijdragen aan maatwerk en communicatie met ouders
verbeteren10.
○ Administratieve samenwerking tussen samenwerkingsverbanden en gemeenten
over de afstemming van ondersteunings- en jeugdzorgplannen11.
In MBO minder verplichtingen opgelegd; moeten een bijlage bij de onderwijsovereenkomst
opstellen (vergelijkbaar met het ontwikkelingsperspectiefplan) en hun ondersteuningsaanbod
HC
Kefallinou, A., Symeonidou, S. & Meijer, C. (2020). Understanding the
value of inclusive education and its implementation: A review of the
literature, Prospects, 49, 35–152.
https://doi.org/10.1007/s11125-020-09500-2
Hoewel veel Europese landen zich inzetten voor mensenrechten en inclusief onderwijs, duiden
aanhoudende ongelijkheden op een ongelijke implementatie (=het proces van het daadwerkelijk
uitvoeren of toepassen van een plan).
Doel artikel: aantonen hoe inclusief onderwijs zowel kwaliteitsonderwijs als latere sociale inclusie
bevordert.
Conceptueel kader van inclusief onderwijs
Inclusie is een complex en omstreden concept. Internationale organisaties, zoals de VN (Agenda
2030 voor Duurzame Ontwikkeling) en UNESCO (2017), bevorderen inclusief onderwijs als een
recht voor alle leerlingen, waarbij inclusie en gelijkheid leidende principes zouden moeten zijn
voor onderwijsbeleid en -praktijken.
Definitie inclusief onderwijs volgens Artikel 24 van het Verdrag inzake de Rechten van Personen
met een Handicap (VN 2006): "toegang tot inclusief, kwalitatief en gratis basis- en voortgezet
onderwijs op gelijke voet met anderen in de gemeenschappen waarin zij leven".
Definitie inclusief onderwijs academisch: een ideologie die praktijken leidt om het recht van alle
leerlingen op kwaliteitsonderwijs te respecteren.
- het vergroten van deelname van alle leerlingen
- het creëren van systemen die alle individuen gelijk waarderen
- het bevorderen van gelijkheid, compassie, mensenrechten en respect.
- meer plaatsing in reguliere klassen, gelijke kansen voor academische en sociale
prestaties, de implementatie van inclusieve pedagogieken en het creëren van inclusieve
schoolgemeenschappen4.
Definitie European Agency for Special Needs and Inclusive Education: een
mensenrechtenkwestie die bijdraagt aan een meer inclusieve en rechtvaardige samenleving5.
De ultieme visie is om alle leerlingen van elke leeftijd te voorzien van betekenisvolle,
hoogwaardige onderwijsmogelijkheden in hun lokale gemeenschap, samen met hun vrienden en
leeftijdsgenoten5.
UNESCO (2009): inclusie vanuit educatief (voordelen voor alle leerlingen), sociaal (bevordert
een eerlijker samenleving) en economisch (potentieel goedkoper dan gesegregeerde scholen)
perspectief5. Ondanks deze theoretische rechtvaardigingen en beleidsmandaten, bestaat er nog
steeds een aanzienlijke kloof tussen het gestelde doel van inclusief onderwijs en het bewijs van
de effecten ervan in de praktijk6.
Methodologie
● Literatuur tussen 2015 en 2020
● Analyse concentreerde zich op drie gebieden
1. de impact van inclusief onderwijs op academische prestaties (vooral bij leerlingen
met een beperking)
2. de sociale impact
, 3. succesvolle implementatiestrategieën7.
De educatieve rechtvaardiging: Effecten van inclusief onderwijs op leerresultaten
➢ Inclusief onderwijs kan leiden tot gelijke kansen en rechtvaardigere leerresultaten13.
➢ Studies tonen positieve academische uitkomsten aan voor leerlingen met een beperking
in inclusieve omgevingen1415.
➢ leerlingen met een verstandelijke beperking profiteren niet van voltijdse, gescheiden
klasplaatsingen, maar juisin goed ontworpen, georganiseerde inclusieve klassen14.
➢ leerlingen met een beperking die onderwijs kregen in meer geïntegreerde omgevingen,
beter presteerden op academische en sociale uitkomstmetingen dan degenen in minder
geïntegreerde omgevingen, wat suggereert dat "apart niet altijd gelijk is"15.
➢ Inclusie van leerlingen met een beperking heeft geen negatieve invloed op de resultaten
van hun leeftijdsgenoten zonder beperkingen16.
➢ Inclusieve onderwijsomgevingen kunnen aanzienlijke korte- en langetermijnvoordelen
kunnen opleveren voor studenten met en zonder beperkingen
○ sterkere lees- en wiskundevaardigheden
○ hogere aanwezigheidscijfers
○ minder gedragsproblemen
○ grotere kans op het voltooien van het voortgezet onderwijs
De sociale rechtvaardiging: Effecten van inclusief onderwijs op de langere termijn
➢ Inclusief onderwijs als voorwaarde voor sociale inclusie in vervolgonderwijs, hoger
onderwijs, werk en deelname aan de gemeenschap19.
➢ bevordert sociale inclusie door leerlingen beter voor te bereiden op het volwassen
leven19.
➢ leidt tot betere sociale en academische prestaties op school, betaald werk na school en
een sociaal leven binnen de gemeenschap, terwijl onderwijs in gesegregeerde
omgevingen sociale inclusie juist belemmert20.
➢ leerlingen die in inclusieve omgevingen zijn opgeleid, meer kans hebben om zich in te
schrijven voor hoger onderwijs21.
➢ afgestudeerden van inclusieve instellingen meer kansen op betaald werk dan degenen
die gesegregeerde instellingen of speciale klassen bezochten22.
➢ Leerlingen die ondersteuning ontvangen in een reguliere klas, een 76% grotere kans om
academische en beroepskwalificaties te behalen23.
➢ Afgestudeerden van speciale scholen, vooral degenen zonder kwalificaties, worden vaak
gedwongen tot beschut werk, wat sociale inclusie verhindert24.
➢ Wonen in de gemeenschap na het voltooien van verplicht onderwijs is ook gekoppeld
aan inclusief onderwijs25. Financiële onafhankelijkheid hangt samen met de kans op
werk26. ongeveer de helft van de mensen met een beperking die afstudeerden aan
inclusieve settings zijn financieel onafhankelijk op hun late twintiger en midden dertiger
jaren26.
➢ Schoolgaan in speciale klassen en ondersteuning van onderwijsassistenten correleert
met afhankelijkheid van sociale zekerheid26.
➢ Reguliere klassen kunnen leiden tot sociale inclusie in het vroege volwassen leven,
terwijl het volgen van speciale klassen een risicofactor is en eerder leidt tot isolatie27.
Naar een succesvolle inclusieve implementatie
Succesvolle implementatie van inclusief onderwijs vereist veranderingen op drie niveaus: school,
klaslokaal en gemeenschap28.
, 1. Ondersteuning van transformationele verandering in scholen
Een succesvol onderwijssysteem richt zich op het ondersteunen van de deelname, het
leren en de resultaten van alle leerlingen door de capaciteit van reguliere scholen te
versterken29.
Leiderschap speelt een cruciale rol bij het bevorderen van innovatie en inclusieve
verandering, waarbij "transformationeel" leiderschap gelijkheid bevordert door de school
te reorganiseren en om te vormen tot een lerende organisatie30. Dit omvat het
ontwikkelen van een collaboratieve cultuur, hoogwaardige professionele ontwikkeling en
sterke leiderschapsteams31. Organisatiebrede flexibiliteit en brede professionele
leergemeenschappen stimuleren verandering en verbeteren leerresultaten3233.
2. Verbetering van de klaslokaalpraktijk:
Inclusieve pedagogiek is een leerlinggerichte benadering die diversiteit overbrugt door
opties voor iedereen uit te breiden, in plaats van activiteiten alleen voor sommigen te
differentiëren34. Het vermijdt vergelijking, rangschikking of etikettering en omarmt een
"gepersonaliseerde" benadering die zich aanpast aan de behoeften van elke individuele
leerling34.
- bevorderen van een groeimindset,
- monitoren van de voortgang van leerlingen
- positieve leraar-leerlingrelaties
- rechtvaardige disciplinaire beleid.
- curriculum en de beoordelingspraktijken moeten inclusief zijn
- balans tussen doorlopende formatieve beoordeling en summatieve
beoordeling36.
- Onderwijsassistenten moeten duidelijke rollen en voldoende training hebben om
effectief te zijn40.
3. Betrokkenheid van ouders en de gemeenschap:
- Actieve betrokkenheid van ouders en gemeenschapsbetrokkenen is
essentieel4344.
- Ouderbetrokkenheid, vooral die welke inzicht creëert in academische prestaties
en verwachtingen communiceert, is positief geassocieerd met leerprestaties43.
- Betrokkenheid van de gemeenschap levert aanzienlijke voordelen op voor de
betrokkenheid en resultaten van leerlingen en voorkomt voortijdig
schoolverlaten44.
- Nauw contact met externe instanties en diensten (zoals gezondheidszorg,
loopbaanbegeleiding, sociale diensten) kan de prestaties van leerlingen
verbeteren44.
- Succesvolle school-gemeenschapspartnerschappen kenmerken zich door sterk
schoolleiderschap, een uitnodigende schoolcultuur, inzet van leerkrachten en
samenwerking46. Deze partnerschappen zijn essentieel voor systeemwijde
verbetering en de overgang van alle leerlingen naar volwassenheid47.
Het artikel concludeert dat inclusief onderwijs, mits succesvol geïmplementeerd,
kwaliteitsonderwijs kan waarborgen, leerresultaten kan verbeteren en sociale inclusie op
lange termijn kan bevorderen48. Beleidsmakers moeten overtuigd zijn van de voordelen en
een duidelijke visie hebben, terwijl leerkrachten de strategieën moeten kennen en ethisch
betrokken moeten zijn50. Daarom is het cruciaal dat onderzoeksbewijs wordt opgenomen in
professionele ontwikkelingstrajecten voor leerkrachten50.
, Ledoux. G. & Waslander, S. (2020). Summary Education That Fits.
NRO. Summary Evaluation Education that Fits_0.pdf
Hoofdpunten van een vijfjarig onderzoek naar de impact van de Wet Passend Onderwijs1.
De Wet Passend Onderwijs werd in 2014 ingevoerd en verving diverse beleidsprogramma's voor
leerlingen met extra ondersteuningsbehoeften2. ← uitgevoerd door zeven onderzoeksinstituten,
gecoördineerd door het Kohnstamm Instituut, gefinancierd door het Nationaal Regieorgaan
Onderwijsonderzoek (NRO)14.
Aanleiding en doelen van Passend Onderwijs
Doel: belangrijkste organisatorische problemen voor leerlingen met extra ondersteuning op
scholen op te lossen, zoals:
- bureaucratie
- complexiteit en onduidelijk gedefinieerde verantwoordelijkheden
- stijgende kosten
Optimalisatie bestaande beleid niet voldoende. → overheid wilde onderwijsprofessionals de
ruimte en verantwoordelijkheid geven om lokaal te bepalen wat nodig was, met zo min mogelijk
structuren en regels5.
● De organisatorische oplossingen werden gezocht in decentralisatie en een
lumpsumfinanciering6. → centrale overheid bepaalde niet langer bepaalde wie welke
ondersteuning kreeg6.
○ Schoolbesturen werden verplicht regionale samenwerkingsverbanden te vormen
(apart voor primair en voortgezet onderwijs) om de ondersteuning voor leerlingen
met extra behoeften te financieren en organiseren6.
○ Het totale budget voor extra ondersteuning op nationaal niveau werd vastgesteld
als een lumpsum, gebaseerd op het aantal leerlingen in primair en voortgezet
onderwijs, en het aantal studenten in het MBO7.
● Passend Onderwijs wilde zorgen voor meer maatwerk en een geschikte plek op school
voor elke leerling met extra behoeften
● Wilde de administratieve last voor ouders verminderen8. Maatregelen hiervoor waren:
○ De afschaffing van nationale systemen voor identificatie van leerlingen met extra
behoeften; samenwerkingsverbanden bepalen nu de allocatie van
ondersteuning9.
○ De zorgplicht: een school moet onderzoeken of passende ondersteuning mogelijk
is voor een nieuw ingeschreven leerling met extra behoeften, en zo niet, een
geschikte plek elders vinden9. Dit is bedoeld om te voorkomen dat ouders van
school naar school moeten en kinderen thuis komen te zitten9.
○ Het opstellen van een schoolondersteuningsprofiel, waarin de school haar eigen
ondersteuningsaanbod beschrijft voor ouders10.
○ Het opstellen van een ontwikkelingsperspectiefplan voor elke leerling met extra
behoeften, met daarin de behoeften, hoe de ondersteuning wordt geboden, en de
doelen10. Dit moet bijdragen aan maatwerk en communicatie met ouders
verbeteren10.
○ Administratieve samenwerking tussen samenwerkingsverbanden en gemeenten
over de afstemming van ondersteunings- en jeugdzorgplannen11.
In MBO minder verplichtingen opgelegd; moeten een bijlage bij de onderwijsovereenkomst
opstellen (vergelijkbaar met het ontwikkelingsperspectiefplan) en hun ondersteuningsaanbod