Een definitie van Psychologie?
Wat is psychologie?
• Psychologie is de wetenschap die het gedrag van mensen bestudeert.
o Dit gebeurt door systematische observatie van meetbare kenmerken (gedrag).
o De verzamelde informatie wordt gebruikt om inzicht te krijgen in interne processen, zoals
gedachten, gevoelens en motivaties, die niet direct waarneembaar zijn.
Historische context
• Hermann Ebbinghaus (1885) onderzocht geheugen en leren in zijn werk "Über das Gedächtnis".
• In het verleden werd het menselijke gedrag niet voldoende geacht om de mens te begrijpen,
omdat men geloofde dat de ziel losstond van de materiële wereld.
• De kerk had lange tijd het monopolie op het begrip van de ziel, wat wetenschappelijke
vooruitgang in de psychologie beperkte.
Ontwikkelingen die de psychologie mogelijk hebben gemaakt
Ontwikkelingen in de filosofie
• Copernicus: Onze plaats in het universum
o Voorheen werd gedacht dat de mens centraal stond in het universum.
o Nicolaus Copernicus (1473-1543) stelde dit idee in vraag: de aarde draait rond de zon en is
niet het middelpunt van het universum.
• Descartes: Rationalisme, nativisme en een mechanische wereldvisie
o De traditionele opvatting: de menselijke geest heeft een vrije wil en valt niet onder
natuurwetten → kan dus niet wetenschappelijk bestudeerd worden (Plato’s dualisme
bevestigt dit).
o René Descartes (1596-1650) introduceerde twee belangrijke principes:
§ Rationalisme: Kennis wordt verkregen door de rede.
§ Nativisme: De mens beschikt over aangeboren kennis die leidt tot waarheid.
o Hij zag de wereld als een complexe machine die verklaard kon worden door natuurwetten.
• Empirisme: Kennis komt voort uit ervaring
o Engelse denkers verzetten zich tegen het rationalisme.
o Empirisme: De geest bevat geen aangeboren ideeën, maar verwerft kennis via zintuiglijke
ervaringen.
o Belangrijke empiristen:
§ Thomas Hobbes (1588-1679): Grondlegger van de politieke wetenschappen.
§ John Locke:
§ Vriend van Isaac Newton.
1
, § Stelde dat kennis ontstaat door ervaring met externe objecten, niet door
aangeboren ideeën.
§ Introduceerde het concept tabula rasa (de geest als een onbeschreven blad).
§ David Hume (1711-1776):
§ Werkte het associationisme verder uit: complexe ideeën ontstaan door het
combineren van eenvoudige ideeën.
§ Associaties tussen ideeën worden bepaald door gelijkenis en
contiguïteit (samen voorkomen in tijd en ruimte).
Darwin en de evolutietheorie
• Charles Darwin (1859) publiceerde The Origin of Species.
• Kernprincipes:
o Natuurlijke selectie: Eigenschappen die overlevingsvoordeel bieden, worden doorgegeven
aan volgende generaties.
o Survival of the fittest: Individuen met de beste aanpassingen overleven en planten zich
succesvol voort.
• Peter en Rosemary Grant onderzochten dit proces gedurende 20 jaar bij vinken op de
Galápagoseilanden.
De eerste psychologische experimenten
• 19e eeuw: Eerste experimenten op het raakvlak van geneeskunde en psychologie.
• Belangrijke pioniers:
o Thomas Young (1801) → Trichromatische theorie over kleurperceptie
§ Alle kleuren ontstaan door een combinatie van rood, groen en blauw licht.
§ Halve eeuw later verder uitgewerkt door Hermann von Helmholtz.
§ Helmholtz onderzocht ook de snelheid van zenuwimpulsen:
§ Bij kikkers: 30 meter per seconde.
§ Bij mensen: 60 meter per seconde.
o Ernst Weber → Onderzocht het kleinste waarneembare verschil tussen stimuli.
o Gustave Fechner → Ontwikkelde een wiskundige formule om de sterkte van een ervaring te
berekenen op basis van de stimulus.
§ Deze formule verschilde van die van de Belg Joseph Plateau.
o Franciscus Cornelis Donders (Nederland) → Onderzocht de reactiesnelheid van mensen op
stimuli.
2
,Het ontstaan van de psychologie
Structuralisme: Waaruit bestaat het bewustzijn?
• 1879 → Startpunt van de moderne psychologie.
• Wilhelm Wundt (1832-1920) → Eerste psychologisch laboratorium in Leipzig, eerste persoon die
zichzelf psycholoog noemde.
• Belangrijkste bijdragen:
o Schreef Grundzüge der physiologischen Psychologie (1874) → Definieerde
wetenschappelijke psychologie als een alliantie tussen fysiologie en introspectie.
o Introspectie = kijken naar het eigen bewustzijn van binnenuit.
o Experimentelle Selbstbeobachtung = gestandaardiseerde experimenten met objectieve,
kwantificeerbare reacties (enige vorm van introspectie die Wundt aanvaardde).
• Structuralisme
o Edward Titchener (1867-1927) → Leerling van Wundt, ontwikkelde het structuralisme.
o Doel: De structuur van het bewustzijn ontdekken via introspectie.
o Bewustzijn bestaat uit:
§ Sensaties → Visuele ervaringen, geluiden, geuren, smaken, tastgevoelens.
§ Beelden → Herinneringen van niet-aanwezige voorwerpen.
§ Gevoelens → Emoties zoals liefde, geluk, jaloezie.
o Methode: Een structurele psycholoog moest leren complexe ervaringen te analyseren in
hun elementaire componenten via introspectie.
Gestaltpsychologie: De perceptie van het geheel
• Reactie tegen het structuralisme in de 20e eeuw.
• Definitie: Gestaltpsychologie verwerpt het idee dat het bewustzijn begrepen kan worden door het
opdelen in kleine componenten (atomisme).
• Belangrijkste vertegenwoordigers:
o Max Wertheimer (1880-1943)
o Wolfgang Köhler (1887-1967)
o Kurt Koffka (1886-1941)
• Kernideeën:
o Mensen nemen de wereld waar in gehelen (gestalten), niet als losse elementen.
o Visuele illusies tonen dat perceptie niet louter een optelsom is van individuele sensaties.
o De mens functioneert door voortdurende interactie met de omgeving.
o Elk psychisch proces moet bekeken worden binnen zijn psychologisch veld, een dynamisch
systeem vergelijkbaar met elektromagnetische krachtvelden in de fysica.
3
, Functionalisme: Wat is de functie van het bewustzijn?
• Ontstaan in de VS, beïnvloed door Darwin’s evolutietheorie.
• Focus: Onderzoek naar aanpassing aan de omgeving en individuele verschillen tussen mensen en
dieren.
• Amerikaanse invloed: Psychologie moest praktisch en nuttig zijn (pragmatisme).
• Belangrijke figuren:
o John Dewey (1859-1952)
o William James (1842-1910) → The Principles of Psychology (1890).
• Belangrijk concept:
o "Stream of consciousness" → Bewustzijn is een continue stroom, geen verzameling
afzonderlijke elementen.
Behaviorisme: Hoe kunnen we de mens wetenschappelijk bestuderen?
• John Watson (1878-1985) → Psychology as the Behaviorist Views It (1913).
• Definitie behaviorisme: Psychologie = de wetenschap van observeerbaar gedrag.
• Geïnspireerd door logisch positivisme:
o Theorieën moeten gebaseerd zijn op directe observaties die herhaalbaar zijn.
o Operationele definitie → Begrippen worden gedefinieerd in termen van meetbare
processen.
• Onderscheid tussen variabelen:
o Onafhankelijke variabelen → Factoren die door de onderzoeker worden gemanipuleerd.
o Afhankelijke variabelen → Gedrag dat wordt gemeten als reactie op de onafhankelijke
variabelen.
• S-R-psychologie:
o Stimulus-Respons (S-R) model → Gedrag is een reactie op externe prikkels.
• Belangrijke behaviorist:
o B.F. Skinner (1904-1990) → Radicaal behaviorisme, mentale processen bestaan niet, alleen
observeerbaar gedrag telt.
Psychoanalyse: Sigmund Freud en het onbewuste
• Definitie: Bewustzijn en gedrag zijn oppervlakkige fenomenen; de ware oorsprong van
persoonlijkheidsverschillen en mentale stoornissen ligt in onbewuste krachten.
• Grondlegger: Sigmund Freud (1856-1939).
• Kernideeën:
o Mentale stoornissen ontstaan door verdrongen traumatische ervaringen, vaak uit de
kindertijd.
o Therapie: Patiënten helpen hun onbewuste conflicten bewust te maken via:
§ Vrije associatie → Hardop uitspreken wat in hen opkomt.
4