EMOTIES1
- Lijkt heel intuïtief, maar definiëren is erg lastig.
- 3 componenten: (behandeling: ingaan op één/ combinatie van…)
• (1) Affectief gevoel/ stemming- subjectief,
• (2) Cognitief duiding ervaringen/ geheugen- interpretaties,
• (3) Conatief fysieke/ impulsieve, autonome en neurale (re)acties.
EMOTIEWIEL
- 8 primaire emoties (overlevingsrol): vreugde-verdriet, vertrouwen-afkeer, angst-woede, verwachting-
verrassing.
- +34.000 mengvormen
EMOTIES UITEN (MENS EN DIER)
- Mens & dier (en cultuur): vergelijkbaar (fysieke reactie aangeboren en universeel, evolutionair verankerd)
• Cf. blinde atleet die zelfde reactie heeft als ziende atleet op verloren match
• Prefrontale cortex
- Sociale component: grote invloed, cultureel bepaald, vnl interpretatie!
• Cf. verdriet in delen van Afrika wordt vnl gekenmerkt door fysieke klachten => in BE: eerder rationeel
BALANS POSITIEVE & NEGATIEVE EMOTIES
- Positieve & negatieve emoties: beide gezond! Nodig voor overleving.
• Positieve: gedachten flexibeler, creatiever, integratiever en efficiënter.
• Meta-analyse (Chida& Steptoe, 2008): Pos. psychologisch welbevinden vermindert sterfte in
zowel gezonde als zieke bevolking => effect blijft na controle neg. affect.
- Angst2: cf. COVID: Angst zorgde voor voorzichtig gedrag (minder verspreiding virus).
• Belangrijk voor ontwikkeling
• Aanpassing aan omgeving: alarm signaal, vlucht/vecht reactie, vernauwen aandacht.
NORMALE ANGST
Baby (0-6m) Angst voor harde geluiden
Schrikreactie op harde geluiden, snel naderende voorwerpen, houdingsverandering.
Peuter (6m-2j) Angst voor niet alles in de hand hebben
Angst voor vreemden, onbekende mensen, onverwachte voorwerpen;
1-2 jaar: Angst voor natuurverschijnselen.
Kleuter (2-6j) Angst voor wat zou kunnen gebeuren
2-4 jaar: Angst voor dieren, bloed;
4-6 jaar: Angst voor het donker, gefantaseerde figuren, verlies lichamelijke integriteit (dokter, kapper).
Schoolleeftijd (+/- 6j) Zelfveroordeling (geweten)
6-12 jaar: Beoordeling door leeftijdsgenoten, faalangst, anticipatie voor realistische gebeurtenissen
(inbraak, scheiding, oorlog, dood).
Pubers & adolescenten Sociale beleving
(12-18j) Beoordeling door andere geslacht, existentieel gevaar (oorlog, milieuramp, aids).
Angst verandert naarmate men ouder wordt. Soms gerelateerd aan verlies van controle. Angst komt en gaat.
- Ouder worden: prevalentie & intensiteit & specificiteit en cultuurverschillen .
- Meisjes doorlopen zelfde ontwikkeling als jongens, maar meer angsten & heftiger.
1
Emoties:
= E-motion= beweging naar buiten.
= (De ervaring van) gemoedstoestand met erbij horende autonome en andere fysiologische reacties, die voorkomt uit een
bepaalde ervaring.
= hypothetische constructies of ideeën die helpen om een specifieke ervaring te beschrijven (Robert Plutchik).
2
Angst= Normale menselijke reactie op bedreigende objecten/ situaties.
, THEORIEËN EN NEURALE BASIS VAN NORMALE ANGST
Theory of emotion (James-Lange, late 1800s): Fysiologische reactie waarneming/ appraisal
- Cf. "Mijn hart bonst, dus ik moet bang zijn".
- Probleem: Onwaarschijnlijk dat elke emotie een unieke
fysiologische handtekening heeft.
Theory of emotion (Cannon-Bard, 1920s): Waarneming/ appraisal fysiologische reactie
- Cf. “Ik ben bang, dus mijn hart bonst”.
- Probleem: Fysiologische reacties gebeuren snel, dus
emotie wordt mogelijk niet eerst gevoeld.
Two factor Theory (Schachter and Singer, 1962): Emotionele stimulus → Arousal + Verwerking/label → Emotie
en gedrag
- Context en label zijn nodig voor angst: 1) initiële arousal gelabeld 2)
emoties volgen
- Experiment (Schachter, 1971): Adrenaline leidt enkel
tot angst in een angstige context.
NEURALE BASIS & ROUTE
Rethinking the Emotional Brain Neuron (LeDoux, 2012): 2 routes bij anstopwekkende prikkels:
- 1) Snelle route (‘quick & dirty)
• Reactie: Snel naar amygdala → Emotionele reactie.
• Gevolgen: Snelle fysiologische reactie, verscherpte zintuigen (sensorische drempel verlaagt),
verhoogde motivatie, actie (approach & avoidance), leervermogen (aandacht) en geheugen.
• Staat niet onder bewuste controle in het begin.
- 2) Trage route (meer gedetailleerd)
• Reactie: Stimulus gedetailleerd verwerkt door sensorische
cortex en PFC.
• Top-down controle door amygdala, emoties worden
geïntegreerd met herinneringen en kennis.
ALS PSYCHOLOOG: Het is nuttig om de routes uit te
leggen aan ptn. Het geeft gevoel van controle en houvast.
Angstreacties zijn normale biologische processen
(verminderd gevoel van ‘gek zijn’). Bij stoornissen is de
snelle route overactief (bij trauma), hierdoor ontstaan heftige
herbelevingen en angst. De trage route werkt onvoldoende bij
angststoornis, hierdoor ontstaat interpretatiefouten en rumineren verhinderen remming van angst (amygdala).
Hersengebieden bij Angst:
- Amygdala: Essentieel voor angst, detecteren en leren over belangrijke omgevingsinformatie.
Noodzakelijk bij : acquisitie & expressie van angst
• Autonome reacties (~ angst) • Verwerking en consolidatie geheugen
• Emotionele reacties • Hormonale afscheidingen
- vmPFC (ventromediale prefrontale cortex): Rol in emotieregulatie, vermindert amygdala-reactie via
inhiberende weg. Belangrijk voor uitdoving (extinctie) en herwaardering van emoties/ leren van
nieuwe verbanden (reappraisal).