MENS EN GEZONDHEID
HFDST 1: INTRODUCTIE VAN DE CONCEPTEN
Bio-psycho-sociaal model
• Ze kijken naar alle 3 factoren te samen om iets te gaan verklaren
• Het biedt handvaten om iets te gaan veranderen
• Het kunnen zowel positieve als negatieve factoren bevatten
1.1. CLASSIFICATIESYSTEMEN
ICF
• International Classification of Functioning, Disability and Health
• Vertrekt vanuit je functies: wat kun je? Wat doe je? Kun je mee met de maatschappij
• Wordt vooral in medische wereld gebruikt
DSM-5
• Diagnostic and Statistical Manual of Mental Disorders (fifth edition)
• Verzameling van alle psychische stoornissen
• Als PC geen diagnose stellen, maar wel problemen herkennen
Psychodiagnostische cyclus – diagnostisch proces
• Stappenplan dat men gaat volgen als een cliënt bij ons komt…
1. Aanmelding – wat kunnen we doen?
2. Inventariseren klachten – heeft de persoon ergens last van?
3. Hulpvragen vaststellen – wat wil de cliënt van mij?
4. Probleemdefiniëring – wat is er aan de hand?
5. Verklaring zoeken – waarom is dit aan de hand?
6. Advies bedenken – hoe kan dit worden aangepakt?
7. Adviesgesprek – kan de persoon een keuze maken?
1
,Deze stappen verlopen niet altijd lineair, psychologen schakelen vaak terug als nieuwe inzichten
ontstaan
Alternatieve diagnostische modellen
• Handelingsgerichte diagnostiek: gebruikt 5 fasen en stelt eerder strategie op
• Diagnostisch scenario: bepaalt welke vragen eerst beantwoord moeten worden
• Counseling: richt zich op gezonde individuen met stressproblemen en omvat beperkte
diagnostiek
Belangrijke begrippen
• Interventie = bewuste actie ve professional om een verandering teweeg te brengen
• Behandeling = verzameling interventies om specifieke behandeldoelen te behalen
1.2. HULPVRAAG
Hulpvraag
• Professionele vertaling vd klachten vd cliënt
• De klachten moeten een verklaring krijgen naar doelen
Onderkennende hulpvraag
• Onze cliënt vraagt aan ons wat er mis is en wat er aan de hand gaat
• Bv: ik ben continu moe, waarom?
Verklarende hulpvraag
• Gevolg vd onderkennende hulpvraag – waarom is dit
• Bv: hoe komt het dat ik niet goed slaap?
Indicerende hulpvraag
• Kunnen we dat problemen oplossen op niet
1.3. BELANGRIJKE CONCEPTEN
Psychosociale problemen
• Psychische problemen: gevoelens en gedachten
• Sociale problemen: anderen, instanties…
o Combinatie van beide!
§ Bv: stress, slaapproblemen, verslaving, rouw…
Gezondheidsproblemen
• Kunnen ontstaan door leeftijd/gedrag, omgeving, aangeboren…
§ Bv: roken, overgewicht, ongezonde voeding, covid, drugs…
2
,Chronische ziekten
• Ziekte die continue of repetitieve behandeling van minstens 6 maanden noodzaakt
• Langdurge ziekten die niet spontaan verdwijnen of zelden volledig genezen
§ Bv: hart-en vaatziekten, kanker, diabetes, psychische aandoening…
HFDST 2: WAT IS GEZONDHEID?
Hippocrates
• Introduceerde theorie vd 4 humores: gele gal, slijm, bloed en zwarte gal
• Verstoord evenwicht tussen deze lichaamsvloeistoffen leidde tot ziekte
• Elke humor werd gekoppeld aan seizoen en bepaald temperament
o Gele gal (zomer, warm-droog) à opvliegend
o Zwarte gal (herfst, koud-droog) à droefgeestig
o Bloed (voorjaar, nat-warm) à optimistisch
o Slijm (winter, koud-nat) à kalm
• Genezing bestond uit methoden zoals aderlaten, vasten en dieetwijzigingen
Galenus
• Bouwde voort op Hippocrates’ ideeën + stelde dat ziekten lichamelijke basis hadden
• Geloofden dat temperamenten bijdroegen aan ziektes
o Zoals verhoogd risico op borstkanker bij melancholieke vrouwen + veel zwart gal
• Theorieën domineerden medische wetenschap tot 18de E, toen cellulaire pathologie
opkwam
Biomedisch ziektemodel (Flexner – 1910)
Het dualisme leidde uiteindelijk tot mechanistisch perspectief: lichaam werd gezien als machine die
begrepen kon worden door de studie van moleculaire, biologische en biochemische processen. Dit
leidde tot de ontwikkeling vh biomedische ziektemodel, waarin diagnose en behandeling steeds
technischer werden en gebaseerd waren op lichamelijke bewijzen.
“Je bent gezond de moment dat er geen ziekte aanwezig is”
• Afwezigheid van ziekte = diagnose-receptmodel
• Ziekte heeft geen specifieke oorzaak die via medische interventies kan worden genezen
• Symptoomgerichte aanpak: door oorzaak te verdwijnen, verdwijnen symptomen + herstel
• De definitie zou dus eigenlijk zeggen…
o Iemand die kanker heeft kan niet gezond zijn
o Iemand die dagelijks naar de mac gaat, maar geen klachten heeft is nog altijd gezond
§ Psychische ziekten worden hier niet in meegenomen!
§ Psychische ziekte werd in die tijd eigenlijk als iets medisch gezien
§ Patiënt had geen verantwoordlijkheid, je kan weinig doen om het te voorkomen
§ Reductionisme = het is er of het is er niet = minimaliseren
• Psychologische en sociale factoren worden genegeerd
• Bv: tegen iemand zeggen met een depressie: “je bent gewoon sip”
Voordelen:
Het was een basis voor veel succesvolle behandelingen, zoals vaccinatieprogramma’s tegen
infectieziekten, diagnose en concrete behandelmethoden
3
, Nadelen:
• Negeert geestelijke en sociale aspecten van gezondheid
• Geen verklaring voor fenomeen zoals fantoompijn of het placebo-effect
• Dualisùe (scheiding tussen lichaam en geest) wordt als te simplistisch beschouwd
Definitie World Health Organisation
“Gezondheid is een toestand van volledig lichamelijk, geestelijk en maatschappelijk welzijn en niet
slechts de afwezigheid van ziekte of andere lichamelijke gebrekken”
• Definitie is niet compleet
• Je kan jezelf bv niet optimaal gezond voelen op geestelijk vlak, maar daarmee ben je niet
ongezond
Bio-psycho-sociaal ziektemodel (Engel – 1977)
• Gezondheid is meer dan alleen puur welzijn, maar goed functioneren op 3 vlakken
o Biologisch, psychisch en sociaal
• Ziekte & symptomen worden verklaard door combo van lichamelijk, sociale, culturele en
psychologische factoren
• Of iemand zich ziek voelt wordt mede bepaald door sociale & culturele factoren
• Behandeling wordt afgestemd op persoon en besproken met zowel hulpverlener als de patiënt
Voordelen:
• Holistische benadering: meer aandacht voor het individu en diens unieke ervaring met ziekte
• Gebruikt disciplines zoals fysiotherapie om behandelingen te personaliseren
Kritiek:
• Complex: moeilijk te bepalen hoe zwaar elk aspect (bio, psycho, socio) weegt
• Tijdrovend: in praktijk is er vaak onvoldoende tijd voor uitgebreide BPS-beoodeling
Toepassing in gezondheidszorg:
• Multidisciplinaire aanpak: samenwerking tussen artsne, psychologen, etc.
• Maatwerk: behandelplannen worden afgestemd op zowel fysieke en psychosociale behoeften vd
patiënt
Vernieuwd concept van gezondheid (1986)
“Gezondheid als het vermogen je aan te passen en je eigen regie te voeren, in het licht vd sociale, fysieke
en emotionele uitdegingen vh leven.”
• Je kan perfect ziek zijn, zolang dat jij het gevoel hebt een “eigen regie” te hebben of je aan te
passen, dan ben je gezond – je hebt je eigen leven in handen
Nieuwte, breed & dynamisch concept: “positieve gezondheid” (Huber, 2011)
Volgens Huber laat onderzoek zien dat als je een grote groep mensen vraagt wat gezondheid betekent, je
veel verschillende antwoorden krijgt. Om deze antwoorden te ordenen, gebruikte hij factoranalyse.
4
HFDST 1: INTRODUCTIE VAN DE CONCEPTEN
Bio-psycho-sociaal model
• Ze kijken naar alle 3 factoren te samen om iets te gaan verklaren
• Het biedt handvaten om iets te gaan veranderen
• Het kunnen zowel positieve als negatieve factoren bevatten
1.1. CLASSIFICATIESYSTEMEN
ICF
• International Classification of Functioning, Disability and Health
• Vertrekt vanuit je functies: wat kun je? Wat doe je? Kun je mee met de maatschappij
• Wordt vooral in medische wereld gebruikt
DSM-5
• Diagnostic and Statistical Manual of Mental Disorders (fifth edition)
• Verzameling van alle psychische stoornissen
• Als PC geen diagnose stellen, maar wel problemen herkennen
Psychodiagnostische cyclus – diagnostisch proces
• Stappenplan dat men gaat volgen als een cliënt bij ons komt…
1. Aanmelding – wat kunnen we doen?
2. Inventariseren klachten – heeft de persoon ergens last van?
3. Hulpvragen vaststellen – wat wil de cliënt van mij?
4. Probleemdefiniëring – wat is er aan de hand?
5. Verklaring zoeken – waarom is dit aan de hand?
6. Advies bedenken – hoe kan dit worden aangepakt?
7. Adviesgesprek – kan de persoon een keuze maken?
1
,Deze stappen verlopen niet altijd lineair, psychologen schakelen vaak terug als nieuwe inzichten
ontstaan
Alternatieve diagnostische modellen
• Handelingsgerichte diagnostiek: gebruikt 5 fasen en stelt eerder strategie op
• Diagnostisch scenario: bepaalt welke vragen eerst beantwoord moeten worden
• Counseling: richt zich op gezonde individuen met stressproblemen en omvat beperkte
diagnostiek
Belangrijke begrippen
• Interventie = bewuste actie ve professional om een verandering teweeg te brengen
• Behandeling = verzameling interventies om specifieke behandeldoelen te behalen
1.2. HULPVRAAG
Hulpvraag
• Professionele vertaling vd klachten vd cliënt
• De klachten moeten een verklaring krijgen naar doelen
Onderkennende hulpvraag
• Onze cliënt vraagt aan ons wat er mis is en wat er aan de hand gaat
• Bv: ik ben continu moe, waarom?
Verklarende hulpvraag
• Gevolg vd onderkennende hulpvraag – waarom is dit
• Bv: hoe komt het dat ik niet goed slaap?
Indicerende hulpvraag
• Kunnen we dat problemen oplossen op niet
1.3. BELANGRIJKE CONCEPTEN
Psychosociale problemen
• Psychische problemen: gevoelens en gedachten
• Sociale problemen: anderen, instanties…
o Combinatie van beide!
§ Bv: stress, slaapproblemen, verslaving, rouw…
Gezondheidsproblemen
• Kunnen ontstaan door leeftijd/gedrag, omgeving, aangeboren…
§ Bv: roken, overgewicht, ongezonde voeding, covid, drugs…
2
,Chronische ziekten
• Ziekte die continue of repetitieve behandeling van minstens 6 maanden noodzaakt
• Langdurge ziekten die niet spontaan verdwijnen of zelden volledig genezen
§ Bv: hart-en vaatziekten, kanker, diabetes, psychische aandoening…
HFDST 2: WAT IS GEZONDHEID?
Hippocrates
• Introduceerde theorie vd 4 humores: gele gal, slijm, bloed en zwarte gal
• Verstoord evenwicht tussen deze lichaamsvloeistoffen leidde tot ziekte
• Elke humor werd gekoppeld aan seizoen en bepaald temperament
o Gele gal (zomer, warm-droog) à opvliegend
o Zwarte gal (herfst, koud-droog) à droefgeestig
o Bloed (voorjaar, nat-warm) à optimistisch
o Slijm (winter, koud-nat) à kalm
• Genezing bestond uit methoden zoals aderlaten, vasten en dieetwijzigingen
Galenus
• Bouwde voort op Hippocrates’ ideeën + stelde dat ziekten lichamelijke basis hadden
• Geloofden dat temperamenten bijdroegen aan ziektes
o Zoals verhoogd risico op borstkanker bij melancholieke vrouwen + veel zwart gal
• Theorieën domineerden medische wetenschap tot 18de E, toen cellulaire pathologie
opkwam
Biomedisch ziektemodel (Flexner – 1910)
Het dualisme leidde uiteindelijk tot mechanistisch perspectief: lichaam werd gezien als machine die
begrepen kon worden door de studie van moleculaire, biologische en biochemische processen. Dit
leidde tot de ontwikkeling vh biomedische ziektemodel, waarin diagnose en behandeling steeds
technischer werden en gebaseerd waren op lichamelijke bewijzen.
“Je bent gezond de moment dat er geen ziekte aanwezig is”
• Afwezigheid van ziekte = diagnose-receptmodel
• Ziekte heeft geen specifieke oorzaak die via medische interventies kan worden genezen
• Symptoomgerichte aanpak: door oorzaak te verdwijnen, verdwijnen symptomen + herstel
• De definitie zou dus eigenlijk zeggen…
o Iemand die kanker heeft kan niet gezond zijn
o Iemand die dagelijks naar de mac gaat, maar geen klachten heeft is nog altijd gezond
§ Psychische ziekten worden hier niet in meegenomen!
§ Psychische ziekte werd in die tijd eigenlijk als iets medisch gezien
§ Patiënt had geen verantwoordlijkheid, je kan weinig doen om het te voorkomen
§ Reductionisme = het is er of het is er niet = minimaliseren
• Psychologische en sociale factoren worden genegeerd
• Bv: tegen iemand zeggen met een depressie: “je bent gewoon sip”
Voordelen:
Het was een basis voor veel succesvolle behandelingen, zoals vaccinatieprogramma’s tegen
infectieziekten, diagnose en concrete behandelmethoden
3
, Nadelen:
• Negeert geestelijke en sociale aspecten van gezondheid
• Geen verklaring voor fenomeen zoals fantoompijn of het placebo-effect
• Dualisùe (scheiding tussen lichaam en geest) wordt als te simplistisch beschouwd
Definitie World Health Organisation
“Gezondheid is een toestand van volledig lichamelijk, geestelijk en maatschappelijk welzijn en niet
slechts de afwezigheid van ziekte of andere lichamelijke gebrekken”
• Definitie is niet compleet
• Je kan jezelf bv niet optimaal gezond voelen op geestelijk vlak, maar daarmee ben je niet
ongezond
Bio-psycho-sociaal ziektemodel (Engel – 1977)
• Gezondheid is meer dan alleen puur welzijn, maar goed functioneren op 3 vlakken
o Biologisch, psychisch en sociaal
• Ziekte & symptomen worden verklaard door combo van lichamelijk, sociale, culturele en
psychologische factoren
• Of iemand zich ziek voelt wordt mede bepaald door sociale & culturele factoren
• Behandeling wordt afgestemd op persoon en besproken met zowel hulpverlener als de patiënt
Voordelen:
• Holistische benadering: meer aandacht voor het individu en diens unieke ervaring met ziekte
• Gebruikt disciplines zoals fysiotherapie om behandelingen te personaliseren
Kritiek:
• Complex: moeilijk te bepalen hoe zwaar elk aspect (bio, psycho, socio) weegt
• Tijdrovend: in praktijk is er vaak onvoldoende tijd voor uitgebreide BPS-beoodeling
Toepassing in gezondheidszorg:
• Multidisciplinaire aanpak: samenwerking tussen artsne, psychologen, etc.
• Maatwerk: behandelplannen worden afgestemd op zowel fysieke en psychosociale behoeften vd
patiënt
Vernieuwd concept van gezondheid (1986)
“Gezondheid als het vermogen je aan te passen en je eigen regie te voeren, in het licht vd sociale, fysieke
en emotionele uitdegingen vh leven.”
• Je kan perfect ziek zijn, zolang dat jij het gevoel hebt een “eigen regie” te hebben of je aan te
passen, dan ben je gezond – je hebt je eigen leven in handen
Nieuwte, breed & dynamisch concept: “positieve gezondheid” (Huber, 2011)
Volgens Huber laat onderzoek zien dat als je een grote groep mensen vraagt wat gezondheid betekent, je
veel verschillende antwoorden krijgt. Om deze antwoorden te ordenen, gebruikte hij factoranalyse.
4