100% satisfaction guarantee Immediately available after payment Both online and in PDF No strings attached 4.6 TrustPilot
logo-home
Case

Blok 1 BMZ2021 alles

Rating
-
Sold
6
Pages
87
Uploaded on
01-09-2020
Written in
2019/2020

Blok zorg in context heel erg uitgebreid uitgewerkt. In dit bestand zijn alle 10 taken te vinden. Zelf tentamen gehaald met een 8.

Institution
Course











Whoops! We can’t load your doc right now. Try again or contact support.

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Uploaded on
September 1, 2020
Number of pages
87
Written in
2019/2020
Type
Case
Professor(s)
Unknown
Grade
Unknown

Subjects

Content preview

Blok 1 BZM2021

, Taak1 de zorgvrager centraal

Probleemstelling: Hoe kan de kwaliteit van leven bepaald worden voor mensen met dementie?


Leerdoelen:
1. Wat is dementie?
➔ Verschillende vormen dementie

Scheltens P. (2015). Diagnostiek en classificatie van dementie. In: RM Dröes et al (Eds.). Meer kwaliteit van
leven. Leusden: Diagnosis, pp 15-31.
Hoofdstuk 1

Dementie is een syndroom waar verschillende cognitieve domeinen (kennis/kenvermogen) zijn
aangedaan en er een impact is op het dagelijkse leven. De persoon kan niet meer zelfstandig
functioneren als gevolg van een hersenziekte. Verzamelnaam voor een tal van aandoeningen,
Alzheimer komt hierbij het meeste voor. Prevalentie NL 250.000 en incidentie jaarlijks 25.000

Diagnose
Dementie wordt vastgesteld wanneer er cognitieve of gedragsmatige (neuropsychiatrische)
symptomen bestaan die:
1. Interfereren met het beroepsmatige of dagelijkse functioneren
2. Een achteruitgang zijn ten opzichte van een voorgaand niveau van functioneren
3. Niet verklaard worden door een delier of psychiatrische aandoening in engere zin
4. Cognitieve stoornissen worden vastgesteld met een combinatie van: anamnese bij de patiënt en
een betrouwbare informant met objectieve tests van de mentale status, hetzij met behulp van
‘bedside tests’, hetzij met behulp van neuropsychologisch onderzoek
5. De cognitieve- of gedragsstoornis betreft minimaal twee van de volgende domeinen:
- Het geheugen
- De uitvoerende functies
- De visuospatiële functies (verwerken van ruimtelijke informatie)
- De taalfuncties
- Persoonlijkheid en gedrag

Oorzaken
Voor 70% van dementie veroorzaakt door de ziekte van Alzheimer. Resterende 30% vasculaire
dementie, dementie met lewylichaampjes, FTD en dementie door de ziekte van Parkinson. De
oorzaak is onbekend, behalve bij vasculaire dementie – hersenschade ten gevolge van een gestoorde
hersendoorbloeding. De andere vormen hebben als overeenkomst dat er stapeling (aggregratie)
optreedt van een abnormaal gevormd eiwit dat zich in de loop der jaren verspreidt door het brein en
zorgt voor schade aan neuronen. De amyloïd- en taupathologie die kenmerkend zijn voor de ziekte
van alzheimer, kunnen zich bevinden in de mediaantemporale regio’s, hetgeen aanleiding zal zijn tot
geheugenklachten- en stoornissen.

Soorten dementie
De ziekte van Alzheimer: problemen met het opslaan van nieuwe informatie, afspraken worden
vergeten, voorwerpen worden op rare plekken neergelegd. Patiënten herkennen items vaak niet
meer. Alzheimerpatiënten hebben verschillende stoornissen.

,1. Taalstoornis: onjuist benoemen van woorden, woorden verwisselen (parafasieën), foute
zinsopbouw (agrammatisme), dwangmatig herhalen van woorden of zinnen van anderen (echolalie),
dwangmatig herhalen van eigen woorden of zinnen (palilalie).
2. Stoornissen in praktische vaardigheden: apraxie – onvermogen om op corticaal niveau
(hersenschors) gecoördineerde motorische handelingen uit te voeren bij het ontbreken van paresen.
Beeldvorming of uitvoeringspatronen van een handeling zijn aangetast of verdwenen.
3. Stoornissen in de visuele herkenning: agnosie – onvermogen om op corticaal niveau sensorische
stimuli te herkennen bij het ontbreken van primair zintuigelijke stoornissen. Chloor wordt
bijvoorbeeld voor melk aangezien.
4. Executieve functiestoornissen: stoornissen in de uitvoering, verlies van overzicht,
planningsvaardigheden.
5. Neuropsychiatrische verschijnselen: hallucinaties, waandenkbeelden.

Diagnose: patiënt moet voldoen aan de eisen voor dementie en aan de volgende voorwaarden:
1. Geleidelijk ontstaan en progressie
2. Presentatie met geheugenstoornissen of non-amnestische verschijnselen
3. Niet optredend tijdens delier of verklaarbaar door een andere ziekte

Behandeling: Tot op heden is er weinig veranderd in de specifieke behandeling van de ziekte van
Alzheimer. Er zijn drie cholinesteraseremmers beschikbaar:
Cholinesteraseremmers, memantine en Souvenaid.

Frontotemporale dementie: pathologisch heterogene groep van
aandoeningen, gemeenschappelijk kenmerk de focale frontale en/of
temporale degeneratie. Er kunnen drie prototypische neurologische
gedragssyndromen worden onderscheiden:
1. Behavioural variant FTD: geleidelijke ontstane gedrags- en
persoonlijkheidsverandering, stoornissen in de uitvoerende functies,
met pas later geheugenstoornissen. Visuospatiële functies blijven tot
een laat stadium intact. Gedragssymptomen in het begin vooral op
de voorgrond; ontremd gedrag, stereotiep-dwangmatig gedrag,
apathiesyndroom.
2. Progressieve niet-vloeiende afasie PA: moeizame, niet-vloeiende
spraak met grammaticale en fonologische fouten. Patiënt is zich
bewust van de taalstoornis. Volgens de definitie hier dan geen
sprake van dementie. Kan zich na een aantal jaren wel ontwikkelen
tot FTD.
3. Semantische dementie SD: syndroom waarbij geleidelijke degradatie
van het semantische geheugen optreedt: verlies van betekenis van
woorden treedt op. Later stadium ook gedragsstoornissen.
Behandeling: nog geen goede behandeling. FTD-patiënten hebben
meer gedragsstoornissen en leggen een grotere claim op
mantelzorgers dan Alzheimerpatiënten. Cholinesteraseremmers
hebben bij deze groep vaak een tegengestelde werking.

Helaas is er voor geen van deze ziekten een adequate behandeling
beschikbaar. Het is te verwachten dat voor een van deze aandoeningen een

, therapie beschikbaar zal komen die gericht is op het onderliggende eiwit-pathologische substraat
(tau).

Dementie met Lewy-lichaampjes: progressieve cognitieve achteruitgang met stoornissen in
uitvoerende taken en uitgesproken visuospatiële stoornissen. Vroeg stadium voornamelijk
aandachtstoornissen – beperking is sociaal en beroepsmatig functioneren. Visuele hallucinaties
komen bij deze mensen vaker voor dan Alzheimerpatiënten. Motorische en cognitieve verschijnselen
kunnen tegelijkertijd optreden.
Symptomen: frequent vallen, tijdelijk bewustzijnsverlies.
Diagnose: minimaal twee van de volgende stoornissen:
1. Cognitieve stoornissen → Cognitieve functies worden ook wel ‘kennende functies’ genoemd.
Hiermee bedoelen we functies die te maken hebben met het verwerken van informatie en je
in staat stellen tot leren, intelligent gedrag. Bijvoorbeeld aandacht en concentratie,
oriëntatie, waarnemen, denken, inprenten, herinneren, plannen maken, problemen
oplossen, handelen, vaardigheden, het nemen van initiatieven en inzicht in de eigen situatie.
Een cognitieve stoornis is een stoornis in een of meer cognitieve functies. Dit kan problemen
opleveren met het geheugen, taal, gedrag en het oplossen van problemen.
2. Extrapiramidale symptomen → Letterlijk betekent extrapiramidaal systeem: alle hersendelen
buiten de piramidebaan. De piramidebaan is de route waarlangs vanuit de motorische
hersenschors opdracht wordt gegeven om spieren te activeren, zodat een geplande
beweging daadwerkelijk wordt uitgevoerd.
3. Visuele hallucinaties → dingen zien die er in werkelijkheid niet zijn.
Ondersteunende criteria: remslaapstoornis, sterk afwijkende EEG, afwijkende DAT-SPECT-scan.

Behandeling: cholinesteraseremmers – effectief tegen hallucinaties en cognitieve stoornissen.

Verhey F. (2015). Klachten en verschijnselen van dementie. In: RM Dröes et al (Eds.). Meer kwaliteit van leven.
Leusden: Diagnosis, pp 31-47.

1. Predementie: beginstadium (GDS 2-3): allereerste verschijnselen zijn vaak subtiel, zowel psychisch als
lichamelijk functioneren. Stadium van verhoogde kwetsbaarheid.
2. Lichte dementie: stadium van begeleiding (GDS 3-4): toenemende cognitieve stoornissen. Patiënten hebben
vaak besef van hun achteruitgang en worden angstig en onzeker.
3. Matige ernstige dementie: stadium van verzorging (GDS 5-6): verhoogde verzorgingsbehoefte. Zelfstandig
wonen wordt steeds gevaarlijker.
4. Ernstige tot zeer ernstige dementie: stadium van verpleging (GDS 6-7): basisfuncties zoals aankleden, eten,
naar het toilet, steeds moelijker: verpleegbehoeftigheid. Herkennen hun omgeving niet meer. GDS: de schaal
voor het meten in een uitgebreidere vorm.

GDS (Global Detoriation Scale): de schaal voor het meten in een uitgebreidere vorm.

Normale vergeetachtigheid: Bij normale ouderdomsvergeetachtgheid treedt geen verstoring op van gewone
dagelijkse activiteiten: vaak worden details vergeten terwijl bij de dementie de gehele gebeurtenis wordt
vergeten.

Get to know the seller

Seller avatar
Reputation scores are based on the amount of documents a seller has sold for a fee and the reviews they have received for those documents. There are three levels: Bronze, Silver and Gold. The better the reputation, the more your can rely on the quality of the sellers work.
sannegerads Maastricht University
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
78
Member since
6 year
Number of followers
51
Documents
21
Last sold
2 months ago

3.5

2 reviews

5
0
4
1
3
1
2
0
1
0

Recently viewed by you

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Frequently asked questions