100% satisfaction guarantee Immediately available after payment Both online and in PDF No strings attached 4.6 TrustPilot
logo-home
Summary

samenvatting inleiding verbintenissenrecht (ALLE TENTAMENSTOF)

Rating
-
Sold
-
Pages
32
Uploaded on
31-03-2025
Written in
2024/2025

samenvatting inleding verbintenissenrecht (ALLE TENTAMENSTOF).

Institution
Course











Whoops! We can’t load your doc right now. Try again or contact support.

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Uploaded on
March 31, 2025
Number of pages
32
Written in
2024/2025
Type
Summary

Subjects

Content preview

Vrije Universiteit Amsterdam - 2023/2024




INLEIDING VERBINTENISSENRECHT
samenvatting: inclusief kennisclips, werkgroepaantekeningen, voorbereidingsopdrachten, hoorcollege & arresten




Week 1
Privaatrecht bestaat uit personenrecht & vermogensrecht.
-​ Vermogensrecht bestaat uit goederen- en verbintenissenrecht.
→ Goederenrecht : regels die betrekking hebben op de rechtsverhouding tussen personen &
goederen. ABSOLUTE WERKING
→ Verbintenissenrecht : regels die betrekking hebben op de rechtsverhouding tussen personen
onderling. RELATIEVE WERKING



Bronnen van verbintenissen
Overeenkomst (meerzijdige rechtshandeling)- art. 6:213 BW.

→ Een of meerdere partijen gaan een verbintenis aan.


→ Redelijkheid en billijkheid: art. 6:248 lid 2 jo. art. 3:12 BW


‘Echte’ verbintenissen uit de wet

●​ Onrechtmatige daad – art. 6:162 BW; de onrechtmatige daad fungeert als bron van een
verbintenis tot het betalen van schadevergoeding.
●​ Zaakwaarneming - art. 6:198 BW; handelen vanuit het belang van een ander , zonder hiervoor
bevoegd te zijn.
●​ Onverschuldigde betaling – art. 6:203 BW ; iemand betaald zonder dat er betaald moest
worden. Bij de persoon waar het bedrag naartoe is gestort, ontstaat een verplichting tot
terugbetaling.
●​ Ongerechtvaardigde verrijking – art. 6:212 BW


Tekortkoming in de nakoming van een (andere) verbintenis → Art. 6:74 BW

→ Het kan zijn dat iemand reeds schuldenaar van een verbintenis is en vervolgens tekortschiet in de
nakoming van die verbintenis. Dit kan zowel een verbintenis zijn die voortvloeit uit een overeenkomst als
uit een van de andere (bovengenoemde) bronnen van de verbintenis. Dit kan op zich weer een bron van
een verbintenis worden.


Wat is een rechtshandeling?
Van een rechtshandeling is sprake wanneer een persoon een handeling verricht met de bedoeling

,Vrije Universiteit Amsterdam - 2023/2024


daarmee een bepaald rechtsgevolg tot stand te brengen. Voorbeeld: abonnement opzeggen
→ vereisten van een rechtshandeling staan in art. 3:33 BW (wilsverklaring)

●​ De rechtshandeling is onderdeel van de meeromvattende categorie rechtsfeiten. → het
objectieve recht kent gevolgen tot aan een bepaald feit dat zich voordoet. (kindertaal: feit met
juridische gevolg)


Verschillende soorten rechtsfeiten:

●​ Bloot rechtsfeit: geen menselijk handelen ten grondslag. Er wordt niet gehandeld door een
persoon, maar het recht geeft er wel een rechtsgevolg aan. Voorbeeld: 18 jaar worden.
●​ Rechtens relevante handelingen (menselijk handelen):
1.​ Rechtshandeling: handelen van een persoon gericht op een rechtsgevolg, een beoogd
doel. Voorbeeld: iets kopen in de winkel.
2.​ Niet-rechtshandeling: handelen van een persoon, maar juridische gevolgen niet
beoogd. Voorbeeld: onrechtmatige daad – art. 6:162 BW.


Verschillende typen rechtshandelingen:

1.​ Eenzijdige rechtshandeling: kan door 1 persoon tot stand gebracht worden, zonder dat daar
samenwerking voor nodig is met andere partijen.
a.​ eenzijdig gerichte rechtshandeling: naar één of meerdere personen gericht.
Voorbeeld: opzeggen van een abonnement.
b.​ ongerichte eenzijdige rechtshandeling: niet tot 1 of meer personen gericht of bereikt.
Voorbeeld: opstellen testament.

c.​
2.​ Meerzijdige rechtshandeling:
a.​ Verbintenis-scheppende overeenkomst
-​ meerzijdig of wederkerig : voor beide partijen vloeit er een verbintenis.
Voorbeeld: koopovereenkomst, omdat zowel de koper als de verkoper iets
moeten nakomen.
-​ eenzijdige overeenkomst: hier vloeit maar voor 1 partij een verbintenis uit voort.
Voorbeeld: schenking.
b.​ Geen overeenkomst
c.​ → Voorbeeld: oprichten BV

,Vrije Universiteit Amsterdam - 2023/2024



Algemene vereisten voor totstandkoming van een geldige rechtshandeling
Vereisten voor een geldige eenzijdige rechtshandeling
Art. 3:33 BW
1.​ wil van een persoon die op een rechtsgevolg gericht is
2.​ die zich door een verklaring heeft geopenbaard
→ art. 3:37 lid 1 BW: verklaring kan in iedere vorm geschieden, tenzij anders is bepaald.

●​ Wil en verklaring moeten met elkaar overeenstemmen


Art. 3:37 lid 3 BW: eenzijdig gerichte rechtshandelingen

●​ Het is nodig voor de verklaring om haar werking te hebben, dat ze die persoon heeft bereikt.
●​ Met bereiken bedoelt de wetgever: ‘ontvangen’ en daar kennis van zou kunnen nemen. Hij hoeft
er dus niet daadwerkelijk kennis van genomen te hebben. LET OP! risico-correcties in lid 3.


Art. 3:37 lid 5 BW

●​ Intrekking verklaring: eerder dan of gelijktijdig met het bereiken van de verklaring.


Vereisten voor een geldige meerzijdige rechtshandeling
Art. 6:217 lid 1 BW

●​ Een overeenkomst komt tot stand door een aanbod (art. 3:33 BW) en de aanvaarding
daarvan.


Aanbod en aanvaarding: we hebben een aanbod en aanvaarding nodig dat voldoet aan de vereisten
van art. 3:33 BW. Het zijn op zich eenzijdige rechtshandelingen, maar bij elkaar een meerzijdige; de
overeenkomst.

●​ Er moet sprake zijn van wilsovereenstemming tussen partijen, hetgeen dat zal blijken uit de met
elkaar overeenstemmende verklaringen van partijen.


Aanvullende vereisten voor een geldig aanbod (moet ten eerste voldoen aan de algemene vereisten
die gelden voor rechtshandelingen)

1.​ Aanbod met het oog op een juridisch niet-bindende afspraak.
2.​ Aanbod bevat niet de voornaamste elementen van de inhoud van een eventueel te sluiten
overeenkomst (precontractuele handelingen)
3.​ Niet alle advertenties die we zien zijn een aanbod → glijdende schaal.
-​ Aanbod van soortzaken door een onderneming
-​ Aanbod van een specifieke zaak (of andere prestatie) door een particulier.
●​ Hierover is een uitspraak gedaan in het arrest HR Hofland/Hennis. HR oordeelt dat een
aanbod (advertentie) in beginsel een uitnodiging is om in onderhandelingen te treden. Het hof

, Vrije Universiteit Amsterdam - 2023/2024


paste art. 6:219 lid 2 BW toe.


Hoe kan een aanbod vervallen?

1.​ Door tijdsverloop: art. 6:221 lid 1 BW
-​ een mondeling aanbod vervalt wanneer het niet onmiddellijk wordt aanvaard.
-​ een schriftelijk aanbod vervalt wanneer het niet binnen een redelijke termijn wordt
aanvaard.
-​ Het aanbod bevat een termijn voor aanvaarding, waarbij als het termijn verstreken is
het aanbod dus vervalt – art. 6:219 lid 1 BW
2.​ Door verwerping – art. 6:221 lid 2 BW.
-​ Met inbegrip van een afwijkende aanvaarding – art. 6:225 lid 1 BW.
3.​ Door herroeping – art. 6:219 BW.



Art. 3:33 BW : wil en verklaring moeten met elkaar overeenstemmen. Wat
nou als dit niet zo?
-​ Partij A kan zich in beginsel beroepen op de ongeldigheid van de rechtshandeling. Maar het is
mogelijk dat de tegenpartij (B) ter goeder trouw was toen zij ervan uitging dat partij A
verklaarde overeenkomstig diens wil. Partij B kan bescherming krijgen op grond van art. 3:35
BW j.o art. 3:11 BW → Hierin staat ook de onderzoeksplicht.
Wanneer kan er sprake zijn van de onderzoeksplicht?

Hiervoor kijken we naar een aantal gezichtspunten uit het arrest: HR westhoff/ Spronsen.
-​ Sprake van een onverwachte wilsverklaring
-​ Degene die de wilsverklaring af heeft gelegd beheerst de taal onvoldoende
-​ Sprake van een rechtshandeling om baat of om niet, tegenprestatie?
-​ Hoe nadelig is de rechtshandeling voor degene die de wilsverklaring heeft afgelegd, hoe groter
het nadeel, hoe groter de aanleiding voor onderzoeksplicht.


Partij A verklaring afgelegd die niet overeenkomt met zijn wil door geestelijke stoornis ( art. 3:34 BW) ?
art. 3:34 lid 1 BW Een met de verklaring overeenstemmende wil wordt geacht te ontbreken indien:

1.​ Er is sprake van een geestelijke stoornis, en
2.​ Er is verband tussen die stoornis en de verklaring. Het verband kan op twee manieren gelegd
worden.


Art. 3:34 lid 2 BW: een zodanig ontbreken van wil maakt een rechtshandeling vernietigbaar.
→ Zolang geen beroep op de vernietigbaarheid van de rechtshandeling wordt gedaan, blijft de
handeling gewoon geldig.
→ Wat als iemand te goeder trouw was? Dan is het nog steeds mogelijk om bescherming te ontlenen
aan art. 3:35 jo 3:11 BW.
$13.42
Get access to the full document:

100% satisfaction guarantee
Immediately available after payment
Both online and in PDF
No strings attached

Get to know the seller
Seller avatar
khushipand

Get to know the seller

Seller avatar
khushipand
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
0
Member since
5 year
Number of followers
0
Documents
1
Last sold
-

0.0

0 reviews

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recently viewed by you

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Frequently asked questions