100% satisfaction guarantee Immediately available after payment Both online and in PDF No strings attached 4.6 TrustPilot
logo-home
Summary

SAMENVATTING PATHOLOGIE

Rating
-
Sold
-
Pages
33
Uploaded on
29-03-2025
Written in
2024/2025

een uitgebreide samenvatting van 32 bladzijdes, omschrijft verschillende soorten aandoeningen en ziektes de pathologie, etologie, symptomatologie, diagnostiek en therapie beschrijven. met duidelijke uitleg en extra uitleg door het visueel te maken. met elk onderwerp doelen om te zien wat er allemaal wordt uitgelegd.

Show more Read less
Institution
Course

















Whoops! We can’t load your doc right now. Try again or contact support.

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Uploaded on
March 29, 2025
File latest updated on
March 29, 2025
Number of pages
33
Written in
2024/2025
Type
Summary

Subjects

Content preview

Pathologie deel 2

Onderwerpen:
Geriatrie & dementie Week 1
Zenuwen/hersenen Week 2
CVA Week 3
Parkinson/ COPD Week 4
Diabetes Week 5
Reuma, artrose & jicht Week 6
Euthanasie, einde van het leven Week 7

Week 1: Geriatrie en dementie
Doelen:
- beschrijven welke effecten deze vergrijzing van de bevolking zal hebben
- benoemen welke ouderdom gerelateerde aandoeningen meer frequent zullen
voorkomen in de toekomst
- noemen welke vormen van dementie er bestaan
- van de diverse vormen van dementie de etiologie, symptomatologie,
diagnostiek en therapie beschrijven.

Geriatrie: een officieel medisch specialisme die zich bezighoudt met de zorg voor
ouderen

Somatische: de lichamelijke aandoening van ouderen zoals; hartfalen, COPD

Psychogeriatrie: de psychische en cognitieve aandoeningen zoals; dementie

Bevolkingssamenstelling veranderd door meer ouderen en de bevolking wordt ouder
Gevolgen van vergrijzing:
- andere bevolking samenstelling
- toename van chronische ziekten
- vraag naar zorg zal toenemen
- toename van dementie
- meer ouderen in het ziekenhuis
- zorgkosten zullen toe nemen in vooral de intramurale en thuiszorg zal
toenemen

Fysiologische veranderingen
- organen gaan minder goed functioneren
- ademhaling capaciteit verminderd

Ouderdom gerelateerde aandoening die meer voorkomen in de toekomst zijn
- slechthorendheid
- Astma, COPD
- Diabetes mellitus
- Hartfalen, coronaire hartziekten
- Kanker,
- Reuma, beroerte, depressie, kanker
- Visusstoornissen

Algemene orgaanveranderingen:
- Atrofie: het dunner worden van weefsel
Huid: wordt dunner minder zweet/talg klieren
1

, - Spieren worden dunner
- Botten worden brosser
- Hersenen worden kleiner

Lipofuchsine:
- Bruine pigmentkorrel
- Ontstaat door reactieproduct zuurstof

Tussenstofverandering
- Toename dwarsverbindingen tussen collagene en vezels
- Vochtgehalte neemt af

Slapen en waak stoornissen
- Degeneratie (functieverlies) van nucleus suprachiasmaticus (wordt gezien als
onze biologische klok in de hersenen) Hierdoor ontstaat fragmentatie van
dag/nacht ritme.
- Slaapapneu en reflux veel bij ouderen
- Slaapmiddelen wordt gebruikt/misbruik

Wanneer ben je een geriatrische patiënt:
- Verminderd bij homeostase: het vermogen van het lichaam om interne in
evenwicht te behouden, minder goed functioneer. Denk aan constant houden:
lichaamstemperatuur, bloeddruk en bloedsuikerspiegel
Bij ouderen neemt het aanpassingsvermogen van het lichaam af. Bijvoorbeeld
minder zweten bij hitte of minder goed reageren op kou.
- Snelle acteruitgang: ‘cascade breakdown’
- Vele complicaties
- Vertraagd herstel
- Multi pathologie: Verschillende ziektes tegelijk
- Leeftijd specifieke ziektes

Dementie: is een syndroom waarbij zich een verworven, zeer geleidelijk en
progressief verval voordoet van het geheel der mentale functies bij een persoon die
voorheen normaal functioneerde, met belangrijk een sociale en professionele
weerslag.

Dementie wordt door DSM-5 gediagnostiseerd. Het is een classificatiesysteem. Het
helpt neurocognitieve stoornissen (zoals dementie) te herkennen.
Ze kijken naar de achteruitgang van cognitieve functie zoals:
- Taal
- Geheugen/intelligentie
- Denken
- Oriëntatie
- Aandacht
Hierdoor kunnen ze een diagnose stellen

Verschijnselen:
- Het geheugen: Eerst het kortetermijngeheugen, vervolgens lange termijn
geheugen
- Ruimtelijk inzicht: Desoriëntatie tijd, plaats en persoon. Weet niet meer waar
die is en in paniek raakt
- Oordeelvermogen: Oordeelstoornis en kritiekstoornis
- Ziekte besef en inzicht
- Taal: dysfasie, afasie
2

, - Handelen: apraxie moeilijk handelen, dyspraxie niet meer te handelen
- Zintuigen
- Gedrag
- Stemming

Onderzoek:
Huisarts, geheugenpolikliniek & MMSE

MMSE: Een vragenlijst van 20 min waarbij je max 30 punten kan scoren
Eerste vragen op oriëntatie en vervolgens op geheugen, inprenting,
kortetermijngeheugen, praxis en ruimtelijk inzicht

Uitslag kan gecoördineerd worden aan het verloop en het stadium waar iemand in zit
Voorbeeld




Verticaal: aantal punten
Horizontaal: stadium

Alzheimer
Oorzaak is onbekend
Er is een ophoping van zetmeel (amyloïde) en probleem met het tau-porteine (taal-
eiwit)
Vroege Vrom: begin 40 – 60
Late vorm: meest voorkomend vanaf 75 jaar

DSM-5: het is een sluipend begin en geleidelijk progressie van beperkingen in de
cognitieve domeinen.
- Duidelijke achteruitgang van geheugen en leeromgeving
- Gestaag progressieve. Geleidijk achteruitgang in cognitief functioneren
- Geen aanwijzingen naar andere oorzaak

Wordt onderverdeel in 3 stadiums
Eerste stadium: geheugenstoornis
- Emotioneel labiliteit
- Interesse verlies
- Geheugenklachten
- Grootte kwetsbaarheid

Tweede stadium: gedragsproblemen
- Boos & achterdochtig worden
- Taalproblemen
- Vaak paniekstoornissen
- Façade gedrag: ‘met mij niks aan de hand is wat met jou”

3

,Derde stadium: lichamelijk achteruitgang
- Incontinentie
- ADL verminderen
- Gedrag problemen

Vasculaire dementie
Meest voorkomend
Stapsgewijs verslechtering

DSM-5
- Wordt voldaan aan de criteria voor ene uitgebreide of beperkt NCS
- Klinische kenmerken zijn




1 beging bij neurocognetieve deficiënties hangt temporeel samen
- Zijn aanwijzingen vanuit anamnese lichamelijk onderzoek en/of beeldvormend
hersenonderzoek.




4

,Week 2: zenuwstelsel

na bestudering van dit onderdeel kan de student van de onderstaande onderdelen de
bouw, ligging en functie beschrijven:
- cerebrum, cortex, functiegebieden, basale ganglia, ventrikelsysteem en
liquorcirculatie, diencefalon, truncus cerebri, cerebellum, hersenzenuwen,
vaatvoorziening, ruggenmerg, reflexen.

Informatie:
Sensorische neuronen
Inter neuronen
Motorische neuron

Zenuwstelsel is verantwoordelijk voor de communicatie van het lichaam
Zenuwcellen: neuronen geven de signalen door
Aan de neuronen zitten dendriet: ontvangende deel
de axon: doorgeef signaal, met daarom heen de myeline (vet laag).
Wordt contact gemaakt met andere zenuwcellen.

Met andere vertakking komt bij andere zenuwcellen. Door een boodschap stof
(neurotransmitter) wordt het signaal doorgegeven.

Grote hersenen: cerebrum
Twee hersenhelften: linker en rechterhemisfeer elke hemisfeer is opgebouwd in
kwabben.
Herenen worden ingedeeld in vier kwabben
Het heeft bobbels/ (gyrus/gyri) en dalen/groeven (sulcus/sulci) (soms hele diepen
dalen Central en Lateral)




5

, 1.




1. Frontaalkwab:
- Gyrus praecentralis (motorisch schors) winding voor de centrale groef. Bewust
motoriek
- Gebied van Broca (spraak) motoriek
- Persoonlijkheid en karakter, hoe je je gedraagt.

2. Pariëtaal kwab:
- gyrus postcentralis: (somatische schors) winding achter de centrale groef
bewust voelen

3. Temporaalkwab:
- ruik smaak en gehoor
- Centrum van Wernicke (taal) soma sensorische

4. Occipitaal kwab:
- beelden visuele cortex

5. Centralis sculus: centrale groeve, tussen frontaal en parietaalkwab
6. Cetnralis lateralis: laterale groeve, tussen temporaalkwab en frontaal/pariëtaal
kwab
7. fissura longitudinalis: diepe groeve tussen beide hersenhelften

De homunculus is een schematische weergave van het
menselijk lichaam op de hersenschors.

- Motorische homunculus

Toont welke delen van de hersenschors
verantwoordelijk zijn voor het aansturen van
verschillende lichaamsdelen.§

Lichaamsdelen die fijne motoriek vereisen (zoals
handen, gezicht, tong) nemen relatief veel ruimte in op
de motorische schors.

- Sensibele homunculus
Geeft weer welk deel van de hersenschors verantwoordelijk is voor de waarneming
van prikkels uit verschillende lichaamsdelen. Lichaamsdelen met veel tastzin (zoals
lippen, vingers) zijn hier groter weergegeven.
6

,vezelbanen

Alles wordt met elkaar verbonden worden hier zijn
special vezels voor
- associatie vezels: verbindt binnen in de signalen
(voetbal, hoor je en geeft een associatie eraan)
- commissuur vezels: De ene hersenhelft met
ander hersenhelft
- projectie vezels: De hersenen met anderen
delen van het zenuwstelsel verbinden




7

,Hersenvliezen ventrikels en liquor

Om te voorkomen dat de hersenen beschadigen hebben we hersenvliezen deze
zorgen voor schok absorptie en veiligheidsriemen
3 Soorten hersenvliezen (meningen) die lopen tussen het schedel en hersenen

1. Duramater: harde hersenvlies
- zit vast aan de schedel,
- paar plekken gaan ze uit elkaar
- bestaat uit 2 lagen die tegen
elkaar aangeplakt zijn:
- Folx cerebri: plooi tussen twee
hersenhelften (hemisferen)
- Tentorium cerebellair: plooi
tussen de kleine en grote
hersenen

2. Arachnoïdea mater: ook wel
spinnenwebachtige vezels
trabeculair
Daartussen suparachnoïdea
(onder) dit is gevuld met liquor

3. Pia mater: zachte hersenvlies (binnenste laag) volgt de contouren van de
hersenen
Hier lopen bloedvaten doorheen, geeft voedingstoffen aan de hersenen.

De liquor (hersenvloeistof) wordt gemaakt in de ventrikels (hersenkamers)

1. zijventrikel: in de grote hersenen
2. Derde ventrikel: in tussen de thalamus en boven
hypothalamus
3. Waterkanaal: acaduct
4. Vierde ventrikel: tussen hersenen stam en kleine
hersenen
Hiervan uit naar de hersenen en ruggenmerg.

5. Wordt afgevoerd naar sinus sagittalus superior: (bloed
houdende ruimte) zit in de folx cerebri in

Met 1 doorgang: foramen inter ventriculaire naar de 3 de ventrikel.
Tussen de linker en rechter thalamus

Volgende gang: aquaductus cerebri naar 4 de ventrikel tussen kleine hersenen en
hersenstam.

In alle vier de ventrikel zitten bloedvaatjes (plexus choreoïdus) waaruit de liquor
gemaakt wordt.

Liquor: kleurloos waterachtig vloeistof, dat circuleert door ons ventrikelsysteem
ruggenmerg en hersenmerg zit. Gewichtloos ophangen van hersenen en
schokdemper.

8

,Basale kernen: eilanden van grijze stof in de witte stof, in de grote hersenen.
- Invloed op out en input die naar en van de hersenen gaan
- Signaal vanuit de motorische schors gaat
via de decussatio pyramidum
Grijze stof/cortex
(piramidebaan), naar beneden.
- Gaat naar een gebied van witte stof:
capsula interna tussen de basale kernen: witte stof
zorgt ervoor goed wordt gemaakt
Stimulerende en remmende invloed op.

corpus striatum: deel van basale kernen
nucleus caudatus + nuclues lentiformis: deel van
striatum

Substantia nigra: zwarte stof belangrijk bij het
sturen van bewegingen samen met basale kernen

1. Thalamus
- Geheugen
- Filterstation de zintuigen wat van belang wordt doorgelaten.

2. Hypothalamus
- Hormonen regelen
- Autonoom zenuwstelsel
- Regeling dorst & honger gevoel


Limbisch systeem: Deel van de hersenen voor
reguleren van emoties

Gryus cingulus: loopt dwars door de herenen,
verbindt alle hersenen delen. Wordt bewust wat
je aan emoties hebt

Amygdala: structuur in limbische systeem. Geeft
een reactie bij gevaar.

Hersenstam:
De bron van Vitale functies: ademhalingscentrum,
Oorsprong van hersenzenuw
Alertheid
Alle informatie van en naar hersenen.
formatio reticularis: netvormig structuur in hersenstam zorg voor
alertheid

1. Mesencefalon (Middenhersenen)
- pedunculus cerebri: hersenstelen aan voorzijde middenhersenen
2. Pons Varoli (brug): verbonden met cerebellum (kleine hersenen)
3. Medulla oblongate (verlengde merg)
9

, Cerebellum kleine hersenen
Coördinatie plannen en inschatten van
bewegingen

Vermis: middelste deel cerebellum

Arbor vitae: de levensboom op
doorsnee cerebellum

Hersenzenuwen
12 paar
Besturen hoof en halsgebied

N I: (N. olphactorius) reuk zenuw

N II: nervus opticus oogzenuw

N III (N. oculomotorius) oogbewegingen

N IV N. trochlearis) oogbewegingen

N VI (N. abducens) oogbewegingen

N V (N. trigeminus) gevoel van gezicht

NVII (N. facialis) mimiek smaak voorste 2/3 deel tong

NVIII (N. vestibulo-cochlearis) gehoord en evenwicht zenuw

N X (N. vagus): parasympatisch, motorisch n recurrens

N XI (N. hypoglossus): tongbewegingen

N XII (N. accessorius): m. sterno-cleidomastoideus, m trapezius


Bloedvoorzieningen hersenen
A cerebri anterior
Cirkel van Willis
A cerebri media
A cerebri posterior

A Carotis interna
A vertebralis
A basilaris

Aa cerebelli




10
$7.67
Get access to the full document:

100% satisfaction guarantee
Immediately available after payment
Both online and in PDF
No strings attached

Get to know the seller
Seller avatar
an2001

Get to know the seller

Seller avatar
an2001 Hogeschool van Amsterdam
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
0
Member since
1 year
Number of followers
0
Documents
2
Last sold
-

0.0

0 reviews

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recently viewed by you

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Frequently asked questions