College 1: introductie en Nederlandse situatie
Het gaat om kinderen die ‘onverwacht’ moeite hebben met leren
lezen, spellen en/of rekenen
- Ondanks normaal IQ toch moeite met IQ-discrepancy criterium
Geschiedenis Leerproblemen RU
- Joep Dumont als grondlegger van empirische orthopedagogiek
- Empirische analytische aanpak en verklaringsgerichte theorie Interdisciplinariteit
- Wetenschappelijk onderzoek conditio sine qua non voor orthopedagogische praktijk
- Oprichter SDN
- Opgevolgd door Ludo Verhoeven en Evelyn Kroesbergen
Classificeren leerproblemen
- Exclusie en inclusiecriteria
o Exclusief: wat aangeeft dat je het niet kan hebben (bv dusdanig zwak IQ)
o Inclusie: wat aangeeft dat je er wel binnen valt (niet verbeterd door training)
- Meetfouten bij het meten van in- of exclusiecriteria
- Dimensionele benadering, met willekeurige ‘cut-offs’
o De laagste 10% …. wie heeft dat ooit bedacht en wrm?
o Het is een continuüm (niet wel of niet) spectrumbenadering
Nederlandse situatie
- Veel meer gericht op specifieke leerproblemen, geen algemene term
- Dyslexie: is een specifieke leerstoornis die zich kenmerkt door een hardnekkig
probleem in het aanleren van accuraat en vlot lezen en/of spellen op woordniveau,
dat niet het gevolg is van omgevingsfactoren en/of een lichamelijke, neurologische of
algemene verstandelijke beperking
- Dyscalculie: is een stoornis die gekenmerkt wordt door hardnekkige problemen met
het leren en vlot/ accuraat oproepen/ toepassen van reken-/ wiskundekennis (feiten/
afspraken)
Belangrijke aspecten definities NL
- Hardnekkigheid: Response-to-intervention drie lagen (tiers)
o 1) Reguliere instructie, algemeen klassikaal
o 2) Extra hulp in de klas, zien niet zo lekker klassikaal subgroepjes
o 3) Extra hulp buiten de klas (remedial teaching)
o Kan beide kanten op ook voor sterkere die extra aandacht nodig hebben
o Dia 33 en 34 plaatjes
- Dyscalculie/ dyslexie is beschrijvende term, verwijst niet naar oorzaak of verklaring
o Continue schaal: licht tot ernstig
o Wat is normaal/ afwijkend?
- Discrepantiecriterium (IQ-schoolprestaties)???
o Kinderen met leerstoornissen scoren lager op IQ test
o In vroege schooljaren nog geen (grote) discrepantie zichtbaar (wait-to-fail)
o Relatie tussen IQ en schoolprestaties niet eenduidig wat meet je???
, Grootte discrepantie hangt niet samen met grootte leerprobleem
- Shaywitz enz: discussie
o Ruissenaars: in DSM-5 dyscalculie opgenomen bij leeproblemen
o Zoveel over dyscalculie bekend dus je kunt ze niet onder leerproblemen
scharen duidelijk een levenslange stoornis
o Response to intervention is troubling, want niet beschikbaar voor kinderen en
volwassenen
Wanneer beslis je of iemand niet genoeg responsief is
o ‘Current’ impliceert dat het ‘genezen’ kan worden en kinderen eruit kunnen
- Transactioneel ontwikkelingsmodel
o Alles staat hierin, een leerprobleem zit veel achter. Je meet het op basis
gedrag/ vaardigheid, maar zit van alles aan ten grondslag
o Deze onderdelen interacteren met elkaar dikke discussie
o Hersenen dyslexie: zie je niet dyslexie brein, maar wel groepsniveau
verschillen
Passend onderwijs
- Regulier onderwijs
o Leerstofjaarklassensysteem (obv de leeftijd wordt ervan uit gegaan dat…)
o Aanbodgericht
o Veel gewerkt met methodes dan een enkele leerling qua diversiteit opvangen
o Aanpak sturend door individuele onderwijsbehoeften dan alle leerlingen
kunnen pakken
- Wet passend onderwijs (2014)
o 77 samenwerkingsverbanden (regulier, sbo, cluster ¾)
o Ondersteuningsplan: opvang alle lln. binnen swv
Schoolondersteuningsprofielen
o Zorgplicht scholen
Ontwikkelingsperspectief voor leerlingen met
ondersteuningsbehoeften
Scholen huiverig te specialiseren, wel t doel van de wet
o Ieder kind goed onderwijs (individuele plannen, leerlingvolgsystemen,
groepsplannen)
College 2: cognitieve predictoren van schoolvaardigheden
, Executieve functies: welke worden onderscheiden?
- Verbonden door cognitieve vaardigheden voor doelgericht gedrag
- Updaten werkgeheugen: actief monitoren en manipuleren van inhoud in
werkgeheugen
- Schakelen: met aandacht schakelen tussen taken of mentale sets
- Responsinhibite: bewust actief inhiberen van automatische responsen
o Deze eerste 3: goed onderscheiden vanaf 8
o Daarvoor heel erg verbonden, maar erna gespecialiseerd
- Planning in niet alle studies genoemd (minder goed te onderscheiden)
Hoe zit het in werkgeheugen?
- Updating en werkgeheugen vaak door elkaar gebruikt
- Dit model (Baddeley) beschrijft hoe het geheugensysteem werkt
- Central executive: stuurt alles aan
o Hierin executieve functies onderscheiden (hier wel updating)
- Phonological loop/ episcodic buffer/ visuospatial sketch pad: slaapsystemen om info
tijdelijk vast te houden
- Langetermijngeheugen: langer opgeslagen en ondersteund werkgeheugen
(makkelijker plaatsen en makkelijker onthouden)
Cognitieve taken: het meten
Updating
- Visuospatieel werkgeheugen: leeuwenspel (onthouden waar laatste rode leeuw)
- Verbaal werkgeheugen: apenspel (genoemde woorden juist aanklikken in goede voor
korttermijn geheugen en omgekeerde volgorde voor werkgeheugen)
Planning
- Tower of london
Inhibitie
- Color word interfererende (artikel): stroop woorden-test
Shifting
- Trail making test (artikel): lijn van 1-a-2-b-c enz. wisselen tussen geautomatiseerde
rijen
- Animal shifting: afhankelijk van de kleur van de achtergrond dier/ fruit noemen
Artikel
- Gaat vooral om onderscheid met cognitieve taken en gedragsmaat/ vragenlijsten:
BRIEF (meer gemeten dia 11)
o Gaat om uitingen van slechte executieve functies (dingen kwijtraken enz)
o Kan ook andere oorzaken achter zitten meet je dan die functies?
Cognitieve maten
- Voordelen
o Objectief
o Vergelijken met een normgroep meteen aangeven hoe kind scoort
o Meet specifieke functies
o Kind vind het vaak leuker dan een vragenlijst
o Beter inzien welke functies uitvallen
- Nadelen: