toepassing
Boekhoudkundige entiteit
= het bedrijf is een afzonderlijke bedrijfseconomische eenheid
Boekhoudkundige transactie
= een gebeurtenis die de financiële toestand van een onderneming
beïnvloedt & die we op een betrouwbare wijze in geld kunnen uitdrukken
Realisatiebeginsel
= wanneer wordt een opbrengst geboekt als een opbrengst?
1. Verdiend : de goederen & diensten zijn geleverd aan de klant
2. Geconcretiseerd : geld/ vordering tot betaling gevorderd aan de
klant
opm. betaling op krediet ENKEL als de goederen & diensten geleverd zijn
toegepast bij:
- Toerekeningsaanpak: een kost of opbrengst wordt enkel geboekt
indien hij verdiend & geconcretiseerd is (bij levering goederen OF
verstrekking diensten)
- Dubieuze debiteuren is een INBREUK op realisatiebeginsel, want
goederen zijn wel verdiend, niet geconcretiseerd => niet
gerealiseerd.
- Completed contract (BIU): geen ongerealiseerde winsten opnemen
- Omrekeningsverschillen niet in resultaat nemen (wel via 4960) als ze
enkel herberekend zijn. Je moet wachten tot je ze écht naar euro
omzet (betaling van schuld of vordering). Stel de
omrekeningsverschillen uit. Wacht tot wisselresultaat (kan vermeden
worden door in toelichting te argumenteren)
Matchingbeginsel = overeenstemming
= kosten opnemen ALS overeenstemmende opbrengsten geboekt zijn
voorbeeld. de kost voor een verzekering voor 2 jaar, moet je spreiden
over 2 jaar
toegepast bij:
- percentage of completion (BIU): proportionele toerekening
- overlopende rekeningen
- afschrijvingen: vooral degressieve methode,
hogere opbrengsten = hogere kost boeken (meer afschrijven in het
begin )
- Vakantiegeld als kost boeken in vakantiedienstjaar
(wanneer werknemers prestatie verrichten) =/ vakantiejaar