Leereenheid 5: kwalitatieve aansprakelijkheden voor
personen
Leerdoelen
De verschillende aansprakelijkheden voor personen onderscheiden.
Aansprakelijkheid voor kinderen jonger dan 14 jaar
Aansprakelijkheid voor kinderen van 14 jaar en 15 jaar
Aansprakelijkheid voor kinderen vanaf 16 jaar
Aansprakelijkheid voor ondergeschikten
Aansprakelijkheid voor niet-ondergeschikten
,De verschillende vereisten van de kwalitatieve aansprakelijkheden voor personen
die zijn neergelegd in afd. 6.3.2. BW uitleggen en deze toepassen op een casus.
Aansprakelijkheid voor kinderen jonger dan 14 jaar
6:164
Kinderen tot 14 jaar niet zelf aansprakelijk voor door hen gepleegde OD.
= risicoaansprakelijkheid.
Het kind hoeft niet bij de ouders in te wonen.
De ouder of voogd aansprakelijk 6:169 lid 1, mits voorwaarden:
1. De schade is veroorzaakt door een als een DOEN te
beschouwen gedraging v.h. kind. Zuiver nalaten is
onvoldoende.
2. Dit doen als OD toerekenbaar is aan het kind, als zijn leeftijd
daaraan niet in de weg zou staan. .
-
Aansprakelijkheid voor kinderen van 14 jaar of 14 jaar
6:169 lid 2.
Kind wel zelf aansprakelijk te stellen + de ouders/voogd indien voldaan
aan de voorwaarden.
= geen risicoaansprakelijkheid.
Voorwaarden:
1. Ouder/voogd aansprakelijk voor fout kind (doen of nalaten!),
tenzij de ouder/voogd niet verweten kan worden dat hij de
gedraging van het kind niet heeft belet.
Schuldelement in kwalitatieve aansprakelijkheid
Schuldaansprakelijkheid met omgekeerde bewijslast
- De ouders moeten bewijzen dat de gedraging v.h. kind hun niet verweten
kan worden.
Ter beantwoording v.d. vraag of de ouders/voogd kan worden verweten de
gedraging v.h. kind niet te hebben belet, zal moeten worden gelet op:
1. De leeftijd v.h. kind.
2. De aard v.h. kind.
3. De eisen v.h. dagelijks leven.
4. De leefomstandigheden v.d. ouders.
Kind in inrichting: ouder/voogd kan niet worden aangesproken wanneer
een kind in een inrichting ontsnapt en schade aanbrengt.
Wie betaalt de schade (de ouders/voogd of het kind of allebei)?
- Kan geen algemeen antwoord op worden gegeven.
- Hierbij moeten worden gekeken naar 6:102 (medeschuld) jo. 6:101 (eigen
schuld) en de concrete omstandigheden v.h. geval. Rekening kan worden
gehouden met:
De wederzijdse veroorzakingswaarschijnlijkheid.
De mate van wederzijdse schuld.
De inkomens-en vermogensposities.
- Uitgangspunt: dat de draagplicht in beginsel op de ouders/voogd rust,
niet op het kind.
Aansprakelijkheid voor kinderen vanaf 16 jaar
6:162
Kinderen zelf aansprakelijk, geen kwalitatieve aansprakelijkheid voor de
ouders.
Aansprakelijkheid voor ondergeschikten
, 6:170
Aansprakelijke partij: werkgever
= risicoaansprakelijkheid.
Vereisten:
1. Schade aan derde
2. Fout: een toerekenbare OD
- Ook toetsen of er sprake is van een
rechtvaardigingsgrond en bij de toerekenbaarheid (de
grond schuld) toetsen of er een schulduitsluitingsgrond is.
3. Van een ondergeschikte
4. Functioneel verband tussen fout en opgedragen taak (HR:
Brand tijdens personeelsfeest: de omstandigheden afwegen. Dus
is de kans vergroot en had de werkgever zeggenschap. Ja? Dan is
er functioneel verband)
- kansvergroting
Dat de kans op de fout door de opdracht tot het
verrichten van de taak is vergroot.
- zeggenschap.
Over de gedragingen waarin de fout was gelegen.
N.B. onderlinge draagplicht werkgever/werknemer en HR Van
Doesburg/Tan
Werkgever en ondergeschikte zijn hoofdelijk aansprakelijk: de
benadeelde kan hen elk voor de gehele schade aanspreken.
In de verhouding tussen de werkgever en de ondergeschikte is de
werkgever draagplichtig, tenzij de schade een gevolg is van opzet of
bewuste roekeloosheid v.d. ondergeschikte )lid 3).
Een aok is geen noodzakelijke voorwaarde.
Aansprakelijkheid voor niet-ondergeschikten
6:171
(vb. ZZP-er)
= risicoaansprakelijkheid
Aansprakelijke partij opdrachtgever
Vereisten:
1. Fout
2. Van een niet-ondergeschikte
3. Werkzaamheden ter uitoefening v.h. bedrijf v.d.
aansprakelijke partij.
- Restrictieve uitleg: eenheid van onderneming (HR:Delfland/
Stoeterij en HR Koeman/ Sijm Agro.
1. eenheid van onderneming
N.B onderlinge draagplicht opdrachtgever/ niet-ondergeschikte
Aansprakelijkheid door vertegenwoordiging
6:172
personen
Leerdoelen
De verschillende aansprakelijkheden voor personen onderscheiden.
Aansprakelijkheid voor kinderen jonger dan 14 jaar
Aansprakelijkheid voor kinderen van 14 jaar en 15 jaar
Aansprakelijkheid voor kinderen vanaf 16 jaar
Aansprakelijkheid voor ondergeschikten
Aansprakelijkheid voor niet-ondergeschikten
,De verschillende vereisten van de kwalitatieve aansprakelijkheden voor personen
die zijn neergelegd in afd. 6.3.2. BW uitleggen en deze toepassen op een casus.
Aansprakelijkheid voor kinderen jonger dan 14 jaar
6:164
Kinderen tot 14 jaar niet zelf aansprakelijk voor door hen gepleegde OD.
= risicoaansprakelijkheid.
Het kind hoeft niet bij de ouders in te wonen.
De ouder of voogd aansprakelijk 6:169 lid 1, mits voorwaarden:
1. De schade is veroorzaakt door een als een DOEN te
beschouwen gedraging v.h. kind. Zuiver nalaten is
onvoldoende.
2. Dit doen als OD toerekenbaar is aan het kind, als zijn leeftijd
daaraan niet in de weg zou staan. .
-
Aansprakelijkheid voor kinderen van 14 jaar of 14 jaar
6:169 lid 2.
Kind wel zelf aansprakelijk te stellen + de ouders/voogd indien voldaan
aan de voorwaarden.
= geen risicoaansprakelijkheid.
Voorwaarden:
1. Ouder/voogd aansprakelijk voor fout kind (doen of nalaten!),
tenzij de ouder/voogd niet verweten kan worden dat hij de
gedraging van het kind niet heeft belet.
Schuldelement in kwalitatieve aansprakelijkheid
Schuldaansprakelijkheid met omgekeerde bewijslast
- De ouders moeten bewijzen dat de gedraging v.h. kind hun niet verweten
kan worden.
Ter beantwoording v.d. vraag of de ouders/voogd kan worden verweten de
gedraging v.h. kind niet te hebben belet, zal moeten worden gelet op:
1. De leeftijd v.h. kind.
2. De aard v.h. kind.
3. De eisen v.h. dagelijks leven.
4. De leefomstandigheden v.d. ouders.
Kind in inrichting: ouder/voogd kan niet worden aangesproken wanneer
een kind in een inrichting ontsnapt en schade aanbrengt.
Wie betaalt de schade (de ouders/voogd of het kind of allebei)?
- Kan geen algemeen antwoord op worden gegeven.
- Hierbij moeten worden gekeken naar 6:102 (medeschuld) jo. 6:101 (eigen
schuld) en de concrete omstandigheden v.h. geval. Rekening kan worden
gehouden met:
De wederzijdse veroorzakingswaarschijnlijkheid.
De mate van wederzijdse schuld.
De inkomens-en vermogensposities.
- Uitgangspunt: dat de draagplicht in beginsel op de ouders/voogd rust,
niet op het kind.
Aansprakelijkheid voor kinderen vanaf 16 jaar
6:162
Kinderen zelf aansprakelijk, geen kwalitatieve aansprakelijkheid voor de
ouders.
Aansprakelijkheid voor ondergeschikten
, 6:170
Aansprakelijke partij: werkgever
= risicoaansprakelijkheid.
Vereisten:
1. Schade aan derde
2. Fout: een toerekenbare OD
- Ook toetsen of er sprake is van een
rechtvaardigingsgrond en bij de toerekenbaarheid (de
grond schuld) toetsen of er een schulduitsluitingsgrond is.
3. Van een ondergeschikte
4. Functioneel verband tussen fout en opgedragen taak (HR:
Brand tijdens personeelsfeest: de omstandigheden afwegen. Dus
is de kans vergroot en had de werkgever zeggenschap. Ja? Dan is
er functioneel verband)
- kansvergroting
Dat de kans op de fout door de opdracht tot het
verrichten van de taak is vergroot.
- zeggenschap.
Over de gedragingen waarin de fout was gelegen.
N.B. onderlinge draagplicht werkgever/werknemer en HR Van
Doesburg/Tan
Werkgever en ondergeschikte zijn hoofdelijk aansprakelijk: de
benadeelde kan hen elk voor de gehele schade aanspreken.
In de verhouding tussen de werkgever en de ondergeschikte is de
werkgever draagplichtig, tenzij de schade een gevolg is van opzet of
bewuste roekeloosheid v.d. ondergeschikte )lid 3).
Een aok is geen noodzakelijke voorwaarde.
Aansprakelijkheid voor niet-ondergeschikten
6:171
(vb. ZZP-er)
= risicoaansprakelijkheid
Aansprakelijke partij opdrachtgever
Vereisten:
1. Fout
2. Van een niet-ondergeschikte
3. Werkzaamheden ter uitoefening v.h. bedrijf v.d.
aansprakelijke partij.
- Restrictieve uitleg: eenheid van onderneming (HR:Delfland/
Stoeterij en HR Koeman/ Sijm Agro.
1. eenheid van onderneming
N.B onderlinge draagplicht opdrachtgever/ niet-ondergeschikte
Aansprakelijkheid door vertegenwoordiging
6:172