SV – thermoregulatie en metabole adaptatie
Thermoregulatie
Foetaal: regulatie door placentaire circulatie
Na geboorte afkoeling (= koude stres) zorgt voor prikkel van
ademhaling
Prenataal:
Foetaal weefsel is sterk metabool actief: produceert veel warmte
Thermostabiele omgeving door warmte-uitwisseling met moeder:
hoge bloeddoorstroming in placenta speelt grote rol
o Foetaal metabolisme = afhankelijk van zuurstoftoevoer via de
placentaire bloeddoorstroom
o Lage placentaire flow geeft minder metabolisme minder
warmte productie (foetale temperatuur cte)
Neonataal = postnataal: actieve thermoregulatie
Warmteproductie & warmteafvoer = warmteregulatie
Warmteproductie: verhoging
stofwisseling (vraagt O2)
o Basale (in rust)
warmteproductie is afh van
metabolisme van PG
Hoger bij PG dan
volwassen door snelle
groei
Warmteafgifte
o Conductie: geleiding
Opp leggen en baby past zich aan naar de temp van opp
Oplossing: tetradoek over opp, huid-op-huid,
voorverwarmen verzorgingskusseen
o Convectie: stroming, koud lucht
Luchtmoleculen in contact met warm lijf, luchtmoleculen
warmt op en stijgt op
Oplossing: kamertemperatuur omhoog, ramen/deuren
dicht
o Evaporatie: verdamping, nat vruchtwater
(temperatuurverschil 15 °)
Diffusie watermoleculen: water op lichaam verdampt
omdat het warmte onttrekt uit lijf
Oplossing: goed afdrogen
, o Radiatie: straling, elk vw zendt warmtestraling
(infraroodstralen) uit
Door lucht wordt warmte sneller uitgegeven dan dat je
dicht bij vw
Oplossing: dekentje, klein bedje
Pasgeborene heeft warmteverlies O2 behoeft omhoog om zichzelf
warmt te krijgen mag niet te lang duren want zuurstof tekort in
hersenen preventieve maatregelen
Warmte vasthouden:
o Vasoconstrictie: bloedvaten trekken samen
Warmte bereikt minder gemakkelijk het lichaamsopp
o Foetushouding & isolatie door onderhuids vetweefsel
Warmte minder makkelijk lichaamsopp bereikt
Thermostabiliteit regelen
Warmte produceren
Thermogenesis zonder bibberen: neurologische prikkeling bruin
vet afbreken energie vrij
o Voornaamste manier van warmteproductie bij pasgeborene
Thermogenesis met bibberen: onvrijwillige spieractiviteit wordt
warmte geproduceerd
o Niet bij pasgeborenen, voornaamste manier van
warmteproductie bij volwassene
o Bibbermechanisme wordt onderdrukt door bruin-vet
warmteproductie
Enkel actief bij extreem hypothermie
Vrijwillige spieractiviteit: koud armen en benen bewegen, hulen
Warmteverlies beperken
Vasomotore respons: bloeddoorstroming vh lichaam veranderen in
functie van omgevingstemperatuur
o Vasoconstrictie thv handen, vingers, oren, lippen
(extremiteiten)
o Vasodilatatie thv romp (centraal)
Overtollige warmte afdrijven
Zweten: zweetklieren prikkelen
o Warmte helpen afvoeren door evaporatie
o Ontwikkeld vanaf 36e zwangerschapsweek
Thermoregulatie
Foetaal: regulatie door placentaire circulatie
Na geboorte afkoeling (= koude stres) zorgt voor prikkel van
ademhaling
Prenataal:
Foetaal weefsel is sterk metabool actief: produceert veel warmte
Thermostabiele omgeving door warmte-uitwisseling met moeder:
hoge bloeddoorstroming in placenta speelt grote rol
o Foetaal metabolisme = afhankelijk van zuurstoftoevoer via de
placentaire bloeddoorstroom
o Lage placentaire flow geeft minder metabolisme minder
warmte productie (foetale temperatuur cte)
Neonataal = postnataal: actieve thermoregulatie
Warmteproductie & warmteafvoer = warmteregulatie
Warmteproductie: verhoging
stofwisseling (vraagt O2)
o Basale (in rust)
warmteproductie is afh van
metabolisme van PG
Hoger bij PG dan
volwassen door snelle
groei
Warmteafgifte
o Conductie: geleiding
Opp leggen en baby past zich aan naar de temp van opp
Oplossing: tetradoek over opp, huid-op-huid,
voorverwarmen verzorgingskusseen
o Convectie: stroming, koud lucht
Luchtmoleculen in contact met warm lijf, luchtmoleculen
warmt op en stijgt op
Oplossing: kamertemperatuur omhoog, ramen/deuren
dicht
o Evaporatie: verdamping, nat vruchtwater
(temperatuurverschil 15 °)
Diffusie watermoleculen: water op lichaam verdampt
omdat het warmte onttrekt uit lijf
Oplossing: goed afdrogen
, o Radiatie: straling, elk vw zendt warmtestraling
(infraroodstralen) uit
Door lucht wordt warmte sneller uitgegeven dan dat je
dicht bij vw
Oplossing: dekentje, klein bedje
Pasgeborene heeft warmteverlies O2 behoeft omhoog om zichzelf
warmt te krijgen mag niet te lang duren want zuurstof tekort in
hersenen preventieve maatregelen
Warmte vasthouden:
o Vasoconstrictie: bloedvaten trekken samen
Warmte bereikt minder gemakkelijk het lichaamsopp
o Foetushouding & isolatie door onderhuids vetweefsel
Warmte minder makkelijk lichaamsopp bereikt
Thermostabiliteit regelen
Warmte produceren
Thermogenesis zonder bibberen: neurologische prikkeling bruin
vet afbreken energie vrij
o Voornaamste manier van warmteproductie bij pasgeborene
Thermogenesis met bibberen: onvrijwillige spieractiviteit wordt
warmte geproduceerd
o Niet bij pasgeborenen, voornaamste manier van
warmteproductie bij volwassene
o Bibbermechanisme wordt onderdrukt door bruin-vet
warmteproductie
Enkel actief bij extreem hypothermie
Vrijwillige spieractiviteit: koud armen en benen bewegen, hulen
Warmteverlies beperken
Vasomotore respons: bloeddoorstroming vh lichaam veranderen in
functie van omgevingstemperatuur
o Vasoconstrictie thv handen, vingers, oren, lippen
(extremiteiten)
o Vasodilatatie thv romp (centraal)
Overtollige warmte afdrijven
Zweten: zweetklieren prikkelen
o Warmte helpen afvoeren door evaporatie
o Ontwikkeld vanaf 36e zwangerschapsweek