FENICISCHE ARCHEOLOGIE
LES 1: ALGEMENE INLEIDING
1: GEOGRAFIE
Fenicisch grondgebied:
• Onderdeel van “de levant” (Syrië, Libanon, Israël,…) + gelegen aan de kust (handel + vruchtbaar)
• Buren: Aramese koninkrijken (N/O) + koninkrijk Israël (Z) + Filistijnse stadsstaten (Z)
Natuur:
• Libanon gebergte = “snelweg” = vruchtbaar gebied
• Beqaa Vallei = “snelweg” = vruchtbaar gebied = weinig opgravingen
• Nahr el – Kalb (= Rivier van de Hond) = inscripties van verschillende volkeren
Blinde vlekken op de kaart:
• Opgravingen niet in alle landen makkelijk
• Té grote focus op grote beschavingen (G/R)
• Té weinig vragen over de voorgeschiedenis van grote beschavingen
2: CHRONOLOGIE
• Bronstijd (= Vroeg – Fenicische periode): de Zeevolkeren
• IJzertijd: gecentraliseerde grootmachten vallen weg → bloei autonome stadsstaten
3: ECONOMIE
• Zoektocht naar metalen → internationale leveranciers → handelsposten → ONMISBAAR
4: TERMINOLOGIE EN IDENTITEITSVORMING
EXTERNE IDENTITEITSVORMING
• Griekse oorsprong: rood – paarse kleur
• Onduidelijk hoe Feniciërs zichzelf noemden, wij gaven ze de naam
• Verschillende onafhankelijke stadsstaten met dezelfde taal, cultuur en schrift
TEKSTEN
• (+): namen, inscripties, enkele zinnen
• (-): administratieve en literaire teksten
• Papyrus niet bewaard → té vochtig klimaat
VONDSTEN
• Sarcofaag met het volledig ontwikkelde Fenicische alfabet
1
,IMAGO
• Positief (mooi handelswaar) + negatief (bedriegers en mensenhandelaars)
5: ONTDEKKING FENICISCHE CULTUUR
• 1ste reizigers
o Antieke geschiedschrijvers → middeleeuwse pelgrims → Venetianen → Ottomanen
o Belangrijk figuur: Hiram van Tyr (= architect tempel Jeruzalem)
• 2de reizigers
o Europese geleerden (vb. de Saulcy, Péretié, Chéhab, …)
o Missie van Ernest Renan → zette de Fenicische cultuur definitief op de kaart
• 3de “reizigers”
o Libanon onafhankelijk → nationale identiteit opbouwen via de Fenicische cultuur
o Eerste gecontroleerde opgravingen, ook door buitenlandse missies
o Eerste tentoonstellingen en congressen
6: ALFABET
• Monosyllabisch
o Eenvoudiger voor o.a. handel
• Verspreiding Fenicisch alfabet naar de Griekse wereld via handel
o Grieken/Romeinen maken enkele aanpassingen tot het hedendaags alfabet
• J.J. Barthélémy
o Ontcijfering Fenicisch a.d.h.v. dezelfde tekst in het Grieks (“Steen van Rosetta”)
o Fenicisch → Etruskisch ontcijferen
• Langste Fenicische inscriptie in Turkije
2
, LES 2: DE FENICISCHE STADSTATEN (STADSWEEFSEL/ARCHI)
1: POLITIEK
STADSTATEN
• Geen centrale macht
o Steden geregeerd door lokale koningen/dynastieën
▪ Tussenpersoon met de goden
▪ Eigen diplomatiek, commerciële contacten, pantheon, administratie,…
• Geen aanwijzingen voor oorlog
o Wel onderlinge concurrentie
2: LOCATIE
LOCATIEKEUZE
• Verdedigbaar
• Havenfaciliteiten
• Toegang tot achterland
• Bescherming tegen wind
• Herkenningspunten van op zee
• Compact vestigingsgebied binnen natuurlijke grenzen
TYR
• Eilandstad → belegering → verbindingsweg → dichtgeslibd → verbonden aan het vasteland
• Havens
o 2 havens
▪ Noorden: Sidon haven
▪ Zuiden: Egyptische haven
o Onderzoek m.b.v. geo – archeologie
▪ Oorspronkelijke grenzen van havens reconstrueren
o Onderzoek m.b.v. onderwaterarcheologie
▪ Studie steigers
SIDON
• Verschillende ankerplaatsen voor schepen aanwezig
o Noorden: ankerplaats
o Noorden: eiland als ankerplaats
o Westen: natuurlijke baai als ankerplaats voor ondiepe schepen (veel slib aanwezig)
3
LES 1: ALGEMENE INLEIDING
1: GEOGRAFIE
Fenicisch grondgebied:
• Onderdeel van “de levant” (Syrië, Libanon, Israël,…) + gelegen aan de kust (handel + vruchtbaar)
• Buren: Aramese koninkrijken (N/O) + koninkrijk Israël (Z) + Filistijnse stadsstaten (Z)
Natuur:
• Libanon gebergte = “snelweg” = vruchtbaar gebied
• Beqaa Vallei = “snelweg” = vruchtbaar gebied = weinig opgravingen
• Nahr el – Kalb (= Rivier van de Hond) = inscripties van verschillende volkeren
Blinde vlekken op de kaart:
• Opgravingen niet in alle landen makkelijk
• Té grote focus op grote beschavingen (G/R)
• Té weinig vragen over de voorgeschiedenis van grote beschavingen
2: CHRONOLOGIE
• Bronstijd (= Vroeg – Fenicische periode): de Zeevolkeren
• IJzertijd: gecentraliseerde grootmachten vallen weg → bloei autonome stadsstaten
3: ECONOMIE
• Zoektocht naar metalen → internationale leveranciers → handelsposten → ONMISBAAR
4: TERMINOLOGIE EN IDENTITEITSVORMING
EXTERNE IDENTITEITSVORMING
• Griekse oorsprong: rood – paarse kleur
• Onduidelijk hoe Feniciërs zichzelf noemden, wij gaven ze de naam
• Verschillende onafhankelijke stadsstaten met dezelfde taal, cultuur en schrift
TEKSTEN
• (+): namen, inscripties, enkele zinnen
• (-): administratieve en literaire teksten
• Papyrus niet bewaard → té vochtig klimaat
VONDSTEN
• Sarcofaag met het volledig ontwikkelde Fenicische alfabet
1
,IMAGO
• Positief (mooi handelswaar) + negatief (bedriegers en mensenhandelaars)
5: ONTDEKKING FENICISCHE CULTUUR
• 1ste reizigers
o Antieke geschiedschrijvers → middeleeuwse pelgrims → Venetianen → Ottomanen
o Belangrijk figuur: Hiram van Tyr (= architect tempel Jeruzalem)
• 2de reizigers
o Europese geleerden (vb. de Saulcy, Péretié, Chéhab, …)
o Missie van Ernest Renan → zette de Fenicische cultuur definitief op de kaart
• 3de “reizigers”
o Libanon onafhankelijk → nationale identiteit opbouwen via de Fenicische cultuur
o Eerste gecontroleerde opgravingen, ook door buitenlandse missies
o Eerste tentoonstellingen en congressen
6: ALFABET
• Monosyllabisch
o Eenvoudiger voor o.a. handel
• Verspreiding Fenicisch alfabet naar de Griekse wereld via handel
o Grieken/Romeinen maken enkele aanpassingen tot het hedendaags alfabet
• J.J. Barthélémy
o Ontcijfering Fenicisch a.d.h.v. dezelfde tekst in het Grieks (“Steen van Rosetta”)
o Fenicisch → Etruskisch ontcijferen
• Langste Fenicische inscriptie in Turkije
2
, LES 2: DE FENICISCHE STADSTATEN (STADSWEEFSEL/ARCHI)
1: POLITIEK
STADSTATEN
• Geen centrale macht
o Steden geregeerd door lokale koningen/dynastieën
▪ Tussenpersoon met de goden
▪ Eigen diplomatiek, commerciële contacten, pantheon, administratie,…
• Geen aanwijzingen voor oorlog
o Wel onderlinge concurrentie
2: LOCATIE
LOCATIEKEUZE
• Verdedigbaar
• Havenfaciliteiten
• Toegang tot achterland
• Bescherming tegen wind
• Herkenningspunten van op zee
• Compact vestigingsgebied binnen natuurlijke grenzen
TYR
• Eilandstad → belegering → verbindingsweg → dichtgeslibd → verbonden aan het vasteland
• Havens
o 2 havens
▪ Noorden: Sidon haven
▪ Zuiden: Egyptische haven
o Onderzoek m.b.v. geo – archeologie
▪ Oorspronkelijke grenzen van havens reconstrueren
o Onderzoek m.b.v. onderwaterarcheologie
▪ Studie steigers
SIDON
• Verschillende ankerplaatsen voor schepen aanwezig
o Noorden: ankerplaats
o Noorden: eiland als ankerplaats
o Westen: natuurlijke baai als ankerplaats voor ondiepe schepen (veel slib aanwezig)
3