Strafrecht
Toepasbaarheid NL Strafrecht
Legaliteitsbeginsel (art. 1 Sr)
Strafbaarheid van het feit, op het moment da dit gepleegd wordt
Nationaliteitsbeginsel/personaliteitbeginsel
Iedereen met een Nederlandse nationaliteit
Territorialiteitsbeginsel
De Nederlandse strafwet die van toepassing is op iedereen die zich op
Nederlands grondgebied een strafbaar feit pleegt
Universaliteitsbeginsel (art. 4 Sr)
In sommige gevallen is het Nederlandse strafrecht van toepassing, ook al is
het niet op Nederlands grondgebied of gepleegd door een niet-Nederlander.
Dan gaat het om een misdrijf met internationaal belang en de internationale
veiligheid op het spel staat (vliegtuigkaping of terrorisme)
Materieel strafrecht
Strafbepalingen
Straffen
Matregelen
Materiële vragen:
Kan er worden bewezen dar het strafrechtelijk feit door verdachten is
begaan ?
Is het feit strafbaar?
Is de verdachte strafbaar ?
Welke straf krijg de verdachte opgelegd?
Formeel strafrecht
Bevoegdheden
Procedure
Formele vragen:
Is de dagvaarding geldig ?
Is de rechter bevoegd ?
Is het openbaar ministerie ontvankelijk ?
Kan de vervolging zonder schorsing worden voortgezet ?
Wet in materiële zin
Algemene werking
Elke maatregel die burgers bindt
Wet in formele zin
Wijze van totstandkoming
Elke regeling van de regering en parlement
Strafrecht
, Delictsomschrijving
De omschrijving van een strafbaar feit in het wetboek van strafrecht
Wederrechtelijkheid
De situatie waarbij een feitelijke handeling die een strafbaar feit opleveren, in
strijd is met de wet
Verwijtbaarheid
Wie anders had kunnen handelen en dit niet heeft gedaan, heeft verwijtbaar
gehandeld
Opbouw wetsartikel (strafbepaling)
Delictsomschrijving
Aangegeven in het artikel wat niet mag
Kwalificatie
De juridische naam voor de strafbepaling
Sanctienorm
De maximale straf
Voorbeeld: moord artikel 289 SR
Delictsomschrijving:
Hij die opzettelijk en met voorbedachtenrade een ander van het leven beroofd
Kwalificatie
Moord
Sanctienorm
Levenslange gevangenisstraf of tijdelijke va ten hoogte van 30 jaar of een
geldboete van de 5de categorie
Opzet en schuld
Opzet
Opzet als oogmerk
Opzet als noodzakelijkheidbewustzijn
Voorwaardelijke opzet
Schuld
In ruime zin (=iedere vorm van verwijtbaarheid)
In enige zin (= geen intentie, wel slordig/onoplettend)
Wederrechtelijkheid
Niet alleen in strijd met de wet, maar ook met recht/rechtvaardigheid
Rechtvaardigingsgrond
Noodweer
Overmacht in de zin van noodtoestand
Bevoegd gegeven ambtelijk bevel
Wettelijke voorschrift
Ontbreken materiële wederrechtelijkheid
Verwijtbaarheid (schuld)
Strafbaar gedrag moet, naast in strijd met wet & recht, ook te verwijten zijn
Toepasbaarheid NL Strafrecht
Legaliteitsbeginsel (art. 1 Sr)
Strafbaarheid van het feit, op het moment da dit gepleegd wordt
Nationaliteitsbeginsel/personaliteitbeginsel
Iedereen met een Nederlandse nationaliteit
Territorialiteitsbeginsel
De Nederlandse strafwet die van toepassing is op iedereen die zich op
Nederlands grondgebied een strafbaar feit pleegt
Universaliteitsbeginsel (art. 4 Sr)
In sommige gevallen is het Nederlandse strafrecht van toepassing, ook al is
het niet op Nederlands grondgebied of gepleegd door een niet-Nederlander.
Dan gaat het om een misdrijf met internationaal belang en de internationale
veiligheid op het spel staat (vliegtuigkaping of terrorisme)
Materieel strafrecht
Strafbepalingen
Straffen
Matregelen
Materiële vragen:
Kan er worden bewezen dar het strafrechtelijk feit door verdachten is
begaan ?
Is het feit strafbaar?
Is de verdachte strafbaar ?
Welke straf krijg de verdachte opgelegd?
Formeel strafrecht
Bevoegdheden
Procedure
Formele vragen:
Is de dagvaarding geldig ?
Is de rechter bevoegd ?
Is het openbaar ministerie ontvankelijk ?
Kan de vervolging zonder schorsing worden voortgezet ?
Wet in materiële zin
Algemene werking
Elke maatregel die burgers bindt
Wet in formele zin
Wijze van totstandkoming
Elke regeling van de regering en parlement
Strafrecht
, Delictsomschrijving
De omschrijving van een strafbaar feit in het wetboek van strafrecht
Wederrechtelijkheid
De situatie waarbij een feitelijke handeling die een strafbaar feit opleveren, in
strijd is met de wet
Verwijtbaarheid
Wie anders had kunnen handelen en dit niet heeft gedaan, heeft verwijtbaar
gehandeld
Opbouw wetsartikel (strafbepaling)
Delictsomschrijving
Aangegeven in het artikel wat niet mag
Kwalificatie
De juridische naam voor de strafbepaling
Sanctienorm
De maximale straf
Voorbeeld: moord artikel 289 SR
Delictsomschrijving:
Hij die opzettelijk en met voorbedachtenrade een ander van het leven beroofd
Kwalificatie
Moord
Sanctienorm
Levenslange gevangenisstraf of tijdelijke va ten hoogte van 30 jaar of een
geldboete van de 5de categorie
Opzet en schuld
Opzet
Opzet als oogmerk
Opzet als noodzakelijkheidbewustzijn
Voorwaardelijke opzet
Schuld
In ruime zin (=iedere vorm van verwijtbaarheid)
In enige zin (= geen intentie, wel slordig/onoplettend)
Wederrechtelijkheid
Niet alleen in strijd met de wet, maar ook met recht/rechtvaardigheid
Rechtvaardigingsgrond
Noodweer
Overmacht in de zin van noodtoestand
Bevoegd gegeven ambtelijk bevel
Wettelijke voorschrift
Ontbreken materiële wederrechtelijkheid
Verwijtbaarheid (schuld)
Strafbaar gedrag moet, naast in strijd met wet & recht, ook te verwijten zijn