ONDERSTE KWADRANT – PRAKTIJK
Praktijk examen:
- 1 commissie: casus, klinisch redeneren
- 1 commissie: 2 technieken of 2 commissies met elk één techniek
- (In tweede zit mogelijks allemaal binnen één commissie)
Punten worden samengeteld met theoretisch deel
- 30% op theorie
- 70% op praktijk
HOOFDSTUK 1: INLEIDENDE THEORIE LWZ
1. ARTHROKINEMATICA
1.1 ANATOMIE
Bezenuwing discus = n. sinovertebralis
Vertebrae: bewegen en draaien
Discus:
- Krachten verdelen
- Beweging toestaan
- Scheiding tussen 2 wervels
,Ligamenten
- Stabiliteit
- Ondersteunen beweging
1.2 ORIËNTATIE GEWRICHTSVLAKKEN LUMBAAL
Oriëntatie superieure facetten v/e segment:
- Posterieur
- Mediaal
- (craniaal)
Beschouwd als gekend!
,1.3 KOPPELING BEWEGING LUMBAAL
Bij een rotatie heb je altijd een beetje een combinatie verglijding en rek, en indaling en compressie.
Vb rotatie naar rechts → links: verglijding + rechts: indaling
Hoe ga je links een maximale verglijding bekomen?
- Extensie
- gelijkkoppelde LF en rotatie
Voor compressie/indaling heb je altijd extensie nodig, voor verglijding/rek heb je altijd flexie nodig.
Als je links maximale verglijding wilt?
- Flexie
- Rechts LF
- Rotatie rechts
Als je links maximale rek wilt?
- Flexie
- Rechts LF
- Rotatie LINKS
1.4 COCKPIT MODEL
, 1.5 GRADEN VAN MOBILITEIT
Kaltenborn heeft 4 graden
Maitland heeft 5 graden
2. GEZONDHEIDSPROFIEL
= kapstok om uw Px te behandelen!
1. Persoonsgegevens patiënt
2. Verwijsgegevens arts
3. Anamnese: Inventarisatie van de klachten/status praesens
a. VALTIS: Voorgeschiedenis, Aard, Lokalisatie, Tijd, Intensiteit, Samenhang
b. Provocerende en reducerende factoren
→ handig in zowel diagnose als opvolging van je Px!
c. Medicatie: bv NSAID die symptomen beïnvloeden of medicatie dat contra-indicatie is
voor behandeling
d. Beeldvorming
e. Tijdslijn: beloop in de tijd (korte: 24 uur en lange tijdslijn: vanaf ontstaan)
4. Inschatting herstelbelemmerende factoren (negatief prognostisch) (bv gele vlag)
5. Inschatting herstelbevorderende factoren (positief prognostisch) (bv leefstijl)
6. Type en ernst van beperkingen in functies en activiteiten
7. Mate van beperking in participatie
8. Samenhang tussen (ICF)
a. Stoornissen onderling (oa segmentale stoornissen)
b. Beperkingen onderling
c. Stoornissen, beperkingen en participatie
9. Belasting-belastbaarheidsanalyse (inschatting van het probleem door de kinesitherapeut,
hoe is het met het lokaal en algemeen adaptief vermogen?)
10. Hulpvraag (verwachting van de therapie door de patiënt)
→ Stem de hulpvraag af, of dat je doelen wel haalbaar zijn
11. Manueeltherapeutische werkdiagnose
12. Indicatie voor manuele therapie in enge of ruime zin?
→ Enge zin = enkel manuele technieken
→ Ruime zin = onderdeel van multimodale aanpak
Praktijk examen:
- 1 commissie: casus, klinisch redeneren
- 1 commissie: 2 technieken of 2 commissies met elk één techniek
- (In tweede zit mogelijks allemaal binnen één commissie)
Punten worden samengeteld met theoretisch deel
- 30% op theorie
- 70% op praktijk
HOOFDSTUK 1: INLEIDENDE THEORIE LWZ
1. ARTHROKINEMATICA
1.1 ANATOMIE
Bezenuwing discus = n. sinovertebralis
Vertebrae: bewegen en draaien
Discus:
- Krachten verdelen
- Beweging toestaan
- Scheiding tussen 2 wervels
,Ligamenten
- Stabiliteit
- Ondersteunen beweging
1.2 ORIËNTATIE GEWRICHTSVLAKKEN LUMBAAL
Oriëntatie superieure facetten v/e segment:
- Posterieur
- Mediaal
- (craniaal)
Beschouwd als gekend!
,1.3 KOPPELING BEWEGING LUMBAAL
Bij een rotatie heb je altijd een beetje een combinatie verglijding en rek, en indaling en compressie.
Vb rotatie naar rechts → links: verglijding + rechts: indaling
Hoe ga je links een maximale verglijding bekomen?
- Extensie
- gelijkkoppelde LF en rotatie
Voor compressie/indaling heb je altijd extensie nodig, voor verglijding/rek heb je altijd flexie nodig.
Als je links maximale verglijding wilt?
- Flexie
- Rechts LF
- Rotatie rechts
Als je links maximale rek wilt?
- Flexie
- Rechts LF
- Rotatie LINKS
1.4 COCKPIT MODEL
, 1.5 GRADEN VAN MOBILITEIT
Kaltenborn heeft 4 graden
Maitland heeft 5 graden
2. GEZONDHEIDSPROFIEL
= kapstok om uw Px te behandelen!
1. Persoonsgegevens patiënt
2. Verwijsgegevens arts
3. Anamnese: Inventarisatie van de klachten/status praesens
a. VALTIS: Voorgeschiedenis, Aard, Lokalisatie, Tijd, Intensiteit, Samenhang
b. Provocerende en reducerende factoren
→ handig in zowel diagnose als opvolging van je Px!
c. Medicatie: bv NSAID die symptomen beïnvloeden of medicatie dat contra-indicatie is
voor behandeling
d. Beeldvorming
e. Tijdslijn: beloop in de tijd (korte: 24 uur en lange tijdslijn: vanaf ontstaan)
4. Inschatting herstelbelemmerende factoren (negatief prognostisch) (bv gele vlag)
5. Inschatting herstelbevorderende factoren (positief prognostisch) (bv leefstijl)
6. Type en ernst van beperkingen in functies en activiteiten
7. Mate van beperking in participatie
8. Samenhang tussen (ICF)
a. Stoornissen onderling (oa segmentale stoornissen)
b. Beperkingen onderling
c. Stoornissen, beperkingen en participatie
9. Belasting-belastbaarheidsanalyse (inschatting van het probleem door de kinesitherapeut,
hoe is het met het lokaal en algemeen adaptief vermogen?)
10. Hulpvraag (verwachting van de therapie door de patiënt)
→ Stem de hulpvraag af, of dat je doelen wel haalbaar zijn
11. Manueeltherapeutische werkdiagnose
12. Indicatie voor manuele therapie in enge of ruime zin?
→ Enge zin = enkel manuele technieken
→ Ruime zin = onderdeel van multimodale aanpak