Toetsvragen cariologie
Onderdeel B:
Wanneer vindt de vorming van secundair dentine plaats tijdens de vorming van een gebitselement.
Dit wordt gedaan zodra de vorming van de wortels is voltooid.
In dentine onderscheid gemaakt tussen peritubulair dentine en intertubulair dentine, welke heeft het
hoogste collageengehalte?
Dit is het peritubulair dentine.
In welk deel van de speekselklier wordt het primaire speeksel gevormd?
Acinus.
In welke deel van de speekselklier wordt de zoutconcentratie van het primaire speeksel aangepast?
Ductus.
De totale hoeveelheid speeksel in onze mond bedraagt onder normale omstandigheden ongeveer 1
ml (in rust 0,3-0,4 ml, stimulatie 0,7 ml/min).
Het speeksel kan zuren in de mond neutraliseren. Welke twee buffersystemen zijn het meest
belangrijk voor de totale buffercapaciteit van het speeksel rond de fysiologische pH?
Carbonaat en fosfaat.
Wat is een verschil tussen muceuze en sereuze speekseleiwitten, de muceuze speekseleiwitten
bevatten meer?
Koolhydraten (meer suikerketens).
De serieuze speekselkliereiwitten hebben meer eiwitten.
Welke eiwitten maken het mogelijk dat er in speeksel een lichte oververzadiging van Ca kan bestaan?
Statherine -> deze is een eiwit dat calcium bindt, net als PRP’s.
Door welk proces verdwijnen de meeste zuren weer uit onze mond na een flinke slok cola?
Oral clearance.
Welke antimicrobiële factor in speeksel kan bacteriën laten samenklonteren?
Agglutinine
De oral clearance is de snelheid waarmee stoffen worden weggespoeld.
De functie van lactoferrine is om ijzerionen te binden.
Wanneer het speeksel onderverzadigd is met hydroxyapatietionen zal er..?
Meer ionen uit het kristalrooster in vloeistof komen -> calcium vrijkomen.
De kristallen in het dentine zijn kleiner dan in glazuur, maar het oppervlak is groter.
Welke cellulaire weefsels zijn er aanwezig in een gebitselement?
Cement.
Organische componenten in speeksel hebben vooral een belangrijke functie bij de afweer van
bacteriën.
Waarop berust de antimicrobiele werking van immunoglobine A stimuleert de fagocytose.
Onderdeel B:
Wanneer vindt de vorming van secundair dentine plaats tijdens de vorming van een gebitselement.
Dit wordt gedaan zodra de vorming van de wortels is voltooid.
In dentine onderscheid gemaakt tussen peritubulair dentine en intertubulair dentine, welke heeft het
hoogste collageengehalte?
Dit is het peritubulair dentine.
In welk deel van de speekselklier wordt het primaire speeksel gevormd?
Acinus.
In welke deel van de speekselklier wordt de zoutconcentratie van het primaire speeksel aangepast?
Ductus.
De totale hoeveelheid speeksel in onze mond bedraagt onder normale omstandigheden ongeveer 1
ml (in rust 0,3-0,4 ml, stimulatie 0,7 ml/min).
Het speeksel kan zuren in de mond neutraliseren. Welke twee buffersystemen zijn het meest
belangrijk voor de totale buffercapaciteit van het speeksel rond de fysiologische pH?
Carbonaat en fosfaat.
Wat is een verschil tussen muceuze en sereuze speekseleiwitten, de muceuze speekseleiwitten
bevatten meer?
Koolhydraten (meer suikerketens).
De serieuze speekselkliereiwitten hebben meer eiwitten.
Welke eiwitten maken het mogelijk dat er in speeksel een lichte oververzadiging van Ca kan bestaan?
Statherine -> deze is een eiwit dat calcium bindt, net als PRP’s.
Door welk proces verdwijnen de meeste zuren weer uit onze mond na een flinke slok cola?
Oral clearance.
Welke antimicrobiële factor in speeksel kan bacteriën laten samenklonteren?
Agglutinine
De oral clearance is de snelheid waarmee stoffen worden weggespoeld.
De functie van lactoferrine is om ijzerionen te binden.
Wanneer het speeksel onderverzadigd is met hydroxyapatietionen zal er..?
Meer ionen uit het kristalrooster in vloeistof komen -> calcium vrijkomen.
De kristallen in het dentine zijn kleiner dan in glazuur, maar het oppervlak is groter.
Welke cellulaire weefsels zijn er aanwezig in een gebitselement?
Cement.
Organische componenten in speeksel hebben vooral een belangrijke functie bij de afweer van
bacteriën.
Waarop berust de antimicrobiele werking van immunoglobine A stimuleert de fagocytose.