Samenvatting hoofdstuk 2 bestuursrecht
Doelstellingen Awb:
1. Het bevorderen van eenheid binnen de bestuursrechtelijke wetgeving.
2. Het systematiseren en vereenvoudigen van de bestuursrechtelijke wetgeving.
3. Het codificeren van ontwikkelingen die zich in de bestuursrechtelijke jurisprudentie hebben
afgetekend.
4. Het treffen van voorzieningen ten aanzien van onderwerpen die zich naar hun aard niet voor
regeling in een bijzondere wet lenen.
Hoofdstuk 1: definities en reikwijdte, begrippen die in de andere hoofdstukken terugkomen.
Hoofdstuk 2: verkeer tussen burgers en bestuursorganen, communicatieverkeer tussen burgers en
bestuursorganen.
Hoofdstuk 3: algemene bepalingen over besluiten, voorbereiding en motivering besluiten.
Hoofdstuk 4: bijzondere bepalingen over besluiten, regels over besluiten.
Hoofdstuk 5: handhaving, handhavingsbesluiten.
Hoofdstuk 6: algemene bepalingen over bezwaar en beroep
Hoofdstuk 7: bijzondere bepalingen over bezwaar en administratief beroep
Hoofdstuk 8: bijzondere bepalingen over beroep bij de rechtbank.
Hoofdstuk 9: klachtbehandeling, bij ombudsman of bestuursorgaan.
Hoofdstuk 10: bepaling over bestuursorganen, attributie, delegatie en mandaat
Hoofdstuk 11: slotbepalingen, toezicht op bestuursorganen.
Een gelaagde structuur in de Awb.
Relatie met andere wetgeving:
uniformering is een belangrijke doelstelling voor de wetgever, maar er blijven natuurlijk situaties
waarin afwijkingen noodzakelijk zijn.
1. Systeem en inhoud Awb: categorieën Awb-regels.
a. Dwingend recht, je mag er niet van af wijken, geldt voor het gehele bestuursrecht.
b. Regelend recht, er is een hoofdregel maar uitzondering is mogelijk. Afwijken mag. Als
er tenzij in staat.
c. Aanvullend recht, restbepaling alleen als er niet geregeld is dan val je daarop terug.
d. Facultatief recht, geldt alleen als het bestuursorgaan dat bepaald. Je mag zelf
bepalen of je dat wel of niet doet, het gaat om een keuze.
De Awb heeft gezorgd voor harmonisatie binnen en codificatie van het bestuursrecht, maar ook voor
een toenemende gelaagdheid in de bestuursrechtelijke wetgeving. Met het ppg op de eenheid van
bestuursrecht is in de aanwijzingen voor de regelgeving opgenomen dat in de bijzondere formele
wetten niet zomaar van algemene wetten mag worden afgeweken. Afwijken mag dus, maar dan wel
uitdrukkelijk. Om te bezien of lagere regelgevers kunnen afwijken moet je weten war voor type recht
het is. dwingend, regelend, aanvullend of facultatief. Lagere regelgevers kunnen niet afwijken van
dwingend recht.
Je gaat eerst in besluit bij een bestuursorgaan en dan maak je bezwaar bij een bestuursorgaan,
daarna ga je in beroep bij de rechter.
Doelstellingen Awb:
1. Het bevorderen van eenheid binnen de bestuursrechtelijke wetgeving.
2. Het systematiseren en vereenvoudigen van de bestuursrechtelijke wetgeving.
3. Het codificeren van ontwikkelingen die zich in de bestuursrechtelijke jurisprudentie hebben
afgetekend.
4. Het treffen van voorzieningen ten aanzien van onderwerpen die zich naar hun aard niet voor
regeling in een bijzondere wet lenen.
Hoofdstuk 1: definities en reikwijdte, begrippen die in de andere hoofdstukken terugkomen.
Hoofdstuk 2: verkeer tussen burgers en bestuursorganen, communicatieverkeer tussen burgers en
bestuursorganen.
Hoofdstuk 3: algemene bepalingen over besluiten, voorbereiding en motivering besluiten.
Hoofdstuk 4: bijzondere bepalingen over besluiten, regels over besluiten.
Hoofdstuk 5: handhaving, handhavingsbesluiten.
Hoofdstuk 6: algemene bepalingen over bezwaar en beroep
Hoofdstuk 7: bijzondere bepalingen over bezwaar en administratief beroep
Hoofdstuk 8: bijzondere bepalingen over beroep bij de rechtbank.
Hoofdstuk 9: klachtbehandeling, bij ombudsman of bestuursorgaan.
Hoofdstuk 10: bepaling over bestuursorganen, attributie, delegatie en mandaat
Hoofdstuk 11: slotbepalingen, toezicht op bestuursorganen.
Een gelaagde structuur in de Awb.
Relatie met andere wetgeving:
uniformering is een belangrijke doelstelling voor de wetgever, maar er blijven natuurlijk situaties
waarin afwijkingen noodzakelijk zijn.
1. Systeem en inhoud Awb: categorieën Awb-regels.
a. Dwingend recht, je mag er niet van af wijken, geldt voor het gehele bestuursrecht.
b. Regelend recht, er is een hoofdregel maar uitzondering is mogelijk. Afwijken mag. Als
er tenzij in staat.
c. Aanvullend recht, restbepaling alleen als er niet geregeld is dan val je daarop terug.
d. Facultatief recht, geldt alleen als het bestuursorgaan dat bepaald. Je mag zelf
bepalen of je dat wel of niet doet, het gaat om een keuze.
De Awb heeft gezorgd voor harmonisatie binnen en codificatie van het bestuursrecht, maar ook voor
een toenemende gelaagdheid in de bestuursrechtelijke wetgeving. Met het ppg op de eenheid van
bestuursrecht is in de aanwijzingen voor de regelgeving opgenomen dat in de bijzondere formele
wetten niet zomaar van algemene wetten mag worden afgeweken. Afwijken mag dus, maar dan wel
uitdrukkelijk. Om te bezien of lagere regelgevers kunnen afwijken moet je weten war voor type recht
het is. dwingend, regelend, aanvullend of facultatief. Lagere regelgevers kunnen niet afwijken van
dwingend recht.
Je gaat eerst in besluit bij een bestuursorgaan en dan maak je bezwaar bij een bestuursorgaan,
daarna ga je in beroep bij de rechter.