Evenwichten
Samenvatting
, Les 1
Wat is een evenwicht?
Vier type reacties:
1) Zuur-base Elk van deze typen kan optreden als;
2) Redox
3) Neerslag o Aflopende reactie of;
4) Complexatie o Evenwichtsreactie
Aflopende reacties
1) Reactievergelijking kloppend maken: 6 CO2 (g) + 6 H2O (l) C6H12O6 (s) +
6 O2 (g)
Wat gebeurd er als: 8 ml CO2 , 3 mol H2O, 1 mol C6H12O6 en 2 mol O2 in 1,0 L wordt
gemend
2) Molbalansschema
6 CO2 + 6 H2O C6H12O6 + 6 O2
8,0 3,0 1,0 2,0
-3,0 -3,0 + 0,5 + 3,0
5,0 0 1,5 5,0
o Vul de beginhoeveelheden in
o Aflopende reactie; dit betekent dat één van de componenten links op
gaat regel drie wordt nul, dus dan weet je regel twee ook.
o Via de mol verhouding kun je heel regel twee invullen en dan ook
regel drie
Evenwichtsreacties
o De reactie kan links en naar rechts; er is een heen- en teruggaande reactie
⇌
o Op regel drie wordt geen enkele waarde gelijk aan nul
o Het criterium (één van de componenten aan de linkerkant gaat op) geldt
dus niet meer er is dus een nieuw criterium nodig
= de toestand van een chemisch systeem waarbij alle eindconcentraties groter
zijn dan nul en de eindconcentraties zodanig zijn dat de waarde van de
concentratiebreuk gelijk is aan de waarde van de evenwichtsconstante
Criterium voor evenwicht
6 CO2 (g) + 6 H2O (l) ⇌ C6H12O6 (s) + 6 O2 (g)
8,0 3,0 1,0 2,0
-1,8 -1,8 +0,3 +1,8
6,2 1,2 1,3 3,8
Stel de concentratiebreuk op en vul regel drie in
[ C 6 H 12 O6 ] 1∗[ O2 ]6 1,31∗3,86
¿ 6 6 ¿ = 0,023
[ CO 2 ] ∗[ H 2O ] 6,26∗1,26
De waarde 0,023 is de evenwichtsconstante, Kc
Stel op een gegeven moment is er 1,2 mol (per liter) C6H12O6
6 CO2 (g) + 6 H2O (l) ⇌ C6H12O6 (s) + 6 O2 (g)
8,0 3,0 1,0 2,0
Samenvatting
, Les 1
Wat is een evenwicht?
Vier type reacties:
1) Zuur-base Elk van deze typen kan optreden als;
2) Redox
3) Neerslag o Aflopende reactie of;
4) Complexatie o Evenwichtsreactie
Aflopende reacties
1) Reactievergelijking kloppend maken: 6 CO2 (g) + 6 H2O (l) C6H12O6 (s) +
6 O2 (g)
Wat gebeurd er als: 8 ml CO2 , 3 mol H2O, 1 mol C6H12O6 en 2 mol O2 in 1,0 L wordt
gemend
2) Molbalansschema
6 CO2 + 6 H2O C6H12O6 + 6 O2
8,0 3,0 1,0 2,0
-3,0 -3,0 + 0,5 + 3,0
5,0 0 1,5 5,0
o Vul de beginhoeveelheden in
o Aflopende reactie; dit betekent dat één van de componenten links op
gaat regel drie wordt nul, dus dan weet je regel twee ook.
o Via de mol verhouding kun je heel regel twee invullen en dan ook
regel drie
Evenwichtsreacties
o De reactie kan links en naar rechts; er is een heen- en teruggaande reactie
⇌
o Op regel drie wordt geen enkele waarde gelijk aan nul
o Het criterium (één van de componenten aan de linkerkant gaat op) geldt
dus niet meer er is dus een nieuw criterium nodig
= de toestand van een chemisch systeem waarbij alle eindconcentraties groter
zijn dan nul en de eindconcentraties zodanig zijn dat de waarde van de
concentratiebreuk gelijk is aan de waarde van de evenwichtsconstante
Criterium voor evenwicht
6 CO2 (g) + 6 H2O (l) ⇌ C6H12O6 (s) + 6 O2 (g)
8,0 3,0 1,0 2,0
-1,8 -1,8 +0,3 +1,8
6,2 1,2 1,3 3,8
Stel de concentratiebreuk op en vul regel drie in
[ C 6 H 12 O6 ] 1∗[ O2 ]6 1,31∗3,86
¿ 6 6 ¿ = 0,023
[ CO 2 ] ∗[ H 2O ] 6,26∗1,26
De waarde 0,023 is de evenwichtsconstante, Kc
Stel op een gegeven moment is er 1,2 mol (per liter) C6H12O6
6 CO2 (g) + 6 H2O (l) ⇌ C6H12O6 (s) + 6 O2 (g)
8,0 3,0 1,0 2,0