100% satisfaction guarantee Immediately available after payment Both online and in PDF No strings attached 4.2 TrustPilot
logo-home
Summary

Samenvatting Nucleaire Geneeskunde - Prof. Dr. Van Laere.

Rating
-
Sold
6
Pages
32
Uploaded on
31-07-2024
Written in
2023/2024

Samenvatting van Nucleaire Geneeskunde, gegeven door Prof. Dr. Van Laere. Onderdeel van het vak Ziektemechanismen. Op basis van het handboek geschreven door Prof. Dr. Van Laere.

Institution
Course












Whoops! We can’t load your doc right now. Try again or contact support.

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Uploaded on
July 31, 2024
Number of pages
32
Written in
2023/2024
Type
Summary

Subjects

Content preview

1. Inleiding: Basisprincipes, meetapparatuur en
principes van radioprotectie
1.1. Basisprincipes
Nucleaire geneeskunde: moleculaire beeldvorming
 zeer sensitief: voor structurele/anatomische veranderingen en symptomen

Radioactiviteit: instabiele kern (neutronen en protonen) heeft te veel E  deel uitzenden ovv straling

Doel: in beeld brengen van specifieke moleculaire processen in menselijk lichaam dmv radiofarmaca

Radiofarmacon = (moleculaire) substantie, gekoppeld aan radionuclide dat gamma of beta-plus
(positron) straling uitzendt (uitwendig detecteerbaar)
 Vetormolecule: specifieke moleculaire interactie met doelwit

 Radionuclide therapie(RNT) = “metabole therapie”
 Radionucliden kunnen E op korte afstand afgeven, zoals bèta-min (elektron) en alfa stralers
o Bepaalt techniek die gebruikt moet worden voor uitlezing (PET of SPECT)

Aanmaken van radionucliden:
1. Aangeleverd na productie in kernreactor of industriele versneller
2. Ter plaatse via deeltjesversneller (klinisch cyclotron) of via generator
o Good manufracturing-practice (GMP)  zuiverheid en steriliteit
o Vb cyclotron reacties

Radioactief label van deze stoffen om die buiten lichaam te detecteren = “radiofarmaca”
 Bepaalt welke fysiologische functie gemeten wordt




Basisprincipe van beeldvorming in nucleaire geneeskunde: “tracerprincipe”
1. Zeer lage concentraties tracer: zeer hoge specifieke activiteit (activiteit/massa drager)
2. Detectie van fysiologisch proces ZONDER verstoring ervan

Optimaal tijdsvenster voor beeldvorming bepalen en waargenomen patroon interpreteren
 Kinetiek van opname, distributie, specifieke binding, en uitscheiding
 NOOIT 100% specifieke opname in orgaan

X-stralen, CT-scan, MRI, echografie: hoog ruimtelijk detail van anatomische veranderingen

Nucleaire beeldvorming meet kwantitatieve verdeling van radiofarmacon in lichaam
 Radioctiviteitsdistributie
 Volledig kwantitatief

,Vb: ziekte van Parkinson: bindingspotentiaal voor dopaminetransporters meten met scan in 10 min
1.2. Radiofarmaca
Deeltjesstraling:
- alfa-straling (heliumkern: 2p + 2n): tegengehouden door blad papier THERAPIE
- bèta-min-straling (elektron) THERAPIE
- bèta-plus straling (positron): DIAGNOSTIEK
o Bèta plus verval: 2 positrons uitgezonden dat met elektron botst  gamma-straling
 Hoge lineaire energie transfer (LET)
o Lokaal veel E op korte afstand afzetten(hoge dosis)
o RNT-toepassingen (radionuclide therapie): veel celschade; uitwendig niet detecteerbaar

Elektromagnetische straling: beta plus  gamma-straling
 Enkel voor beeldvorming gebruikt: DIAGNOSTIEK
 Gammastralers: lage LET, weinig interactie weefsel (weinig schade); uitwendig detecteerbaar

Meest gebruikte gammastraler: “technetium-99m”
 Halfleven = 6,02 uur (tijd nodig om radioactiviteit op helft te laten terugvallen)
 Stralingsenergie
o Hoog genoeg om niet te veel door lichaam geabsorbeerd te worden en uitwendige
camera te bereiken
o Niet te hoog zodat straling door meettoestel kan gestopt worden voor detectie

Molecule 20e eeuw: 18F-FDG
Normaal: glucose wordt door hexokinsase glucose 6P  glycolyse of glycogeen
18
F-FDG: zelfde reactie, maar niet herkenbaar door moleculen van Krebscyclus dus geen opstapeling

Diagnostiek: radionuclide moet max info geven in combinatie met min stralingsbelasting
 Kort halfleven

Generator : 99Mo – 99mTc
- Kolomchromatografie: molybdaat geïmmobiliseerd op Al
o Passage zoutoplossing doorheen kolom verwijdert 99mTc (elueren) als NaTcO4
o Gebruiksduur : enkele dagen (T1/2 99Mo : 66 u)
- PET: 68Ge-68Ga generator
o Gebruiksduur : maanden (T68Ge : 271 d)

Halfleven van meest gebruikte positronstralers is vrij kort

1.3. Gammacamera, SPECT, PET, hybride beeldvorming
Wetmatigheden van radioactief verval:
- Poission willekeurig proces P(Dt) = constante
- Radioactiviteit: A = dN/dt = -lN
- Exponentieel verval: A(t) = A0 e-lt
o A0= beginactiviteit (Bq); l = vervalconstante (s-1) = ln(2)/ T1/2

Maat voor hoeveelheid radioactiviteit  aantal desintegraties per seconde
1 Bq (Becquerel) = 1 desintegratie per seconde <> 1 Ci (Curie) = 37 GBq

Basisprincipe beeldvorming met isotopen: beeldkwaliteit afhankelijk van
- Aantal gedetecteerde deeltjes (fotonen)
- Gevoeligheid detector (% uitgezonden straling gedetecteerd)

,Gammacamera: 1 foton wordt uitgestuurd dat naar alle kanten gaat
Gammastraling wordt in alle richtingen random uitgezonden
 Enkel loodrecht invallende straling wordt doorgelaten dmv collimator
o Lodenplaat met uitgebreid gaatjespatroon

Invallende gammastraling wordt omgezet in lichtflitsen via scintillatiekristal
 Stralen worden geabsorbeerd: elektron in geëxciteerde toestand
 Terugvallen naar grondtoestand: lichtflits
 Lichtflitsen dmv lichtversterkers  elektrische signalen
 Beeld = 2D weergave (pixels)

Nadeel: noodzaak van collimator: maar kleine fractie uitgezonden stralen gebruikt voor beeldvorming

Beeld opgenomen met gammacamera met scintillator kristal = “scintigrafie”
Planaire scintigrafie: deel van lichaam door camera opgenomen
- Whole-body scan: ganse pt langs camera geschoven in 10 min vb. 99mTc-HDP skelet
- Dynamisch vb. 99mTc-MAG3 nier

SPECT-scan (single-photon emission computed tomography)
Tomografische 3D-scan opnemen door camera rond pt te laten draaien
 Camera in verschillende stappen of continu volledig rond pt draaien
 Iteratieve reconstructie
 2-kops SPECT (+CT) of specifieke designs (cardio)

Getriggerde studies (gating): cardiologie  camera gestuurd door ECG van pt
 Doorbloeding van hart: cyclus van hart onderverdelen
o Voorspellen of er defecten zijn in bepaalde delen van cycli
 Dynamische onderzoek om zo stukken van dat beeld te nemen

PET (positron emission tomography): 2 fotonen uitgezonden bij tracers na annihilatieproces
PET-scan: detectie van positron uitsturende radiofarmaca (beta+ straling)
 Volledige massa van elektron en positron omgezet in E: 2 fotonen van 511 keV

PET detectie: ring met scintillatiekristallen die 2 uitgezonden stralen snel kunnen detecteren
 Gebeuren “in coïncidentie”
 PET camera’s veel gevoeliger dan gammacamera’s: geen collimator (coincidentieprincipe)




Hybride beeldvorming:
Verhogen van accuraatheid van diagnostische procedures: combinatie structurele en functionele info

,Hybride toestellen: in “one-stop” zowel structurele als moleculaire info

PET-CT: CT geeft betere zichtbaarheid van karakterisatie van letsel
 Hoge specificiteit en goede ruimtelijke resolutie

Simultane PET-MR beeldvorming:
- MR: veel accurater en veelzijdiger
- Nadeel: hoge kostprijs bij aankoop en claustrofobie

1.4. Stralingsbelasting en elementen van radioprotectie
Stralingsrisico
Nucleaire GK  radioactief gemerkte moleculen tvv kleine stralingsbelasting voor pt
= minimaal en geen meetbare gevaren verbonden (net zoals bij CT- of RX-onderzoeken)
Groen = natuur (achtergrondstraling)
Rood = rampen (! letaal)
Belang van grootte-orden Donkerblauw = medisch  medische blootstelling: brede range




Stochastische biologische effecten: ernst van effect neemt NIET toe met hogere stralingen
Deterministische biologische effecten: ernst van effect neemt toe met dosis

Geabsorbeerde dosis D= maat voor hvh E van stralingsveld afgezet in eenheidsmassa absorberend
materiaal
 Voor alle types straling
- D = E/m in Joule/kg = gray (Gy)

Equivalente dosis H: H= wrxD in J/kg = Sievert (Sv)

Effectieve dosis E: globaal effect niet-homogene dosisdistributie
~ maat voor gemiddelde stralingsrisico van gehele lichaamsbestraling
- E = ∑ w T H T in Sv
S wT = 1
T
- Evaluatie risico late effecten (radioprotectie) = globaal risico ivglm unifome totaal-
lichaamsbestraling
- Houdt rekening met:
o E die straling afzet in lichaam (D)
o Type straling (via stralingswegingsfactoren, H)
o Gevoeligheid van organen via weefselwegingsfactoren die gewogen opgeteld worden
over meest stralingsgevoelige organen

Referentiekader: natuurlijke omgevingsstraling in België is 2-3 mSv op jaarbasis

, Lineair verondersteld effect (LNT: linear-no-threshold hypothesis):
Hoe meer straling hoe hoger risico op ontwikkeling van tumoren, ongeacht hoe klein de blootstelling
Effect van hormesis (stimulatie van reparatiemechanismen door lage hvh toxische blootstelling)
 Lage hoeveelheden straling zijn niet schadelijk
 12 ss breuken/d = 1 extra ds breuk/j




Fatale kankerrisico-coëfficiënt = manier om stralingdsdosis in perspectief te plaatsen
- Converteren naar absoluut risico
- Vergelijken met andere risico’s uit normaal leven
- Te consecratief
 Gemiddelde levenslang risico voor kanker en leukemie: p fat = 50.10-6 per mSv = 0.05 per Sv

Conventionele risico’s en LLE (loss of life expectancy)
 Stochastisch risico van 1 blootstelling van 10 mSv = gemiddelde verkorting van 2 d
 Roken van pakje sigaretten per dag = verkorting van levensverwachting van 2441 d

Radioprotectie bij radionucliden  beschermen tegen uitwendige en inwendige bestraling
1. Afstand tot stralingsbron (kwadratisch afnemend met afstand)
2. Duur van blootstelling
3. Afscherming tg straling

Minimis principe: geen benedengrens (bij LNT hypothese)

Stralingsbelasting nucleair technoloog/VPK
Grootste deel EXTERN
- Grote fractie door patiëntendosis; afhankelijk werkbelasting en type contact
- Gewogen gemiddelde Europa : 1.5 microSv per procedure
PET procedures : licht hogere blootstelling
- Max. 17 tot 50 microSv per procedure

Maximale toegestane stralingsbelasting (gepaard ‘redelijk’ aangenomen risico gepaard) = 20mSv per
12 opeenvolgende maanden

! Steeds het ALARA-principe toepassen

Get to know the seller

Seller avatar
Reputation scores are based on the amount of documents a seller has sold for a fee and the reviews they have received for those documents. There are three levels: Bronze, Silver and Gold. The better the reputation, the more your can rely on the quality of the sellers work.
eca210 Katholieke Universiteit Leuven
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
36
Member since
2 year
Number of followers
2
Documents
32
Last sold
2 hours ago

5.0

1 reviews

5
1
4
0
3
0
2
0
1
0

Recently viewed by you

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Frequently asked questions