Probleem 2 – Coronamaatregelen
Leerdoel I: ‘Wat is de indeling van Trias Politica?’
Montesquieu in ‘De l’esprit des lois’ – De trias politica.
I. De wetgevende macht is exclusief belast met wetgeving en rechtsvorming
a. Staten-generaal (kamers) en regering (koning en alle ministers).
II. De uitvoerende macht, ofwel het bestuur, mag de wetten slechts uitvoeren
a. Nationaal niveau: de regering.
b. Provinciaal niveau: Gedeputeerde Staten (met de commissaris van de Koning als
voorzitter)
c. Gemeentelijk niveau: college van burgemeester en wethouders.
III. De rechterlijke macht mag in geval van geschillen, conflicten tussen burgers, de wet
toepassen.
a. Rechters en officieren van justitie.
Op deze wijze zouden afzonderlijke machtigen volledig onafhankelijk van elkaar zijn.
- (Inter) checks and balances
Leerdoel II: ‘Wat is een wet?’
Sub-leerdoel II.a: ‘Hoe komen wetten tot stand?’ (formele zin)
Wetten in formele zin: besluitvorming van de regering en de Staten-Generaal gezamenlijk.
Wetsvoorstel van de Regering of de Tweede kamer. Art 81 Gw
1. Wetsvoorstel regering begint op een van de ministeries.
2. Het ontwerp en toelichting wordt voorgelegd aan de Raad van State (RvS).
3. Het voorstel met memorie van toelichting verzonden naar Tweede Kamer.
4. Parlementaire behandeling begint met een voorbereidend onderzoek, geregeld in het
Reglement van Orde (RvO) voor de Tweede Kamer.
a. Meestal vindt het plaats in een vaste Kamercommissie, die een verslag over het
voorstel uitbrengen.
5. De regering zendt een nota naar aanleiding van het verslag.
6. Openbare behandeling (fase van parlementaire behandeling): het voorstel wordt verdedigd
door betrokken ministers.
a. Algemene strekking van het voorstel
b. Artikelsgewijze behandeling, recht van amendement (art 84 Gw).
7. Stemmingen over de ingediende amendementen en de wijzigingen.
8. Aangenomen door de tweede kamer? Doorgezonden naar de eerste kamer.
a. De behandeling komt in grote lijnen overeen, maar de eerste kamer heeft niet het
recht van amendement.
b. De eerste kamer kan het voorstel alleen aanvaarden of verwerpen.
Na aanvaarding Eerste Kamer:
1. Bekrachtiging door de koning, ondertekening wetsvoorstel.
2. Deze handtekening moet op grond van ministeriele verantwoordelijkheid begeleid doorgaan
naar die van de betrokken ministers (ministeriële contraseign)
Hierdoor krijgt het wetsvoorstel kracht van wet.
Het in werking treden van een wet: de bekendmaking
- Artikel 3 Bekendmakingswet; de wet moet in het Staatsblad worden bekend gemaakt.
- Ingang eerste dag van de tweede kalendermaand na datum van bekendmaking (met
uitzonderingen).
Leerdoel I: ‘Wat is de indeling van Trias Politica?’
Montesquieu in ‘De l’esprit des lois’ – De trias politica.
I. De wetgevende macht is exclusief belast met wetgeving en rechtsvorming
a. Staten-generaal (kamers) en regering (koning en alle ministers).
II. De uitvoerende macht, ofwel het bestuur, mag de wetten slechts uitvoeren
a. Nationaal niveau: de regering.
b. Provinciaal niveau: Gedeputeerde Staten (met de commissaris van de Koning als
voorzitter)
c. Gemeentelijk niveau: college van burgemeester en wethouders.
III. De rechterlijke macht mag in geval van geschillen, conflicten tussen burgers, de wet
toepassen.
a. Rechters en officieren van justitie.
Op deze wijze zouden afzonderlijke machtigen volledig onafhankelijk van elkaar zijn.
- (Inter) checks and balances
Leerdoel II: ‘Wat is een wet?’
Sub-leerdoel II.a: ‘Hoe komen wetten tot stand?’ (formele zin)
Wetten in formele zin: besluitvorming van de regering en de Staten-Generaal gezamenlijk.
Wetsvoorstel van de Regering of de Tweede kamer. Art 81 Gw
1. Wetsvoorstel regering begint op een van de ministeries.
2. Het ontwerp en toelichting wordt voorgelegd aan de Raad van State (RvS).
3. Het voorstel met memorie van toelichting verzonden naar Tweede Kamer.
4. Parlementaire behandeling begint met een voorbereidend onderzoek, geregeld in het
Reglement van Orde (RvO) voor de Tweede Kamer.
a. Meestal vindt het plaats in een vaste Kamercommissie, die een verslag over het
voorstel uitbrengen.
5. De regering zendt een nota naar aanleiding van het verslag.
6. Openbare behandeling (fase van parlementaire behandeling): het voorstel wordt verdedigd
door betrokken ministers.
a. Algemene strekking van het voorstel
b. Artikelsgewijze behandeling, recht van amendement (art 84 Gw).
7. Stemmingen over de ingediende amendementen en de wijzigingen.
8. Aangenomen door de tweede kamer? Doorgezonden naar de eerste kamer.
a. De behandeling komt in grote lijnen overeen, maar de eerste kamer heeft niet het
recht van amendement.
b. De eerste kamer kan het voorstel alleen aanvaarden of verwerpen.
Na aanvaarding Eerste Kamer:
1. Bekrachtiging door de koning, ondertekening wetsvoorstel.
2. Deze handtekening moet op grond van ministeriele verantwoordelijkheid begeleid doorgaan
naar die van de betrokken ministers (ministeriële contraseign)
Hierdoor krijgt het wetsvoorstel kracht van wet.
Het in werking treden van een wet: de bekendmaking
- Artikel 3 Bekendmakingswet; de wet moet in het Staatsblad worden bekend gemaakt.
- Ingang eerste dag van de tweede kalendermaand na datum van bekendmaking (met
uitzonderingen).