DEEL 5: WISKUNDE
1. REKENVOORWAARDEN (op het examen wordt deze vraag
opgesplitst)
A. Je onderzoekt de ontwikkeling van het seriëren bij één kind
(3Kof1L)
Hoe ging je te werk om zowel het prenumeriek als het numeriek
seriatieinzicht in kaart te brengen? Leg deze uit a.d.h.v. een foto.
Seriatiebegrip:
o Heeft te maken met de rangorde, bijvoorbeeld van klein naar groot.
o Bij seriatie wordt er gesproken over een rangordegetal. Dit getal
verwijst alleen nog naar de positie in de getallenrij en niet meer naar
de andere eigenschappen.
Bijvoorbeeld: eerste, tweede, derde, vierde …
o Ze beseffen op die manier dat het eerste voorwerp voor het tweede
ligt en het tweede na het eerste komt.
Hoe ging ik te werk met het prenumeriek als het numeriek
seriatieinzicht?
Prenumeriek
o Ik gaf 1 lln. 5 kleurpotloden met een verschillende grootte. De leerling
moest de potloden van groot naar klein leggen. Waarbij het grootste
het dichtst bij haar lichaam en het kleinste het verste van haar lichaam
moest liggen.
Numeriek
Cursuswijzer VLOEIEND VAN 3 NAAR 1 1 www.kdg.be
,o Ik legde allemaal verschillende hoeveelheden van verschillende
voorwerpen op een blaadje.
o Zij moest er een eigen getallenrij van maken.
Zo moest ze starten met een leeg blad, en dan telkens een volgende
nieuwe en juiste hoeveelheid erachter leggen om zo aan een getallenrij
te komen.
o Ze moest dan ook vragen beantwoorden zoals:
3 is … meer dan 2 en … minder dan 4 (kardinale aspect) voor het
maken van de getallenrij
3 komt net na de … en net voor … (ordindale aspect) na het maken
van de getallenrij.
Waar staat het kind volgens jou in het ontwikkelingsproces m.b.t.
seriëren? Waarom?
Cursuswijzer VLOEIEND VAN 3 NAAR 1 2 www.kdg.be
, Ontwikkelingsproces van tellen maar gebaseerd op seriëren.
Akoestisch tellen
o Telrij opzeggen voor ze echt hoeveelheden kunnen tellen
o Zij beheerst dit al.
Van asynchroon naar synchroon tellen
o Synchroon tellen: Dit verwijst naar het tellen waarbij kinderen
begrijpen dat elk nummer in de reeks overeenkomt met een object.
Bijvoorbeeld, als ze vijf appels hebben en ze tellen "één, twee, drie,
vier, vijf" terwijl ze elke appel aanraken, begrijpen ze dat elk nummer
overeenkomt met één appel in de groep.
o Asynchroon tellen: Dit is een meer abstracte manier van tellen
waarbij kinderen getallen oplezen zonder objecten te koppelen aan elk
nummer. Ze kunnen bijvoorbeeld getallen opnoemen zonder specifieke
objecten te tellen, zoals het zeggen van "één, twee, drie, vier, vijf"
zonder fysieke objecten te tellen.
o Zij telde synchroon hoeveel voorwerpen er telkens op een ander blad
lagen.
Bv. 6 dobbelstenen echt tellen als ‘1, 2, 3, 4, 5, 6’
Resultatief tellen
o Kinderen beseffen dat het laatst uitgesproken telwoord aangeeft
hoeveel dingen ze geteld heeft. ze kennen dus het resultaat
o De lln. kan dit, zo kon ze bv. de 6 dobbelstenen tellen en dan meteen
zeggen dat 6 na de 5 hoort in de getallenrij.
Verkort tellen
o Verschillende strategieën:
Subiteren: Meteen herkennen van gestructureerde of
ongestructureerde hoeveelheid
Structurerend tellen: Tellen met sprongen
Doortellen of terugtellen
Cursuswijzer VLOEIEND VAN 3 NAAR 1 3 www.kdg.be
1. REKENVOORWAARDEN (op het examen wordt deze vraag
opgesplitst)
A. Je onderzoekt de ontwikkeling van het seriëren bij één kind
(3Kof1L)
Hoe ging je te werk om zowel het prenumeriek als het numeriek
seriatieinzicht in kaart te brengen? Leg deze uit a.d.h.v. een foto.
Seriatiebegrip:
o Heeft te maken met de rangorde, bijvoorbeeld van klein naar groot.
o Bij seriatie wordt er gesproken over een rangordegetal. Dit getal
verwijst alleen nog naar de positie in de getallenrij en niet meer naar
de andere eigenschappen.
Bijvoorbeeld: eerste, tweede, derde, vierde …
o Ze beseffen op die manier dat het eerste voorwerp voor het tweede
ligt en het tweede na het eerste komt.
Hoe ging ik te werk met het prenumeriek als het numeriek
seriatieinzicht?
Prenumeriek
o Ik gaf 1 lln. 5 kleurpotloden met een verschillende grootte. De leerling
moest de potloden van groot naar klein leggen. Waarbij het grootste
het dichtst bij haar lichaam en het kleinste het verste van haar lichaam
moest liggen.
Numeriek
Cursuswijzer VLOEIEND VAN 3 NAAR 1 1 www.kdg.be
,o Ik legde allemaal verschillende hoeveelheden van verschillende
voorwerpen op een blaadje.
o Zij moest er een eigen getallenrij van maken.
Zo moest ze starten met een leeg blad, en dan telkens een volgende
nieuwe en juiste hoeveelheid erachter leggen om zo aan een getallenrij
te komen.
o Ze moest dan ook vragen beantwoorden zoals:
3 is … meer dan 2 en … minder dan 4 (kardinale aspect) voor het
maken van de getallenrij
3 komt net na de … en net voor … (ordindale aspect) na het maken
van de getallenrij.
Waar staat het kind volgens jou in het ontwikkelingsproces m.b.t.
seriëren? Waarom?
Cursuswijzer VLOEIEND VAN 3 NAAR 1 2 www.kdg.be
, Ontwikkelingsproces van tellen maar gebaseerd op seriëren.
Akoestisch tellen
o Telrij opzeggen voor ze echt hoeveelheden kunnen tellen
o Zij beheerst dit al.
Van asynchroon naar synchroon tellen
o Synchroon tellen: Dit verwijst naar het tellen waarbij kinderen
begrijpen dat elk nummer in de reeks overeenkomt met een object.
Bijvoorbeeld, als ze vijf appels hebben en ze tellen "één, twee, drie,
vier, vijf" terwijl ze elke appel aanraken, begrijpen ze dat elk nummer
overeenkomt met één appel in de groep.
o Asynchroon tellen: Dit is een meer abstracte manier van tellen
waarbij kinderen getallen oplezen zonder objecten te koppelen aan elk
nummer. Ze kunnen bijvoorbeeld getallen opnoemen zonder specifieke
objecten te tellen, zoals het zeggen van "één, twee, drie, vier, vijf"
zonder fysieke objecten te tellen.
o Zij telde synchroon hoeveel voorwerpen er telkens op een ander blad
lagen.
Bv. 6 dobbelstenen echt tellen als ‘1, 2, 3, 4, 5, 6’
Resultatief tellen
o Kinderen beseffen dat het laatst uitgesproken telwoord aangeeft
hoeveel dingen ze geteld heeft. ze kennen dus het resultaat
o De lln. kan dit, zo kon ze bv. de 6 dobbelstenen tellen en dan meteen
zeggen dat 6 na de 5 hoort in de getallenrij.
Verkort tellen
o Verschillende strategieën:
Subiteren: Meteen herkennen van gestructureerde of
ongestructureerde hoeveelheid
Structurerend tellen: Tellen met sprongen
Doortellen of terugtellen
Cursuswijzer VLOEIEND VAN 3 NAAR 1 3 www.kdg.be