100% satisfaction guarantee Immediately available after payment Both online and in PDF No strings attached 4.2 TrustPilot
logo-home
Summary

Samenvatting - Staats en bestuursrechtelijke aspecten

Rating
-
Sold
-
Pages
8
Uploaded on
03-06-2024
Written in
2023/2024

samenvatting van alle hoofdstukken die worden behandeld tijdens het vak staats- en bestuursrechtelijke aspecten van de opleiding Sociaal Juridische Dienstverlening

Institution
Course









Whoops! We can’t load your doc right now. Try again or contact support.

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Uploaded on
June 3, 2024
Number of pages
8
Written in
2023/2024
Type
Summary

Subjects

Content preview

Staatsrecht samenvatting (02-02-2024 8:30 uur)

H2 Staatsrecht  houdt zich bezig met de organisatie van de overheid
Een staat wordt gekenmerkt door 3 zaken:

- Bewoners (= mensen met een (Nederlandse) nationaliteit of mensen die langdurig legaal mogen
verblijven)
- Grondgebied (= gebied waar de staat macht kan uitoefenen)
- Staatsgezag (= er is een overheid bestaande uit bestuursorganen)

Staten zijn soeverein  de hoogste en onafhankelijke macht om wetten te maken en toe te passen
binnen de eigen grenzen en om internationale betrekkingen te onderhouden. In sommige gevallen
leveren staten vrijwillig een stuk van deze soevereiniteit in om internationaal samen te werken (zoals
EU).

Rechtsstaat  een staatsvorm waarin wederzijdse rechten en plichten van burgers en overheid zijn
vastgelegd in wetten. Alleen de staat (en haar lagere overheden) mag regels opleggen en afdwingen
met dwangmiddelen.

Omdat de overheid veel macht heeft moet die macht goed worden gebruikt. De rechtstaat kent daarom
een aantal uitgangspunten om die macht zuiver uit te oefenen:

1. Trias politica (scheiding der machten):
- Wetgevende macht, stelt algemeen bindende regels vast  belangrijkste wetten worden
vastgesteld door Staten-Generaal samen met de regering
- Uitvoerende macht/het bestuur, de organen die regels toepassen, zorgen dat ze uitgevoerd
worden  de regering, daarbij geholpen ambtenaren en uitvoeringsdiensten
- Rechterlijke macht, doet uitspraak bij juridische geschillen  rechtbanken, gerechtshoven,
Hoge raad etc.

De machten dienen los van elkaar te staan en door 3 onafhankelijke instanties worden
uitgevoerd.

In Nederland zijn de machten niet volledig gescheiden. Zo heeft de Raad van State een
dubbelfunctie: hij adviseert over landelijke wetgeving (en is daarmee betrokken bij de
wetgevende taak) maar is ook de hoogste rechter een aantal bestuursrechtelijke geschillen.

2. Legaliteitsbeginsel:
Elk overheidsoptreden moet op een democratische wijze tot stand komen en op algemeen
verbindende regel gebaseerd zijn.

3. Grondrechten:
Zijn opgenomen in de grondwet en bestaan uit klassieke en sociale grondrechten:
- Klassieke grondrechten (vrijheidsrechten):
Vrijheid van meningsuiting
Vrijheid van godsdienst
Vrijheid van vergadering
- Sociale grondrechten (actieve opdracht aan de overheid) €:
Recht op onderwijs
Recht op arbeid
Recht op sociale zekerheid

Monarchie  staatshoofd koning

Republiek  staatshoofd president

H4 Regering  Koning en ministers
In Nederland heeft de koning feitelijk weinig macht en vooral een representatieve/symbolische functie.



Rol/taken van de koning:

- Voornamelijk ceremoniële functie  staatsbezoeken

, - Voorzitter Raad van State (geen actieve rol)  voorzitten wordt overgedragen aan vicevoorzitter
- Deel van koninklijk huis
- Deel van de regering
- Wetten/besluiten ondertekenen
- Troonrede voorlezen op Prinsjesdag

Ministeriële verantwoordelijkheid  de regering, doorgaans in de persoon van de minister-president,
wordt aangesproken op uitspraken en daden van de leden van het koninklijk huis.

Kabinet  ministers en staatssecretarissen (ook wel bewindslieden genoemd)

Een minister is het hoofd van departement/ministerie. Elk departement gaat over één of meer
beleidsterreinen zoals financiën, onderwijs en cultuur.

Op het ministerie werken ambtenaren  vakspecialisten die het beleid van het ministerie voorbereiden
(onder meer door het opstellen van wetsontwerpen en beleidsnota’s). Ze zijn ook betrokken bij de
uitvoering van het beleid.

Minister met portefeuille  eigen ministerie, een departement, waar ambtenaren voor hem werken.

Minister zonder portefeuille  heeft werkruimte bij andere ministers in het departement en kan een
beroep doen op ambtenaren.

Een staatssecretaris staat formeel onder een minister, maar heeft in de praktijk veel ruimte binnen de
eigen taken. Mogelijkheden worden beperkt door het regeerakkoord en door wetten die steun nodig
hebben van minimaal de meerderheid van beide kamers.

De bewindslieden op zo’n departement/ministerie samen verantwoordelijk voor het voeren van beleid
en zetten dit beleid voor het departement/ministerie uit. Ze zijn verantwoordelijk voor alles wat daar
gebeurt in zowel beleidsvoorbereiding als -uitvoering. Ook vertegenwoordigen zij de regering in de raad
van ministers van de EU.

Ministers vormen samen de ministerraad  het overleg- en besluitvormingsorgaan van de regering. Als
een minister afwezig is wordt hij vervangen door een andere minister en niet door zijn staatssecretaris.
Staatssecretarissen zijn uitsluitend aanwezig als indien hun portefeuille aan de orde is.

De minister-president is voorzitter van de ministerraad, maar is formeel gelijk aan alle ministers
(primus inter pares):

- Eerste woordvoerder van de regering
- Treedt zodoende op bij belangrijke debatten als de regeringsverklaring en de algemene politieke
beschouwingen
- Houdt de persconferenties na wekelijkse vergaderingen
- Nederlandse vertegenwoordiger in de Europese raad

Staten-Generaal/parlement:

1. Tweede kamer
- 150 leden
- Elke 4 jaar rechtstreeks gekozen door kiesgerechtigde Nederlanders

2. Eerste kamer
- 75 leden
- Elke 4 jaar door leden van Provinciale Staten gekozen

Taken parlement:

- Vaststellen van wetten samen met de regering
- Controleren van de regering. Toezien op de vraag of genomen besluiten wel worden uitgevoerd
en of dit op effectieve en efficiënte wijze gebeurt.


Fractie  bestaat uit Kamerleden die voor dezelfde partij gekozen zijn. Hoe groter de fractie, hoe meer
invloed. Elke fractie heeft een voorzitter die de fractie leidt en als eerste woordvoerder optreedt.

Raad van State (RVS):
$8.25
Get access to the full document:

100% satisfaction guarantee
Immediately available after payment
Both online and in PDF
No strings attached

Get to know the seller
Seller avatar
YousraAtmani

Get to know the seller

Seller avatar
YousraAtmani Saxion Hogeschool
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
3
Member since
1 year
Number of followers
0
Documents
3
Last sold
7 months ago

0.0

0 reviews

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recently viewed by you

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Frequently asked questions