Saskia Ensel
SCHEIKUNDE: POLYMEREN
Polymeer= een stof die bestaat uit lange moleculen. ‘Poly’ betekent veel
Polymeren bestaat uit monomeren
+ + → Polymeer (bestaat uit meerdere monomeren).
Een polymerisatiereactie.
+ + → Copolymeer (bestaat uit verschillende monomeren).
De meeste polymeren zijn vast bij kamer temperatuur, dat komt doordat ze onderling sterk verbonden zijn
(voor vanderwaalsbindingen en H-bruggen).
Polymeren ontstaan door polymerisatiereactie. ‘Polymiseren’ betekent koppelen. Dit kan op 2 manieren.
1. Polyadditie: monomeermoleculen koppelen door het open breken
van de dubbele bindingen. Polyadditie kan al met 1 molecuul en er
ontstaan geen bijproducten. Er is een initiator nodig en uv-licht om de
reactie op gang te brengen.
2. Polycondensatie: Het koppelen van monomeermoleculen met
karakteristieke groepen. In de monomeren moeten COOH-
groepen en OH-groepen of COOH-groepen en NH2-groepen zitten.
Er ontstaat een amidebinding of een esterbinding. En als
bijproduct ontstaat water.
Je schrijft meestal 3 moleculen op in de structuurformule. Aan weerzijden van de moleculen kun je het teken
‘~’ dit betekent dat de polymeerketen aan beide kanten nog kan doorlopen en verder kan binden.
Naamgeving monomeer= het voorvoegsel is de karakteristiek groep met de laagste prioriteit + het
achtervoegsel karakteristiek met de hoogste prioriteit.
De prioriteit kun je vinden in T66D van de Binas.
Naamgeving polymeer= poly + naam monomeer
Wanneer meerdere aminozuren polymiseren dan is het ontstane polymeer een polypeptide en de amidebinding
noem je een peptidebinding.
Synthetische polymeren: kunststoffen, plastic & pvc.
Natuurlijke polymeren: stoffen die in levende organismen voorkomen zoals eiwitten & cellulose.
SYNTHETISCHE POLYMEREN
Alle kunststoffen hebben een aantal eigenschappen gemeen: ze zijn licht, sterk, roestvrij en je kunt ze makkelijk
van vorm en kleur veranderen.
Je kunt de synthetische polymeren verdelen in drie groepen op basis van hun gedrag bij verwarming. Dat
gedrag wordt veroorzaakt door verschillen in structuur van de polymeermoleculen.
Kunststof: Thermoplasten Thermoharders Elastomeren
Eigenschappen: Kunststoffen die bij Kunststoffen die niet Kunststoffen die flexibel
verwarming zacht zacht worden als je ze zijn. Ze kunnen na
worden. Ze keren niet verwarmt. De moleculen verwarming hun
meer terug naar hun zijn onderling met elkaar oorspronkelijke vorm
oorspronkelijke toestand verbonden door weer terugkrijgen. Ze
na verwarming. Ze crosslinks. zijn ook onderling
SCHEIKUNDE: POLYMEREN
Polymeer= een stof die bestaat uit lange moleculen. ‘Poly’ betekent veel
Polymeren bestaat uit monomeren
+ + → Polymeer (bestaat uit meerdere monomeren).
Een polymerisatiereactie.
+ + → Copolymeer (bestaat uit verschillende monomeren).
De meeste polymeren zijn vast bij kamer temperatuur, dat komt doordat ze onderling sterk verbonden zijn
(voor vanderwaalsbindingen en H-bruggen).
Polymeren ontstaan door polymerisatiereactie. ‘Polymiseren’ betekent koppelen. Dit kan op 2 manieren.
1. Polyadditie: monomeermoleculen koppelen door het open breken
van de dubbele bindingen. Polyadditie kan al met 1 molecuul en er
ontstaan geen bijproducten. Er is een initiator nodig en uv-licht om de
reactie op gang te brengen.
2. Polycondensatie: Het koppelen van monomeermoleculen met
karakteristieke groepen. In de monomeren moeten COOH-
groepen en OH-groepen of COOH-groepen en NH2-groepen zitten.
Er ontstaat een amidebinding of een esterbinding. En als
bijproduct ontstaat water.
Je schrijft meestal 3 moleculen op in de structuurformule. Aan weerzijden van de moleculen kun je het teken
‘~’ dit betekent dat de polymeerketen aan beide kanten nog kan doorlopen en verder kan binden.
Naamgeving monomeer= het voorvoegsel is de karakteristiek groep met de laagste prioriteit + het
achtervoegsel karakteristiek met de hoogste prioriteit.
De prioriteit kun je vinden in T66D van de Binas.
Naamgeving polymeer= poly + naam monomeer
Wanneer meerdere aminozuren polymiseren dan is het ontstane polymeer een polypeptide en de amidebinding
noem je een peptidebinding.
Synthetische polymeren: kunststoffen, plastic & pvc.
Natuurlijke polymeren: stoffen die in levende organismen voorkomen zoals eiwitten & cellulose.
SYNTHETISCHE POLYMEREN
Alle kunststoffen hebben een aantal eigenschappen gemeen: ze zijn licht, sterk, roestvrij en je kunt ze makkelijk
van vorm en kleur veranderen.
Je kunt de synthetische polymeren verdelen in drie groepen op basis van hun gedrag bij verwarming. Dat
gedrag wordt veroorzaakt door verschillen in structuur van de polymeermoleculen.
Kunststof: Thermoplasten Thermoharders Elastomeren
Eigenschappen: Kunststoffen die bij Kunststoffen die niet Kunststoffen die flexibel
verwarming zacht zacht worden als je ze zijn. Ze kunnen na
worden. Ze keren niet verwarmt. De moleculen verwarming hun
meer terug naar hun zijn onderling met elkaar oorspronkelijke vorm
oorspronkelijke toestand verbonden door weer terugkrijgen. Ze
na verwarming. Ze crosslinks. zijn ook onderling