Onderwerpen:
- Executie & faillissement
- Rangorde bij verhaal
- Pand & hypotheek
Recht halen; het probleem
- A heeft computerprogramma verkocht en geleverd aan B
- B verplicht tot betaling koopprijs €40.000
- A heeft vordering op B
- B weigert te betalen
- herhaaldelijk aangemaand en in gebreke gesteld
- Wat moet A doen om de koopprijs te innen?
EXECUTIE
- Executie (tenuitvoerlegging) = toepassing van door het recht ter beschikking gestelde dwangmiddelen
ter verwezenlijking van een civielrechtelijke aanspraak
- Eigenrichting is verboden!
Voorbeelden van dwangmiddelen
1. Gedwongen ontruiming onroerende zaak door deurwaarder (art. 555 Rv.)
2. Het aanwijzen van een ‘dwangvertegenwoordiger’ door de rechter (art. 3:300 BW)
3. Executoriaal beslag gevolgd door executoriale verkoop: voor het verhaal van een geldvordering
Verhaal van een geldvordering
- Art. 3:276 BW: ‘mag op alle goederen van zijn schuldenaar beslag leggen’
- Executoriaal beslag leggen op afzonderlijke goed(eren)
- deurwaarder
- Vereist: executoriale titel (art. 430 Rv.)
- grosse van een vonnis waarbij debiteur tot bepaalde prestatie wordt veroordeeld
- grosse van een notariële akte
- ‘in naam van de Koning’
- Executoriale verkoop van beslagen goed(eren)
Het recht van parate executie
- Recht om zonder executoriale titel tot verhaal op goederen van schuldenaar over te gaan
- Op grond van de wet:
- pandhouder (art. 3:248 BW)
- hypotheekhouder (art. 3:268 BW)
Verhaal vordering door executoriaal beslag
1. Ontstaan vordering
2. Schuldenaar komt niet vrijwillig na
3. Vonnis rechter —> grosse (= executoriale titel)
- of grosse notariële akte (= executoriale titel)
4. Executoriaal beslag
- door deurwaarder in opdracht van schuldeiser
- schuldenaar wordt beschikkingsonbevoegd t.a.v. beslagen goed (art. 505 lid 2 Rv)
5. Executoriale verkoop goed
6. Vordering schuldeiser wordt voldaan uit opbrengst
FAILLISSEMENT
- Gerechtelijk beslag op gehele vermogen schuldenaar (‘failliete boedel’)
- Doel: verdeling hiervan onder gezamenlijke schuldeisers
- Vonnis van faillietverklaring (art. 1 Fw.)
- gepubliceerd in Staatscourant en faillissementsregister
- Meestal op verzoek van een schuldeiser
- Vereist: schuldenaar verkeert in de toestand dat hij heeft opgehouden te betalen (artt. 1 en 6 lid 3 Fw.)
- er moeten meerdere schuldeisers zijn
, Gevolgen faillissement
- Benoeming rechter-commissaris
- Benoeming curator(en)
- beheert boedel
- verifieert vordering (verificatie)
- maakt boedel te gelde (liquidatie)
- verdeelt opbrengst (uitdeling)
- Failliet wordt beschikkingsonbevoegd (art. 23 Fw.)
- door zijn beschikkingsonbevoegdheid kan hij zijn bedoel niet leveren
- hij blijft handelingsbekwaam
- kan alleen zichzelf binden, niet de bedoel (art. 24 Fw.)
- Curator is beschikkingsbevoegd
- Gelegde beslagen vervallen (art. 33 lid 2 Fw.)
Faillissement en schuldeisers
- Zij die persoonlijk vorderingsrecht hebben
- vordering bij curator indienen ter verificatie
- bestaat de vordering? welke rang?
- erkende vorderingen delen mee in de opbrengst
- Uitzondering: separatisten
- pand- en hypotheekhouder
- kunnen tot openbare verkoop overgaan ‘alsof er geen faillissement ware’ (art. 57 Fw.)
- Eigenaars en beperkt gerechtigden
- eigenaar kan goed van curator revindiceren
- recht beperkt gerechtigde blijft in stand (droit de suite)
Conclusie: mensen met persoonlijk vorderingsrecht moeten hun vordering indienen bij de curator. Mensen
met een goederenrechtelijkrecht, kunnen dwars door het faillissement heen hun eigendom opeisen.
RANGORDE BIJ VERHAAL
- Hoe moeten schuldeisers worden voldaan uit ‘netto opbrengst’ van goederen schuldenaar?
- eerste worden executiekosten voldaan
- Art. 3:277 lid 1
- Hoofdregel persoonlijke vorderingsrechten: gelijkheid van crediteuren (paritas creditorum)
- maakt niet uit welke vordering eerder was
- voldoen naar evenredigheid
- Uitzondering: voorrang (preferentie)
- concurrente vordering <—? ‘preferente vorderingen’