Module 4.2 Leefklimaat creëren
Bachelor Social Work DT
,S. Marais | 211085 | Module 4.2 2
Inhoud
Inleiding.................................................................................................................................................3
Indicator 1: De student creëert in de groep leersituaties voor de cliënten met het oog op hun herstel en
functioneren in de samenleving..............................................................................................................3
Voorbeeld 1:.......................................................................................................................................3
Voorbeeld 2:.......................................................................................................................................5
Indicator 2: De student handelt in geval van conflictsituaties de-escalerend..........................................8
Indicator 3: De student neemt, indien nodig, in overleg verantwoordelijkheden over en geeft die, zodra
dit mogelijk is, weer terug......................................................................................................................9
Indicator 4: De student werkt preventief om de inzet van dwang en drang of verergering van de
psychische aandoening te voorkomen...................................................................................................11
Indicator 5: De student richt de materiële en immateriële omgeving zo in dat de ontwikkeling van de
cliënten bevorderd wordt......................................................................................................................12
Reflectie...............................................................................................................................................14
Referenties............................................................................................................................................14
Bijlage A: Siganleringsplan Martinus...................................................................................................17
, S. Marais | 211085 | Module 4.2 3
Inleiding
Sinds 2021 ben ik in dienst bij het Leger des Heils. Mijn werk bestaat uit het thuis bezoeken
van cliënten om hen te ondersteunen bij het (her)starten van hun leven. Mijn cliënten hebben
verschillende psychiatrische en/of verslavingsproblematiek(en) en vragen allemaal om een unieke
aanpak. Sommige cliënten wonen volledig zelfstandig en anderen in woonprojecten tussen van het
Leger des Heils en woningbouwverenigingen.
In deze opdracht beschrijf ik hoe ik leersituaties heb gecreëerd in een groep bewoners binnen
Project N(een residentieel project) met aandacht voor hun herstel. Ook leg ik uit hoe we samen met
bewoners de gemeenschappelijke ruimte hebben ontworpen om een ruimte te creëren die sociale
interactie en verbondenheid kan stimuleren. Ik neem de lezer mee in het proces van het opstellen van
een signaleringsplan voor een bewoner van Project N en vertel hoe ik een zelfstandig wonende cliënt
ondersteunde bij het nemen van regie toen ze in een crisis belandde. Ik reflecteer verder op mijn
handelen, wat ik heb geleerd en hoe het voor mijn cliënt heeft uitgepakt. Voor indicator twee heb ik
een certificaat bijgevoegd van deelname aan een de-escalatietraining. Mijn praktijkbegeleider heeft
mijn opdracht beoordeeld met een excellent.
Indicator 1: De student creëert in de groep leersituaties voor de cliënten met het oog op hun
herstel en functioneren in de samenleving.
Voorbeeld 1:
Ron is een 65-jarige man met schizofrenie. Jaren geleden ging Ron naar de daklozenopvang
van het Leger des Heils waar hij later werd overgeplaatst naar beschermd wonen. Na tientallen jaren is
hij zelfstandig gaan wonen. Vanwege zijn jarenlange opname, vermoed ik dat Ron het
hospitalisatiesyndroom heeft. Bij Ron volgens Narton (1959) wordt het hospitalisatiesyndroom
gekenmerkt door afwezigheid van initiatief en interesse, apathie en onderdanigheid na jaren in een
klinische setting te hebben gewoond. Daarnaast zie ik terug dat Ron de gedragsregels en normen van
zijn vorige instelling steeds met zich meenam en eigen gemaakt heeft (van der Horst & Jongman,
2008). In gesprekken over huishoudelijke taken en dag invulling vertelde Ron dat hij het doet zoals het
in de instelling gebeurde. Hij gaf zelf aan dat hij zich alleen als patiënt (cliënt) kan onthouden. Ik
beschrijf dat als een verlies van eigen identiteit. Hij hoefde de afwas niet te doen en zijn wc was altijd
schoongemaakt. Hij beschikt de vaardigheden niet heeft geen behoeften die te leren. Als ik bij Ron
binnenkom, zit hij op een stoel en staart levenloos naar de televisie. Hij is moeilijk te motiveren en ziet
geen beeld bij zijn toekomst.
Om Rob's gehospitaliseerde gedrag tegen te gaan, nam ik een herstelondersteunende
werkmodus aan. Ik richtte me op het persoonlijk herstel van Ron en ondersteunde hem bij het
Bachelor Social Work DT
,S. Marais | 211085 | Module 4.2 2
Inhoud
Inleiding.................................................................................................................................................3
Indicator 1: De student creëert in de groep leersituaties voor de cliënten met het oog op hun herstel en
functioneren in de samenleving..............................................................................................................3
Voorbeeld 1:.......................................................................................................................................3
Voorbeeld 2:.......................................................................................................................................5
Indicator 2: De student handelt in geval van conflictsituaties de-escalerend..........................................8
Indicator 3: De student neemt, indien nodig, in overleg verantwoordelijkheden over en geeft die, zodra
dit mogelijk is, weer terug......................................................................................................................9
Indicator 4: De student werkt preventief om de inzet van dwang en drang of verergering van de
psychische aandoening te voorkomen...................................................................................................11
Indicator 5: De student richt de materiële en immateriële omgeving zo in dat de ontwikkeling van de
cliënten bevorderd wordt......................................................................................................................12
Reflectie...............................................................................................................................................14
Referenties............................................................................................................................................14
Bijlage A: Siganleringsplan Martinus...................................................................................................17
, S. Marais | 211085 | Module 4.2 3
Inleiding
Sinds 2021 ben ik in dienst bij het Leger des Heils. Mijn werk bestaat uit het thuis bezoeken
van cliënten om hen te ondersteunen bij het (her)starten van hun leven. Mijn cliënten hebben
verschillende psychiatrische en/of verslavingsproblematiek(en) en vragen allemaal om een unieke
aanpak. Sommige cliënten wonen volledig zelfstandig en anderen in woonprojecten tussen van het
Leger des Heils en woningbouwverenigingen.
In deze opdracht beschrijf ik hoe ik leersituaties heb gecreëerd in een groep bewoners binnen
Project N(een residentieel project) met aandacht voor hun herstel. Ook leg ik uit hoe we samen met
bewoners de gemeenschappelijke ruimte hebben ontworpen om een ruimte te creëren die sociale
interactie en verbondenheid kan stimuleren. Ik neem de lezer mee in het proces van het opstellen van
een signaleringsplan voor een bewoner van Project N en vertel hoe ik een zelfstandig wonende cliënt
ondersteunde bij het nemen van regie toen ze in een crisis belandde. Ik reflecteer verder op mijn
handelen, wat ik heb geleerd en hoe het voor mijn cliënt heeft uitgepakt. Voor indicator twee heb ik
een certificaat bijgevoegd van deelname aan een de-escalatietraining. Mijn praktijkbegeleider heeft
mijn opdracht beoordeeld met een excellent.
Indicator 1: De student creëert in de groep leersituaties voor de cliënten met het oog op hun
herstel en functioneren in de samenleving.
Voorbeeld 1:
Ron is een 65-jarige man met schizofrenie. Jaren geleden ging Ron naar de daklozenopvang
van het Leger des Heils waar hij later werd overgeplaatst naar beschermd wonen. Na tientallen jaren is
hij zelfstandig gaan wonen. Vanwege zijn jarenlange opname, vermoed ik dat Ron het
hospitalisatiesyndroom heeft. Bij Ron volgens Narton (1959) wordt het hospitalisatiesyndroom
gekenmerkt door afwezigheid van initiatief en interesse, apathie en onderdanigheid na jaren in een
klinische setting te hebben gewoond. Daarnaast zie ik terug dat Ron de gedragsregels en normen van
zijn vorige instelling steeds met zich meenam en eigen gemaakt heeft (van der Horst & Jongman,
2008). In gesprekken over huishoudelijke taken en dag invulling vertelde Ron dat hij het doet zoals het
in de instelling gebeurde. Hij gaf zelf aan dat hij zich alleen als patiënt (cliënt) kan onthouden. Ik
beschrijf dat als een verlies van eigen identiteit. Hij hoefde de afwas niet te doen en zijn wc was altijd
schoongemaakt. Hij beschikt de vaardigheden niet heeft geen behoeften die te leren. Als ik bij Ron
binnenkom, zit hij op een stoel en staart levenloos naar de televisie. Hij is moeilijk te motiveren en ziet
geen beeld bij zijn toekomst.
Om Rob's gehospitaliseerde gedrag tegen te gaan, nam ik een herstelondersteunende
werkmodus aan. Ik richtte me op het persoonlijk herstel van Ron en ondersteunde hem bij het