Blok 2.4 – Geschiedenis van Opvoeding en Onderwijs
Waarom is het van belang de geschiedenis te bestuderen?
1.
2.
3.
4.
5.
1. We kunnen afstand nemen van de huidige gebeurtenissen
2. Daardoor kunnen we kritisch reflecteren
3. Veranderingen kunnen teweeg worden gebracht
Grote geschiedenisquiz
1. Groen
2. Rood (rust, reinheid, regelmaat de woorden van Van Hulst)
3. Groen
4. Groen
5. Groen (zindelijk met 2 jaar, door voldoende hersenontwikkeling)
6. Groen (Kinderen die vragen worden overgeslagen uitspraak van John Locke)
Filmpje Locke niet in tentamen
Watson
Cognitieve gedragstherapie (met gedragsinterventies)
Benaderingen in de gezinshistorische pedagogiek
1. Demografische benadering, kijkt naar geboortecijfers, sterfte cijfers, huwelijksleeftijd in het
gezin, waar wonen die gezinnen, wonen ze samen, hoe oud worden de kinderen, inkomsten
Je krijgt een beeld van de buitenkant van het gezin, zegt weinig over opvoeding,
meer om cijfers
2. Affectieve benadering, kijkt naar dagboeken, kleding, speelgoed, persoonlijke brieven naar
elkaar
Wat leeft er binnen het gezin, welke emoties en affecties worden getoond
3. Historische maatschappijwetenschappen, kijkt naar wetgeving, technologische
ontwikkelingen (automatisering, hulpmiddelen in het huishouden), verhoudingen in het gezin
Gezin in de context van de maatschappij
Je moet naar alle drie de benaderingen kijken
Hoe ga je met beschikbare bronnen om?
- In hoeverre is een bron representatief
- In hoeverre geven bronnen de werkelijke dagelijkse opvoedpraktijk weer
- Regionale verschillen (in verschillende landen worden dingen anders gedaan)
- Oorsprong van de bron (wie heeft het geschreven en voor wie is het bedoeld)
Als je kijkt naar opvoeding en onderwijs, moet je rekening houden met plaats en tijd. Het idee hoe je
moet opvoeden verandert door de tijd heen en verschilt per plaats op de wereld.
Hoe doet men het elders, wat kunnen wij daar mee doen?
Dit is de leidraad bij de opdrachten kritisch beschouwen
1
,College 2 – foundation of society
Veronderstelling: op basis hiervan kan je een oplossing voor een probleem bedenken.
De blik die jij in het hoofd hebt (mentaal schema) bepaalt hoe jij gaat handelen
Ons eigen idee over de maatschappij komt van:
- Ervaringen
- Ouders
- Cultuur
- School (!)
Bijvoorbeeld: Nederlands kind heeft ruzie gehad op school en heeft het uitgepraat en een compromis
gesloten. Amerikaanse vader denkt te hebben gefaald in het ouderschap, omdat het nog steeds niet
duidelijk is wie er gelijk heeft. = andere cultuur, kind heeft dit geleerd op school
Wij kijken naar de toekomst door een ‘lens’ van vroeger – Marshall McLuhan
Jean-Jacques Rousseau (1712 - 1778)
Was een van de grootste, invloedrijkste denkers. Dacht na over 2 fundamentele onderwerpen:
de maatschappij en het individu en de relatie hiertussen
Opgevoed door zijn vader, moeder was dood
Schreef twee belangrijke boeken in de geschiedenis
Had 4/5 kinderen waar hij niks mee deed, maar schreef wel een boek over hoe je moet
opvoeden.
Standpunt: Mensen zijn van nature goed
o Alles is goed zoals het uit handen van de Schepper komt, alles raakt verdorven in de
handen van de mens.
o Childhood is the sleep of reason = in de kindertijd slaapt de rede, het is niet aanwezig
(ze kunnen nog niet zo goed nadenken)
In principe is de sterke (man) afhankelijk van de zwakkere (vrouw) = wet van de natuur
‘’To get freedom, you need to give freedom’’ = voor wat hoort wat
Bijvoorbeeld: je wil veilig op je werk komen, dan moet je bijvoorbeeld geduld
hebben dus tijd inleveren, want je moet je aan de snelheidslimiet houden (sociale
contract)
Theorie van de natuurlijke mens
De eerste man die een stuk land omheinde zei ‘dit is van mij’ en iedereen geloofde het. Dit is
de stichter van de burgerschapsmaatschappij.
Er is een strijd tussen de natuur en de burger (hoe zijn we geboren en hoe zijn we nu echt)
John Locke
Alles hangt af van ervaringen (experience), kennis is nooit aangeboren. Als je het niet hebt
ervaren, is het er niet.
Het gaat niet om mogelijkheden, maar om de inhoud van ‘the mind’. Er zijn dingen in ons
hoofd, die we nog niet ervaren hebben.
Je moet een kind niet dwingen, maar je moet hem uitlokken
Je moet geen tijd besteden aan muziek en poëzie, maar wel aan paardrijden, dansen en
schermen.
o Paardrijden: van a naar b komen
o Dansen: interactie tussen man en vrouw
Geen dwang, maar leren lezen in spelvorm
Je moet leren met iemand die ‘hoger’ is
Doel van onderwijs is het gehoorzamen/aanleren van de reden (in plaats van passie)
Kinderen zijn rationeel (staat tegenover Rousseau)
2
, John Dewey
Had enorme invloed op welk onderwijs wij nu krijgen
2 ideeën over scholen en civil society:
o Educatie moet altijd leren integreren met ervaren
o Een curriculum moet het kind benadrukken in plaats van het onderwerp. (dus kinderen
moeten niet denken: we leren het omdat het een verplicht vak is)
Wilde het huidige onderwijssysteem volledig schrappen
We moeten uitgaan van de energie van kinderen
We moeten niet te snel kinderen op een bepaald niveau ‘droppen’
o Goed met je handen MBO
o Goed na kunnen denken VWO
o Twijfel? havo, we zien wel
Je moet het kind kind laten zijn
Er is een spanningsveld tussen onze wil om te leren en het curriculum (soms wil je ergens
meer over weten maar kan dat niet)
Progressief onderwijs:
Montessori: help me om het zelf te doen
Het gaat er om wat de student met de informatie doet, niet hoe goed het hoorcollege is
Uitgangspunt: meer vrijheid voor het individu dan bij het traditionele onderwijs
Er is een overgang van de maatschappij naar het individu
Locke + Rousseau + Dewey hoe kunnen we het individu los zien van de maatschappij? Het
individu is een individu met een lidmaatschap in de maatschappij. Het individu ‘hoort bij’ een groep.
Je moet voorzichtig zijn dat je het niet zo gaat zien, je moet iemand wel als individu blijven zien.
Foundation of a Society
Je moet de berg zien als de maatschappij.
Er wordt op de foto’s vanuit twee perspectieven gekeken.
Bottom-up
Top-down
Je moet niet alleen naar je eigen perspectief kijken, maar ook naar het perspectief van een ander.
Kritisch beschouwen: je veronderstellingen identificeren en daarna bewust zijn dat er een bias in zit.
‘Wat is het en hoe denk ik er over?’. Iets is niet goed of fout, maar iedereen heeft z’n eigen blik ergens
op; wat denk je van dit/dat?
Het is belangrijker dat ouders support en steun bieden dan kennis overdragen.
Laura Dekker issue:
- Ze heeft leerplicht
- Haar ouders (ook zeilers) keurden het goed
- Jeugdzorg/overheid zei dat het niet mocht, omdat ze nog niet oud genoeg was. Ze is
ontoerekeningsvatbaar
- Er is geen goed/fout. Ze noemen het kinderbescherming, maar wie bescherm je? Het kind is
juist gelukkig als ze wél mag en ze zeilt al 10 jaar. Maar aan de andere kant is het wel
gevaarlijk en is ze te jong.
Het eerste ‘idee’ dat in je op komt (dit mag ze echt niet doen) komt door ervaringen. Je kijkt er kritisch
naar: wat zijn de veronderstellingen en kloppen de veronderstellingen?
3
Waarom is het van belang de geschiedenis te bestuderen?
1.
2.
3.
4.
5.
1. We kunnen afstand nemen van de huidige gebeurtenissen
2. Daardoor kunnen we kritisch reflecteren
3. Veranderingen kunnen teweeg worden gebracht
Grote geschiedenisquiz
1. Groen
2. Rood (rust, reinheid, regelmaat de woorden van Van Hulst)
3. Groen
4. Groen
5. Groen (zindelijk met 2 jaar, door voldoende hersenontwikkeling)
6. Groen (Kinderen die vragen worden overgeslagen uitspraak van John Locke)
Filmpje Locke niet in tentamen
Watson
Cognitieve gedragstherapie (met gedragsinterventies)
Benaderingen in de gezinshistorische pedagogiek
1. Demografische benadering, kijkt naar geboortecijfers, sterfte cijfers, huwelijksleeftijd in het
gezin, waar wonen die gezinnen, wonen ze samen, hoe oud worden de kinderen, inkomsten
Je krijgt een beeld van de buitenkant van het gezin, zegt weinig over opvoeding,
meer om cijfers
2. Affectieve benadering, kijkt naar dagboeken, kleding, speelgoed, persoonlijke brieven naar
elkaar
Wat leeft er binnen het gezin, welke emoties en affecties worden getoond
3. Historische maatschappijwetenschappen, kijkt naar wetgeving, technologische
ontwikkelingen (automatisering, hulpmiddelen in het huishouden), verhoudingen in het gezin
Gezin in de context van de maatschappij
Je moet naar alle drie de benaderingen kijken
Hoe ga je met beschikbare bronnen om?
- In hoeverre is een bron representatief
- In hoeverre geven bronnen de werkelijke dagelijkse opvoedpraktijk weer
- Regionale verschillen (in verschillende landen worden dingen anders gedaan)
- Oorsprong van de bron (wie heeft het geschreven en voor wie is het bedoeld)
Als je kijkt naar opvoeding en onderwijs, moet je rekening houden met plaats en tijd. Het idee hoe je
moet opvoeden verandert door de tijd heen en verschilt per plaats op de wereld.
Hoe doet men het elders, wat kunnen wij daar mee doen?
Dit is de leidraad bij de opdrachten kritisch beschouwen
1
,College 2 – foundation of society
Veronderstelling: op basis hiervan kan je een oplossing voor een probleem bedenken.
De blik die jij in het hoofd hebt (mentaal schema) bepaalt hoe jij gaat handelen
Ons eigen idee over de maatschappij komt van:
- Ervaringen
- Ouders
- Cultuur
- School (!)
Bijvoorbeeld: Nederlands kind heeft ruzie gehad op school en heeft het uitgepraat en een compromis
gesloten. Amerikaanse vader denkt te hebben gefaald in het ouderschap, omdat het nog steeds niet
duidelijk is wie er gelijk heeft. = andere cultuur, kind heeft dit geleerd op school
Wij kijken naar de toekomst door een ‘lens’ van vroeger – Marshall McLuhan
Jean-Jacques Rousseau (1712 - 1778)
Was een van de grootste, invloedrijkste denkers. Dacht na over 2 fundamentele onderwerpen:
de maatschappij en het individu en de relatie hiertussen
Opgevoed door zijn vader, moeder was dood
Schreef twee belangrijke boeken in de geschiedenis
Had 4/5 kinderen waar hij niks mee deed, maar schreef wel een boek over hoe je moet
opvoeden.
Standpunt: Mensen zijn van nature goed
o Alles is goed zoals het uit handen van de Schepper komt, alles raakt verdorven in de
handen van de mens.
o Childhood is the sleep of reason = in de kindertijd slaapt de rede, het is niet aanwezig
(ze kunnen nog niet zo goed nadenken)
In principe is de sterke (man) afhankelijk van de zwakkere (vrouw) = wet van de natuur
‘’To get freedom, you need to give freedom’’ = voor wat hoort wat
Bijvoorbeeld: je wil veilig op je werk komen, dan moet je bijvoorbeeld geduld
hebben dus tijd inleveren, want je moet je aan de snelheidslimiet houden (sociale
contract)
Theorie van de natuurlijke mens
De eerste man die een stuk land omheinde zei ‘dit is van mij’ en iedereen geloofde het. Dit is
de stichter van de burgerschapsmaatschappij.
Er is een strijd tussen de natuur en de burger (hoe zijn we geboren en hoe zijn we nu echt)
John Locke
Alles hangt af van ervaringen (experience), kennis is nooit aangeboren. Als je het niet hebt
ervaren, is het er niet.
Het gaat niet om mogelijkheden, maar om de inhoud van ‘the mind’. Er zijn dingen in ons
hoofd, die we nog niet ervaren hebben.
Je moet een kind niet dwingen, maar je moet hem uitlokken
Je moet geen tijd besteden aan muziek en poëzie, maar wel aan paardrijden, dansen en
schermen.
o Paardrijden: van a naar b komen
o Dansen: interactie tussen man en vrouw
Geen dwang, maar leren lezen in spelvorm
Je moet leren met iemand die ‘hoger’ is
Doel van onderwijs is het gehoorzamen/aanleren van de reden (in plaats van passie)
Kinderen zijn rationeel (staat tegenover Rousseau)
2
, John Dewey
Had enorme invloed op welk onderwijs wij nu krijgen
2 ideeën over scholen en civil society:
o Educatie moet altijd leren integreren met ervaren
o Een curriculum moet het kind benadrukken in plaats van het onderwerp. (dus kinderen
moeten niet denken: we leren het omdat het een verplicht vak is)
Wilde het huidige onderwijssysteem volledig schrappen
We moeten uitgaan van de energie van kinderen
We moeten niet te snel kinderen op een bepaald niveau ‘droppen’
o Goed met je handen MBO
o Goed na kunnen denken VWO
o Twijfel? havo, we zien wel
Je moet het kind kind laten zijn
Er is een spanningsveld tussen onze wil om te leren en het curriculum (soms wil je ergens
meer over weten maar kan dat niet)
Progressief onderwijs:
Montessori: help me om het zelf te doen
Het gaat er om wat de student met de informatie doet, niet hoe goed het hoorcollege is
Uitgangspunt: meer vrijheid voor het individu dan bij het traditionele onderwijs
Er is een overgang van de maatschappij naar het individu
Locke + Rousseau + Dewey hoe kunnen we het individu los zien van de maatschappij? Het
individu is een individu met een lidmaatschap in de maatschappij. Het individu ‘hoort bij’ een groep.
Je moet voorzichtig zijn dat je het niet zo gaat zien, je moet iemand wel als individu blijven zien.
Foundation of a Society
Je moet de berg zien als de maatschappij.
Er wordt op de foto’s vanuit twee perspectieven gekeken.
Bottom-up
Top-down
Je moet niet alleen naar je eigen perspectief kijken, maar ook naar het perspectief van een ander.
Kritisch beschouwen: je veronderstellingen identificeren en daarna bewust zijn dat er een bias in zit.
‘Wat is het en hoe denk ik er over?’. Iets is niet goed of fout, maar iedereen heeft z’n eigen blik ergens
op; wat denk je van dit/dat?
Het is belangrijker dat ouders support en steun bieden dan kennis overdragen.
Laura Dekker issue:
- Ze heeft leerplicht
- Haar ouders (ook zeilers) keurden het goed
- Jeugdzorg/overheid zei dat het niet mocht, omdat ze nog niet oud genoeg was. Ze is
ontoerekeningsvatbaar
- Er is geen goed/fout. Ze noemen het kinderbescherming, maar wie bescherm je? Het kind is
juist gelukkig als ze wél mag en ze zeilt al 10 jaar. Maar aan de andere kant is het wel
gevaarlijk en is ze te jong.
Het eerste ‘idee’ dat in je op komt (dit mag ze echt niet doen) komt door ervaringen. Je kijkt er kritisch
naar: wat zijn de veronderstellingen en kloppen de veronderstellingen?
3