Hoofdstuk 10: staatsrecht
- Wat is een staat?
- Wie vallen er onder het Koninkrijk der Nederlanden?
- Wat is een rechtsstaat?
- Wat is het stelsel van evenredige vertegenwoordiging?
- Wat zijn de bevoegdheden van her parlement?
- Wat betekent scheiding van machten?
- Welke grondrechten bestaan er?
- Wat is het verschil tussen horizontale en vertcale grondrechten?
- Kunnen grondrechten botsen? Of beperkt worden?
- Waarom is het legaliteitsbeginsel van belang?
Staatrecht => hoe de staat de door de overheid georganiseerd is en in welke verhouding de
overheid staat tot haar burger. Inrichtng van de staat en de verhouding tussen en overheid.
§10.2 Staat
= Een organisate die macht uitoefent over een bepaalde bevolking binnen een bepaald
grondgebied
3 kenmerken die nodig zijn om van een staat te spreken:
- Grondgebied
- Bevolking
- Organisate met de hoogste macht => onafankelijk gezag
Staat: Koninkrijk der Nederlanden
Tot 10 okt 2010: Nederland, Aruba en Nederlandse Antllen
- NL Antllen => onafankelijk Curaaao en SintMaaarten
- Overige eilandgebieden (Bonaire, SintMEustatus en Saba) => openbare lichamen
(gemeentes) deel van staatsbestel
, §10.3 Bronnen van het staatsrecht
Bron van Staatrecht is de wet:
- Grondwet
- Statuur voor het Koninkrijk der Nederlanden
Staat voor het Koninkrijk der Nederlanden
- De onderlinge verhoudingen tussen landen die onder het Koninkrijk der Nederlanden vallen
1954: tot stand gekomen incl. Suriname, Aruba
1975: Suriname =>zelfstandige republiek
1986: Aruba => zelfstandig
In staatstuut => welke aangelegenheden gemeenschappelijk worden geregeld en welke behoren
tot de ‘eigen’ aangelegenheden
- Gemeenschappelijk => Defensie en buitenlandse politek
- Eigen => bijv. staatnrichtng NL door Grondwet, Aruba en Curacao en St. aaarten =>
landsregelingen
Grondwet
- Belangrijke functe tot standkoming nieuwe staat
1975: Suriname => eigen grondwet
1814: Nederlandse Grondwet => herwonnen onafankelijkheid tot uitdrukking
Fundamenteel karakter => staatrechtelijke veranderingen goed geschetst worden, kijkend naar
de veranderingen in elkaar opvolgende grondweten
- Bijzondere status => speciale procedure voor wijziging van de weten (art. 137 e.v. Gw)
§10.4 Rechtstaat
Elementen van een rechtstaat (is een staat die zichzelf aan de regels verbindt):
- Scheiding van de machten
- Democratsche besluitvorming
- Eerbiediging van grondrechten
- Handhaving van het legaliteitsbeginsel
§10.4.1 Element 1: scheiding van de machten
aontesquieu wilde concentrate van de macht voorkomen => drie van elkaar gescheiden
machten: Trias Politca:
1. Wetgevende macht
2. Uitvoerende macht
3. Rechtsprekende macht
De staatrechtelijke organisates moeten elkaar kunnen controleren, dankzij hun
toegekende bevoegdheden en daarnaast elkaar in evenwicht houden
Bescherming van de burgers tegen machtsmisbruik
- Wat is een staat?
- Wie vallen er onder het Koninkrijk der Nederlanden?
- Wat is een rechtsstaat?
- Wat is het stelsel van evenredige vertegenwoordiging?
- Wat zijn de bevoegdheden van her parlement?
- Wat betekent scheiding van machten?
- Welke grondrechten bestaan er?
- Wat is het verschil tussen horizontale en vertcale grondrechten?
- Kunnen grondrechten botsen? Of beperkt worden?
- Waarom is het legaliteitsbeginsel van belang?
Staatrecht => hoe de staat de door de overheid georganiseerd is en in welke verhouding de
overheid staat tot haar burger. Inrichtng van de staat en de verhouding tussen en overheid.
§10.2 Staat
= Een organisate die macht uitoefent over een bepaalde bevolking binnen een bepaald
grondgebied
3 kenmerken die nodig zijn om van een staat te spreken:
- Grondgebied
- Bevolking
- Organisate met de hoogste macht => onafankelijk gezag
Staat: Koninkrijk der Nederlanden
Tot 10 okt 2010: Nederland, Aruba en Nederlandse Antllen
- NL Antllen => onafankelijk Curaaao en SintMaaarten
- Overige eilandgebieden (Bonaire, SintMEustatus en Saba) => openbare lichamen
(gemeentes) deel van staatsbestel
, §10.3 Bronnen van het staatsrecht
Bron van Staatrecht is de wet:
- Grondwet
- Statuur voor het Koninkrijk der Nederlanden
Staat voor het Koninkrijk der Nederlanden
- De onderlinge verhoudingen tussen landen die onder het Koninkrijk der Nederlanden vallen
1954: tot stand gekomen incl. Suriname, Aruba
1975: Suriname =>zelfstandige republiek
1986: Aruba => zelfstandig
In staatstuut => welke aangelegenheden gemeenschappelijk worden geregeld en welke behoren
tot de ‘eigen’ aangelegenheden
- Gemeenschappelijk => Defensie en buitenlandse politek
- Eigen => bijv. staatnrichtng NL door Grondwet, Aruba en Curacao en St. aaarten =>
landsregelingen
Grondwet
- Belangrijke functe tot standkoming nieuwe staat
1975: Suriname => eigen grondwet
1814: Nederlandse Grondwet => herwonnen onafankelijkheid tot uitdrukking
Fundamenteel karakter => staatrechtelijke veranderingen goed geschetst worden, kijkend naar
de veranderingen in elkaar opvolgende grondweten
- Bijzondere status => speciale procedure voor wijziging van de weten (art. 137 e.v. Gw)
§10.4 Rechtstaat
Elementen van een rechtstaat (is een staat die zichzelf aan de regels verbindt):
- Scheiding van de machten
- Democratsche besluitvorming
- Eerbiediging van grondrechten
- Handhaving van het legaliteitsbeginsel
§10.4.1 Element 1: scheiding van de machten
aontesquieu wilde concentrate van de macht voorkomen => drie van elkaar gescheiden
machten: Trias Politca:
1. Wetgevende macht
2. Uitvoerende macht
3. Rechtsprekende macht
De staatrechtelijke organisates moeten elkaar kunnen controleren, dankzij hun
toegekende bevoegdheden en daarnaast elkaar in evenwicht houden
Bescherming van de burgers tegen machtsmisbruik