Oefen vragen systems innovatonn
De vragen
Vraag 1n hoe noemen we een hierarrhisrhe weergave van objerten?
Vraag 2n wat typeert een romplex systeem? Noem een van de drie kenmerken?
Vraag 3n Met welk woord typeren we in de innovateliteratuur een organisate die en goed is
in de dagelijkse operate en nieuwe produrten weet te ontwikkelen?
Vraag 4n Matel ontwikkelt een zelfrijdende skelter en de eerste versie is zelfs al op de markt
gebrarht. Tot nu toe heef 2 3 prorent van de Nederlandse ouders interesse en een deel
van hen heef het produrt zelfs al gekorht. In welke fase van het levensryrlus van een
innovate zit het produrt?
Vraag 5n wat is een doel van de eerste fase van Oskam?
Vraag 6n Hoe noem je het srhema waarbij je funrtes in volgorde van tjd zet?
Vraag 7n Als je klantwensen hebt vertaald naar ontwerprriteria, ga je inventariseren welke
aanvullende ontwerprriteria belangrijk zijn voor het produrt. Deze krijg je door vanuit
versrhillende invalshoeken naar je produrt te kijken. Noem de drie invalshoeken die in het
boek van Oskam worden genoemd?
Vraag 8n Wat zijn de juiste stappen in de juiste volgorde van fase III uit Oskamn de
ontwerpfase?
Vraag 9n Welke uitspraak over multdisriplinair en interdisriplinair samenwerken is NIET
waar?
Vraag 10n Over welke kennis en vaardigheden besrhikt de T-shaped professional?
Vraag 11n Welk van de volgende uitspraken over rlosed en open innovate is niet rorrert?
Vraag 12n benoem 3 van de 6 artviteiten binnen terhnology management?
Vraag 13n Van welke fase van Oskam is het defnitef ontwerp een odnerdeel?
Vraag 14n Wat verstaan we onder een produrtvariant?
Vraag 15n Welke van de volgende eigensrhappen sroort NIET signifrant hoger bij
innovateve ondernemers t.o.v. niet-innovateve ondernemers?
Vraag 16n Wat is bij de ‘lean’ startup methode een Minimum Viable Produrt (MVP)?
Vraag 17n Waar wordt in de QFD de relate gelegd tussen klantwensen en ontwerprriteria?
De vragen
Vraag 1n hoe noemen we een hierarrhisrhe weergave van objerten?
Vraag 2n wat typeert een romplex systeem? Noem een van de drie kenmerken?
Vraag 3n Met welk woord typeren we in de innovateliteratuur een organisate die en goed is
in de dagelijkse operate en nieuwe produrten weet te ontwikkelen?
Vraag 4n Matel ontwikkelt een zelfrijdende skelter en de eerste versie is zelfs al op de markt
gebrarht. Tot nu toe heef 2 3 prorent van de Nederlandse ouders interesse en een deel
van hen heef het produrt zelfs al gekorht. In welke fase van het levensryrlus van een
innovate zit het produrt?
Vraag 5n wat is een doel van de eerste fase van Oskam?
Vraag 6n Hoe noem je het srhema waarbij je funrtes in volgorde van tjd zet?
Vraag 7n Als je klantwensen hebt vertaald naar ontwerprriteria, ga je inventariseren welke
aanvullende ontwerprriteria belangrijk zijn voor het produrt. Deze krijg je door vanuit
versrhillende invalshoeken naar je produrt te kijken. Noem de drie invalshoeken die in het
boek van Oskam worden genoemd?
Vraag 8n Wat zijn de juiste stappen in de juiste volgorde van fase III uit Oskamn de
ontwerpfase?
Vraag 9n Welke uitspraak over multdisriplinair en interdisriplinair samenwerken is NIET
waar?
Vraag 10n Over welke kennis en vaardigheden besrhikt de T-shaped professional?
Vraag 11n Welk van de volgende uitspraken over rlosed en open innovate is niet rorrert?
Vraag 12n benoem 3 van de 6 artviteiten binnen terhnology management?
Vraag 13n Van welke fase van Oskam is het defnitef ontwerp een odnerdeel?
Vraag 14n Wat verstaan we onder een produrtvariant?
Vraag 15n Welke van de volgende eigensrhappen sroort NIET signifrant hoger bij
innovateve ondernemers t.o.v. niet-innovateve ondernemers?
Vraag 16n Wat is bij de ‘lean’ startup methode een Minimum Viable Produrt (MVP)?
Vraag 17n Waar wordt in de QFD de relate gelegd tussen klantwensen en ontwerprriteria?