1. CARDIOLOGIE
Teminologie
- Acuut of chronisch hartfalen
- Pompfunctie van hart
o Ritmische contractie en relaxatie van de kamers
- Contractie = systole
- Relaxatie = diastole
o Niet enkel pompfunctie, ook relaxatie van hart kan verstoord zijn bij hartfalen
- Systolisch (HPrEF) en diastolisch (HFpEF) hartfalen
3 curves
LV: linker ventrikeldruk
LA: linker atrium druk
AO: atriale druk
- LV: linkerventrikel druk > dan linker atriale druk
o = Linkerventrikel trekt samen: druk wordt hoger in linker voorkamer
o = Mitralisklep gaat dicht: eerste harttoon (1 op tekening)
- Isovolumetrische contractie: druk bouwt op in ventrikels, druk ventrikels > aortadruk
o = Aortaklep opent zich (2 op tekening)
o = Ejectiefase: linker ventrikel pompt zich leeg in aorta = zie je op arteriële curve
- Ventrikel pompt leeg in aorta en druk in aorta > ventrikel: tweede harttoon
o = Aortaklep sluit (3 op tekening)
- LV druk daalt: isovolumetrische relaxatie: druk in ventrikel daalt en lager dan atrium:
o = Vullingsfase: diastolische vullingsfase (4 op tekening)
Fysiologie
Systole - Isovolumetrische contractie
- Systolische ejectiefase
Diastole - Isovolumetrische relaxatie
- Systolische vullingsfase
Slagvolume = SV
- Hoeveelheid bloed dat je per slag uitpompt uit ventrikels
- Normaal 50-70 cc/slag
1
, Hartminuutvolume = SV x HF
Ejectiefractie = % eind diastolisch volume (EDV) wordt weggepompt uit vertrikel
- EDV – ESV/EDV
- Ejectiefractie: om mate van hartfalen uit te drukken
- Afhankelijk van preload, afterload en contractiliteit
Preload = Voorbelasting van het hart
- Gemiddelde wandspanning op einde van diastole
- Preload aanpakken
o Vullen: ventrikel extra vulling geven
o Benen omhoog houden bij syncope
o Preload doen DALEN: diuretica
- Indien patiënten ondervuld = shock
o Kissing walls: bijna geen bloed in het hart aanwezig;
wanden van het hart wrijven tegen elkaar bij contractie
Afterload = Nabelasting = tegen welke weerstand het hart moet pompen
- De gemiddelde wandspanning in linker ventrikel tijdens systole
- Afterload doen dalen
o Nitraten: vasodilatatie = bv cedocard
- Afterload doen stijgen
o Noradrenaline: vasoconstrictie
Systeemweerstand = SVR
- Systemic vascular resistance
- MAP – RAP/CO x 80
- Tussen 800-1200 cc
Contractiliteit Vermogen van hartspier om samen te trekken
- Onafhankelijk van pre-of afterload
- Kunnen we afleiden van arteriële curve
- Sneller druk opgebouwd in ventrikel = betere contractie
Compensatiemechanisme
Frank-Starling mechanisme
- = Hoe meer aanvoer van bloed: hoe krachtiger hart samentrekt
o Toename preload: contractiekracht verhogen
o Bij hartfalen: slagvolume neemt af bij preload
• Adrenerge stimulatie: stressysteem geactiveerd
- Hartfalen zorgt voor afname cardiac output
o Zorgt voor activatie RAAS systeem
o Zorgt voor toegenomen perifeer en renale vaatweerstand
• = Zout en water retentie
• Zorgt voor extracellulair volume expansie = oedeem
2
,Frank starling mechanisme: mensen met hartfalen krijgen een groter hart:
- = Ventrikel gaat dilateren
- As je hart TE veel gaat vullen; zie je contractiekracht dalen
o Bij linker hart valt dat mee, rechterventrikel is erger
• = Dit ventrikel kan je moeilijk bewerken
Definitie van hartfalen
= Toestand van hart : hart als pomp kan niet voldoen aan metabole behoeften van weefsels
- Mismatch tussen wat uw hart uitpompt en wat de weefsels nodig hebben
3
, Symptomen
- Dyspnoe
- Orthopneu: kortademigheid als patiënt plat ligt
- Vermoeidheid
- Enkelzwelling (oedeem)
- Verminderd inspanningsvermogen
Klinische tekenen
- Pulmonaire congestive: longoedeem = vloeistof die in alveolen terechtkomt
- CVD-stijging
- Tachypneu
- Tachycardie
- Gallop ritme (3-4 harttonen)
- Pleurale effusie: pleurale vochtuitsorting
o Ophoping vocht rond longen: tussen longvliezen), perifere oedemen,
hepatomegalie (vergrote lever)
Objectief bewijs
- Verhoogde natriuretische peptides (bv pro-BNP)
- Structurele afwijking (cardiomegalie, geruis)
- Diastolische dysfunctie bij echocardiografie
Drie klasses van hartfalen
Er zijn drie klasses van hartfalen
- Symptomen en kenmerken zijn bij alle drie dezelfde
o Enkel ejectiefractie is ander
Oorzaken
Coronaire atherosclerose = coronair lijden = 2/3 van patiënten
Kleplijden Mitralisklep insufficiëntie of aortaklepstenose
Cardiomyopathieën Uitzetting van hartspier, hypertrofische cardiopathie
- Verdikken en moeilijk relaxatie van hartspier
4
Teminologie
- Acuut of chronisch hartfalen
- Pompfunctie van hart
o Ritmische contractie en relaxatie van de kamers
- Contractie = systole
- Relaxatie = diastole
o Niet enkel pompfunctie, ook relaxatie van hart kan verstoord zijn bij hartfalen
- Systolisch (HPrEF) en diastolisch (HFpEF) hartfalen
3 curves
LV: linker ventrikeldruk
LA: linker atrium druk
AO: atriale druk
- LV: linkerventrikel druk > dan linker atriale druk
o = Linkerventrikel trekt samen: druk wordt hoger in linker voorkamer
o = Mitralisklep gaat dicht: eerste harttoon (1 op tekening)
- Isovolumetrische contractie: druk bouwt op in ventrikels, druk ventrikels > aortadruk
o = Aortaklep opent zich (2 op tekening)
o = Ejectiefase: linker ventrikel pompt zich leeg in aorta = zie je op arteriële curve
- Ventrikel pompt leeg in aorta en druk in aorta > ventrikel: tweede harttoon
o = Aortaklep sluit (3 op tekening)
- LV druk daalt: isovolumetrische relaxatie: druk in ventrikel daalt en lager dan atrium:
o = Vullingsfase: diastolische vullingsfase (4 op tekening)
Fysiologie
Systole - Isovolumetrische contractie
- Systolische ejectiefase
Diastole - Isovolumetrische relaxatie
- Systolische vullingsfase
Slagvolume = SV
- Hoeveelheid bloed dat je per slag uitpompt uit ventrikels
- Normaal 50-70 cc/slag
1
, Hartminuutvolume = SV x HF
Ejectiefractie = % eind diastolisch volume (EDV) wordt weggepompt uit vertrikel
- EDV – ESV/EDV
- Ejectiefractie: om mate van hartfalen uit te drukken
- Afhankelijk van preload, afterload en contractiliteit
Preload = Voorbelasting van het hart
- Gemiddelde wandspanning op einde van diastole
- Preload aanpakken
o Vullen: ventrikel extra vulling geven
o Benen omhoog houden bij syncope
o Preload doen DALEN: diuretica
- Indien patiënten ondervuld = shock
o Kissing walls: bijna geen bloed in het hart aanwezig;
wanden van het hart wrijven tegen elkaar bij contractie
Afterload = Nabelasting = tegen welke weerstand het hart moet pompen
- De gemiddelde wandspanning in linker ventrikel tijdens systole
- Afterload doen dalen
o Nitraten: vasodilatatie = bv cedocard
- Afterload doen stijgen
o Noradrenaline: vasoconstrictie
Systeemweerstand = SVR
- Systemic vascular resistance
- MAP – RAP/CO x 80
- Tussen 800-1200 cc
Contractiliteit Vermogen van hartspier om samen te trekken
- Onafhankelijk van pre-of afterload
- Kunnen we afleiden van arteriële curve
- Sneller druk opgebouwd in ventrikel = betere contractie
Compensatiemechanisme
Frank-Starling mechanisme
- = Hoe meer aanvoer van bloed: hoe krachtiger hart samentrekt
o Toename preload: contractiekracht verhogen
o Bij hartfalen: slagvolume neemt af bij preload
• Adrenerge stimulatie: stressysteem geactiveerd
- Hartfalen zorgt voor afname cardiac output
o Zorgt voor activatie RAAS systeem
o Zorgt voor toegenomen perifeer en renale vaatweerstand
• = Zout en water retentie
• Zorgt voor extracellulair volume expansie = oedeem
2
,Frank starling mechanisme: mensen met hartfalen krijgen een groter hart:
- = Ventrikel gaat dilateren
- As je hart TE veel gaat vullen; zie je contractiekracht dalen
o Bij linker hart valt dat mee, rechterventrikel is erger
• = Dit ventrikel kan je moeilijk bewerken
Definitie van hartfalen
= Toestand van hart : hart als pomp kan niet voldoen aan metabole behoeften van weefsels
- Mismatch tussen wat uw hart uitpompt en wat de weefsels nodig hebben
3
, Symptomen
- Dyspnoe
- Orthopneu: kortademigheid als patiënt plat ligt
- Vermoeidheid
- Enkelzwelling (oedeem)
- Verminderd inspanningsvermogen
Klinische tekenen
- Pulmonaire congestive: longoedeem = vloeistof die in alveolen terechtkomt
- CVD-stijging
- Tachypneu
- Tachycardie
- Gallop ritme (3-4 harttonen)
- Pleurale effusie: pleurale vochtuitsorting
o Ophoping vocht rond longen: tussen longvliezen), perifere oedemen,
hepatomegalie (vergrote lever)
Objectief bewijs
- Verhoogde natriuretische peptides (bv pro-BNP)
- Structurele afwijking (cardiomegalie, geruis)
- Diastolische dysfunctie bij echocardiografie
Drie klasses van hartfalen
Er zijn drie klasses van hartfalen
- Symptomen en kenmerken zijn bij alle drie dezelfde
o Enkel ejectiefractie is ander
Oorzaken
Coronaire atherosclerose = coronair lijden = 2/3 van patiënten
Kleplijden Mitralisklep insufficiëntie of aortaklepstenose
Cardiomyopathieën Uitzetting van hartspier, hypertrofische cardiopathie
- Verdikken en moeilijk relaxatie van hartspier
4