100% satisfaction guarantee Immediately available after payment Both online and in PDF No strings attached 4.6 TrustPilot
logo-home
Summary

Samenvatting MOLECULEN - Fysische Chemie - Hoorcollege 1 t/m 10 (alle hoorcolleges) - 2017/2018

Rating
4.0
(1)
Sold
-
Pages
31
Uploaded on
29-04-2018
Written in
2017/2018

Hoorcollege 1 t/m 10 (alle hoorcolleges) van Fysische Chemie van het vak Moleculen (Biomedische Wetenschappen, Universiteit Utrecht) uitgewerkt (2017/2018). De volgende onderwerpen komen aan bod: elektrochemie (hoorcollege 1, 2, 3 en 4), biologische thermodynamica (hoorcollege 5, 6, 7, 8, 9, en 10).

Show more Read less
Institution
Course











Whoops! We can’t load your doc right now. Try again or contact support.

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Uploaded on
April 29, 2018
Number of pages
31
Written in
2017/2018
Type
Summary

Subjects

Content preview

MOLECULEN – Fysische chemie – 2017/2018

Hoorcollege 1 + 2 – Elektrochemie (12-03-2018)
Redoxreacties
Redoxreactie = Reactie waarbij elektronen worden oeereedraeenƞ

Oxidator + n * e-  Reductorƞ

Oxidator: kan elektronen opnemenƞ
Reductor: kan elektronen afstaanƞ

Een oxidator wordt eereduceerdƞ  Neemt elektronen opƞ
Een reductor wordt eeoxideerdƞ  Staat elektronen afƞ

Redoxkoppels
Iedere oxidator heef een bijbehorende reductorƞ  Redoxkoppelƞ

Twee redoxkoppels/halfreacties kunnen als n eeheel worden eeschreeen (een redoxreactieeƞ Een
halfreactie op zichzelf komt nooit eoorƞ

De totaalreactie wordt zodanie opeeschreeen dat neto de elektronenbalans eelijk is aan 0ƞ

Elektrochemische cel
De aearbrue zoret ereoor dat stroom kan lopen, doordat er ionen
in opeelost zitenƞ Ladine kan door de aearbrue heen, maar de
ionen/atomen die in de cellen ziten nietƞ

De eoltmeter zal nu een spannine aaneeeenƞ Deze kan positief of
neeatief zijn:
 Positieee spannine:
 Linkercel positief tƞoƞeƞ de rechtercelƞ
 Bij de linkercel worden elektronen uit de
elektrode eetrokkenƞ
 De oxidator wordt eereduceerdƞ
 De reactie loopt naar rechtsƞ
 De eeoxideerde eorm heef hoeere aafniteit eoor e- dan H+ƞ
 Neeatieee spannine:
 Linkercel neeatief tƞoƞeƞ de rechtercelƞ
 Bij de linkercel worden elektronen afeestaanƞ
 De reductor wordt eeoxideerdƞ
 De reactie loopt naar linksƞ
 De eeoxideerde eorm heef kleinere aafniteit eoor e-
dan H+ƞ

De reactie H+ + e-  H wordt eebruikt als referentieƞ Dit is de
basisƞ Het spannineseerschil wordt eemeten tƞoƞeƞ iets (in dit eeeal
boeenstaande reactieeƞ Spannine is altijd tƞoƞeƞ ietsƞ


1

,De referentie-elektrode wordt eemeten bij pH = 0ƞ

Standaard oxidatie-reductiepotentiaal
De standaard oxidatie-reductiepotentiaal ean de reactie H+ + e-  H is niet 0, maar -0,4 ƞ Dit komt
doordat dit de standaard oxidatie-reductiepotentiaal is bij pH = 7,0ƞ De H + concentratie is dan niet 1 Mƞ

Hoe positieeer E’0, hoe sterker de oxidatorƞ
Hoe neeatieeer E’0, hoe sterker de reductorƞ
Hoe hoeer je komt in het rijtje, hoe sterker de reductor, hoe zwakker de oxidatorƞ

Formule ΔG0’
ΔG0’ = Enereie die beschikbaar is [J/mol]ƞ
∆ G 0 ' =−n∗F∗∆ E' 0 N = Aantal elektronenƞ
F = Constante ean Faraday = 96,48 * 103 C mol-1 = 96,48 kJ mol-1 V-1ƞ
ΔE’0 = Verschil in standaard oxidatie-reductiepotentiaal [V]ƞ

ΔG = Gibbs erije enereie = De enereie die eerboreen zit in een reactieƞ

Afhankelijk ean de waarde ean ΔG0’ liet het eeenwicht ean de reactie naar rechts (richtine producte (ΔG0’ is
neeatiefe of naar links (richtine substraate (ΔG0’ is positiefeƞ

Voorbeeld
NADH + H+  NAD+ + H+ + e- E’0 = - (-0,3 e* = + 0,3
1
/ O + e- + H+  H O + E’0 = + 0,8 +
1
/ O + NADH + H+  NAD+ + H O E’0 = 1,14

* Omdat de reactie is omeedraaid, moet er een min eoor E’0ƞ

ΔG0’ eoor de reactie 1/ O + e- + H+  H O:
∆ G0 ' =−2∗96,48∗0,82=−158,23 kJ mol−1

ΔG0’ eoor de reactie NADH + H+  NAD+ + H+ + e-:
∆ G0 ' =−2∗96,48∗0,32=−61,75 kJ mol−1

Dus ΔG0’ eoor de eehele reactie is: −158,23+−61,75=−219,97 kJ mol−1ƞ Dit is de enereie die uit de reactie
komtƞ ΔG0’ is neeatief, omdat er enereie uit de reactie eerdwijnt/enereie bij de reactie erijkomtƞ

Je zou ook ΔE’0 kunnen ineullen: ∆ E '0 =E' 0 ( oxidator )−E' 0 ( reductor )ƞ Dit zou ∆ E '0 =0,82−(−0,32 ) =1,14 V
eeeenƞ

DUS: Per mol NADH en per 1/ O komt 0 kJ enereie erijƞ

NADH
Het eerschil tussen NADH en NAD+ zijn twee elektronen en een H+ƞ

De eormine ean NADH uit NAD+, e- en H+ is een redoxreactieƞ

H+ kunnen erij beweeen in een waterie milieuƞ

Elektronentransportketen

,Input: NADHƞ
Output: ATPƞ

ATP wordt niet alleen eeeormd tijdens de oxidatieee fosforylerine, maar
ook tijdens de elycolyse en de Krebs cyclusƞ NADH komt op eerschillende
punten tijdens de dissimilatie erijƞ

Gedurende de elektronentransportketen stijet de elektronenpotentiaalƞ

NADH slaat complex II oeerƞ

Complex I: NADH-Q oxidoreductase
NADH wordt eeoxideerd en Q wordt eereduceerdƞ NADH staat dus
elektronen af en Q neemt elektronen opƞ

1ƞ NADH eeef elektronen af aan een FMN (faein mononucleotideeƞ
FMN zit east in complex Iƞ De eeoxideerde eorm kan twee
elektronen en twee protonen opnemenƞ
ƞ Elektronen worden oeereedraeen op een aantal ijzerzwaeelclustersƞ

Deze ijzerzwaeelclusters beeaten twee of meer Fe3+, omdat er dan
ook twee of meer elektronen kunnen worden opeeslaeenƞ De
reactie die plaatseind is Fe3+  Fe +ƞ De ijzerzwaeelclusters nemen
alleen elektronen op, eeen H+ƞ
3ƞ Elektronen worden oeereedraeen op Q (ubiquinoneeƞ
De elektronen worden n eoor n (met een H+e oeereedraeen op
ubiquinoneƞ Hierdoor ontstaat eolledie eereduceerd QH ƞ Ubiquinone beeindt zich in een Q-pool in
het mitochondriële binnenmembraanƞ Het zijn losse moleculenƞ Een
deel daarean is eeoxideerd en een deel daarean is eereduceerdƞ Het
zoret eoor het eerdere elektronentransport naar het eoleende
complexƞ

Complex I neemt 6 H+ op uit de matrixƞ Het eeef 4 H+ af aan de matrix (eia
protonpompeƞ De oeeriee H+ binden aan Qƞ

Complex III: Q-cytochrome c oxidoreductase
Complex III is een dimeerƞ Het beeat een aantal ijzerbeeatende moleculen (heemeroepen,
ijzerzwaeelclustereƞ

Cytochroom C beeat n Fe3+ƞ Het kan daarom slechts n elektron accepterenƞ Er zijn daarom meerdere
cytochroom C moleculenƞ

Q-cyclus:
1ƞ QH bindt in complex IIIƞ Het draaet n elektron oeer eia een heemeroep naar cytochroom Cƞ
ƞ Het elektron dat Q dan noe oeer heef, wordt oeereedraeen op een erije Qƞ Er wordt daarom een
eeoxideerde Q opeenomenƞ Er ontstaat dan een Q•- (radicaaleƞ Die wordt tijdelijk opeeslaeenƞ
3ƞ De ‘leee’ Q heef zijn elektronen en H+ afeestaanƞ De H+ worden afeestaan in de ruimte tussen de
membranen, terwijl ze waren opeenomen uit de
matrixƞ


3

, 4ƞ Een nieuwe QH bindt in complex IIIƞ Het draaet n elektron oeer eia een heemeroep naar
cytochroom Cƞ
5ƞ Het elektron dat Q dan noe oeer heef, wordt oeereedraeen op Q•- (radicaaleƞ Hierdoor ontstaat Q ƞ
Dit kan twee H+ opnemen, waardoor een nieuwe QH ontstaatƞ
6ƞ De ‘leee’ Q heef zijn elektronen en H+ afeestaanƞ De H+ worden afeestaan in de ruimte tussen de
membranen, terwijl ze waren opeenomen uit de matrixƞ

Er ontstaat dus twee eereduceerde cytochroom Cƞ

In complex I zijn H+ opeenomen uit de matrix en eebonden aan Qƞ In complex III worden 4 H+ afeestaan
aan de ruimte tussen de membranenƞ Daarean zijn H+ afkomstie ean Q en H+ afkomstie ean de matrix
(protonenpompeƞ

Complex IIII: Cytochrome c oxidase
Complex IIII beeat heemeroepen en een koperclusterƞ

1ƞ Cytochroom C eeef het elektron eia het kopercluster en
twee heemeroepen oeer aan een koperƞ
ƞ Een tweede cytochroom C doet hetzelfde, alleen het
elektron wordt niet oeereedraeen naar de laatste koper
(stopt bij de tweede heemeroepeƞ
3ƞ Zuurstof maakt een bindine tussen de eereduceerde ijzer
(Fe +e en koper (Cu+e (peroxideeƞ
4ƞ Een derde en eierde cytochroom C draeen ook hun
elektronen oeerƞ Hierdoor wordt de peroxidebindine
eerbrokenƞ Twee H+ wordt toeeeeoeed, waardoor OH-
eroepen ontstaanƞ
5ƞ Er komen noe twee H+ bij, waardoor twee H O ontstaatƞ

Dus, eanuit de matrix komen 4 H+ naar binnenƞ Er ontstaat twee H Oƞ
Er is 4 cytochroom C nodie, dus NADHƞ Dus eoor een eollediee reductie ean O is NADH
nodieƞ

Naast de chemische 4 H+ die binden, worden ook 4 H+ eepomptƞ Dit eeldt echter eoor
NADHƞ

FADH2
FADH wordt eeeormd in de Krebs cyclus en in de -oxidatieƞ FADH komt niet los eoor (in
teeenstelline tot NADHeƞ FADH zit east in het enzymƞ Complex II is dus een FADH -
beeatend enzymƞ Er zijn daarom een aantal eerschillende complex IIƞ

Een dubbele bindine tussen twee C-atomen wordt eerbroken tot een enkele bindineƞ

FAD en NAD+ katalyseren eerschillende reactiesƞ

Elektronendragers
 Cytochroom Cƞ  1 elektronƞ
 NADHƞ  elektronenƞ
 QH ƞ  elektronenƞ

4
$8.35
Get access to the full document:

100% satisfaction guarantee
Immediately available after payment
Both online and in PDF
No strings attached


Also available in package deal

Reviews from verified buyers

Showing all reviews
5 year ago

4.0

1 reviews

5
0
4
1
3
0
2
0
1
0
Trustworthy reviews on Stuvia

All reviews are made by real Stuvia users after verified purchases.

Get to know the seller

Seller avatar
Reputation scores are based on the amount of documents a seller has sold for a fee and the reviews they have received for those documents. There are three levels: Bronze, Silver and Gold. The better the reputation, the more your can rely on the quality of the sellers work.
anoukbmw Universiteit Utrecht
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
224
Member since
7 year
Number of followers
76
Documents
85
Last sold
2 year ago

4.2

51 reviews

5
11
4
38
3
2
2
0
1
0

Recently viewed by you

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Frequently asked questions