08/06/’23
PERSONEN & FAMILIERECHT
-Olivia Charlton-
1
,08/06/’23
DEEL 1 : PERSONENRECHT
HOOFDSTUK 1: De Persoon
HOOFDSTUK 2: De Staat Van Een persoon
HOOFDSTUK 3: De Bestanddelen Van De Staat Van Persoon
HOOFDSTUK 4: De Persoonlijkheidsrechten
HOOFDSTUK 5: De Onbekwaamheid
2
,08/06/’23
Hoofdstuk 1: De Persoon
§1. Definitie “persoon” (syn. = rechtssubject)
- Definitie:
“persoon” = drager van rechten en plichten
• “juridische persoonlijkheid”= geheel van rechten & plichten
de staat (of rechtsstoestand) van de persoon (Zie ht 2)
• naam
• woonplaats
• geslacht
• nationaliteit
de bekwaamheid van de persoon
• (iedereen is =) rechtsbekwaamheid
• (niet iedereen is =) handelingsbekwaamheid
mensen die zelf hun rechten en plichten niet alleen
mogen uitoefenen.
! volledig handelingsonbekwamen (niet zelf), moet vertegenwoordigt worden !
Minderjarigen (-18j) door ouders, voogd
Sommige geesteszieken bewindvoerder
! Gedeeltelijk handelingsonbekwamen (rechten en plichten niet alleen uitoefenen) !
Andere geesteszieken | Aanverwanten => Bijstand door een bewindvoerder
§2. Soorten personen
- A. NP = “natuurlijke personen“:
• = mensen van vlees en bloed
• = alle levende mensen
– ALLE mensen geen slavernij, burgerlijke dood (art. 19 Gw)
– ALLEEN mensen geen dieren (art. 3.39 NBW)
= want geen rechtspersoonlijkheid, maar genieten wel bescherming.
– LEVENDE mensen geen embryo of lijk
= (een bijzondere bescherming, ze zijn geen mens maar ook geen zaak.)
= *Lijken hebben recht om begraven te worden.
- B. RP = “rechtspersonen“:
• = “groep” van mensen en/of goederen beschouwd als 1 persoon.
• = afgescheiden vermogen
Rechtspersoon is niet van vlees en bloed, bestaat enkel op papier => alle vennootschappen
en verenigingen
• RP = “orgaantheorie”
– rechten en plichten worden uitgeoefend door organen (bv. De
Algemene vergadering, de Raad van Bestuur)
– organen = NP of RP die optreden voor de RP (gaat verder tot
uiteindelijk een NP !)
= natuurlijke personen in de rechtspersoon verenigd.
• 2 groepen rechtspersonen
1. publiekrechtelijke rechtspersonen
à = instellingen van en door de overheid (+ vb)
3
, 08/06/’23
à vb. OCMW, provincie Limburg, stad Hasselt
2. privaatrechtelijke rechtspersonen
= privaat initiatief (+ vb)
= vb. NV, BV, CV,…
= met of zonder rechtspersoonlijkheid
= met of zonder financiële verantwoordelijkheid
(Akte bij ondernemingsrechtbank rechtspersoonlijkheid)
§3. Begin van de persoon
– A. natuurlijke personen :
• regel = vanaf de geboorte
– voorwaarden :
levend geboren
levensvatbaar geboren
Erven of schenking ontvangen ookal nog niet geboren, is het levensvatbaar dan kan het erven
maar erfenis zal beheerd worden tot het kind meerderjarig is.
• maar : de “ongeboren vrucht” (embryo)
– wordt gelijkgesteld met “persoon”
– voorwaarden :
levend EN levensvatbaar geboren !
met “belang” !
“verwekking” moet vóór rechtsfeit plaatsvinden !
Vb. Bomma die schenking doet aan alle
kleinkinderen, maar kleinkind moet wel al verwekt zijn vooraleer deze de schenking kan
krijgen.
Art 326 Bw = kind verwekt tijdens periode van 300e en 180e dag voor geboorte.
Juris tantum = vermoeden van het tegenbewijs dat kan geleverd worden.
– B. rechtspersonen :
• regel = vanaf de oprichting
– ofwel onderhandse overeenkomst
– ofwel authentieke akte
– + ev. publicatie nodig (tegenstelbaarheid !)
§4. Einde van de persoon
– A. natuurlijke personen :
• regel = bij de dood
• maar : ook na overlijden kan je nog als een “persoon” worden
beschouwd:
– = mgl. in het belang van derden
– voorbeelden :
overleden kind erkennen, faillissement, herziening proces, …
Verdere uitleg vb.:
overleden kind: kan nog, doch enkel in het belang van zijn afstammelingen of wegens
moreel belang (art. 328 BW)
faillissement: een ondernemer kan tot 6 maand na zijn dood failliet verklaard worden.
4
PERSONEN & FAMILIERECHT
-Olivia Charlton-
1
,08/06/’23
DEEL 1 : PERSONENRECHT
HOOFDSTUK 1: De Persoon
HOOFDSTUK 2: De Staat Van Een persoon
HOOFDSTUK 3: De Bestanddelen Van De Staat Van Persoon
HOOFDSTUK 4: De Persoonlijkheidsrechten
HOOFDSTUK 5: De Onbekwaamheid
2
,08/06/’23
Hoofdstuk 1: De Persoon
§1. Definitie “persoon” (syn. = rechtssubject)
- Definitie:
“persoon” = drager van rechten en plichten
• “juridische persoonlijkheid”= geheel van rechten & plichten
de staat (of rechtsstoestand) van de persoon (Zie ht 2)
• naam
• woonplaats
• geslacht
• nationaliteit
de bekwaamheid van de persoon
• (iedereen is =) rechtsbekwaamheid
• (niet iedereen is =) handelingsbekwaamheid
mensen die zelf hun rechten en plichten niet alleen
mogen uitoefenen.
! volledig handelingsonbekwamen (niet zelf), moet vertegenwoordigt worden !
Minderjarigen (-18j) door ouders, voogd
Sommige geesteszieken bewindvoerder
! Gedeeltelijk handelingsonbekwamen (rechten en plichten niet alleen uitoefenen) !
Andere geesteszieken | Aanverwanten => Bijstand door een bewindvoerder
§2. Soorten personen
- A. NP = “natuurlijke personen“:
• = mensen van vlees en bloed
• = alle levende mensen
– ALLE mensen geen slavernij, burgerlijke dood (art. 19 Gw)
– ALLEEN mensen geen dieren (art. 3.39 NBW)
= want geen rechtspersoonlijkheid, maar genieten wel bescherming.
– LEVENDE mensen geen embryo of lijk
= (een bijzondere bescherming, ze zijn geen mens maar ook geen zaak.)
= *Lijken hebben recht om begraven te worden.
- B. RP = “rechtspersonen“:
• = “groep” van mensen en/of goederen beschouwd als 1 persoon.
• = afgescheiden vermogen
Rechtspersoon is niet van vlees en bloed, bestaat enkel op papier => alle vennootschappen
en verenigingen
• RP = “orgaantheorie”
– rechten en plichten worden uitgeoefend door organen (bv. De
Algemene vergadering, de Raad van Bestuur)
– organen = NP of RP die optreden voor de RP (gaat verder tot
uiteindelijk een NP !)
= natuurlijke personen in de rechtspersoon verenigd.
• 2 groepen rechtspersonen
1. publiekrechtelijke rechtspersonen
à = instellingen van en door de overheid (+ vb)
3
, 08/06/’23
à vb. OCMW, provincie Limburg, stad Hasselt
2. privaatrechtelijke rechtspersonen
= privaat initiatief (+ vb)
= vb. NV, BV, CV,…
= met of zonder rechtspersoonlijkheid
= met of zonder financiële verantwoordelijkheid
(Akte bij ondernemingsrechtbank rechtspersoonlijkheid)
§3. Begin van de persoon
– A. natuurlijke personen :
• regel = vanaf de geboorte
– voorwaarden :
levend geboren
levensvatbaar geboren
Erven of schenking ontvangen ookal nog niet geboren, is het levensvatbaar dan kan het erven
maar erfenis zal beheerd worden tot het kind meerderjarig is.
• maar : de “ongeboren vrucht” (embryo)
– wordt gelijkgesteld met “persoon”
– voorwaarden :
levend EN levensvatbaar geboren !
met “belang” !
“verwekking” moet vóór rechtsfeit plaatsvinden !
Vb. Bomma die schenking doet aan alle
kleinkinderen, maar kleinkind moet wel al verwekt zijn vooraleer deze de schenking kan
krijgen.
Art 326 Bw = kind verwekt tijdens periode van 300e en 180e dag voor geboorte.
Juris tantum = vermoeden van het tegenbewijs dat kan geleverd worden.
– B. rechtspersonen :
• regel = vanaf de oprichting
– ofwel onderhandse overeenkomst
– ofwel authentieke akte
– + ev. publicatie nodig (tegenstelbaarheid !)
§4. Einde van de persoon
– A. natuurlijke personen :
• regel = bij de dood
• maar : ook na overlijden kan je nog als een “persoon” worden
beschouwd:
– = mgl. in het belang van derden
– voorbeelden :
overleden kind erkennen, faillissement, herziening proces, …
Verdere uitleg vb.:
overleden kind: kan nog, doch enkel in het belang van zijn afstammelingen of wegens
moreel belang (art. 328 BW)
faillissement: een ondernemer kan tot 6 maand na zijn dood failliet verklaard worden.
4