100% satisfaction guarantee Immediately available after payment Both online and in PDF No strings attached 4.2 TrustPilot
logo-home
Summary

Samenvatting AVT

Rating
4.5
(2)
Sold
7
Pages
66
Uploaded on
18-03-2018
Written in
2016/2017

Zeer uitgebreide samenvatting van het vak AVT. (Assessment van Taal) Ik ben geslaagd door deze samenvatting te leren. Het gaat om de theorie notities van in de lessen.

Institution
Course











Whoops! We can’t load your doc right now. Try again or contact support.

Connected book

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Summarized whole book?
Unknown
Uploaded on
March 18, 2018
Number of pages
66
Written in
2016/2017
Type
Summary

Subjects

Content preview

Samenvatting Assessment van Taal (AVT)
Hoofdstuk 1

Normale taalontwikkeling (boek pag 9) :

Cognitieve ontwikkeling


Sensorimotorische Taalontwikkeling Sociaal-emotionele
Ontwikkeling Ontwikkeling

Taalaanbod


 er moet hier een grote verwevenheid zijn. Er dienen een aantal voorwaarden te voldoen om
te spreken van een probleemloze taalontwikkeling.

Taalverwervingsproces = zeer complex en heeft een lange duur.
Dit zorgt er waarschijnlijk voor dat taalontwikkelingsstoornissen bij kinderen vrij vaak
voorkomen.
Problemen op vlak van 1 van deze domeinen?  vaak achterstanden en/of stoornissen in de
taalontwikkeling.

Beheersen van de moedertaal = +/- 5 à 6 jaar, verdere voltooiing = +/- 8 à 9 jaar. (NOOIT AF)
Een te beperkt of onaangepast taalaanbod? Problemen kunnen ontstaan, in stand houden of
verergeren.

Taalontwikkelingsstoornissen kunnen ook voorkomen zonder dat er sprake is van een
duidelijk aanwijsbare stoornis of afwijking (tgv een aangeboren zwak taalvermogen).

Communicatie

Communicatie begint al van de geboorte : huilen, smakken, … verzorgers beschouwen een
hele reeks acties en vocalisaties als betekenisvol. Werderkerig oogcontact en door de
volwassene gedirigeerd ‘beurtnemen’.

Vanaf 2 maanden : reactie op gekende stemmen
Vanaf 3 maanden : kirren, kraaien, …

Na 6 maanden beschouwen de verzorgers slechts nog een aantal acties en vocalisaties als
betekenisvol. = tot hier : perlocutionair

Na 8 maanden ontstaat het reikgedrag naar voorwerpen binnen handbereik, intentionele
communicatie en echte beurtneming. Het reikgedrag naar voorwerpen buiten het bereik
ontstaat uit 2 delen : proto-imperatieven en protodeclaratieven. Naast gebaren zijn er nu ook



1

,vocalisaties om deze uit te drukken. Het aantal functies dat het kind gebruikt neemt
geleidelijk toe. = illocutionair

Na 12-15 maanden : verschijnen van de eerste woorden. = locutionair

Communicatieve functies

Soorten :

 Expressiefunctie = uiten van spontante gevoelens
 Regulatie- of interactiefunctie = het kind heeft een aandeel in de interactie
 Representatiefunctie = kind geeft/vraagt informatie
 Controlefunctie = onder controle houden van gedraag van de deelnemers aan de
interactie. (kind is duidelijk in wat het wel/ niet wil)
 Sociale functie = kind in maatschappij (leggen en onderhouden van sociale contacten)

 telkens REACTIEF of ACTIEF

(zie voorbeelden ppt pag 5)

taal = een conventioneel systeem (zoals we dat al lang gewend zijn, wat door het vaste
gebruik bepaald is). Het is een proces van inzicht verwerven in het hanteren van regels mbt
klanken, woorden, zinnen, …

Er zijn 3 taalcomponenten, 2 taalmodaliteiten en 6 taalfacetten.

 3 componenten :
o taalvorm
o taalinhoud
o taalgebruik
 2 modaliteiten :
o taalbegrip of –receptie
o taalproductie of –expressie

 6 taalfacetten
o fonologie = fel – vel (klankleer, stemhebbend-stemloos, …)
o morfologie = woordleer
o syntax = zinsleer
o semantiek = betekenis
o lexicon = aantal woorden dat een kind op een bepaald moment kent
o pragmatiek = alles wat met taalgebruik, handelingen te maken heeft
(oogcontact, beurtnemen, beurtgeven, …).


! Taalvorm = fonologie, morfologie & syntaxis
! Taalinhoud = lexicon & semantiek


2

,! Taalgebruik = pragmatiek
(zie voorbeelden ppt pag 7-9)

Semantische relaties

Talig niveau van 1 TOT 2 JAAR

 existence = aandacht werpen op het voorwerp (deze, dat, pop, schoen, …)
 non-existence = kind gaat vertellen dat het er niet meer is : schoen is weg, kind zegt
‘weg’.
 Recurrence = iets wat weg is geweest, is opnieuw terug of het kind wil het terug, kind
zegt ‘nog’.

Talig niveau van 1,5 TOT 3 JAAR

 Action = actie die een kind kan weer geven, kind gaat woorden uiten die betrekking
hebben tot een activiteit (slapen, zitten, …)
 Locative action = activiteit die tot doel heeft iets te verplaatsen : pop in de zak, auto
uit de doos, …
 Locative state : kind uit woorden die gaan over iets dat zich op een bepaalde plaats
bevindt. (pop hier, auto daar, …)
 State = kinderen uiten woorden die betrekking hebben op een bepaalde toestand/
eigenschap van iets (soep warm, flesje koud, is mijn, mooooi, …)
 Existence = aandacht vestigen op een voorwerp in de vorm van een volledige uiting
(dat is een auto, dat is een boek, dat is een bed, …)
 Notice = kind vestigt aandacht adhv een woord door iets waar je de zintuigen voor
nodig hebt (ik hoor muziek, ik hoor niets, …)

Talig niveau van 3 TOT 4 JAAR

 Temporal = kind gaat zinnen uiten waar tijdsaanduidingen in staan (straks, nu,
gisteren, … )  worden heel vaak nog niet juist aangeduid maar proberen iets van tijd
aan te duiden (bv : kind : “een jaar geleden was ik geboren he!” moeder : ‘3 jaar
geleden was je geboren!” kind : “gisteren he!”
 Adversative = kind toont soort tegenstelling aan (dit zijn andere poppen, die zijn om
te spelen maar die zijn om te kijken)
 Causal = oorzaak-gevolg relaties ( je bent met de dieren aan het spelen en het kind
zegt ‘we moeten dieren hebben want we willen een boerderij maken)

Taalverwervingsproces
 vergelijken met het bouwen van een huis. Voltooiingsfase is de inrichting maar je blijft af en
toe eens iets nieuw kopen voor in huis). Zie filmpjes kind en gezin.

- Prelinguale periode (0 tot 1 jaar) : kinderen in de brabbelfase zijn in staat om klanken
te gaan brabbelen die wij daarna niet meer gaan gebruiken in onze moedertaal.
Kinderen gaan een hele collectie hebben aan brabbels. ‘ da da da, ma ma ma’ 



3

, brabbels klinken wereldwijd hetzelfde. Baby’s beginnen initiatief te nemen om te
communiceren. Kleine gesprekjes = protoconversaties. Er gaan stilletjesaan woorden
op passief niveau begrepen worden. Beginnen zwaaien, kusjes gooien, … kind begint
klanken en intonaties die hij hoort na te bootsen (rond de 12e maand kunnen
kinderen hele verhalen vertellen (in brabbeltaal) met de juiste intonatie als hun
moedertaal. Kinderen zeggen in deze periode hun eerste woordjes.
Is heel sterke orale fase (kinderen steken veel in hun mond, …) hierdoor gaan
kinderen veel leren ontdekken, … adhv hun mond. Al heel wat interactie met de
kinderen.

- Vroeg-linguale periode (1 tot 2;6 jaar) : kinderen gaan stilaan tot een 3 woordzin
komen. Brabbelen gaat nog verder maar gaat door naar het gebruiken van woorden.
Ze leren in deze periode een 100-tal woorden aan. Mama zegt bv ‘peer’ en kind zegt
het na. Eerste woordjes worden niet perfect uitgesproken maar zijn wel herkenbaar
zoals mama of papa. Kinderen komen tot de eerste ontwikkeling van de
woordenschat, met de woorden waar het kind mee in contact komen, zullen ze
beginnen.

- Differentiatiefase (2;6 tot 5 jaar) : kind begint vooral verschillende vormen van
woorden te gebruiken (verbuigen, vervoegen, andere zinsbouw, …).

- Voltooiingsfase (5 tot 10 jaar) : vooral in de lagere school, bepaalde facetten van de
taal zijn dan eigenlijk zo goed als gevormd. Ze beginnen hier te verbuigen van
meervouden (ook onregelmatige vormen). Wel nog veel fouten ‘ik loopte naar
school’. Veel complexere zinnen, is normaal vrij goed beheerst. We plakken hier dan
wel een eindleeftijd op, maar taal blijft ontwikkelen.

- ! taal blijft altijd ontwikkelen (zelfs nog op volwassen leeftijd blijf je nieuwe woroden
leren, …)




4

Reviews from verified buyers

Showing all 2 reviews
7 year ago

7 year ago

4.5

2 reviews

5
1
4
1
3
0
2
0
1
0
Trustworthy reviews on Stuvia

All reviews are made by real Stuvia users after verified purchases.

Get to know the seller

Seller avatar
Reputation scores are based on the amount of documents a seller has sold for a fee and the reviews they have received for those documents. There are three levels: Bronze, Silver and Gold. The better the reputation, the more your can rely on the quality of the sellers work.
mariedg Arteveldehogeschool
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
35
Member since
8 year
Number of followers
22
Documents
18
Last sold
2 year ago

4.4

7 reviews

5
3
4
4
3
0
2
0
1
0

Recently viewed by you

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Frequently asked questions