Biomedisch 1.1
Voorbereiding
Hemostase (bloedstelping)
Hemostase verloopt in 3 stappen:
1. Vasoconstrictie (vaatvernauwing)
Na het optreden van schade aan de arteriën en arteriolen treedt vasculair spasme op
(vaatkramp).
2. Aggregatie van trombocyten (vorming bloedprop)
Na beschadiging van het endotheel vind er altijd adhesie van trombocyten plaats. Voor deze
adhesie is de Von Willebrandfactor (VWF) (eiwit) noodzakelijk.
3. Coagulatie (bloedstolling)
Als bloed het vaatbed verlaat treedt gelvorming op. De gel, Trombus (stolsel) is een netwerk
van fibrine draden met insluitsels als trombocyten of elektrocyten. Afgestoten vloeistof –
serum
Normaal zijn stolling en antistolling in evenwicht. Als stolling overweegt, is er sprake
van trombose.
Trombose bevorderende factoren:
- Verminderde stroming bloed
- Beschadiging vaatwand (endotheel)
- Viscositeit – hoge stroperigheid bloed door bijvoorbeeld uitdroging.
- Spataderen – venen kleppen werken niet goed meer, makkelijk stolsels achter klep
- Aderontsteking Phlebitis endotheel beschadigd en ruw
Extrinsieke stolling- een situatie waarin de stof vanuit beschadigde cellen van buiten het bloedvat
naar het bloed gaat.
Intrinsieke stolling- complexer dan extrinsieke stolling, duurt ook langer. Vorming van pro-trombinase
gestart nadat trombocyten in contact zijn gekomen met het basaalmembraan
Plasminogeen-> plasmide, breekt stolsels af
Fibrinogeen __Trombine__ fibrine ____fibrinolyse____fibrinogeen
Verschijnselen wandvastige trombose
pijn in de kuit en / of knieholte
been dikker/ roder dan normaal
bij achterover buigen - dorsale flexie kan pijn in de voet en kuit worden aangegeven
aan de achterkant van het been is een versterkte veneuze tekening zichtbaar
lichte temperatuurstijging en tachycardie
stuk trombus dat wordt meegevoerd door het bloed> embolus
Afsluitende of obturende trombose
been blauwrood, glanzend en dik, pijnlijk en warm.
Lichte temperatuurverhoging en tachycardie
Longembolie- trombus komt in longslagaders en sluit het bloedvat af.
, De patient voelt zich plotseling onwel
Pijn aan de aangedane zijde
Soms ophoesten van wat bloed
Relatieve tachycardie met weinig duidelijke oorzaak
Het hart
aorta grote lichaamsslagader
arteria slagader
arteria coronaria kransslagader
arteria pulmonalis longslagader
arteriae slagaderen
atrium boezem van het hart
annulus fibrosus bindweefselring tussen atria
en ventrikel
AV-knoop plaats in hartspier vanwaar prikkels uitgaan naar de
hartspiervezels
bundel van His vezelbundel die de contractieprikkels vanuit de AV-knoop
doorgeeft naar spiervezels
collateraal vat bloedvat dat parallel aan een hoofdbloedvat loopt
diastole ontspanningsfase van de hartspier
ECG electrocardiogram; afbeelding van de activiteit van het hart;
hartfilmpje
endocard binnenste bekledingslaag van het hart
endotheel binnenbekleding van bloedvaten
epicard hartzakje; binnenste vlies
irregulair onregelmatig
mitralisklep klep tussen linker boezem en linker kamer
myocard hartspier
pericard hartzakje; buitenste vlies
septum cordis schot tussen linker en rechter deel van het hart
sinusknoop plaats in de hartboezemwand vanwaar prikkels worden
verstuurd naar de AV-knoop
systole samentrekkingsfase van de hartspier
tricuspidalisklep drie slippige hartklep
valva mitralis klep tussen linker boezem en linker kamer
valva tricuspidalis klep tussen rechter boezem en rechter kamer
vena cava inferior onderste holle ader
vena cava superior bovenste holle ader
vena pulmonalis longader
vena coronaria kransslagaders
venae aderen
ventriculus hartkamer
ventriculus sinister linker hartkamer
ventriculus dexter rechter hartkamer
, prikkelgeleiding
1. Sinusknoop
2. Atrium
3. AV knoop
4. Bundel van his
5. 2 bundel vertakking
6. Vezels van purkinje
7. Ventrikelwand
ECG
1e klop- kleppen AV atria ventrikels
2e klop- aorta klep
Wat zie je op een ECG?
A De prikkel begint in de sinusknoop, linksboven rechter atrium (punt P) duurt 0.11 sec.
B Elektrische prikkel wordt opgehouden in de AV-knoop (PR segment) duurt o.2 sec
C Prikkel verspreid zich door ventrikel – systole (QRS complex) duurt 0.08 tot 0.10 sec
D herstelfase (hartpauze)- punt T
Biomedisch 1.2
, Voorbereiding
Slagvolume- hoeveelheid bloed die de aorta in word gepompt met een contractie
Bloed door de perifere ader met een snelheid van 0.5 meter per seconde. De drukgolf
(polsgolf) gaat echter veel sneller. Deze kan al na 0.08 seconde worden waargenomen.
Pols opnemen - arteria radialis (polsslagader)
- arteria carotis (halsslagader)
Kenmerken van de pols:
1. Frequentie
2. Regulariteit
3. Spanning
4. Heftigheid
5. Vulling
1. Onder frequentie van de pols verstaan we het aantal polsslagen per minuut. Onder
normale omstandigheden is de frequentie ongeveer 72 slagen per minuut in rust. Als
de frequentie boven de 100 stijgt, spreken we van polsversnelling of tachycardie.
Daalt deze onder de 60 slagen per minuut, dan noemt men dit bradycardie.
Oorzaken van tachycardie:
- lichamelijke inspanning (spierweefsel verbruikt meer zuurstof – aerobe dissumilatie)
- nervositeit (door stress toegenomen activiteit van het andrenerge systeem – nervus sympaticus)
- koorts (verhoogd appel stofwisseling)
- bloedarmoede (verminderd hemoglobine gehalte, minder zuurstof vervoerd)
- verhoogde schildklierfunctie (hyperthyreoïdie) (bij teveel schildklierhormoon zal stofwisseling
toenemen)
- decompensato cordis (als een hart zijn functie niet volledig kan voldragen zal deze dat
compenseren door op een hogere frequentie te kloppen)
- bloeddrukdaling (zal door deze situatie frequenter samentrekken ter compensatie)
oorzaken bradycardie
- Sporthart (door sporten is de hartspier dikker geworden- trekt krachtiger samen en hoger slagvolume)
- Familiair voorkomen (erfelijke lage frequentie pols)
- Hartblock (blokkade bundel van His, ventrikels reguleren frequentie zelf)
- Drukpols ( kan bij verhoogde schedeldruk. Kern van nergus vagus geprikkeld, remt hart frequentie)
- Icterus (geelzucht, door Icterus galzure zouten raakt ook de nervus vagus geprikkeld)
- Enkele microbiële infecties (meeste infecties gepaard met koorts (trachiecardie) enkele niet,
virusinfecties en buiktyfus)
2. Normaliter is de pols regulair, de afstanden tussen verschillende polsslagen zijn dan
dus hetzelfde. Als dit niet het geval is, spreken we van inregelmatige of irregulaire
hartactiviteit. Verschil tussen de getelde slagen van het hart en de pols noemen we
Voorbereiding
Hemostase (bloedstelping)
Hemostase verloopt in 3 stappen:
1. Vasoconstrictie (vaatvernauwing)
Na het optreden van schade aan de arteriën en arteriolen treedt vasculair spasme op
(vaatkramp).
2. Aggregatie van trombocyten (vorming bloedprop)
Na beschadiging van het endotheel vind er altijd adhesie van trombocyten plaats. Voor deze
adhesie is de Von Willebrandfactor (VWF) (eiwit) noodzakelijk.
3. Coagulatie (bloedstolling)
Als bloed het vaatbed verlaat treedt gelvorming op. De gel, Trombus (stolsel) is een netwerk
van fibrine draden met insluitsels als trombocyten of elektrocyten. Afgestoten vloeistof –
serum
Normaal zijn stolling en antistolling in evenwicht. Als stolling overweegt, is er sprake
van trombose.
Trombose bevorderende factoren:
- Verminderde stroming bloed
- Beschadiging vaatwand (endotheel)
- Viscositeit – hoge stroperigheid bloed door bijvoorbeeld uitdroging.
- Spataderen – venen kleppen werken niet goed meer, makkelijk stolsels achter klep
- Aderontsteking Phlebitis endotheel beschadigd en ruw
Extrinsieke stolling- een situatie waarin de stof vanuit beschadigde cellen van buiten het bloedvat
naar het bloed gaat.
Intrinsieke stolling- complexer dan extrinsieke stolling, duurt ook langer. Vorming van pro-trombinase
gestart nadat trombocyten in contact zijn gekomen met het basaalmembraan
Plasminogeen-> plasmide, breekt stolsels af
Fibrinogeen __Trombine__ fibrine ____fibrinolyse____fibrinogeen
Verschijnselen wandvastige trombose
pijn in de kuit en / of knieholte
been dikker/ roder dan normaal
bij achterover buigen - dorsale flexie kan pijn in de voet en kuit worden aangegeven
aan de achterkant van het been is een versterkte veneuze tekening zichtbaar
lichte temperatuurstijging en tachycardie
stuk trombus dat wordt meegevoerd door het bloed> embolus
Afsluitende of obturende trombose
been blauwrood, glanzend en dik, pijnlijk en warm.
Lichte temperatuurverhoging en tachycardie
Longembolie- trombus komt in longslagaders en sluit het bloedvat af.
, De patient voelt zich plotseling onwel
Pijn aan de aangedane zijde
Soms ophoesten van wat bloed
Relatieve tachycardie met weinig duidelijke oorzaak
Het hart
aorta grote lichaamsslagader
arteria slagader
arteria coronaria kransslagader
arteria pulmonalis longslagader
arteriae slagaderen
atrium boezem van het hart
annulus fibrosus bindweefselring tussen atria
en ventrikel
AV-knoop plaats in hartspier vanwaar prikkels uitgaan naar de
hartspiervezels
bundel van His vezelbundel die de contractieprikkels vanuit de AV-knoop
doorgeeft naar spiervezels
collateraal vat bloedvat dat parallel aan een hoofdbloedvat loopt
diastole ontspanningsfase van de hartspier
ECG electrocardiogram; afbeelding van de activiteit van het hart;
hartfilmpje
endocard binnenste bekledingslaag van het hart
endotheel binnenbekleding van bloedvaten
epicard hartzakje; binnenste vlies
irregulair onregelmatig
mitralisklep klep tussen linker boezem en linker kamer
myocard hartspier
pericard hartzakje; buitenste vlies
septum cordis schot tussen linker en rechter deel van het hart
sinusknoop plaats in de hartboezemwand vanwaar prikkels worden
verstuurd naar de AV-knoop
systole samentrekkingsfase van de hartspier
tricuspidalisklep drie slippige hartklep
valva mitralis klep tussen linker boezem en linker kamer
valva tricuspidalis klep tussen rechter boezem en rechter kamer
vena cava inferior onderste holle ader
vena cava superior bovenste holle ader
vena pulmonalis longader
vena coronaria kransslagaders
venae aderen
ventriculus hartkamer
ventriculus sinister linker hartkamer
ventriculus dexter rechter hartkamer
, prikkelgeleiding
1. Sinusknoop
2. Atrium
3. AV knoop
4. Bundel van his
5. 2 bundel vertakking
6. Vezels van purkinje
7. Ventrikelwand
ECG
1e klop- kleppen AV atria ventrikels
2e klop- aorta klep
Wat zie je op een ECG?
A De prikkel begint in de sinusknoop, linksboven rechter atrium (punt P) duurt 0.11 sec.
B Elektrische prikkel wordt opgehouden in de AV-knoop (PR segment) duurt o.2 sec
C Prikkel verspreid zich door ventrikel – systole (QRS complex) duurt 0.08 tot 0.10 sec
D herstelfase (hartpauze)- punt T
Biomedisch 1.2
, Voorbereiding
Slagvolume- hoeveelheid bloed die de aorta in word gepompt met een contractie
Bloed door de perifere ader met een snelheid van 0.5 meter per seconde. De drukgolf
(polsgolf) gaat echter veel sneller. Deze kan al na 0.08 seconde worden waargenomen.
Pols opnemen - arteria radialis (polsslagader)
- arteria carotis (halsslagader)
Kenmerken van de pols:
1. Frequentie
2. Regulariteit
3. Spanning
4. Heftigheid
5. Vulling
1. Onder frequentie van de pols verstaan we het aantal polsslagen per minuut. Onder
normale omstandigheden is de frequentie ongeveer 72 slagen per minuut in rust. Als
de frequentie boven de 100 stijgt, spreken we van polsversnelling of tachycardie.
Daalt deze onder de 60 slagen per minuut, dan noemt men dit bradycardie.
Oorzaken van tachycardie:
- lichamelijke inspanning (spierweefsel verbruikt meer zuurstof – aerobe dissumilatie)
- nervositeit (door stress toegenomen activiteit van het andrenerge systeem – nervus sympaticus)
- koorts (verhoogd appel stofwisseling)
- bloedarmoede (verminderd hemoglobine gehalte, minder zuurstof vervoerd)
- verhoogde schildklierfunctie (hyperthyreoïdie) (bij teveel schildklierhormoon zal stofwisseling
toenemen)
- decompensato cordis (als een hart zijn functie niet volledig kan voldragen zal deze dat
compenseren door op een hogere frequentie te kloppen)
- bloeddrukdaling (zal door deze situatie frequenter samentrekken ter compensatie)
oorzaken bradycardie
- Sporthart (door sporten is de hartspier dikker geworden- trekt krachtiger samen en hoger slagvolume)
- Familiair voorkomen (erfelijke lage frequentie pols)
- Hartblock (blokkade bundel van His, ventrikels reguleren frequentie zelf)
- Drukpols ( kan bij verhoogde schedeldruk. Kern van nergus vagus geprikkeld, remt hart frequentie)
- Icterus (geelzucht, door Icterus galzure zouten raakt ook de nervus vagus geprikkeld)
- Enkele microbiële infecties (meeste infecties gepaard met koorts (trachiecardie) enkele niet,
virusinfecties en buiktyfus)
2. Normaliter is de pols regulair, de afstanden tussen verschillende polsslagen zijn dan
dus hetzelfde. Als dit niet het geval is, spreken we van inregelmatige of irregulaire
hartactiviteit. Verschil tussen de getelde slagen van het hart en de pols noemen we