Les 12: X-thorax en auscultatie
verwoorden hoe een X-thorax er uit ziet;
benoemen wat een indicatie kan zijn om een X-thorax te laten maken;
enkele afwijkingen benoemen die eventueel op een X-thorax te zien zouden
kunnen zijn;
benoemen wat auscultatie als onderzoeksmethode inhoudt;
kan enkele afwijkende geluiden benoemen die te horen zijn bij auscultatie.
De rechterlong bestaat uit 3 longkwabben, de
linkerlong bestaat uit 2 kwabben.
De trachea is herkenbaar aan de
kraakbeenringen, die verstevigen de
luchtwegen.
Carina = de hoek tussen de rechter en de
linkerbronchus.
X-Thorax
Röntgenstralen uit röntgenbuis
Fosforplaat/detector
Densiteit: hoe meer straling tegengehouden wordt des te witter
is de foto
Hoe dichter de structuur op de plaats, hoe meer
waarheidsgetrouw het beeld
Posterior = achterzijde
Anterior = voorzijde
Goedkope en weinig-belastende techniek
Vrijwel altijd beschikbaar
Geeft veel informatie over het skelet, hart en de longen
Snelle manier veel nuttige informatie op traumakamer, CCU of
IC
2D versus 3D
CT is meer sensitief dus betrouwbaarder, echter wel duurder en
duur langer
Stappenplan beoordeling X-Thorax (zie powerpoints)
1. Techniek
PA of AP
Altijd tijdens de inspiratie inschieten
Recht ingeschoten
o Om te bepalen of recht is ingeschoten wervelkolom mooie kruising met de
mediale zijde van de clavicula
Goede penetratie
, 2. Artificiële lijnen maagsonde, endotracheale tube of pacemaker
Tube (ET, tracheostoma)
Lange lijnen (jugularis, subclavia)
Maagsonde
o Moet lager doorlopen dan de carina, dan weet je zeker dat je niet in trachea
zit
o 100% zeker weten afnemen pH-waarde
Zuurstofslang, NRM
Pacemaker(-draden)
Sternumdraden (CABG, klepchirurgie)
Klepprotheses (metalen)
ECG-lijnen
Thoraxdrains
3. Mediastinum ruimte tussen de linker- en de rechterlong
4. Longhila
De opening naar de longen waar hoofdbronchus, longslagader en longader loopt
5. Hart
Het hart moet qua grootte minder zijn dan 50% van de thorax
Klein deel rechts zichtbaar
Grootste deel links zichtbaar
6. Pleura kijken of er pleuravocht of een pneumothorax is
7. Subdiafragmaal is er vrije lucht in de buik
8. Weke delen corpus alienum
9. Bot wervels, ribben en sleutelbeen
Pleura Visceralis = buitenbekleding van de
longen
Pleura Parietalis = binnenbekleding thorax,
ribbenkast en diafragma
Pleurale Ruimte = gevuld met een dun laagje
vocht
verwoorden hoe een X-thorax er uit ziet;
benoemen wat een indicatie kan zijn om een X-thorax te laten maken;
enkele afwijkingen benoemen die eventueel op een X-thorax te zien zouden
kunnen zijn;
benoemen wat auscultatie als onderzoeksmethode inhoudt;
kan enkele afwijkende geluiden benoemen die te horen zijn bij auscultatie.
De rechterlong bestaat uit 3 longkwabben, de
linkerlong bestaat uit 2 kwabben.
De trachea is herkenbaar aan de
kraakbeenringen, die verstevigen de
luchtwegen.
Carina = de hoek tussen de rechter en de
linkerbronchus.
X-Thorax
Röntgenstralen uit röntgenbuis
Fosforplaat/detector
Densiteit: hoe meer straling tegengehouden wordt des te witter
is de foto
Hoe dichter de structuur op de plaats, hoe meer
waarheidsgetrouw het beeld
Posterior = achterzijde
Anterior = voorzijde
Goedkope en weinig-belastende techniek
Vrijwel altijd beschikbaar
Geeft veel informatie over het skelet, hart en de longen
Snelle manier veel nuttige informatie op traumakamer, CCU of
IC
2D versus 3D
CT is meer sensitief dus betrouwbaarder, echter wel duurder en
duur langer
Stappenplan beoordeling X-Thorax (zie powerpoints)
1. Techniek
PA of AP
Altijd tijdens de inspiratie inschieten
Recht ingeschoten
o Om te bepalen of recht is ingeschoten wervelkolom mooie kruising met de
mediale zijde van de clavicula
Goede penetratie
, 2. Artificiële lijnen maagsonde, endotracheale tube of pacemaker
Tube (ET, tracheostoma)
Lange lijnen (jugularis, subclavia)
Maagsonde
o Moet lager doorlopen dan de carina, dan weet je zeker dat je niet in trachea
zit
o 100% zeker weten afnemen pH-waarde
Zuurstofslang, NRM
Pacemaker(-draden)
Sternumdraden (CABG, klepchirurgie)
Klepprotheses (metalen)
ECG-lijnen
Thoraxdrains
3. Mediastinum ruimte tussen de linker- en de rechterlong
4. Longhila
De opening naar de longen waar hoofdbronchus, longslagader en longader loopt
5. Hart
Het hart moet qua grootte minder zijn dan 50% van de thorax
Klein deel rechts zichtbaar
Grootste deel links zichtbaar
6. Pleura kijken of er pleuravocht of een pneumothorax is
7. Subdiafragmaal is er vrije lucht in de buik
8. Weke delen corpus alienum
9. Bot wervels, ribben en sleutelbeen
Pleura Visceralis = buitenbekleding van de
longen
Pleura Parietalis = binnenbekleding thorax,
ribbenkast en diafragma
Pleurale Ruimte = gevuld met een dun laagje
vocht