Jurisprudenti e
Week 1b: Algemene voorwaarden
Bramer/Hofman
De mogelijkheid een beroep te doen op de onredelijke bezwarendheid van algemene
voorwaarden staat niet in de weg aan een beroep op de beperkende werking van
redelijkheid en billijkheid. De wederpartij van de gebruiker kan hier kiezen voor een van de
bepalingen om een beroep op te doen. Er geldt dus alternativiteit, geen exclusiviteit. De
bepalingen kunnen echter niet naast elkaar worden ingeroepen.
Geurtzen/Kampstaal
In de wettekst en wetsgeschiedenis is steun te vinden voor bevestiging van de vraag of in art.
6:234 lid 1 BW limitatief is geregeld hoe de gebruiker van algemene voorwaarden – op straffe
van vernietigbaarheid – aan de wederpartij de mogelijkheid kan bieden om kennis te nemen
van de voorwaarden. Een redelijke en op de praktijk afgestemde uitleg brengt evenwel met
zich mee dat de wederpartij zich niet op de vernietigbaarheid van een beding kan beroepen
wanneer hij ten tijde van het sluiten van de overeenkomst met dat beding bekend was of
geacht kon worden daarmee bekend te zijn. Ook kunnen zich omstandigheden voordoen
waarin een beroep op vernietigbaarheid naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid
onaanvaardbaar is.
Week 2a: (Niet-)nakoming in het algemeen, toerekening en on-
conformiteit
Oerlemans/Driessen
De verkeersopvattingen brengen met zich mee dat een tekortkoming bestaande in een
gebrek van een verkocht product in beginsel voor rekening komt van de verkoper, ook al
kende noch behoorde hi het gebrek te kennen.
Brok/Huberts
Indien een zaak niet voldoet aan de overeenkomst, is daarmee de tekortkoming gegeven.
Voor de toekenning van schadevergoeding moet deze tekortkoming echter wel toerekenbaar
zijn. Het enkele feit van non-conformiteit is niet voldoende voor aansprakelijkheid van de
verkoper.
Geldnet/Kwantum
Hulppersonen zijn enkel personen die zijn ingezet bij de nakoming van de overeenkomst door
de schuldenaar.
Matatag/De Schelde
Wanneer sprake is van een professionele wederpartij en van partijen die behoren tot
bedrijfstakken die regelmatig met elkaar van doen hebben en waarin standaardisatie van
overeenkomsten door algemene voorwaarden met exoneratieclausules veelvoorkomend is,
is het naar redelijkheid en billijkheid niet onaanvaardbaar dat er exoneratieclausules zijn
opgenomen voor ernstige fouten van werknemers van de gebruiker.
,Kuunders/Swinkels
Een exoneratiebeding dient buiten toepassing te blijven voor zover die toepassing in de
gegeven omstandigheden naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar
zou zijn. Dit zal het geval zijn als de schade te wijten is aan opzet of bewuste roekeloosheid
van de schuldenaar of van met de leiding van zijn bedrijf belaste personen. de rechter moet
daarbij rekening houden met alle omstandigheden waarop door de partij die het beding
buiten toepassing gelaten wil zien, zich heeft beroepen. In aanmerking zal moeten worden
genomen hoe laakbaar het verzuim dat tot aansprakelijkheid zou moeten leiden, is geweest,
wat de gevolgen van dit verzuim zijn en in hoeverre de daardoor ontstane schade eventueel
door de verzekering is gedekt.
Week 2b: Ingebrekestelling vereist? Overige inhoud van afdeling
6.1.9 BW
Kinheim/Pelders
Tekortkoming is in zoverre herstelbaar dat er opnieuw (deugdelijk) gepresteerd kan worden,
maar de schade is definitief geleden en daarmee niet weggenomen door de nieuwe
prestatie. De tekortkoming is daarmee niet voor herstel mogelijk en dus blijvend onmogelijk
in de zin van art. 6:74 lid 2 BW.
Schwartz/Gnjatovic
Indien het gaat om een tekortkoming in de nakoming van een voortdurende verplichting,
zoals de verplichtingen die uit een huurovereenkomst voortvloeien, kan deze verplichting in
de toekomst weliswaar nog worden nagekomen, maar daarmee wordt de tekortkoming in
het verleden niet ongedaan gemaakt, zodat wat deze tekortkoming betreft nakoming niet
meer mogelijk is.
Endlich/Bouwmachines
Indien sprake is van een risicovolle situatie en hoge spoed om actie te ondernemen, dan
treedt verzuim van rechtswege in, indien de schuldenaar niet tijdig reageert. Dit geschiedt op
grond van de aanvullende werking van de redelijkheid en billijkheid.
Büchner/Wies
De ingebrekestelling dient als bescherming van de schuldenaar en biedt deze een laatste
redelijke termijn om alsnog te presteren.
Fraanje/Götte
Op grond van de redelijkheid en billijkheid kunnen de omstandigheden ervoor zorgen dat
een ingebrekestelling niet nodig is om verzuim te doen intreden.
,Week 3a: Ontbinding en opschorting
Twickler
in art. 6:265 BW wordt gesproken over ‘iedere tekortkoming in de nakoming’. Daarom mag in
beginsel geen onderscheid gemaakt worden tussen kernbedingen en overige bedingen, en
kan bij iedere tekortkoming worden ontbonden door de verhuurder, tenzij deze tekortkoming
de ontbinding niet rechtvaardigt. Maar dan moet het om iets heel onzinnigs gaan. Niet van
belang is:
- Of het belang van de verhuurder bij ontruiming groter is dan het belang van de
huurder bij continuering van de huurovereenkomst; en
- Of er sprake is van toerekenbaarheid van de tekortkoming in de nakoming.
Jans/FCN
De ontbinding van een huurovereenkomst leidt niet automatisch tot ontbinding van de
bijbehorende financieringsovereenkomst. Voor art. 7:96 BW is van belang dat sprake is van
twee overeenkomsten die zozeer met elkaar verbonden zijn dat vernietiging of ontbinding
van de ene overeenkomst tot gevolg heeft dat de andere overeenkomst ook niet in stand kan
blijven. Of sprake is van verbondenheid, hangt af van de aard van de overeenkomst:
- De overeenkomsten zijn gelijktijdig tot stand gekomen;
- De verwachtingen van partijen onderling;
- Het bestaan van een vaste verhouding tussen verkoper en financier;
- Het optreden van de verkoper als gevolmachtigde van de financier.
Week 3b: Verjaring, rechtsverwerking en afstand
BASF Drukinkt/Rensink
De verjaringstermijn van art. 3:310 lid 1 BW vangt aan op de dag na die waarop de
benadeelde daadwerkelijk in staat is een rechtsvordering tot vergoeding van de schade in te
stellen. Hiervan is sprake wanneer de benadeelde voldoende zekerheid – geen absolute
zekerheid – heeft gekregen dat de schade (mede) is veroorzaakt door tekortschietend of
foutief handelen van de betrokken persoon.
Saelman/Academisch Ziekenhuis
De verjaringstermijn van art. 3:310 lid 1 BW vangt aan op de dag na die waarop de
benadeelde (of diens wettelijk vertegenwoordiger) daadwerkelijk in staat is een
rechtsvordering tot vergoeding van de schade in te stellen. Hierbij speelt mee dat de
subjectieve verjaringstermijn pas begint te lopen zodra de benadeelde (of diens wettelijk
vertegenwoordiger) voldoende zekerheid – geen absolute zekerheid – heeft gekregen dat het
letsel (mede) is veroorzaakt door tekortschietend of foutief medisch handelen.
Week 4a: Rechtsgevolgen van de overeenkomst ten aanzien van
partijen
Pensioenfonds DSM/Fox
De Haviltex- en cao-norm staan tegenover elkaar, maar vloeien ook in elkaar over. Afhankelijk
van het type van de overeenkomst en de omstandigheden van het geval is meer of minder
grammaticale uitleg geraden. Meer specifiek: indien de bedoelingen van de partijen bij de
cao naar objectieve maatstaven volgt uit de cao-bepalingen en de eventueel daarbij
behorende schriftelijke toelichting, en dus voor individuele werknemers die niet bij de
, totstandkoming van de overeenkomst betrokken zijn geweest, kenbaar is, ook daaraan bij de
uitleg van de cao betekenis kan worden toegekend.
Eindhoven/Allianz
Een partij die overgaat tot het executeren van een vonnis dat uitvoerbaar bij voorraad is en
later vernietigd kan worden, kan later bij eventueel te betalen schadevergoeding aan de
gedupeerde geen beroep doen op haar verzekeraar op grond van de redelijkheid en
billijkheid van art. 6:248 lid 2 BW. Hierbij speelt mee dat deze partij zich heeft laten leiden
door de gedachte dat eventuele schade bij executie toch verhaalbaar zou zijn op haar
verzekeraar.
Week 4b: Overdracht onder voorwaarde, beschikkingsbevoegdheid,
eigendomsvoorbehoud en fiduciaverbod
Hoogovens/Matex
Wanneer een derdeverkrijger een beroep doet op de derdenbeschermingsregel van art. 3:86
BW, houdt de aanwezigheid van goede trouw niet in dat bij deze derde een onderzoeksplicht
rust op de vraag of de verkregen goederen in eigendom toebehoorden aan de vervreemder,
indien deze vervreemder niet bekend staat om een slechte financiële positie of een algehele
slechte reputatie heeft.
Keereweer/Sogelease
Ten aanzien van een sale-and-lease-back constructie is toegestaan dat er een overeenkomst
aan ten grondslag ligt die strekt tot werkelijke overdracht, zodat wanneer sprake is van
wanprestatie, de leasemaatschappij de overeenkomst kan ontbinden en vrij over het goed
kan beschikken. Wat niet mag, is een overeenkomst die niet gericht is op feitelijke
overdracht. Een aanwijzing voor niet-feitelijke overdracht kan zijn het feit dat de waarde van
het goed en de te betalen bedragen niet met elkaar in evenwicht zijn.
Rabobank/Reuser
Een eigendom onder opschortende voorwaarde kan verpand worden. Hier is sprake van een
volledig pandrecht, waarbij door het intreden van de voorwaarde het voorwaardelijk
eigendom wordt vervangen door een onvoorwaardelijk eigendom en het pandrecht van
rechtswege dit onvoorwaardelijk eigendom gaat bevatten. Hierbij is geen sprake van de
vestiging van een nieuw pandrecht.
Week 5a: Levering registergoederen en derdenbescherming
Kamsteeg/Lisser
De titel van de overdracht van het recht van opstal dient objectief te worden uitgelegd, maar
de daadwerkelijke invulling van het opstalrecht is een uitleg van partijbedoelingen in de zin
van Haviltex.
Eelder Woningbouw/Van Kammen c.s.
Voor de vraag wat is geleverd, is bepalend: “de in de notariële akte van levering tot
uitdrukking gebrachte partijbedoelingen die moeten worden afgeleid uit de in deze akte
opgenomen, naar objectieve maatstaven in het licht van de gehele inhoud van de akte uit te
leggen omschrijving van de over te dragen onroerende zaak”.
Dukker/Los