Leerdoelen
• de student beschrijft taken en verantwoordelijkheden van de logopedist bij dementie en
palliatieve zorg;
• de student stelt een behandelplan op bij een casus met complexe problematiek;
• de student benoemt en bespreekt ethische aspecten bij een casus met complexe
problematiek;
• de student selecteert en formuleert geschikte informatie voor mantelzorgers van cliënten
met dementie gericht op communicatieadviezen;
• de student beschrijft het belang van goede mondverzorging bij cliënten met kauw- en
slikstoornissen;
• de student voert een multidisciplinair overleg en benoemt daarbij welke informatie van
belang is om over te dragen of te ontvangen;
• de student beschrijft hoe een klinische les kan worden opgebouwd;
• de student stelt een klinische les samen voor verzorgenden in een verpleeghuis, gericht op
het overdragen van informatie rondom een specifieke casus.
,College 1: Dementie en palliatieve zorg; de rol van de logopedist
Dementie – feiten en getallen (www.alzheimer-nederland.nl)
• 260.000 mensen met dementie in NL
• Verwachting 2040: 500.000 mensen met dementie in NL
• 12.000 mensen < 65 jaar met dementie
Definitie dementie
• dementie is een spectrum van klinische syndromen
• deze syndromen worden
o veroorzaakt door verschillende hersenziekten
o gekenmerkt door combinaties van meervoudige stoornissen in cognitie, stemming
of gedrag
• de specifieke kenmerken van de verschillende combinaties worden bepaald door de aard,
distributie en ernst van de afwijkingen in de hersenen
Differentiaal diagnostiek
• is er sprake van dementie?
• óf is er sprake van:
o Mild Cognitive Impairment (MCI)
o psychiatrische klachten (depressie, burn-out)
o onderliggende lichamelijke klachten (o.a. epilepsie)
o subjectieve klachten
• indien er wel sprake is van dementie; welke vorm?
Vormen van dementie (o.a.)
• Ziekte van Alzheimer
• Vasculaire dementie
• Frontotemporale dementie (FTD)
• Dementie met Lewy Body
, Samenvattend
Corticale dementiesyndromen:
• in het algemeen sprake van stoornissen in o.a. het leervermogen, geheugen, taal,
handelingen (praxis) en visuoperceptuele vaardigheden.
• gevolg: detecteerbare stoornissen met kenmerken van amnesie, afasie, alexie, agrafie,
apraxie, agnosie en acalculie.
• bijvoorbeeld ziekte van Alzheimer, Lewy-body dementie.
subcorticale dementie:
• gekarakteriseerd door traagheid, een geheugenstoornis – meestal omschreven als
vergeetachtigheid met relatief intacte recognitie, stoornissen van allerlei complexe
aangeleerde vaardigheden en vaak apathie en kenmerken van depressie.
• neuropsychologisch onderzoek: prestaties vooral gestoord bij taken die een beroep doen
op aandacht, (cognitieve) inspanning, snelheid, verwerken en opslaan van informatie,
manipuleren van informatie en de uitvoerende controlefuncties.
• over het algemeen worden de specifieke kenmerken van afasie, apraxie, agnosie en
dergelijke niet aangetroffen. Wel kan de uitvoering van complexe opdrachten bij deze
functiegebieden soms beperkt zijn.
• bijvoorbeeld ziekte van Parkinson, Huntington.
De 10 signalen van dementie: zie YouTube filmpje: https://www.youtube.com/watch?
v=kWzJJvp_7yQ