HC 27 MACRO- EN MICROANATOMIE LONGEN C
Endoderm voor-, midden- en einddarm uit de ventrale kant van voordarm: 2
vertakkingen rechter- en linkerlong
Ontwikkeling van de longen: (volledige capaciteit na een paar jaar ontwikkeling)
Bij week 24: aanmaak surfactant: de long kan open blijven als er
lucht in zit.
Herhaling: begrenzing van de thorax:
Pleuraholtes:
- Thoraxwand bekleed met pariëtaal pleura (borstvlies)
- Long bekleed met de visceraal pleura (longvlies)
- Verbonden met de hilus
- Ruimte tussen vliezen = pleuraholte
- In de nauwe plekken van de holte bevindt zich geen long
Recessus costodiafragmaticus
, Hartruimte
Positie belangrijke structuren t.o.v. de hilus:
- A. pulmonalis: “Above” in hilus
- V. pulmonalis “Vront” in hilus
- N. vagus: achter hilus
- N. phrenicus: voor hilus
- V. azygos: rechts
- Aortaboog: links
Long bestaat uit lobben:
- Gescheiden door pleura vlies
- Links = 2, rechts = 3
- Schuine en horizontale fissuur
- Centraal
Bronchi en bloedvaten
- Perifeer
Alveoli
Beide longen: 10 segmenten (of 10/8)
- Gescheiden door bindweefsel schotten
- Geen alveolair contact tussen segmenten
- Segment = kleinst uitneembare unit
- Vertakking van een bronchi
Bloedvoorziening:
- Respiratie:
A. en V. pulmonalis
- Perfusie bronchiale boom:
A. en V. bronchialis
Geleidend (lucht, geen exchange) deel en respiratoir (exchange) deel
- Geleidend:
Neusholte, pharynx, larynx
, Trachea
Bronchus (hoofd, lobair en segmentaal)
Bronchioli (terminaal)
- Respiratoir:
Bronchioli (respiratoir)
Ductuli alveoli (buizen)
Sacculi alveolares (zakken)
Alveoli (blaasjes)
Trachea = 10 cm lang en 2,5 cm in diameter
Tracheoscopie:
4 lagen van de trachea:
- Mucosa
Epitheel
Lamina propria
- Submucosa
- Kraakbeenlaag
C-vormige ringen
Dorsaal: glad spierweefsel & fibro-elastisch weefsel
- Adventitia
Mucosa:
- Epitheel
Meerrijig cilindrisch
Trilhaarcellen (30%)
Slijmbekercellen (30%)
Basale cellen (vervangcellen) (30%)
Enteroendocriene cellen (8%)
Borstelcellen (2%)
- Lamina propria
Bindweefsel met BALT (lymfatisch weefsel met
witte bloedcellen)
Elastische vezels
Metaplasie = door hoesten raakt het epitheel beschadigd
Ontstaat een meerlagig epitheel zonder trilharen
Bij prikkeling hoesten epitheel veranderd
naar meerlagig slijmproductie loopt door
kan niet weg meer hoesten meer
metaplasie potentieel maligniteit van het
trachea epitheel (onreversibel)
Submucosa:
- Losmazig bindweefsel (zoals lamina
propria)
- Servicelaag voor de mucosa
Vaten
Zenuwen
Lymfevaten
- Submucoseale klieren
Seromucaus (water & slijm)
Endoderm voor-, midden- en einddarm uit de ventrale kant van voordarm: 2
vertakkingen rechter- en linkerlong
Ontwikkeling van de longen: (volledige capaciteit na een paar jaar ontwikkeling)
Bij week 24: aanmaak surfactant: de long kan open blijven als er
lucht in zit.
Herhaling: begrenzing van de thorax:
Pleuraholtes:
- Thoraxwand bekleed met pariëtaal pleura (borstvlies)
- Long bekleed met de visceraal pleura (longvlies)
- Verbonden met de hilus
- Ruimte tussen vliezen = pleuraholte
- In de nauwe plekken van de holte bevindt zich geen long
Recessus costodiafragmaticus
, Hartruimte
Positie belangrijke structuren t.o.v. de hilus:
- A. pulmonalis: “Above” in hilus
- V. pulmonalis “Vront” in hilus
- N. vagus: achter hilus
- N. phrenicus: voor hilus
- V. azygos: rechts
- Aortaboog: links
Long bestaat uit lobben:
- Gescheiden door pleura vlies
- Links = 2, rechts = 3
- Schuine en horizontale fissuur
- Centraal
Bronchi en bloedvaten
- Perifeer
Alveoli
Beide longen: 10 segmenten (of 10/8)
- Gescheiden door bindweefsel schotten
- Geen alveolair contact tussen segmenten
- Segment = kleinst uitneembare unit
- Vertakking van een bronchi
Bloedvoorziening:
- Respiratie:
A. en V. pulmonalis
- Perfusie bronchiale boom:
A. en V. bronchialis
Geleidend (lucht, geen exchange) deel en respiratoir (exchange) deel
- Geleidend:
Neusholte, pharynx, larynx
, Trachea
Bronchus (hoofd, lobair en segmentaal)
Bronchioli (terminaal)
- Respiratoir:
Bronchioli (respiratoir)
Ductuli alveoli (buizen)
Sacculi alveolares (zakken)
Alveoli (blaasjes)
Trachea = 10 cm lang en 2,5 cm in diameter
Tracheoscopie:
4 lagen van de trachea:
- Mucosa
Epitheel
Lamina propria
- Submucosa
- Kraakbeenlaag
C-vormige ringen
Dorsaal: glad spierweefsel & fibro-elastisch weefsel
- Adventitia
Mucosa:
- Epitheel
Meerrijig cilindrisch
Trilhaarcellen (30%)
Slijmbekercellen (30%)
Basale cellen (vervangcellen) (30%)
Enteroendocriene cellen (8%)
Borstelcellen (2%)
- Lamina propria
Bindweefsel met BALT (lymfatisch weefsel met
witte bloedcellen)
Elastische vezels
Metaplasie = door hoesten raakt het epitheel beschadigd
Ontstaat een meerlagig epitheel zonder trilharen
Bij prikkeling hoesten epitheel veranderd
naar meerlagig slijmproductie loopt door
kan niet weg meer hoesten meer
metaplasie potentieel maligniteit van het
trachea epitheel (onreversibel)
Submucosa:
- Losmazig bindweefsel (zoals lamina
propria)
- Servicelaag voor de mucosa
Vaten
Zenuwen
Lymfevaten
- Submucoseale klieren
Seromucaus (water & slijm)