HC 4: REPLICATIE EN TRANSCRIPTIE
DNA (m)RNA eiwit (= centrale dogma moleculaire
biologie)
DNA RNA = transcriptie
RNA eiwit = translatie
REPLICATIE
5’ = begin, 3’ = eind
DNA replicatie = semi-conservatief (half half)
DNA synthese is in de 5’ 3’ richting.
replicatie is zeer nauwkeurig (1 fout per 10^7 baseparen).
Fouten worden verwijderd door proofreading van DNA
polymerase.
Replicatie begint bij ‘origins
of replication’ (midden)
Dubbel helix opent. Het
menselijk genoom heeft 30-50.000 replicatie origins.
Microscoop:
Stopt als replicatievorken elkaar tegenkomen.
Probleem:
Kan
alleen
nucleotidestrengen
verlengen, niet starten
Oplossing:
Primase: synthetiseert een RNA primer
,Leading strand = continue
replicatie
Lagging strand = discontinue
replicatie
Stukjes in de lagging strand =
okazi fragmenten
Productie okazi fragmenten:
- Primase: RNA primer met
interval van ongeveer 200
nucleotiden
- DNA polymerase: synthetiseert DNA tot eerdere RNA
primer
- Nuclease: verwijderd RNA primer gat
- Repair DNA polymerase: vult gat op (incl.
proofreading)
- Ligase: plakt okazi fragmenten aan elkaar door de
fosfodiester, waarvoor ATP nodig is
Polymerase Chain Reaction (PCR) exponentiële
amplificatie
Toepassing:
- Forensisch onderzoek
Verschillen in STRs
- Vaderschapstest
- Prenatale diagnostiek
- Gevoelig detecteren van virussen
- Biomedisch onderzoek (kanker etc.)
TRANSCRIPTIE
, Transcriptie geeft flexibiliteit voor hoeveelheid eiwit.
Verschillen DNA en RNA:
- DNA: deoxyribose
- RNA: ribose
- DNA: thymine
- RNA: uracil
Matrijsstreng: template waartegenover het RNA wordt gevormd.
Prokaryoten: specifieke DNA volgordes die vertellen waar RNA polymerase
moet beginnen.
Eukaryoten:
- promoter bindt basale transcriptiefactoren die nodig zijn voordat het RNA
polymerase kan opstappen en met transcriptie kan beginnen.
- Activerende eiwitten: regulatie van transcriptie
Voor transcriptie: DNA moet bereikbaar zijn
DNA (m)RNA eiwit (= centrale dogma moleculaire
biologie)
DNA RNA = transcriptie
RNA eiwit = translatie
REPLICATIE
5’ = begin, 3’ = eind
DNA replicatie = semi-conservatief (half half)
DNA synthese is in de 5’ 3’ richting.
replicatie is zeer nauwkeurig (1 fout per 10^7 baseparen).
Fouten worden verwijderd door proofreading van DNA
polymerase.
Replicatie begint bij ‘origins
of replication’ (midden)
Dubbel helix opent. Het
menselijk genoom heeft 30-50.000 replicatie origins.
Microscoop:
Stopt als replicatievorken elkaar tegenkomen.
Probleem:
Kan
alleen
nucleotidestrengen
verlengen, niet starten
Oplossing:
Primase: synthetiseert een RNA primer
,Leading strand = continue
replicatie
Lagging strand = discontinue
replicatie
Stukjes in de lagging strand =
okazi fragmenten
Productie okazi fragmenten:
- Primase: RNA primer met
interval van ongeveer 200
nucleotiden
- DNA polymerase: synthetiseert DNA tot eerdere RNA
primer
- Nuclease: verwijderd RNA primer gat
- Repair DNA polymerase: vult gat op (incl.
proofreading)
- Ligase: plakt okazi fragmenten aan elkaar door de
fosfodiester, waarvoor ATP nodig is
Polymerase Chain Reaction (PCR) exponentiële
amplificatie
Toepassing:
- Forensisch onderzoek
Verschillen in STRs
- Vaderschapstest
- Prenatale diagnostiek
- Gevoelig detecteren van virussen
- Biomedisch onderzoek (kanker etc.)
TRANSCRIPTIE
, Transcriptie geeft flexibiliteit voor hoeveelheid eiwit.
Verschillen DNA en RNA:
- DNA: deoxyribose
- RNA: ribose
- DNA: thymine
- RNA: uracil
Matrijsstreng: template waartegenover het RNA wordt gevormd.
Prokaryoten: specifieke DNA volgordes die vertellen waar RNA polymerase
moet beginnen.
Eukaryoten:
- promoter bindt basale transcriptiefactoren die nodig zijn voordat het RNA
polymerase kan opstappen en met transcriptie kan beginnen.
- Activerende eiwitten: regulatie van transcriptie
Voor transcriptie: DNA moet bereikbaar zijn