STAPPENPLAN RANGORDE
Vertrekpunt
Pand en hypotheek
Superboedelschuldeiser
Curator
Bijzonder bevoorrechte boedelschuldeisers
Algemeen bevoorrechte boedelschuldeisers
Concurrente boedelschuldeisers Krijgen van de
curator
Bijzonder bevoorrechte schuldeisers
Algemeen bevoorrechte schuldeisers
Concurrente schuldeisers
Achtergestelde schuldeisers
Vraag 1: Welke schuldeisers zijn er en welke rechten hebben zij?
Vraag 2: Wat is de standaardrangorde volgens het ‘vertrekpunt’?
Vraag 3: Zijn er afwijkingen op de standaardrangorde?
A) Hier beginnen met de eerste schuldeiser uit de standaardrangorde (dus stel B-bank stond
bovenaan, dan moet je afvragen of er een schuldeiser daarop voorgaat), dus dan ga je B-
Bank vergelijken met de schuldeisers die ‘daaronder’ staan?
B) Dan uitleggen waarom persoon X bijvoorbeeld bovenaan staat, dus ten opzichte van de
overige 4 schuldeisers
C) Dan uitleggen waarom diegene na persoon X boven de overige 3 schuldeisers komt
D) Dan uitleggen waarom diegene op plek 3 komt ten opzichte van de overige 2 schuldeisers
E) Dan uitleggen waarom de ene boven de andere komt.
Tips
Enkel schuldeisers die nadrukkelijk genoemd worden moet je benoemen (ongeveer 4/5) en moet je in
de rangorde opnemen
Partijen:
Pand- en hypotheekhouders kunnen ‘van hun wolk vallen’
1. Bodemvoorrecht fiscus (art. 21 lid 2, tweede zin InvW)
> Niet-omgezet vuistloos gevestigd pand op bodemzaken
2. Voorrecht kosten behoud (art. 3:284 BW)
> Oudere hypotheek
> Ouder pand
> Jonger niet-omgezet vuistloos gevestigd pand
Dit gaat voor op een oudere hypotheek en op een ouder pand en op een jonger niet-
omgezet vuistloos gevestigd pand
Vertrekpunt
Pand en hypotheek
Superboedelschuldeiser
Curator
Bijzonder bevoorrechte boedelschuldeisers
Algemeen bevoorrechte boedelschuldeisers
Concurrente boedelschuldeisers Krijgen van de
curator
Bijzonder bevoorrechte schuldeisers
Algemeen bevoorrechte schuldeisers
Concurrente schuldeisers
Achtergestelde schuldeisers
Vraag 1: Welke schuldeisers zijn er en welke rechten hebben zij?
Vraag 2: Wat is de standaardrangorde volgens het ‘vertrekpunt’?
Vraag 3: Zijn er afwijkingen op de standaardrangorde?
A) Hier beginnen met de eerste schuldeiser uit de standaardrangorde (dus stel B-bank stond
bovenaan, dan moet je afvragen of er een schuldeiser daarop voorgaat), dus dan ga je B-
Bank vergelijken met de schuldeisers die ‘daaronder’ staan?
B) Dan uitleggen waarom persoon X bijvoorbeeld bovenaan staat, dus ten opzichte van de
overige 4 schuldeisers
C) Dan uitleggen waarom diegene na persoon X boven de overige 3 schuldeisers komt
D) Dan uitleggen waarom diegene op plek 3 komt ten opzichte van de overige 2 schuldeisers
E) Dan uitleggen waarom de ene boven de andere komt.
Tips
Enkel schuldeisers die nadrukkelijk genoemd worden moet je benoemen (ongeveer 4/5) en moet je in
de rangorde opnemen
Partijen:
Pand- en hypotheekhouders kunnen ‘van hun wolk vallen’
1. Bodemvoorrecht fiscus (art. 21 lid 2, tweede zin InvW)
> Niet-omgezet vuistloos gevestigd pand op bodemzaken
2. Voorrecht kosten behoud (art. 3:284 BW)
> Oudere hypotheek
> Ouder pand
> Jonger niet-omgezet vuistloos gevestigd pand
Dit gaat voor op een oudere hypotheek en op een ouder pand en op een jonger niet-
omgezet vuistloos gevestigd pand