bewegingscultuur’
Niveau Omschrijving Toetswoorden
1. Onthouden (O) Memoriseren, ophalen relevante Noem, herken, definieer, wijs aan,
kennis, parate objectieve kennis. schrijf op, kies, vind, vul in, geef.
2. Begrijpen (B) De betekenis achterhalen van Leg uit, verklaar, verhelder,
informatie, de betekenis kunnen beschrijf, geef voorbeeld, licht toe.
verbinden met andere kennis.
3. Toepassen (T) Eerder verworven kennis en Toon aan, lijn plan van aanpak uit,
inzicht gebruiken in nieuwe los op, bereken.
situaties of om een (nieuw)
probleem op te lossen.
4. Analyseren (A) Vereenvoudigen van een Vergelijk, selecteer, deel in, bepaal
ingewikkeld probleem, kenmerk, ontleed, structureer,
materiaal/bronnen in stukjes determineer.
verdelen, ontdekken hoe de
stukjes gerelateerd zijn tot elkaar
en een complete structuur
vormen.
5. Evalueren (E) Tot een afgewogen Bekritiseer, test, beoordeel, licht
beargumenteerd oordeel komen, door, beargumenteer.
een standpunt innemen.
6. Creëren (C) Elementen toevoegen tot een Adviseer, ontwerp, construeer,
samenhangend geheel, tot iets rapporteer.
nieuws, tot een ontwerp.
Vragen en antwoorden
1. Wat is sportsponsoring?
(Onthouden, 1 punt)
Sponsor (aanbieder) geeft geld/goederen aan sporter/sportclub.
2. Leg uit waarom sponsoring het bestaan van een professionele sporter mogelijk maakte.
(Begrijpen, 2 punten)
Het bedrijfsleven ontdekte de sport als middel om reclame te maken. (1 punt) Hier is een prachtige win-win-
situatie ontstaan. Door de toenemende beschikbaarheid van geld konden sporters zich vrijmaken van
betaalde arbeid. Ze konden zich beroepsmatig gaan richten op hun sport met als gevolg dat het niveau steeg.
(1 punt)
3. Verklaar vanuit het belang van een bedrijf waarom sommige sporters meer betaald krijgen dan andere.
(Begrijpen, 1 punt)
Hoe beter de sporter van een geliefde sport presteert, hoe meer bekendheid bij het grote publiek. En dat is
precies wat een bedrijf wil. Hoe meer bekendheid, hoe meer bereidwilligheid om meer te betalen.
4. Leg uit aan de hand van voorbeelden wat de voordelen zijn van sporten in de sportschool boven
verenigingssporten.
(Begrijpen, 2 punten)
De komst van deze commerciële bedrijven, sportscholen en fitnesscentra is een logisch gevolg van de vraag
die komt uit de moderne sportconsument. Men wil namelijk steeds meer sporten op maat. Sporten op elk
moment dat men wil, zonder verplichtingen die je bij een sportvereniging hebt. (1 punt)
Er kan extra getraind kan worden op kracht, als ondersteuning van de sport die beoefend wordt. (1 punt)
, 5. Verklaar, aan de hand van vier redenen, dat de huidige politiek er belang bij heeft dat de gemiddelde
Nederlander leert dat bewegen gezond is.
(Onthouden, 2 punten)
De overheid ziet steeds meer het belang van sport en bewegen.
o Een actieve leefstijl en het inzetten van sport en beweging bij revalidatie levert gezondheidswinst op.
o Men dringt hiermee het ziekteverzuim en de arbeidsongeschiktheid terug.
o Bestrijding overgewicht.
o Integratie bevolkingsgroepen.
4 noemen 2 punten, 3 noemen 1 punt
6. De sport pretendeert dat er voor alle deelnemers gelijke omstandigheden en regels gelden. Geef twee
voorbeelden waarin je uitlegt dat dit niet waar is. Gebruik de sport basketbal als voorbeeld.
(Begrijpen, 1 punt)
o De ene deelnemer heeft veel betere trainingsomstandigheden, medische begeleiding, financiële steun
dan de andere (Amerikanen zijn door hun cultuur bevoordeeld bij basketbal).
o Soms zijn er zelfs fysieke voordelen (lange spelers hebben een voordeel omdat ze dichter bij de basket
zijn).
7. Leg met behulp van de vicieuze cirkel uit, die er is tussen sport, geld en media, dat het rampzalig kan zijn
als een sport in een land geboycot wordt door alle televisiezenders.
(Begrijpen, 2 punten)
De media heeft hiermee ook grote invloed op de sport zelf. De sporten die worden uitgezonden ontvangen
veel geld door de verkoop van tv-rechten. Zij kunnen dus veel makkelijker aan grote sponsoren komen,
verdienen dus meer geld en kunnen hun sport makkelijker uitbouwen naar een hoger niveau en een steeds
beter (verkoopbaar) product. (1punt) Als er een boycot is, dan wordt de vicieuze cirkel dus doorbroken en
vervallen de kansen voor deze sport. (1 punt)
8. Noem tien voorbeelden van technische ontwikkeling van sportmaterialen die het niveau van die sport
omhoog heeft gebracht.
(Onthouden, 2 punten)
Technische verbeteringen (klapschaats, glasfiber polsstok enzovoort), aerodynamische voorbeelden
(schaatspak, calimerohelm van wielrenners, tijdrijders), drijfvermogen verbeteringen (zwempakken),
schoeisel aangepast per sport, voor elke weersgesteldheid en ondergrond, kleding (thermo, ademend,
beschermend materiaal).
10 noemen 2 punten, 8 noemen 1 punt
9. Noem de traditionele indeling van sporters.
(Onthouden, 2 punten)
o Een recreatieve sporter is iemand die 1-2 keer per week regelmatig traint, waarbij 1-2 uur per keer.
o Een wedstrijdsporter is iemand die minimaal 3 tot maximaal 7 keer per week traint waarbij 1-2 uur per
keer.
o Een topsporter is iemand die, afhankelijk van zijn tak van sport, met die tak van sport 3-6 uur per dag
bezig is.
Opsomming 1 punt, uitleg 1 punt
10. Definieer wanneer iemand, volgens het NOC*NSF, een topsporter is.
(Onthouden, 1 punt)
(NOC*NSF) Wanneer ben je topsporter? Binnen de sport in Nederland wordt de volgende definitie van
topsporter gehanteerd: “Je bent topsporter als je internationaal op het hoogste niveau (EK's, WK's en
Olympische Spelen) meedoet, binnen een erkend topsportonderdeel.”
11. Leg uit wat het belang is van een sportclub om zich te richten op alle leeftijden.
(Begrijpen, 1 punt)
Sportclubs richtten zich in het verleden alleen op jonge mannen die aan wedstrijden konden deelnemen. Nu
richten ze zich op iedereen: mannen, vrouwen, jeugdleden, veteranen, bejaarden en lichamelijk en geestelijk
gehandicapten. Veel mensen beleven plezier aan actieve beweeg- of sportparticipatie. Op vele manieren
geven mensen vorm aan hun behoefte om te bewegen. Onze samenleving is bewegingsarm.