Hoofdstuk 3: Bacterieel Metabolisme
3.1 eukaryoot metabolisme
Metabolisme= chemische reacties die in een cel plaatsvinden
= netwerk van door enzymen gekatalyseerde chemische reacties staat in voor
in stand houden van cel + cellulaire activiteiten
Katabolisme: afbraakreacties
Anabolisme: opbouw- of biosynthese-
reacties
Aërobe respiratie:
glycolyse, Citroenzuurcyclus en oxidatieve
fosforylatie O2 elektronenacceptor
o glycolyse : Glucose (C6) 2 pyruvaat
(C3) + 2ATP + 2 NADH
Locatie: cytoplasma
Exogeen: cel haalt zuurstof uit omgeving
1 mol glucose 36 ATP moleculen
Anaerobe fermentatie: ( vergisting)
Wanneer zuurstof tekort optreedt
Alleen glycolyse
Productie NADH
Productie pyruvaat
Slechts 8ATP
Endogene: gebruikt molecule in de cel als elektronenacceptor
o Pyrodruivenzuur
o Niet verder omgezet tot CO2 maar tot
melkzuur
Gistcel pyrodruiverzuur omzetten tot ethanol
PROBLEEM: regeneratie NAD+!?
OPLOSSING: mbv pyruvaat verschillende
metabolieten
Bij eukaryoten zeer weinig variatie
1
, Vergisting van suiker tot ethanol door gistcel = vergisting suiker tot melkzuur
in spiercel
Schimmelcel ademt = cel van konijn
Fotosynthese Chlamydomonas wiertje = fotosynthese parenchymcellen van
eik
3.2 Bacterieel metabolisme
Er leven micro-organismen op plekken met: pH 0, pH 13, > 100°C, 0 °C, 5% NaCl
Ook op/in onslichaam:
10 x meer bacteriën dan cellen in lichaam
3% totale lichaamsgewicht
10 000 verschillende soorten
50% faeces = bacteriën
Slechts 15% kweekbaar
3.2.1 Aerobe respiratie
Suiker CO2
O2 H2O
38 ATP / glucose (ipv 36)
o Transport pyrodruivenzuur naar binnenkant mitochondrie kost 2 ATP
3.2.2 Anaerobe respiratie
Andere exogene elektronenacceptor (geen zuurstof) ademhaling: andere
anorganische stoffen
3.2.2.1 Nitraatrespiratie
NO3- N2
Denitrificatie: anaerobe condities verlies aan vlot assimileerbare stikstof voor
hogere planten
3.2.2.2 Sulfaatrespiratie
SO4- H2S
Veroorzaakt H2S stank in gepollueerde rivieren/modderbodems
Bodem ijzerhoudend zwarte neerslag FeS bodem zwarte kleur
3.2.2.3 Carbonaatrespiratie
CO2 CH4
In moerassen, sedimentlagen in meren en het spijsverteringstelsel bij dieren
Belangrijkste biogene methaanbron (biogas) / belangrijk bij zuiveringsproces
van afvalwater
o Methaan verzamelen + gebruikt als brandstof
3.2.3 Fermentatie
2
3.1 eukaryoot metabolisme
Metabolisme= chemische reacties die in een cel plaatsvinden
= netwerk van door enzymen gekatalyseerde chemische reacties staat in voor
in stand houden van cel + cellulaire activiteiten
Katabolisme: afbraakreacties
Anabolisme: opbouw- of biosynthese-
reacties
Aërobe respiratie:
glycolyse, Citroenzuurcyclus en oxidatieve
fosforylatie O2 elektronenacceptor
o glycolyse : Glucose (C6) 2 pyruvaat
(C3) + 2ATP + 2 NADH
Locatie: cytoplasma
Exogeen: cel haalt zuurstof uit omgeving
1 mol glucose 36 ATP moleculen
Anaerobe fermentatie: ( vergisting)
Wanneer zuurstof tekort optreedt
Alleen glycolyse
Productie NADH
Productie pyruvaat
Slechts 8ATP
Endogene: gebruikt molecule in de cel als elektronenacceptor
o Pyrodruivenzuur
o Niet verder omgezet tot CO2 maar tot
melkzuur
Gistcel pyrodruiverzuur omzetten tot ethanol
PROBLEEM: regeneratie NAD+!?
OPLOSSING: mbv pyruvaat verschillende
metabolieten
Bij eukaryoten zeer weinig variatie
1
, Vergisting van suiker tot ethanol door gistcel = vergisting suiker tot melkzuur
in spiercel
Schimmelcel ademt = cel van konijn
Fotosynthese Chlamydomonas wiertje = fotosynthese parenchymcellen van
eik
3.2 Bacterieel metabolisme
Er leven micro-organismen op plekken met: pH 0, pH 13, > 100°C, 0 °C, 5% NaCl
Ook op/in onslichaam:
10 x meer bacteriën dan cellen in lichaam
3% totale lichaamsgewicht
10 000 verschillende soorten
50% faeces = bacteriën
Slechts 15% kweekbaar
3.2.1 Aerobe respiratie
Suiker CO2
O2 H2O
38 ATP / glucose (ipv 36)
o Transport pyrodruivenzuur naar binnenkant mitochondrie kost 2 ATP
3.2.2 Anaerobe respiratie
Andere exogene elektronenacceptor (geen zuurstof) ademhaling: andere
anorganische stoffen
3.2.2.1 Nitraatrespiratie
NO3- N2
Denitrificatie: anaerobe condities verlies aan vlot assimileerbare stikstof voor
hogere planten
3.2.2.2 Sulfaatrespiratie
SO4- H2S
Veroorzaakt H2S stank in gepollueerde rivieren/modderbodems
Bodem ijzerhoudend zwarte neerslag FeS bodem zwarte kleur
3.2.2.3 Carbonaatrespiratie
CO2 CH4
In moerassen, sedimentlagen in meren en het spijsverteringstelsel bij dieren
Belangrijkste biogene methaanbron (biogas) / belangrijk bij zuiveringsproces
van afvalwater
o Methaan verzamelen + gebruikt als brandstof
3.2.3 Fermentatie
2