Moraalfilosofie
Hoofdstuk 1: De klassieke rechtvaardigingstoets
1. Normatieve problemen: enkel schijnbare oplossingen
Filosofie ethiek / moraalfilosofie (goede
daad?)
politieke filosofie (goede
samenleving?)
rechtsfilosofie (goede wetten?)
=> Oplossingen normatieve problemen
a.d.h.v.
rationele argumentatie (beredeneerde oplossing)
Gerelateerde norm. problemen: sociale rollen en
natuurlijke determinanten zijn bepalend voor de
oplossing van het probleem
Ongerelateerde norm. problemen: betrekking op alle mensen, ongeacht
sociale rol of
nat. determinanten
Onberedeneerde oplossingen
Religieuze argumenten (geloof – wil van God)
Plato – dilemma van Eutyphro - redenen zijn onbekend God is
willekeurig
- redenen zijn bekend God is overbodig
Emoties / instincten / intuïties
“Je suis un voleur”
Onbeheersbare immorele toestanden (homofobie, lijfstraffen)
Grenzen morele intuïties (geen of onduidelijk antwoord bij nieuwe
problemen)
Representatieve democratie vraagt rechtvaardiging (motiveringsplicht)
Feitelijke toestand
Naturalistische drogreden (zijn => moeten)
Nut gevangenissen?
– Niet nuttig – meer kans op recidive na lange opsluiting (feiten,
onderzoek) – niet
van belang – doel: straffen niet risico recidive verkleinen
2. Normatieve problemen: de rationele benadering
Beredeneerde oplossingen (normatieve wetenschap)
Moeilijk te aanvaarden (Duits gezin – incest)
2.1. Jeremy Bentham: de morele calculus
Utilitarisme (tegenstander bijgeloof)
‘The greatest happiness for the greatest number’
Hedonisme – nut meten en becijferen (ook dierenwelzijn -
vervangbaarheidsargument)
- Dwergwerpen
, - Nutbalans moeilijk becijferbaar
Consequentialisme
- Tramdilemma – (on)persoonlijk dilemma
- Botst met diepe intuïties
Nominalisme – geen gemiddelde
- Veel militairen > verkrachte vrouwen = genot > pijn?
- ‘Rope’ – Nathan Leopold en Richard Loeb – moord op Bobbie Franks (hun
genot >
leed Bobbie)
- Dmitru Pisarev: Mag men zijn moeder doden? “En waarom niet, als ik dat
begeer en
nuttig oordeel.”
- Moral monstrosity
2.2. Immanuel Kant: de morele plicht
Deontologisme
Intentiemoraal – intentie telt, niet gevolgen
-7 x 6 5 4 + 3 2 1
Opzettelijk misdrijf Ongeluk (+)
Mislukte poging (x) Geen ongeluk
Intentie Gevolgen
- Morele maturiteit Bentham “kinderen – gevolgen
- Gevolgen kunnen heel belangrijk zijn (een mens nooit verdingen)
Intrinsiek goed en slecht – keuzevrijheid als veronderstelling
- Bentham: instrumenteel goed / slecht b.b.t. gevolgen
- Homoseksualiteit – niet vrijheid ervoor te kiezen? niets kan intrinsiek goed
/ slecht zijn
- “Ought implies can”
- Zonder vrije wil geen moraal
Radicale plichtenmoraal – absolute en universele beginselen
- Categorische imperatief
- “Handel steeds zo op een wijze waarvan je zou willen dat iedereen zo zou
handelen”
Specifieke keuze – algemene wet (een morele plicht is nooit vrijblijvend)
- “Handel steeds zo dat je je medemens nooit louter als middel maar ook
altijd als doel
beschouwt”
Doel – middel (respect voor menselijke waardigheid is basisplicht)
- John Rawls – de rationele wil
Nieuwe leefbare planeet
Welke talenten / handicaps => onwetendheidssluier (veil of ignorance)
Afspraken in ruimtetuig (rechten)
Liever vermijden van pech dan optimaliseren van geluk
Difference principle
- Zijn er wel universele beginselen?
De fluit van Amartya Sen
Drie kinderen en maar 1 fluit
Anne: Muzikaal talent – utilitarist
, Bob: Enige speelgoed – egalitarist
Carla: Maker fluit – libertarist
3. De klassieke rechtvaardigingstoets
Controverse-vraag Wat moet ik doen? (m.b.t. normatief probleem –
vaccineren?)
Vanuit degene die worstelt met een moreel probleem
Interventie-vraag In welke mate mag een overheid zich moeien met dagelijks
leven burger
Vanuit bepaalde autoriteit (- verplichten om te
vaccineren?)
Mening kan verschillend zijn afhankelijk van welke vraag er gesteld wordt
3.1. De schendingfase (beginsel)
Vraagstelling: Schending beginsel?
Bewijslast: Partij die in schending gelooft (altijd contra)
Procedure: 1) formuleer het beginsel
2) geef fundering beginsel (waarde er aan)
3) ga na of er een schending is van het beginsel
Uitkomst: Zo ja, ga naar overtreffase
Zo neen, zoek nieuw moreel beginsel of stop
Bedenkelijk beginsel – geen betrekking meer op huidige casus
Discussiepunt 1: Bestaan er absolute beginselen?
-> Verbod op foltering, onmenselijke en vernederende handelingen (Art. 3 EVRM)
-> Toestemmingsvereiste bij wilsbekwame patiënten (zelfbeschikking)
Discussiepunt 2: Wat houdt een beginsel precies in?
-> ‘Kan ik als pro-partij het geschonden beginsel beperken zodat er geen
schending is?’
-> Ouderlijke macht als voorwaardelijk recht
3.2. De overtreffase (hoger beginsel dan geschonden beginsel
Vraagstelling: Wordt de schending overtroffen door een conformerend
beginsel?
Bewijslast: Bij de partij die schending aanvaardt (pro)
Procedure: Idem als schendingsfase, maar
1) ga na of er sprake is van conformiteit met beginsel
2) ga na of er sprake is van overtreffen
Uitkomst: Zo neen, ga naar uitzonderingfase
Zo ja, stop
Discussiepunt 1: Met welke beginselen mag je afwegen?
-> Mag je afwegen met economische belangen?
-> Mag je personen met een mentale handicap tegen hun wil steriliseren? ->
Neen
Discussiepunt 2: Hoe overtreffen?
-> Individuele <-> collectieve rechten (- betrekking op groep)
- Vrouwenbesnijdenis: individuele recht op seksuele integriteit > collectieve
recht op
Hoofdstuk 1: De klassieke rechtvaardigingstoets
1. Normatieve problemen: enkel schijnbare oplossingen
Filosofie ethiek / moraalfilosofie (goede
daad?)
politieke filosofie (goede
samenleving?)
rechtsfilosofie (goede wetten?)
=> Oplossingen normatieve problemen
a.d.h.v.
rationele argumentatie (beredeneerde oplossing)
Gerelateerde norm. problemen: sociale rollen en
natuurlijke determinanten zijn bepalend voor de
oplossing van het probleem
Ongerelateerde norm. problemen: betrekking op alle mensen, ongeacht
sociale rol of
nat. determinanten
Onberedeneerde oplossingen
Religieuze argumenten (geloof – wil van God)
Plato – dilemma van Eutyphro - redenen zijn onbekend God is
willekeurig
- redenen zijn bekend God is overbodig
Emoties / instincten / intuïties
“Je suis un voleur”
Onbeheersbare immorele toestanden (homofobie, lijfstraffen)
Grenzen morele intuïties (geen of onduidelijk antwoord bij nieuwe
problemen)
Representatieve democratie vraagt rechtvaardiging (motiveringsplicht)
Feitelijke toestand
Naturalistische drogreden (zijn => moeten)
Nut gevangenissen?
– Niet nuttig – meer kans op recidive na lange opsluiting (feiten,
onderzoek) – niet
van belang – doel: straffen niet risico recidive verkleinen
2. Normatieve problemen: de rationele benadering
Beredeneerde oplossingen (normatieve wetenschap)
Moeilijk te aanvaarden (Duits gezin – incest)
2.1. Jeremy Bentham: de morele calculus
Utilitarisme (tegenstander bijgeloof)
‘The greatest happiness for the greatest number’
Hedonisme – nut meten en becijferen (ook dierenwelzijn -
vervangbaarheidsargument)
- Dwergwerpen
, - Nutbalans moeilijk becijferbaar
Consequentialisme
- Tramdilemma – (on)persoonlijk dilemma
- Botst met diepe intuïties
Nominalisme – geen gemiddelde
- Veel militairen > verkrachte vrouwen = genot > pijn?
- ‘Rope’ – Nathan Leopold en Richard Loeb – moord op Bobbie Franks (hun
genot >
leed Bobbie)
- Dmitru Pisarev: Mag men zijn moeder doden? “En waarom niet, als ik dat
begeer en
nuttig oordeel.”
- Moral monstrosity
2.2. Immanuel Kant: de morele plicht
Deontologisme
Intentiemoraal – intentie telt, niet gevolgen
-7 x 6 5 4 + 3 2 1
Opzettelijk misdrijf Ongeluk (+)
Mislukte poging (x) Geen ongeluk
Intentie Gevolgen
- Morele maturiteit Bentham “kinderen – gevolgen
- Gevolgen kunnen heel belangrijk zijn (een mens nooit verdingen)
Intrinsiek goed en slecht – keuzevrijheid als veronderstelling
- Bentham: instrumenteel goed / slecht b.b.t. gevolgen
- Homoseksualiteit – niet vrijheid ervoor te kiezen? niets kan intrinsiek goed
/ slecht zijn
- “Ought implies can”
- Zonder vrije wil geen moraal
Radicale plichtenmoraal – absolute en universele beginselen
- Categorische imperatief
- “Handel steeds zo op een wijze waarvan je zou willen dat iedereen zo zou
handelen”
Specifieke keuze – algemene wet (een morele plicht is nooit vrijblijvend)
- “Handel steeds zo dat je je medemens nooit louter als middel maar ook
altijd als doel
beschouwt”
Doel – middel (respect voor menselijke waardigheid is basisplicht)
- John Rawls – de rationele wil
Nieuwe leefbare planeet
Welke talenten / handicaps => onwetendheidssluier (veil of ignorance)
Afspraken in ruimtetuig (rechten)
Liever vermijden van pech dan optimaliseren van geluk
Difference principle
- Zijn er wel universele beginselen?
De fluit van Amartya Sen
Drie kinderen en maar 1 fluit
Anne: Muzikaal talent – utilitarist
, Bob: Enige speelgoed – egalitarist
Carla: Maker fluit – libertarist
3. De klassieke rechtvaardigingstoets
Controverse-vraag Wat moet ik doen? (m.b.t. normatief probleem –
vaccineren?)
Vanuit degene die worstelt met een moreel probleem
Interventie-vraag In welke mate mag een overheid zich moeien met dagelijks
leven burger
Vanuit bepaalde autoriteit (- verplichten om te
vaccineren?)
Mening kan verschillend zijn afhankelijk van welke vraag er gesteld wordt
3.1. De schendingfase (beginsel)
Vraagstelling: Schending beginsel?
Bewijslast: Partij die in schending gelooft (altijd contra)
Procedure: 1) formuleer het beginsel
2) geef fundering beginsel (waarde er aan)
3) ga na of er een schending is van het beginsel
Uitkomst: Zo ja, ga naar overtreffase
Zo neen, zoek nieuw moreel beginsel of stop
Bedenkelijk beginsel – geen betrekking meer op huidige casus
Discussiepunt 1: Bestaan er absolute beginselen?
-> Verbod op foltering, onmenselijke en vernederende handelingen (Art. 3 EVRM)
-> Toestemmingsvereiste bij wilsbekwame patiënten (zelfbeschikking)
Discussiepunt 2: Wat houdt een beginsel precies in?
-> ‘Kan ik als pro-partij het geschonden beginsel beperken zodat er geen
schending is?’
-> Ouderlijke macht als voorwaardelijk recht
3.2. De overtreffase (hoger beginsel dan geschonden beginsel
Vraagstelling: Wordt de schending overtroffen door een conformerend
beginsel?
Bewijslast: Bij de partij die schending aanvaardt (pro)
Procedure: Idem als schendingsfase, maar
1) ga na of er sprake is van conformiteit met beginsel
2) ga na of er sprake is van overtreffen
Uitkomst: Zo neen, ga naar uitzonderingfase
Zo ja, stop
Discussiepunt 1: Met welke beginselen mag je afwegen?
-> Mag je afwegen met economische belangen?
-> Mag je personen met een mentale handicap tegen hun wil steriliseren? ->
Neen
Discussiepunt 2: Hoe overtreffen?
-> Individuele <-> collectieve rechten (- betrekking op groep)
- Vrouwenbesnijdenis: individuele recht op seksuele integriteit > collectieve
recht op