Proefexamen .NET deel 1 theorie
.NET framework
1) Waarvoor staat CLR?
Common Language Runtime: Gaat je code interpreteren en uitvoeren op jouw
machine (hij neemt je byte-code (IL) en compileert die om iets uitvoerbaars te
krijgen)
C# Language Fundamentals
2) Leg het keyword ‘var’ uit. Geef ook een voorbeeld hoe je dit in C# gebruikt.
Een ‘var’ type wordt bepaald at compile time, dus tijdens de initialisatie van
de variabele. Eens het type bepaald kan het achteraf niet meer gewijzigd
worden.
var i = new StringBuilder(“Iets”); …
3) Als we klassen en structs met elkaar vergelijken, zijn dan onderstaande stellingen
waar of onwaar?
Voor beide kan je een eigen default constructor declareren
Alle velden (ook backing-fields van auto-properties) worden alrijd automatisch
geïnitialiseerd met hun default waarde als er een constructor wordt
aangeroepen.
4) Welke uitdrukkingen zijn correct als we de klassen (class) vergelijken met
structuren (structs) (meerdere antwoorden mogelijk)
Beiden, zowel een klasse als een struct, zijn reference types
Beiden, zowel een klasse als een struct, zijn value types
Een klasse is een reference type en een struct is een value type
Een struct is een reference type en een klasse is een value type
5) Schrijf een auto-property van het type ‘string’, met als naam ‘Brand’. Zorg er voor
dat property enkel een waarde kan toegewezen worden binnen de eigen – en
overervende klasse.
public/internal string Brand { get; protected set; }
.NET framework
1) Waarvoor staat CLR?
Common Language Runtime: Gaat je code interpreteren en uitvoeren op jouw
machine (hij neemt je byte-code (IL) en compileert die om iets uitvoerbaars te
krijgen)
C# Language Fundamentals
2) Leg het keyword ‘var’ uit. Geef ook een voorbeeld hoe je dit in C# gebruikt.
Een ‘var’ type wordt bepaald at compile time, dus tijdens de initialisatie van
de variabele. Eens het type bepaald kan het achteraf niet meer gewijzigd
worden.
var i = new StringBuilder(“Iets”); …
3) Als we klassen en structs met elkaar vergelijken, zijn dan onderstaande stellingen
waar of onwaar?
Voor beide kan je een eigen default constructor declareren
Alle velden (ook backing-fields van auto-properties) worden alrijd automatisch
geïnitialiseerd met hun default waarde als er een constructor wordt
aangeroepen.
4) Welke uitdrukkingen zijn correct als we de klassen (class) vergelijken met
structuren (structs) (meerdere antwoorden mogelijk)
Beiden, zowel een klasse als een struct, zijn reference types
Beiden, zowel een klasse als een struct, zijn value types
Een klasse is een reference type en een struct is een value type
Een struct is een reference type en een klasse is een value type
5) Schrijf een auto-property van het type ‘string’, met als naam ‘Brand’. Zorg er voor
dat property enkel een waarde kan toegewezen worden binnen de eigen – en
overervende klasse.
public/internal string Brand { get; protected set; }