Hoorcollege 1A
Hoofddoel: verzekeren juiste toepassing materiële strafrecht
Materieel strafrecht: bijvoorbeeld strafbaarstelling diefstal. Strafprocesrecht ziet op waarborgen om
dit goed te kunnen toepassen.
Ook moord is een voorbeeld daarvan
Doel is tweeledig:
1. Bestraffing schuldige
2. Voorkomen bestraffing onschuldige
Bestaan onbalans tussen. Laatste doelstelling weegt zwaarder.
Vgl. art. 338 Sv. Overtuiging moet zijn bekomen dat strafbare feit is gepleegd. Het is niet voldoende
dat je het alleen maar aannemelijk dacht. In EN gebruiken ze ‘naar buiten redelijke twijfel’ nieuw
wetboek kan dit ook aangenomen worden. Boven redelijke twijfel kan ook ingevoerd worden als
objectief criterium. Met criteria zelfde bereikt: grote mate van zekerheid dat verdachte strafbare feit
heeft begaan. Er is een zekere twijfel aanvaardbaar. Absolute zekerheid dus niet vereist.
Voorbeeld daarvan is de Lucia de B zaak. Rechter is over twijfels heen gestapt daar. Altijd afweging
welke twijfel aanvaardbaar is.
Welke twijfel is aanvaardbaar? Niet altijd te zeggen. Intensiteit procedure speelt ook mee.
Verschillende wijzen van strafprocesvoering. Basisregel van overtuiging geldt wel altijd. De procedure
dat die overtuiging er is kan bij verschillende delicten lichter zijn. Dus bij lichtere delicten eerder de
overtuiging. Waarborgen bij zware en lichte delicten verschillen dus. Waarborgen bij lichte feiten
lichter houden dan bij ernstige feiten. Bij zwaardere feiten buigen zich ook meer rechters erover.
Niet het enige doel wat je met Sv nastreeft. Ook nevendoelen.
1. Eerbiediging rechten en vrijheden verdachten
- Zwijgrecht, cautie art. 29 Sv
- Limitering voorarrest
Doel hoeft vanuit hoofddoel niet logisch te zijn. Daarom als nevendoel opgenomen. Het is niet nodig
vanuit het hoofddoel maar wel vanuit de rechten en vrijheden van de verdachte. Daarom bv
beperking aan voorarrest gesteld
2. Eerbiediging rechten en vrijheden anderen
- Beperking getuigplichten art. 264 Svetc.
o Belang verdachte om te ondervragen getuige wordt afgewogen tegen belang
getuige (gezondheid en welzijn) om deze ondervraging niet te doen.
- Slachtoffer als benadeelde partij.
o Mag proberen zijn geld terug te halen. Je kunt je als benadeelde partij voegen en
geld vorderen. Rechter kan daarop beslissen. Soort civiel miniproces waarin je je
vordering toegewezen kan krijgen. Voordelig want geen griffierecht en je kunt
zelf je vertegenwoordigen.
3. Procedurele rechtvaardigheid
o Recht op laatste woord
Hoeft niet logisch vanuit hoofddoel maar wordt als rechtvaardig gezien