Samenvatting werkcolleges
Inleiding
Strafbaar feit:
- Definitie:
1. Menselijke gedraging dus geen gedachtes
2. Die valt onder een wettelijke delictsomschrijving legaliteitsbeginsel
3. Die wederrechtelijk is niet alleen tegen de wet in, maar ook tegen het recht
4. Die verwijtbaar het moet aan die persoon toe te rekenen zijn
- Strafbaar feit uitbreiden:
o Opzet
o Poging
- Strafbaar feit beperken:
o Strafuitsluitingsgrond
Strafbaar feit:
- Objectieve zijde daadstrafrechtbeginsel:
o Het element wederrechtelijkheid
o Strafrechtelijke causaliteit
o Daderschap uitbreiding strafbaarheid
- Subjectieve zijde schuldbeginsel:
o Het element verwijtbaarheid
o Het bestanddeel opzet
o Het bestanddeel culpa
Causaliteit
De strafrechtelijke causaliteit het ziet op de menselijke gedraging van het strafbaar feit.
- Steeds een oordeel dat niet alleen te maken heeft met het conditio sine qua non-verband,
het is een normatief oordeel: kijken wie de meeste verantwoordelijkheid draagt voor
bepaalde gevolgen. Dus een normatief juridisch oordeel vellen.
- Achteraf kijken en de feiten reconstrueren.
Causaliteit in de wet:
- Verschillende delictsomschrijvingen:
o Materieel delict puur het gevolg wordt strafbaar gesteld (hoe je het doet maakt
niet uit). Bijv. Moord
o Formeel delict de gedraging zelf wordt strafbaar gesteld (zonder te kijken naar het
gedrag). Bijv. wapens/drugs vervoeren, diefstal (wel klein materieel elementje: het
toe-eigenen).
o Commissiedelicten actief handelen
o Omissiedelicten iets nalaten
o Oneigenlijk omissiedelicten delicten die normaal een actief handelen eisen, maar
die ook kunnen worden gerealiseerd door passief te blijven
o Gekwalificeerde delicten strafverzwarend gevolg dat is onttrokken aan het
schuldverband (opzet hoeft er niet op te zijn gericht = schuldverband)
o Geprivilegieerde delicten strafverminderend gevolg.
- Vaststelling causaal verband met name van belang bij:
o Materieel delict (art. 302 lid 1 Sr)
o Door gevolg gekwalificeerd delict (art. 302 lid 2 Sr)
Inleiding
Strafbaar feit:
- Definitie:
1. Menselijke gedraging dus geen gedachtes
2. Die valt onder een wettelijke delictsomschrijving legaliteitsbeginsel
3. Die wederrechtelijk is niet alleen tegen de wet in, maar ook tegen het recht
4. Die verwijtbaar het moet aan die persoon toe te rekenen zijn
- Strafbaar feit uitbreiden:
o Opzet
o Poging
- Strafbaar feit beperken:
o Strafuitsluitingsgrond
Strafbaar feit:
- Objectieve zijde daadstrafrechtbeginsel:
o Het element wederrechtelijkheid
o Strafrechtelijke causaliteit
o Daderschap uitbreiding strafbaarheid
- Subjectieve zijde schuldbeginsel:
o Het element verwijtbaarheid
o Het bestanddeel opzet
o Het bestanddeel culpa
Causaliteit
De strafrechtelijke causaliteit het ziet op de menselijke gedraging van het strafbaar feit.
- Steeds een oordeel dat niet alleen te maken heeft met het conditio sine qua non-verband,
het is een normatief oordeel: kijken wie de meeste verantwoordelijkheid draagt voor
bepaalde gevolgen. Dus een normatief juridisch oordeel vellen.
- Achteraf kijken en de feiten reconstrueren.
Causaliteit in de wet:
- Verschillende delictsomschrijvingen:
o Materieel delict puur het gevolg wordt strafbaar gesteld (hoe je het doet maakt
niet uit). Bijv. Moord
o Formeel delict de gedraging zelf wordt strafbaar gesteld (zonder te kijken naar het
gedrag). Bijv. wapens/drugs vervoeren, diefstal (wel klein materieel elementje: het
toe-eigenen).
o Commissiedelicten actief handelen
o Omissiedelicten iets nalaten
o Oneigenlijk omissiedelicten delicten die normaal een actief handelen eisen, maar
die ook kunnen worden gerealiseerd door passief te blijven
o Gekwalificeerde delicten strafverzwarend gevolg dat is onttrokken aan het
schuldverband (opzet hoeft er niet op te zijn gericht = schuldverband)
o Geprivilegieerde delicten strafverminderend gevolg.
- Vaststelling causaal verband met name van belang bij:
o Materieel delict (art. 302 lid 1 Sr)
o Door gevolg gekwalificeerd delict (art. 302 lid 2 Sr)