100% satisfaction guarantee Immediately available after payment Both online and in PDF No strings attached 4.6 TrustPilot
logo-home
Class notes

College aantekeningen Neuroanatomie 2

Rating
-
Sold
-
Pages
42
Uploaded on
23-07-2023
Written in
2022/2023

College aantekeningen Neuroanatomie 2

Institution
Course











Whoops! We can’t load your doc right now. Try again or contact support.

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Uploaded on
July 23, 2023
Number of pages
42
Written in
2022/2023
Type
Class notes
Professor(s)
-
Contains
All classes

Subjects

Content preview

College 1
Via cerebellum feedback via ruggenmerg

Limbische invloed: motoriek wordt op grond van emoties beïnvloed

Regionaal neuroanatomisch weergeven:

 Macroscopisch= wat zie je met het oog
 Microscopisch= wat zie je met microscoop op celniveau

Op coupes is kleuring op celniveau, zitten er daardoor tussenin

En wat functioneel wordt weergeven

Wat voor soort zenuwcellen zijn er altijd betrokken bij motorisch gedrag?

--> motorneuronen (multipolaire neuron)

 Multipolaire neuron
o Met een cellichaam
o Heel veel afferenten
o Met een axon met veel axonterminalia die eindigen op meerdere spiervezels

Motorneuron is altijd exciterend naar spierweefsel

Axon van motorneuron kruist niet naar andere kant van CZS/lichaam = blijft ipsilateraal

 Behalve bij N. 4 kruisende axonen van motorneuronen in N. trochlearis
 Waar liggen de motorneuronen in het lichaam?
o Hersenstam
 Neuroanatomie 1 (somatomotorisch en autonoom)
o Ruggenmerg


Motorneuron activeren door bepaalde cellen

o Sensorische neuronen
 Unipolair/ pseudo unipolair/bipolair
 Interneuronen activeren via sensorische neuronen motorische neuronen
o Premotor interneuron projecteert naar motorneuron (laatste interneuron)
o Ligging geheel lokaal binnen nucleus of met projectie (tractus, lemniscus) naar ander
gebied
o Interneuron is bepalend voor de stimulatie
o Inhibitie
 Inhiberend Premotor interneuron --> stimulus nooit activatie
o Divergentie
 Premotor interneuron beïnvloedt veel andere dingen
 Diffuse seretonerge systeem: 1 cel met axon met veel collaterale naar veel
andere celgebieden
 Belangrijk om reacties te geven en bewustwording en weer reactie
 Meer plekken moeten op de hoogte zijn van wat er gebeur
o Convergentie
 Motorneuron krijgen heel veel input

, o Anders..

Zonder interneuron dan zou stimulus altijd activatie geven

Met exciterende premotor neuron

 Stimulus geeft altijd activatie

Axon van een interneuron kan wel naar andere kant van CZS/lichaam kruisen en kan ook dubbel
kruisen

Bij 2 premotor interneuronen een – en een + dan geeft de stimulus ???, niet duidelijk, heb je meer
info nodig (onvoorspelbaar)

 Hangt af van waar de synaps is (dichterbij cellichaam)
o Spatieel: Hoe dichterbij hoe meer invloed
o Temporeel: ook het moment van aankomst is van belang

Waar in de hersenen vinden kruisingen plaats?

 Commissuur
o Bekende is commisura anterior
 Verbinding tussenlobus temporales en amygdala (links en rechts)
o Corpus callosum (diencephalon)
o Commisura posterior (mesencephalon)
 Medulla spinalis (kruisende neuronen van interneuronen)
o Commisura alba anterior (witte stof, ventraal anterior)

De impulsen worden via de snelwegen besproken, maar er zijn voor felxibiliteit ook andere kleinere
weggetjes

Er zijn ook interneuron loopjes:

 Die projecteren op elkaar, oscillerende loopjes, creëren patroon
 Ritmische imputpuls kan worden omgezet tot patroon
o CPG= centrale patroon generator
o Motorisch gedrag dat ritme vertoont: ademhalen en lopen\

Spontane activiteit kan ook over ritmische activiteit heen zoals bij pacemakercellen



College 2 ‘ perifeer en centraal zenuwstelsel (ruggenmerg)
Zenuwen en hersenzenuwen:

 Algemeen:
o welke functionele zaken regelen ze
o Welke delen van welk soort cellen
o Waar zijn ze gelegen in het lichaam
 Specifiek per zenuw
o Naam
o Welke functionele zaken worden geregeld

,Welke functionele zaken regelen nervi

 Soorten van info
o Somato,otoriek
o Autonome motoriek
o Somatosensibiliteit
o Viscerale somota senisibiliteit

Welke delen van welke soorten cellen ingedeeld naar vorm bevatten nervi

 Axonenen Motorneuron is rechts (multipolair)
 Sensoriek (perifere takken van pseudounipolair)
 Sensorische >>> motorisch

Innervatie aangezicht

 Motoriek:
o n. facialis
 Sensibel
o n. trigeminus
 n. Opthalmicus
 n. maxillaris
 n. mandibularis

Innervatie achterhoofd nek/hals

Motorisch:

o Vanuit spinale wortels C2-C4
 Sensorisch
o Vanuit spinale wortels C2-C4

Innervatie rest van lichaam

 Via spinale wortels

Innervatie arm-hand

 Locatie plexus brachialis: wordt gevormd vanuit spinale wortels C5-T1, die uittreden door
formaniae intervertebralis
 Verloop door scalenuspoort
 Welke 5 grote zenuwen
o n. radialis (dorsaal)
o n. ulnaris
o n. medianus
o n. axillaris (okselholte)
o n. musculocutaneus

Per zenuw verloop kennen (in vivo) en motorische functies

Carpale tunnelsyndroom: komt zenuw onder druk te staan

 Zenuw voelt geprikkeld door zenuwdruk
 Eerst tintelingen en gevoelsuitval en daarna motorische problemen

,  Zelfde principe bij telefoonbotje

Innervatie romp/nek

 Via spinale wortels T2-L1
 Buik en rug spuren, n. accesorius (XI)
 Segmentale innervatie, dermatomen T2-L1
 Segmentale sensibele innervatie romp: zichtbaar bij gordelroos (precies 1 strook aan
blaasjes), virus in zenuw --> pijn/jeuk

Innervatie been

 Je ziet, lumbale wervels, sacrum,
 Plexus lumbosacralis
o n. gluteus superior
o n. gluteus inferior
o n. femoralis
o n. ischiadicus (overig)
o n. obturatorius
 Oppervlakkige tak belangrijk voor hoe je moet opereren voor beste revalidatie

Ruggenmerg

 Banen
o Principies achter naamgevingen
o Locatie in relatie tot functie
 Celgroepen
o Naamgevingen
o Locatie

Waar liggen de cellichamen van motorneuronen van spieren die buiging van de elleboog geven

Via welke zenuw , en waar liggen interneuronen

Waar liggen de cellichamen van de pseudounipolaire cellen die tastgevoel in topje wijsvinger
doorgeven, welke zenuw gaan de perifere uitlopers van deze tastcellen

 Rostrocaudaal + ventraal/dorsaal + mediaal/lateraal
 Rostrocaudaal: locaties vanen (witte stof) en..
 Ruggenmerg in uitredende wortels
 Wervel:C1-C7, T1-T
 Ruggenmerg: C1-C8, T1-T12, L1-L5, S1-S5
o Einde ruggenmerg L2/L3

Binnen in het ruggenmerg liggen structuren vaak in meerdere segmenten

Hoeveelheid cellen (=grijze stof) in ruggenmerg is per segment verschillend

 Relatieve aantal sensibele cellen per segment
 Aantal motorische cellen lijkt qua verhouding hierop
 Intumescentie: relatief volume, door meer cellichamen (verdikking)
o Cervicale intumescentie, lumbale intumescentie

Waar zijn de meeste axonen?? Motorisch
$11.45
Get access to the full document:

100% satisfaction guarantee
Immediately available after payment
Both online and in PDF
No strings attached

Get to know the seller
Seller avatar
sanne.381

Also available in package deal

Get to know the seller

Seller avatar
sanne.381 Rijksuniversiteit Groningen
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
2
Member since
3 year
Number of followers
2
Documents
15
Last sold
2 year ago

0.0

0 reviews

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recently viewed by you

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Frequently asked questions