11 Overheidsproductie
11.1 Collectieve en particuliere sector
De overheid bestaat uit de rijksoverheid, de provincies, de gemeenten en de zelfstandige
bestuursorganen.
Rijksoverheid
Elk ministerie of departement heeft een eigen taak. Als we spreken over het Rijk dan bedoelen we
daarmee alle ministeries bij elkaar.
De rijksoverheid neemt beslissingen die gelden voor het hele land. De wetsvoorstellen worden
gedaan door het kabinet of de regering(ministers). De voorstellen moeten door de Tweede Kamer
en de Eerste Kamer worden goedgekeurd. De Tweede en de Eerste kamer worden samen het
parlement genoemd. Het parlement controleert of het kabinet zijn werk goed doet. Het parlement
bestaat uit vertegenwoordigers van verschillende politieke partijen. De leden van de Tweede kamer
worden gekozen door de bevolking.
Provincie
Provinciale Staten nemen beslissingen die gelden voor de eigen provincie. Gedeputeerde Staten
doen de voorstellen en voeren het beleid uit.
Gemeente
De gemeenteraad neemt beslissingen over zaken die de eigen gemeente aangaan. Burgemeester en
wethouders (het college van B&W) doen de voorstellen en voeren de beslissingen uit.
Zelfstandige bestuursorganen
Een zelfstandig bestuursorgaan (ZBO) is een organisatie die zelfstandig een overheidstaak uitvoert.
Voorbeelden hiervan zijn het produceren van goederen, kwaliteitscontroles uitvoeren, de Kamer van
Koophandel en academische ziekenhuizen.
Overheidsinstellingen behoren tot de collectieve sector. De collectieve sector omvat behalve de
overheid ook de instellingen voor sociale zekerheid en zorg.
Instellingen voor sociale zekerheid en zorg
De socialeverzekerings- en zorginstellingen voeren de socialeverzekeringswetten uit. Net als bij
andere verzekeringen moet er premie worden betaald. De Belastingdienst int de premies, de
socialeverzekeringsinstellingen krijgen deze premies en keren daarmee de sociale uitkeringen uit. We
onderscheiden werknemersverzekeringen en volksverzekeringen. Werknemersverzekeringen gelden
voor werknemers die zijn ontslagen of arbeidsongeschikt zijn geraakt. Het gaat hierbij om de
Werkeloosheidswet (WW) en de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (WIA). Bij de
volksverzekeringen heeft elke burger recht op een uitkering, bijvoorbeeld de Algemene
Ouderdomswet (AOW), Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ), de Algemene
Nabestaandenwet (ANW) en de Alegemene Kinderbijslagwet (AKW).
De collectieve of publieke sector bestaat uit de overheid en de instellingen voor sociale zekerheid en
zorg.
De collectieve sector dient het Algemeen belang. Naast de collectieve sector bestaat de particuliere
sector. Deze sector bestaat uit de gezinnen en de particuliere ondernemingen en is uit op eigen
belang.
11.1 Collectieve en particuliere sector
De overheid bestaat uit de rijksoverheid, de provincies, de gemeenten en de zelfstandige
bestuursorganen.
Rijksoverheid
Elk ministerie of departement heeft een eigen taak. Als we spreken over het Rijk dan bedoelen we
daarmee alle ministeries bij elkaar.
De rijksoverheid neemt beslissingen die gelden voor het hele land. De wetsvoorstellen worden
gedaan door het kabinet of de regering(ministers). De voorstellen moeten door de Tweede Kamer
en de Eerste Kamer worden goedgekeurd. De Tweede en de Eerste kamer worden samen het
parlement genoemd. Het parlement controleert of het kabinet zijn werk goed doet. Het parlement
bestaat uit vertegenwoordigers van verschillende politieke partijen. De leden van de Tweede kamer
worden gekozen door de bevolking.
Provincie
Provinciale Staten nemen beslissingen die gelden voor de eigen provincie. Gedeputeerde Staten
doen de voorstellen en voeren het beleid uit.
Gemeente
De gemeenteraad neemt beslissingen over zaken die de eigen gemeente aangaan. Burgemeester en
wethouders (het college van B&W) doen de voorstellen en voeren de beslissingen uit.
Zelfstandige bestuursorganen
Een zelfstandig bestuursorgaan (ZBO) is een organisatie die zelfstandig een overheidstaak uitvoert.
Voorbeelden hiervan zijn het produceren van goederen, kwaliteitscontroles uitvoeren, de Kamer van
Koophandel en academische ziekenhuizen.
Overheidsinstellingen behoren tot de collectieve sector. De collectieve sector omvat behalve de
overheid ook de instellingen voor sociale zekerheid en zorg.
Instellingen voor sociale zekerheid en zorg
De socialeverzekerings- en zorginstellingen voeren de socialeverzekeringswetten uit. Net als bij
andere verzekeringen moet er premie worden betaald. De Belastingdienst int de premies, de
socialeverzekeringsinstellingen krijgen deze premies en keren daarmee de sociale uitkeringen uit. We
onderscheiden werknemersverzekeringen en volksverzekeringen. Werknemersverzekeringen gelden
voor werknemers die zijn ontslagen of arbeidsongeschikt zijn geraakt. Het gaat hierbij om de
Werkeloosheidswet (WW) en de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (WIA). Bij de
volksverzekeringen heeft elke burger recht op een uitkering, bijvoorbeeld de Algemene
Ouderdomswet (AOW), Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ), de Algemene
Nabestaandenwet (ANW) en de Alegemene Kinderbijslagwet (AKW).
De collectieve of publieke sector bestaat uit de overheid en de instellingen voor sociale zekerheid en
zorg.
De collectieve sector dient het Algemeen belang. Naast de collectieve sector bestaat de particuliere
sector. Deze sector bestaat uit de gezinnen en de particuliere ondernemingen en is uit op eigen
belang.