100% satisfaction guarantee Immediately available after payment Both online and in PDF No strings attached 4.6 TrustPilot
logo-home
Summary

Samenvatting Psychologie (criminologie) - problemen en colleges

Rating
-
Sold
-
Pages
23
Uploaded on
05-07-2023
Written in
2020/2021

Dit document bevat een samenvatting van alle verplichte literatuur voor de colleges en van de hoorcolleges.

Institution
Course










Whoops! We can’t load your doc right now. Try again or contact support.

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Uploaded on
July 5, 2023
Number of pages
23
Written in
2020/2021
Type
Summary

Subjects

Content preview

TENTAMEN PSYCHOLOGIE
Psychologie = de objectieve studie van de menselijke geest. De wetenschap van gedrag,
mentale processen en functies van het brein. Het richt zich op het individu.
- Grieks: ‘psyche’ = geest, ‘ologie’ = gebied van studie.
- Letterlijk: studie van de geest, maar ook: studie van gedrag.
Stromingen / perspectieven: biologische, evolutionaire, cognitieve, sociale, klinische,
ontwikkelings- en persoonlijkheidspsychologie.
Historie
- Wilhelm Wundt als grondlegger  meten van reactietijd
- Grondleggers kwamen uit verschillende disciplines
Relevante centrale dilemma’s in de psychologie
Oorsprong van criminaliteit:
- Vrije wil vs. Determinisme
- Nature vs. Nurture
- Normaal vs. Pathologisch (is crimineel gedrag normaal of een variatie?)

Sociale psychologie = de invloed van onze sociale en fysieke omgeving op ons gedrag,
onze gevoelens en onze gedachten.
Sociale invloed  Hoe wordt ons gedrag beïnvloed door de omgeving?
Sociale cognities  Hoe interpreteren we onze omgeving en hoe beïnvloedt dit ons gedrag?

Inattentional blindness (gefocust op iets, waardoor iets anders niet opvalt)
- Aandacht
- Belangrijkheid
- Efficiëntie

Percepties van anderen = mentale processen die we gebruiken om een oordeel te vellen
over anderen.
1. Jouw percepties van anderen beïnvloeden jouw gedrag.
2. Doel bepaalt de hoeveelheid en soort informatie.
3. Sociale normen bepalen verwachtingen.
4. Zelfbeeld bepaalt percepties van anderen en je gedrag.
Processen hierbij:
- Sociale categorisatie fysieke aantrekkelijkheid en impliciete persoonlijkheidstheorie
(groeperen persoonlijkheidstrekken)
Vooroordelen en stereotypering
- Ingroup versus outgroup
- ‘Ultieme’ attributiefout (gedragingen toeschrijven aan karakter / persoonlijkheid)
- Gedragscomponent hiervan is discriminatie
Relevantie voor de criminologie  onder andere:
- Verschillen in de straftoemeting op basis van uiterlijke kenmerken.
- Fouten in strafrechterlijk onderzoek.

Attitude = cognitie + affectie + gedrag (houding die een persoon heeft tegenover iets)
Cognitie: Ik vind stelen moreel verwerpelijk.
Affectie (gevoel): Stelen maakt mij boos.
Gedrag: Ik steel niet.
Attitude kunnen we baseren op onze ervaringen en onze omgeving.
Cognitieve dissonantie = als de onderdelen binnen een attitude niet overeenkomen.
Aangezien attituden gedrag kunnen beïnvloeden is vaak het doel te overtuigen.
- Centrale route van overtuiging = Men gaat af op bewijs en de inhoud van
argumenten.

, - Perifere route van overtuiging = groter aantal argumenten, bekend persoon,
betrouwbaar ogend persoon, emoties.
- Mensen zijn minder gemotiveerd om argumenten af te wegen.
- We gaan uit van oppervlakkige kenmerken.

Attributies / attribueren = het toeschrijven van zaken aan gedrag en gebeurtenissen.
- Interne oorzaak: ligt aan de persoonlijkheid.
- Externe oorzaak: ligt aan de situatie.
Fundamentele attributiefout = de neiging om gedragingen van anderen toe te schrijven
aan hun persoonlijkheid of hun karakter.
- Relevantie voor de criminologie  relevant voor slachtoffers.
o Het geloof in een rechtvaardige wereld.
o Schuld geven aan het slachtoffer.

AANTREKKELIJKHEID
Aantrekkelijkheid wordt bepaald door:
- Proximiteit (nabijheid)
o & Mere exposure effect
 Bekendheidsprincipe
 Herhaalde blootstelling  toename in aantrekkelijkheid
o & Dating anno 21ste eeuw  online dating gooit wat (positieve) ‘roet in het
eten’
- Fysieke aantrekkelijkheid
o Dit beïnvloedt: aantrekkingskracht, eerste indrukken, frequentie van daten,
populariteit en succes.
o Cultureel gebonden
- Gelijkenis
o Tegenpolen stoten elkaar in realiteit vaak af

Redenen voor succes: Waarom blijven mensen bij elkaar? Succesvolle ingrediënten (o.a.):
- Redelijkheid en billijkheid
- Openheid  zelfonthulling
- Overeenstemming
- Communicatie
Redenen voor mislukking
- Ratio positieve versus negatieve interacties
- Ontrouw  jaloezie

Relevantie voor de criminologie
- Ongezonde relaties kunnen de oorzaak van veel conflicten en dus ook criminaliteit
zijn.
- Geweld in relaties.

SOCIALE BEINVLOEDING

Sociale exclusie = buitensluiting
Welke richting werkt dat op: Wordt men buitengesloten door agressieve neigingen? Of leidt
afwijzing tot agressie?
- Behoefte op erbij te horen
- Leidt afwijzing dan ook tot minder agressie?  Experiment van Twenge (2001)
o Onzin feedback krijgen (zult alleen blijven, neiging tot ongeluk, sterke
relaties), ander evalueren.
o Beoordeling duidelijk negatiever indien in conditie ‘alleen blijven’
o (Toekomstige) exclusie leidt tot agressie

, Conformisme = het afstemmen van gedrag en uiterlijk op de waargenomen sociale normen
van een groep.
Sociale facilitering vindt plaats wanneer de aanwezigheid van andere mensen de individuele
prestaties verandert. Factoren die conformisme bevorderen zijn:
- Groepen van minimaal 4 à 5 personen;
- Twijfel aan de eigen kennis;
- Antwoorden geven in het bijzijn van een groep.
Twee redenen van conformisme:
- Normatieve sociale invloed: we willen geliefd zijn door de groep en geaccepteerd
worden.
- Informatieve sociale invloed: we kijken naar de rest van de groep voor informatie,
wanneer we zelf onzeker zijn over een antwoord. We willen namelijk gelijk hebben.

Asch experiment (lijnen)  normatieve sociale invloed: Je geeft toch een verkeerd antwoord
om goedkeuring te krijgen van de groep. Conformeren naar ideeën en meningen van
anderen.
Standford Prison experiment  kritiek: niet ethisch verantwoord en de onderzoeker
bemoeide zich te veel. Volledig geconformeerd, dus conformeren naar gedrag.
- Geeft dit experiment weer dat mensen zich naar een bepaalde rol gaan gedragen, of
gedragen ze zich door de autoriteit die hen aanstuurt?

Implicit leniency contract: conformatie van meerderheid naar minderheid  iemand die
consistent is in zijn argumenten.

Compliance (naleving) = wanneer we simpelweg akkoord gaan om iets te doen, omdat een
andere persoon ons vraagt om het te doen, zelfs als die persoon geen autoriteit over ons
heeft.
Recipication: we voelen ons verplicht om iets terug te doen aan mensen die ons iets hebben
gegeven.

Door-in-the-face-scenario: groot onredelijk verzoek opgevolgd door een kleiner verzoek.
Foot-in-the-door-techniek: klein verzoek wordt opgevolgd door een groter verzoek.
Low-balling-strategie: wanneer een initieel gunstige deal naar boven wordt herzien, zodra de
koper lijkt toegewijd.

Factoren hogere compliance: fysieke aantrekkelijkheid, gelijkenis, reden om een sociale
band op te bouwen.

Obedience (gehoorzaamheid) = het voldoen aan het verzoek van een autoriteitsfiguur.
Factoren die het gedrag kunnen beïnvloeden:
- Een eerder gevestigd mentaal kader om te gehoorzamen;
- De situatie of context, waarin de obedience plaatsvindt;
- De geleidelijke, repetitieve escalatie van de taak;
- Het gedrag en de geruststellingen van de onderzoeker;
- De fysieke en psychologische scheiding van de leerling.
Milgram experiment  schocks
Collectivistische culturen zijn sneller gehoorzaam aan autoriteit dan individualistische
culturen.

Omstanderseffect = de kans daalt dat een individu helpt als de hoeveelheid omstanders
toeneemt.
Factoren die kunnen beïnvloeden waarom iemand een ander helpt:
- Wanneer je je goed voelt, help je sneller.
- Wanneer we ons schuldig voelen, helpen we sneller.
$8.51
Get access to the full document:

100% satisfaction guarantee
Immediately available after payment
Both online and in PDF
No strings attached


Also available in package deal

Get to know the seller

Seller avatar
Reputation scores are based on the amount of documents a seller has sold for a fee and the reviews they have received for those documents. There are three levels: Bronze, Silver and Gold. The better the reputation, the more your can rely on the quality of the sellers work.
LatishaHC Universiteit Leiden
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
87
Member since
2 year
Number of followers
25
Documents
24
Last sold
1 week ago

2.8

5 reviews

5
2
4
0
3
0
2
1
1
2

Recently viewed by you

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Frequently asked questions